Maandag 06/12/2021

Kunst voor het volk

Kunstenaar Philip Aguirre heeft in een arme wijk van Douala, Kameroen, voor en met de plaatselijke bevolking een bron omgebouwd tot een amfitheater. Het is tegelijk een hefboom voor sociale verandering. Op 8 december wordt het kunstwerk ingewijd. 'Kunst moet over de wereld en het leven gaan.'

Philip Aguirre schuwt het grote gebaar. Liefst maakt hij subtiel gestileerde sculpturen, die toch robuust en weerbarstig kunnen zijn. Ze zijn geworteld in de klassieke oudheid en de traditie van de Etrusken, maar zijn tegelijk resoluut hedendaags. Aguirre is gevoelig voor thema's als migratie en vervolging. Zijn werk is een gereserveerd pleidooi voor humanisme en menselijke waardigheid. Daar speelt zijn afkomst in mee: zijn voorvaderen zijn aan het eind van de jaren 1930 weggevlucht uit Baskenland.

In Ndogpassi III, een van de armste wijken van de havenstad Douala in Kameroen, heeft hij zopas een enorme sculptuur gemaakt, zijn grootste tot nu toe: een 'théâtre-source', een monumentale mengeling van bron, wasplaats, ontmoetingsplek en theater.

Het is niet de eerste keer dat Aguirre in Afrika werkt, samen met de plaatselijke bevolking. In 1996 kreeg hij een uitnodiging van Vredeseilanden om een maand te gaan werken in Senegal, aan de rand van de woestijn. "Ik heb geen seconde getwijfeld", zegt Philip Aguirre. "Dat was mijn entree in Afrika, een sterke ervaring. Ik heb toen veel vrienden gemaakt."

U werkte ook daar rond het thema water.

"Voor ik in Afrika kwam had ik al wel gewerkt rond kommen, schalen en water als utopisch thema: dat is de fascinatie van de beeldhouwer voor recipiënten. Ik hou ook van de kalebas en de schelp, mooie natuurlijke vormen. Dan is er de vraag, waarvoor dient zo'n recipiënt?

"In Afrika werd het thema van het water plots heel concreet. Toen ik terugkwam van mijn eerste Senegalreis heb ik Waterdraagster gemaakt, een sterk gestileerde sculptuur van een vrouw die drie jerrycans draagt. Die jerrycans waren bestaande objecten, die men daar gebruikt. De belangrijkste activiteit was water halen in de waterput, de hele dag door. Ik vertrek ook graag van het puur visuele: het waren moslimvrouwen, in kleurrijke gewaden en met kleurrijke jerrycans, die het water gingen halen."

U had de smaak van Afrika te pakken?

"Ja, ik ben nog enkele keren teruggegaan. Toen kreeg ik de vraag van Beaufort (kunsttriënnale aan de Belgische kust, ER) om een werk te maken over de zee. Ik was al langer bezig met het idee van de zee als vluchtroute. Door mijn vrienden-kunstenaars was ik al eens gaan werken in het grootste Senegalese vissersdorp, M'Bour. Nadat de vluchtroute van Marokko naar Spanje onmogelijk was geworden door de verdere militarisering van Fort Europa, werd M'Bour vanaf 2004 dé vertrekhaven voor sloepen naar de Canarische eilanden: een heel gevaarlijke tocht.

"Daarin ben ik mij gaan verdiepen. De Senegalese vissers maken hun mooie vissersboten nog altijd zelf: prauwen van 25 meter lang, die ze uit hout kappen. Het zijn sierlijke sculpturen, waar ook Brancusi van zou hebben gehouden. Mijn tweede uitgangspunt was om samen met die mensen een kunstwerk maken. Uitgaande van hun manier van werken, heb ik dan maquettes gemaakt."

Het werk staat nog altijd aan de vaargeul van Nieuwpoort.

"Ja, de prauw staat rechtop. Ik wilde een herkenningsteken. Hij is 12 meter hoog: een vuurtoren en de toren van een minaret, want het zijn de moskeeën die oproepen om te vluchten... Er is ook een paviljoentje aan met een video en een verhaal van een Senegalese schrijver. Helaas wordt het niet onderhouden, dat is spijtig.

"Mijn idee was ook: Afrikanen krijgen moeilijk een visum voor Europa, dan ik breng hun kunst maar naar hier. Terwijl ik aan het werken was, heb ik bezoek gekregen van Koyo Kouoh, een belangrijke Senegalese curator, die een kunstencentrum beheert in Dakar, The Raw Material Company. Zij werd cocurator van het Beaufortproject en heeft mij daarna in Kameroen geïntroduceerd, waar zij medecurator was van de Triënnale van Douala in 2010."

Weer een project met water.

"Toevallig, ja. Maar het is inderdaad een terugkerend thema in mijn werk. Doual'art, het centrum voor hedendaagse kunst dat de triënnale opzet, vroeg om na te denken over de stad. Douala is een megapolis geworden. Twintig jaar geleden woonden daar 300.000 mensen, nu zijn dat er vier miljoen. Maar de infrastructuur volgt niet. 70 procent van de stad is bidonville. Verkeer, water en elektriciteit zijn een ramp. Vanuit Doual'art wil men daar iets aan doen. Kameroen is zogezegd een democratie, maar de president is er al sinds 1982 aan de macht. Het is een autoritair regime met veel corruptie en weinig vrije meningsuiting. Doual'art wil daarom werken rond pijnpunten in de samenleving: met kunst, zij doen niet aan politiek. Dat is heel slim bekeken van hen. Zo kunnen ze speldenprikken uitdelen richting politiek."

U bent er drie jaar geleden beginnen werken?

"In 2010 was het thema van de triënnale: water in de stad. Er werden kunstenaars van over de hele wereld uitgenodigd. Ik had een fontein kunnen maken op een van de grote boulevards, maar dat wou ik niet. Ik ben twee weken gaan rondwandelen, heb met veel mensen gepraat - ja, dat was een luxe - en ik hoorde van de natuurlijke bronnen in de omgeving van de stad. Die wou ik zien.

"In Ndogpassi III is een bron die zuiver water geeft, te midden van een echte bidonville. Daar komen duizend gezinnen elke dag water halen, want er is geen waterleiding. De locatie is door de terrasbouw bijna een natuurlijk amfitheater. Ik zag meteen de mogelijkheden van een forum en een theater. Zoals het idee achter het Park Güell van Gaudí in Barcelona: hoe kun je van een publieke ruimte een sculptuur maken?"

De bron is een ontmoetingsplaats.

"Het is de ontmoetingsplek bij uitstek. Mijn bekommernis was om met de noden van de bevolking rekening te houden. Boven op de heuvel wonen mensen die door de modder naar beneden moeten glijden om naar de bron te komen. Er is geen drainage van het terrein, zodat er aan de bron een onvoorstelbare modderpoel, een open riool ontstaat, ook buiten het regenseizoen. Al die elementen heb ik in kaart gebracht: hygiëne, gemakkelijke toegang, veiligheid voor kinderen,... Daarbij kwam het idee van een theater dat gebruikt kan worden voor feesten."

En inmiddels staat de sculptuur er.

"Ja, ze is al zes maanden in gebruik. De constructie is helemaal in beton. Ik heb ook betontegels gebruikt die typisch voor de streek zijn: ze zijn niet zo mooi, maar ik vond dat ik die lokale touch moest behouden. Beton is noodzakelijk omdat er zoveel erosie is, vergeet niet dat we aan de evenaar zitten. Zelfs tijdens de bouw is enkele keren het pasgestorte beton weggespoeld, het water heeft daar een geweldige kracht. Tijdens het regenseizoen kan er in Kameroen gewoonweg niet gebouwd worden."

U hebt er lang aan gewerkt.

"Ja, het is gebouwd met architecturale plannen. Mijn project dateert al van de vorige triënnale, in 2010. Maar het is zo groot geworden, dat we het niet rond kregen. Ook financieel niet. Er was een stukje financiering van de Vlaamse gemeenschap: 10.000 euro. Dat was een begin, maar niet voldoende. Ik heb vrienden aangesproken, mensen die met beide voeten in de wereld staan. Ik heb een ets gemaakt en een terracotta maquette. Daarmee konden we aankloppen bij banken en bedrijven. Ook Mu.ZEE Oostende en de Universiteit Antwerpen hebben ons gesteund, en privémecenassen, die soms zeer genereus waren.

"De triënnale van 2013, die op 8 december opengaat, staat in het teken van de metamorfose. Mijn sculptuur past daar prima in."

Het is een monumentaal werk...

"Dertig bij twintig meter. Het hoogteverschil is tien meter. Mijn grote liefde voor Griekse architectuur, beeldhouwkunst en urbanisatie zit erin. Ik ben heel blij dat ik zoiets kan maken."

... terwijl u vaak kleine, fragiele beelden maakt. Dit is helemaal anders.

"Ja, maar de gelegenheid diende zich aan. De tijd was er ook rijp voor. Dit doe je niet op je achttien. Ik was op dat moment aan het nadenken over nieuwe manieren om kunst in de wereld te brengen. Hoewel het principe van deze sculptuur oeroud is: elk dorp in de Provence heeft wel zijn mooie lavoir, met afdaken en zitbanken. Voor mij was ook dat een inspiratiebron. De kunstwereld is belangrijk, galeries zijn belangrijk, maar het is toch interessant om iets te kunnen doen in het werkelijke leven. Kunst moet over de wereld en het leven gaan. Ik begin mij mateloos te storen aan kunst die commentaar geeft op andere kunst. Sinds Marcel Duchamp blijft men maar voortbreien... Met zijn stillevens vertelt Morandi ook veel over de wereld, die is misschien even geëngageerd als ik. Ik wil in de eerste plaats goed werk maken, maar je bent kind van je tijd en je moet over die tijd nadenken."

U hebt samengewerkt met de lokale bevolking.

"Ja, ze hebben het project gesteund. Er is een chef du quartier en een chef du district - allemaal heel hiërarchisch - met wie ik ben gaan spreken. Maar ik ben een blanke: men is dus beleefd, maar terughoudend. In Kameroen durven de mensen nu eenmaal weinig zeggen. Ik heb briefjes rondgedeeld met de maquette erop en ruimte voor commentaar. Daar is reactie op gekomen, maar analfabetisme is een groot probleem. Bovendien zijn er enorme taalproblemen door de grote aantallen migranten die uit het hele land naar Douala komen, mensen die op de vlucht zijn voor conflicten in Nigeria. Kameroen is een land met honderden stammen die allemaal hun eigen taal hebben.

"Enfin, ik ga nu terug, met enkele vrienden die foto's en films gaan maken. Twee weken lang wil ik echt met zoveel mogelijk mensen praten."

De 'source-théatre' kan ook gebruikt worden voor feesten.

"Ja, het wordt met dans en theater ingewijd. Beneden is een wasplaats, waarop we een podium kunnen maken. Van op al de zitbanken heb je een goed zicht op het podium, daar heb ik voor gezorgd. Doual'art gaat zich nu inzitten voor de 'animation' van de plek. Er zijn veel schooltjes in de buurt met duizenden kinderen, die het amfitheater kunnen gebruiken, net zoals de vrouwen en de bejaarden die nu samenkomen in het vergaderlokaal van de chef du quartier, naast de bron.

"Doual'art heeft inmiddels de provinciegouverneur uitgenodigd. Die wist - officieel - niet dat er krottenwijken waren in Douala (grijnst) en hij wist ook niet dat de mensen geen waterleiding hebben. Er kan in de wijk geen huisvuil worden opgehaald omdat de hoogteverschillen te groot zijn. Geen enkele vrachtwagen kan dat aan. Nu heeft de gouverneur beloofd om een weg aan te leggen, zodat het huisvuil toch opgehaald kan worden. We zullen zien wat ervan komt."

www.doualart.org

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234