Zaterdag 16/01/2021

Kunst op reis

De van alle franjes ontdane modernistische kunst van Brancusi past goed in de intieme, flamboyante moderne, witte ruimte van het Guggenheim

In de eerste afleveringen van deze zomerreeks gingen de kunstwerken op reis. Vandaag pakt De Morgen zelf de koffers. Misschien treft u deze kunstwerken ook wel als u zelf op reis bent.

noguchi en brancusi in new york

Kunst om bij af te koelen

De zomers in New York zijn altijd heet en lawaaierig. Twee ideale oases om even op adem te komen zijn het pas heropende Noguchi Museum in Queens en de Brancusi-tentoonstelling in het Guggenheim Museum in Manhattan. Beide bieden ze rust en koelte in ruimtes waarvan de sobere architectuur een perfecte harmonische eenheid vormt met de zuivere lijnen van de kunstwerken.

New York

Van onze correspondente

Jacqueline Goossens

Constantin Brancusi (1876-1957) was een mentor van Isamu Noguchi (1904-1988). De Roemeen was een grondlegger van de moderne beeldhouwkunst. Noguchi, de zoon van een Amerikaanse moeder en Japanse vader, was een van de voornaamste designers van de twintigste eeuw. Brancusi ging in 1904 te voet van Roemenië naar Parijs, de stad waar hij voor de rest van zijn leven zou blijven werken. Noguchi trok in 1927 naar dezelfde stad, waar hij een half jaar in het atelier van Brancusi werkte. Kort daarna maakte hij zijn eerste beeld in steen. Het werk van de twee kunstenaars straalt een onbetwistbare verstandhouding uit.

Veel mensen kennen het werk van beeldhouwer-ontwerper Noguchi zonder het te weten. Vele van zijn designobjecten, vooral zijn papieren Akari-lampen (die vaak verkeerdelijk 'rijstbollen' worden genoemd, eigenlijk zijn ze van de pulp van de moerbeiboom gemaakt) uit de jaren vijftig en zijn koffietafel met het niervormige glazen blad, worden nog steeds op grote schaal geproduceerd. Om zijn werk te zien moet je naar Queens, aan de overkant van de East River. Het is New Yorks uitgestrektste stadsdeel, maar te veel toeristen kennen het enkel omdat hun vliegtuig er landt of opstijgt. Het Noguchi Museum was altijd een beetje een gekoesterd geheim in New Yorkse kunstkringen sinds Isamu Noguchi het in 1985 eigenhandig oprichtte.

Het is ondergebracht in een oude fabriek in Long Island City, aan de oever van de East River. Omdat het buiten Manhattan lag en het even stappen was van het dichtste metrostation, kwam er nooit veel volk langs. Dat kwam de Noguchi-liefhebbers goed uit. Op het einde van de nu ook weer niet zo verre reis wachtte er een intiem esthetisch paradijs, compleet met binnentuin, midden in een oude groezelige industriewijk. Het museum had iets avontuurlijk. De kelders stonden vaak onder water. Er was noch verwarming noch airco. Het was enkel in de lente en zomer open. Tweeënhalf jaar geleden verhuisde het museum tijdelijk. Op 12 juni ging het fabrieksgebouw weer open na ingrijpende renovatiewerken. Het Noguchi Museum kan nu concurreren met de beste en zal voortaan ook in de herfst en winter open zijn. De artiest zal zich niet in zijn graf omdraaien. Hij zou zonder moeite zijn delicaat sobere gelijkvloerse verdieping en zijn lommerrijke Japanse binnentuin met kabbelend water herkennen. Zijn abstracte beelden staan er nog steeds opgesteld zoals hij het zelf indertijd had gedaan.

Daaraan knoeien zou zonde zijn geweest. De fabriek was een stuk thuis voor Noguchi. In 1961 betrok een pand aan de overkant van de straat, waar hij werkte en woonde als hij New York was (hij was een enthousiaste wereldreiziger en had een tweede atelier en huis in Japan, intussen ook een museum). In 1971 kocht hij de fabriek van zijn overbuur. Veertien jaar geleden maakte hij er zijn eigen museum van. Wat leuk is aan de nieuwe gedaante van het museum is dat men het de bezoeker nog steeds niet te gemakkelijk heeft gemaakt. Je blijft dat gevoel hebben van een oude fabriek waar je in elke ruimte op iets onverwacht kunt botsen. Al bij al staan er nu 260 werken van Noguchi. De beeldhouwwerken, designvoorwerpen, architectuur en het landschap vloeien naadloos in elkaar over. Je wordt haast jaloers van al die harmonie. Die wordt wel eens gemakkelijkheidshalve verklaard aan de hand van Noguchi's Japanse afkomst. Zo simpel was Noguchi's relatie met zijn land van herkomst niet. Zijn eigen vader verstootte hem omdat hij niet puur Japans was. Noguchi was er wel zijn hele leven op gebeten om uit de versmelting van het Europees modernisme en het Japanse traditionalisme iets nieuws te smeden. In veel van zijn sculpturen speelde hij met tegenstellingen: glad en ruw, geometrisch en organisch, natuurlijk en surrealistisch, Japanse artisanale kunst en modernisme... Hij hield van steen, hout en metaal. Hij plaagde graag het oog. Een van zijn geliefkoosde truukjes was om marmer er zacht en plooibaar te doen uitzien. Noguchi was heel productief. In die mate dat de nieuwe galerijen op de tweede verdieping voortaan dienen voor tijdelijke tentoonstellingen van zijn werk. De eerste, georganiseerd door het Duitse Vitra Design Museum, loopt tot 4 oktober en is getiteld Isamu Noguchi: Sculptural Design. Er zijn beeldhouwwerken, theaterrekwisieten, meubels, papieren lampen en ontwerpen voor stadsparken en monumenten te zien. De opstelling doet chaotisch aan. Het is moeilijk om niet te denken dat Noguchi het zelf veel beter zou hebben gedaan. Maar over de aangename inrichting van de nieuwe museumwinkel (met alles voor de Noguchi-liefhebber, van boeken tot designervoorwerpen) en het café zou de artiest zich wellicht wel tevreden zijn.

"Architectuur is een bewoonde sculptuur", zei Brancusi ooit. Iedereen die al in het door Frank Lloyd Wright ontworpen Guggenheim Museum is geweest, weet dat de slakkenhuisvorm voor de ene tentoonstelling beter werkt dan voor de andere. De van alle franjes ontdane modernistische kunst van Brancusi past zo goed in de intieme, flamboyante moderne, witte ruimte dat je haast het gevoel krijgt dat de artiest en de architect bewust hebben samen gewerkt. Kortom, een plezier voor ogen en kuiten.

De laatste Brancusi-retrospectieve in het Guggenheim dateert van 1969. Dat jaar stond het slakkenhuis van onderen tot boven vol met zijn kunst. Dit keer is het maar tot halfweg gevuld met Brancusi-beelden. Vijfendertig in totaal, met telkens lekker veel plaats ertussen, zodat je tijd hebt om de vaak subtiele verschillen tussen de werken te absorberen. De andere, hoger gelegen helft van het museum is gevuld met modernistische en minimalistische werken van onder meer Carl Andre en Agnes Martin. Bij het binnenkomen in de ronde hal op de benedenverdieping worden de bezoekers begroet door Brancusi's witte marmeren zeehond getiteld Miracle (Seal I). Het glad gepolijste, gestileerde dier zit met zijn kop in de lucht, klaar, zo lijkt het wel, om op elk moment een bal op te vangen. De zeehond is de simpelheid zelve. De dingen simpel houden, was Brancusi zijn filosofie. Het was ook zijn advies aan de acht jaar jongere schilder Amedeo Modigliani, voor wiens retrospectieve elke dag lange rijen staan aan te schuiven aan het Jewish Museum enkele straten verder. Brancusi ontmoette Modigliani in Parijs. Toen hij er in 1904 aankwam, ging hij in de leer bij de realistische beeldhouwer Rodin. Als bagage had hij de inspiratie meegebracht die hij had opgedaan bij de Roemeense traditionele houtsnijders. Hij belandde al snel bij de avant-garde van Montparnasse. Duchamp, Leger, Modigliani, Picasso, James Joyce, Eric Satie: het klikte meteen tussen Brancusi en al die knapen. Brancusi bedankte voor de traditionele praktijk van modellen te boetseren in klei om ze dan te laten uitvergroten door gespecialiseerde vakmannen. Hij wou zelf worstelen met zijn materiaal van begin tot einde, vaak dezelfde vormen herhalend in steeds gestroomlijnder versies zoals in De kus, Torso en De vogel. Zijn voetstukken waren geen bijkomstigheden maar integrale delen van zijn werken. Hij hield van marmer, brons, kalksteen en hout. Hij vond dat zijn kunst niet 'abstract' was, net zo min als de 'primitieve kunst' van Afrika en het oude Europa, die hij diep bewonderde. Hij hield van gladde, uiterst sobere vormen. Van De kus bijvoorbeeld zijn er in de tentoonstelling drie versies in kalksteen te zien: een gladde, ronde versie, een ruwe en vlakke en een gladde en vlakke versie. Van zijn marmeren Sleeping Muse zijn er twee te zien, waaronder een dat pas nu voor het eerst in een museum wordt getoond. Als u er een dagje van wilt maken, begin dan met Brancusi, wandel vervolgens door Central Park naar Modigliani en bewaar Noguchi voor het laatst. Misschien zal het u inspireren om nog een dag in Queens te besteden, waar er voor de kunstliefhebber nog veel te ontdekken valt.

l CONSTANTIN BRANCUSI: THE ESSENCE OF THINGS, Solomon Guggenheim Museum, 1071 Fifth Avenue aan 88th Street, New York, tot 19 september, gesloten op donderdag.

l THE NOGUCHI MUSEUM, 32-37 Vernon Boulevard, aan 33rd Road, Long Island City, Queens. Gesloten op maandag en dinsdag. Subway: N of W tot de Broadway-halte in Queens. Wandel acht blokken via Broadway in de richting van de East River. Sla links af op Vernon Boulevard. Het museum is twee blokken verder op de linkerkant, op 33rd Road.

Naast het Noguchi-museum zijn er in Long Island City, Queens nog verschillende andere musea gevestigd: l MoMa QNS (tijdelijk onderkomen van het MoMA-Manhattan, dat bezig is met uitbreidingswerken), 45-20,33th Street aan Queens Boulevard, Long Island City, NY 11101, 001-212/708.9400, www.momo.org (gesloten op dinsdag en woensdag). Subway: 7 Local. l P.S.1 Contemporary Art Center, 22-25 Jackson Avenue en 46th Avenue, Long Island City, NY 11368, 001-718/784.2084, www.ps1.org (gesloten op dinsdag en woensdag). Subway: 7, E, V, G.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234