Donderdag 29/07/2021

Kunst en vlees

Het Museum van Elsene ligt goed verscholen in de buurt van het bekende Flageyplein. Het is een van de weinige gemeentelijke musea in Brussel. Bovendien is het een museum waar het roemrijke verleden van Brussel als kunst- en cultuurstad wordt weerspiegeld in een ongemeen rijke collectie. Belgischer kan het niet.

Het museum huist al sinds 1892 in het toenmalige slachthuis van de gemeente Elsene en het was schilder-verzamelaar Edmond de Pratere, afkomstig uit het West-Vlaamse Kortrijk, die het toen nog prille museum voorzag van een 'vaste' collectie. Je merkt het hier ook al meteen: West-Vlamingen hadden altijd al iets met Brussel, met vlees en met kunst...

Conservatrice Nicole d'Huart leidt haar museum met elegantie en passie, al volgt ze niet meteen de uitgestippelde wegen die het haast uniform geworden internationale kunstwereldje samenhouden. Wandelend door de inmiddels goed verzorgde zalen en kamers vertelt ze breeduit over hoe een relatief klein museum er toch in slaagt te kunnen samenwerken met internationaal gereputeerde instellingen en zelfs bij bedrijven en banken zoals Morgan veel geld weet los te krijgen voor de renovatie van zalen.

Het spreekt vanzelf dat het museum, vallend onder de begroting van een relatief arme gemeente, niet over voldoende eigen middelen beschikt om belangrijke kunstaankopen te financieren. Nicole d'Huart laat niet zonder trots de vele werken zien die, vooral door toedoen van het uiterst belangrijke legaat Max Janlet (in 1977), het museum opkrikten tot een internationale 'middenvelder'. Een museum is een mausoleum als de collectie zonder wisselend-dialogerende tentoonstellingen tegen de muren blijft hangen. Het Museum van Elsene organiseert dan ook met regelmaat grote thematische tentoonstellingen of persoonlijke presentaties van kunstenaars die in het recente verleden een bepaalde bijdrage hebben geleverd aan het toen gevoerde discours over kunst en cultuur.

Een bezoekje aan de (voor de ogen) beheersbare collectie van Elsene is als een reis doorheen vijfhonderd jaar kunst. Een meesterwerkje is alvast De Ooievaar (ca.1505) van Albrecht Dürer die in deze zonderlinge tekening, als een soort studie voor Onze-Lieve-Vrouw met de dieren, zijn tekenkundige vakkennis illustreert. Dan gaat de 'korte' reis verder langsheen minder bekende meesters zoals Erasmus De Bie, die toch wel opvalt met een werk uit 1660 waarin het carnaval in Antwerpen wordt uitgebeeld. Ook het schitterende stilleven Na de Valkenjacht (1671) van Cornelis Gijsbrechts is omwille van een perfecte compositie, met weggetrokken gordijnen en achterliggend 'geëtaleerd' en kleur-fijnzinig geschilderd dood wild, de moeite om te zien.

We maken dan een sprong naar de 19de eeuw, met een schitterende rode krijttekening uit 1895 van Jean-Honoré Fragonard, waarin we de kiemen gewaarworden van de aanstormende moderniteit. Met werken van Léon Frédéric, Félicien Rops en vooral met een reeks weergaloze affiches van Toulouse-Lautrec kan het feest pas echt beginnen voor de fijnproevers.

Schitterende werken van symbolisten zoals Jean Delville en George Minne botsen op tegen het werk van de dromerige Léon Spilliaert en dat van de vertegenwoordigers van de Vlaams-expressionistische en non-figuratieve modernistische stijlrichtingen. Met andere woorden, hier zie je de breuk tussen stad en platteland of Gustave de Smet versus iemand zoals Victor Servranckx, die hier present is met Opus 53 (1923), een van zijn allerbeste werken. Zelfs de netjes in diagonalen gevangen De Duif (1928) van Felix de Boeck overleeft hier moeteloos de omringende context.

De jaren twintig zijn trouwens in Elsene formidabel vertegenwoordigd. Dankzij het legaat van Max Janlet bezit het museum bijvoorbeeld niet minder dan drie werken van Max Ernst, waaronder Groen Zeegezicht (1926). In deze zonderlinge marine voel je de trillingen van de zon die boven de einder zomaar wordt voorgesteld als een minuscuul cirkeltje maar via de specifieke Max Ernst-techniek van de frottage spiegelend uitdeint in de zee tot een haast kosmisch ervaren kracht. Het is zonder meer een meesterwerkje. Dat kan ook worden gezegd van de mooie Miró, De roker of kop van een roker (1924), waarin de schilder ons de essentie toont van zijn abstract denken, kijken en werken. Alles lijkt op het doek uit zijn context gerukt en te zweven tegen een aards-roestige achtergrond. Miró experimenteerde met het zoeken naar een andere kijk op de werkelijkheid. Miró: "Honger was een van de beste middelen om hallucinaties te krijgen, ik zat lange tijd te staren naar de naakte muren van mijn atelier en trachtte de vormen vast te leggen op papier of op jute doeken."

Wie het begrip 'surrealisme' in de mond neemt denkt aan onze grote kunstenaars Paul Delvaux en René Magritte. In Elsene kom je bij hen al evenmin bedrogen uit. Van Paul Delvaux geniet je best van het gestileerde Venster uit 1936, en van 'reus' René Magritte is werk te zien uit zowat zijn hele carrière, inclusief foto's (!) en ontwerpen voor affiches en ander drukwerk.

Te veel om op te noemen. Neem in elk geval ook de tijd om de aarderode Antoine Mortier te bewonderen, waarna het fijn eindigen is met een fotografische reproductie van de Mosselpot (1968) van Marcel Broodthaers, de Brusselaar die de kunst nieuwe wegen opjoeg.

Momenteel presenteert het Museum van Elsene een retrospectieve van de sinds 1948 naar Parijs uitgeweken Chinese kunstenaar Zao Wou-Ki. Het is schilderkunst die vandaag niet echt meer tot de verbeelding spreekt, hoewel het wellicht de plicht is van een museum om ook de minder tijdgevoelige facetten uit het kunstverleden te tonen. Zao Wou-Ki maakt verinnerlijkte landschappen met soms explosieve kleurverkenningen tot gevolg.

Dit werk dient geplaatst in een context waar ook iemand zoals Henri Michaux toe behoorde. Hier en daar zie je erg knappe kleurpartijen waarin en waartussen een ver Chinees kalligrafisch accent als een rode draad het hele oeuvre doorkruist. Recente schilderijen zoals Hommage aan Henri Matisse (1986) zijn dan weer heel hedendaags en kunnen wedijveren met wat vandaag zoal wordt 'afgeborsteld'.

Een opkikker is vooral de kleine maar uiterst gebalde presentatie van een beperkt aantal werken van Gentenaar Karel Dierickx (1940), overwegend uit de collectie van de befaamde Duitse verzamelaars Lohmann-Hofmann. Bijzonder is dat de tekeningen geflankeerd worden door een aantal bronzen kleinsculpturen die het geheel aan plastische kracht overtreft.

Karel Dierickx, die als docent aan de Gentse Academie een hele reeks kunstenaars zoals Robert Devriendt, Jan Lauwers, Wim Delvoye en Jan Van Oost op het goede pad hielp, peilt in zijn kunst naar de tradities van de kunst om als het ware hun invloeden te laten kantelen in een intens doorwrochte en in zichzelf besloten plastische 'binnenkant'. De tekeningen zijn als wonden, als getuigen van een worstelend dialogeren met de erfenis van de (schilder)kunst en met zichzelf. De tekeningen van Karel Dierickx zijn klassiek qua concept maar enorm rijk aan dramatische spankracht, door gebruik te maken van eenvoudige middelen zoals potlood, houtskool of gouache op eenvoudig papier.

Bekijk de prachtige Studie van vogelsculptuur waarin klassieke compositie-presentaties naadloos overgaan in een ingehouden abstraheren van het motief. De sculpturen in brons stralen eenzelfde geïmplodeerde plastische kracht uit, die perfect samengaat met de intensiteit waarmee Karel Dierickx in Elsene zijn klasse en kunde presenteert.

Ook deze kleine maar krachtige expo van nog maar eens een Belgisch kunstenaar die in onze contreien niet écht naar waarde wordt geschat, en (zodoende) verplicht wordt uit te wijken naar bekende galeries in het buitenland (zoals galerie Lelong in Parijs en New York), maakt een bezoek aan het Museum van Elsene meer dan de moeite waard.

Het Museum van Elsene is een plek voor kunst in de periferie, waar ook de marges van het kunstgebeuren aan bod komen, en dat is in deze overdrukke 'kunst-tijden' soms een verkwikkende en rustgevende opluchting.

Luk Lambrecht

De tijdelijke tentoonstellingen van Zao Wou-Ki en Karel Dierickx zijn nog tot 30 september toegankelijk, net zoals de vaste collecties van dinsdag tot vrijdag van 13 tot 18.30 uur en tijdens het weekend van 10 tot 17 uur in het Museum van Elsene, Jean van Volsemstraat 71, tel. 02/515.64.21.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234