Dinsdag 26/10/2021

Kunst verzacht de waanzin

Het gras is gemillimeterd, de hagen zijn in strakke patronen geknipt. Het wat strenge instituut opent zich in een rustige opeenvolging van binnenpleinen. 'Alles moet geordend zijn. Voor de psychiatrische patiënt is niets erger dan chaos', zegt Patrick Allegaert, curator van Museum Dr. Guislain in Gent.

door Eric Rinckhout

Stadslucht maakt ziek, vond men in de negentiende eeuw. Het Guislaingesticht werd in 1857 dan ook buiten Gent gebouwd, in een groene, rustgevende omgeving.

Daar is vandaag nog weinig van te merken. Het psychiatrisch centrum annex museum zit helemaal ingesloten in de negentiende-eeuwse gordel van Gent. Er loopt zelfs een tramlijn pal voor de poort van 'het Guislain'.

Dokter Joseph Guislain was een pionier: hij was een van de eersten die beseften dat geesteszieken behandeling en verzorging moesten krijgen. Zijn instituut was baanbrekend door de evenwichtige, rustgevende architectuur. Dokter Guislain bande ook zichtbare tralies aan de vensters: dat zou de patiënten alleen maar onrustig maken. Hij liet de ramen daarom onzichtbaar verstevigen. "Rust, regelmaat, gezag en isolement waren de vuistregels voor de verzorging van de psychiatrische patiënt", zegt Allegaert. "Dat was lang zo, pas in de jaren vijftig van de vorige eeuw deed de medicatie haar intrede."

Zo'n twintig jaar geleden werd het Museum Dr. Guislain opgericht, maar de psychiatrische instelling zelf is actief gebleven. "We documenteren niet alleen de eigen instelling", zegt Allegaert. "We brengen de geschiedenis van de psychiatrie in kaart. Die is lang niet altijd fraai. Bovendien is psychiatrie nog altijd een maatschappelijk taboe dat we met onze activiteiten bespreekbaar proberen te maken. En we willen ook werken aan het imago van 'het Guislain' als 'gesticht voor gekken'."

De tentoonstelling Waanzin is vrouwelijk illustreert perfect hoe het museum omgaat met psychiatrie. In een kleine, verzorgde expositie in een van de oude slaapzalen worden geschiedenis, psychiatrie en kunst samengebracht, zonder de mens uit het oog te verliezen. Het licht is gedempt, de sfeer broos.

De expositie begint met een documentair gedeelte over Caritas in Melle, daar werden de vrouwelijke psychiatrische patiënten ondergebracht. In het Guislain zaten oorspronkelijk alleen mannen. Eind negentiende eeuw geloofde men in de heilzaamheid van rustgevende baden. "De klasseverschillen waren toen schrijnend", zegt Allegaert. "De gegoede dames mochten met de koets naar buiten en kregen een mildere behandeling dan de armen."

Een brief uit 1830 met een verwarde tekst bevat een tekening die Rembrandt afbeeldt. Het zegt iets over de achtergrond en de opleiding van de patiënte. Maar het is vooral de kunst uit de Prinzhorncollectie in Heidelberg die indruk maakt.

"We willen de positie schetsen van de vrouw in de psychiatrie zo'n honderd jaar geleden", zegt Allegaert. "Hoewel er toen meer vrouwen in instellingen zaten, heeft de Duitse arts en kunsthistoricus Prinzhorn weinig werk van vrouwen opgenomen in zijn boek. Hij wou via kunst toegang krijgen tot het ziektebeeld van patiënten, maar aan vrouwen werd nog minder dan aan mannen gevraagd om met pen, penseel en papier aan de slag te gaan. Meestal mochten ze niet meer doen dan wat borduren."

Wat er getoond wordt, zit in de schemerzone tussen kunst en psychiatrie. Er is de vrouw die haar kleren verscheurt en ze in patronen op de grond van haar cel schikt. Een andere maakt sleutels uit hout en een meer dan levensgrote pop als imitatie van haar man, en er is de patiënte die erin slaagt de binnenkant van haar dwangbuis vol zinnen te borduren.

Een zekere Emma Hauck schreef teksten vol woord- en zinsherhalingen ('Schatje, kommij halen') en kwam zo tot patronen dieaan het werk van Thierry De Cordier doen denken. Schilderijen van andere patiëntes lijken dan weer op werk van Marc Chagall en William Blake.

"Een kunstenaar als Paul Klee liet zich door de Prinzhorncollectie inspireren", zegt Allegaert. "Ook Alain Platel komt hier vaak kijken." Het ligt dan ook voor de hand dat er een hedendaags deel aan de expo vastzit: kunstenaressen die zich sterk aangetrokken voelen door het thema vrouw en waanzin. Marlene Dumas schildert patiënten, Gerda Dendooven verandert onschuldige beeldjes in wreedaardige, op seks beluste monstertjes.

Honderd jaar geleden zaten vrouwen vast in instellingen. Hun kunst is het enige spoor dat ze nog hebben nagelaten. Het zijn stille maar betekenisvolle getuigenissen. >3

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234