Woensdag 14/04/2021

‘Kunst heeft me uit de cel gehouden’

Jan Fabre is niet uit de media weg te branden. Het derde deel van zijn theatertrilogie is klaar, in Parijs loopt een tentoonstelling in de nieuwe galerie van Guy Pieters en vanaf vandaag presenteert het Museum voor Hedendaagse Kunst in Antwerpen drie installaties met performances en foto’s en tekeningen. ‘Zonder de kunst was ik, zoals de Franse gangster Jacques Mesrine, zeker in de gevangenis beland’, zegt Fabre.

Moderne kunst > De recente installaties van Jan Fabre tentoongesteld in Antwerpen

De bijna mythische Franse gangster Jacques Mesrine is een belangrijke inspiratiebron voor Fabre, zeker voor de performance die hij in 2008 in het Louvre uitvoerde. Als sluitstuk van zijn spraakmakende tentoonstelling L’Ange de la Métaporphose in het Parijse museum bracht hij op 22 april 2008 een bijna vijf uur durende performance, Art kept me out of jail! (Homage to Jacques Mesrine) in de Galerie Daru en de Cour Napoléon. Mesrine, grootmeester van de vermomming, slaagde er keer op keer in uit de gevangenis te ontsnappen, tot hij in 1979 door de Franse politie werd gedood.

“Mesrine nam altijd andere gedaanten aan”, verduidelijkt Fabre. “Na een van zijn bankovervallen vermomde hij zich meteen als kapper en ging als toeschouwer bij de politie staan. Hij wist uit elke gevangenis te ontsnappen, telkens met een andere vermomming. Daarom kon de man op veel sympathie rekenen. Hij klaagde het systeem aan en verschalkte het, waardoor hij in Frankrijk bijna de verpersoonlijking van het linkse gedachtegoed werd.” Fabre is gefascineerd door de onderwereld maar evenzeer door de ethische code van de gangster. “Mesrine liet zijn vrienden niet in de steek. Hij zweeg en heeft zelfs jaren gezeten voor feiten die hij niet gepleegd had.”

“Voor mijn performance had ik ongeveer vijf uur nodig omdat ik alle verschillende gedaanten van Mesrine wou aannnemen”, zegt de kunstenaar. Aan het eind wordt Fabre, voor de Nikè van Samothrake, doodgeschoten. De performance werd door drie cameraploegen in beeld gebracht. De ruwe filmversie van de voorstelling is in Antwerpen integraal (4 uur en 28 minuten) en op drie schermen te bekijken. Het gelijknamige boek met tekst en foto’s bevat een dvd met een gemonteerde versie van 51 minuten.

“Aanvankelijk moest ik stilhouden dat de performance over Mesrine zou gaan. Het Louvre wilde niet geassocieerd worden met een misdadiger. En ik was dan weer bang dat het Louvre censuur zou gaan uitoefenen. Alles heeft gewoon kunnen plaatsvinden. En ik wou het ook per se daar doen: het Louvre is immers de mooiste gevangenis van Europa.”

Fabre heeft affiniteiten met de figuur van Mesrine omdat hij zelf een gangster had kunnen worden als hij niet met kunst in contact was gekomen. “De titel mag je letterlijk nemen: kunst heeft me uit de gevangenis gehouden.” Bovendien is Fabre al langer gefascineerd door metamorfosen. De jongste tentoonstelling in Parijs Hoofdstukken I-XVIII toont de gedaanteveranderingen van mens naar dier. In het MuHKA hangen twee reeksen met tekeningen van Fabre: zelfportretten in diverse vermommingen, gebaseerd op het uiterlijk van vrienden en familieleden. Fabre als trucker, punker, yogameester, idioot, zwarte, jood, katholiek, nazi, superman... “Dat zijn diverse identiteiten waarin ik mezelf herken. Er zit een stuk truckchauffeur in mij, maar ik hou ook van elegantie. Het zelfportret is de fascinatie voor het andere, het vreemde. Er was ook het genot van het tekenen. Ik koop oud fotopapier op, ontwikkel dat en teken erop. Een potloodstreep krijgt er een speciaal effect door.”

Metamorfosen hebben voor Fabre ook een ruimere betekenis: Fabre wil immers graag ongrijpbaar zijn. “Het is ook een statement over kunst: kunst moet in beweging zijn, veranderen. Ik behoor niet tot een generatie kunstenaars als Daniel Buren die niets anders meer doet dan strepen zetten.”

Behalve Art kept me out of jail zijn er in het MuHKA nog twee performances te zien: Sanguis/Mantis (2001), waarin Jan Fabre gehuld in een zwaar harnas teksten schrijft met zijn eigen bloed tot hij er van uitputting bij neervalt, en Virgin/Warrior (2004), een performance met Marina Abramovic, waarin beiden elkaar verwondingen toebrengen. Van de drie voorstellingen heeft Fabre een registratie aan het MuHKA geschonken.

Met die performances is Fabre teruggekeerd naar zijn artistieke roots. “Ik ben er in 2001 opieuw mee begonnen, toen jonge acteurs me vragen begonnen te stellen over mijn vroegste performances. Ik was ermee gestopt omdat ik vond dat het een soort vuilnisbak van de kunst was geworden. Het waren vaak slechte kunstenaars die zich ermee bezig hielden.”

“Ik hou van de performance omdat het om real time en real action gaat. Ook omdat ze zich onttrekt aan de kunstmarkt. Ze is niet tastbaar en niet verkoopbaar. Alleen de videoregistratie kan verkocht worden, maar daarin zijn maar weinigen geïnteresseerd. En ook het vitalistische van de performance interesseert me.”

Fabre bereidt zijn jongste performances grondig en lang voor. “Ik maak een script. Maar ik repeteer niets. Het is een andere kunstvorm dan theater.” Op het moment van de uitvoering laat Fabre volop de improvisatie en de ontdekking spelen. Zijn performances zijn dan ook lang en lopen altijd uit. Het zijn fysieke uitputtingsslagen, ook voor de cameraploegen die aan het eind van de Louvreperformance Fabre achternastrompelen.

Momenteel bereidt de kunstenaar een nieuwe performance voor. Die zal plaatsvinden in november 2011 in het museum voor hedendaagse kunst van Tokio.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234