Dinsdag 19/10/2021

Kung Fu in het klooster

Steven Heene / Foto Filip Clausmet theater victoria naar italië

Een jonge vrouw vertelt waarom ze een hekel heeft aan moeders. 'Ze hebben geen greintje sex-appeal. Hun borsten en buik zijn van moes. Ze zouden beter thuisblijven en een zak over hun kop trekken.' Een jongeman beschrijft hoe zijn vriend zijn nek brak tijdens een duik in ondiep water. 'Woeahahaha.' Een andere jonge vrouw schreeuwt haar frustratie uit. 'Ze moeten mij allemaal met rust laten.' Welkom in de wereld die Kung Fu heet, een verzamelnaam voor theatrale uitbarstingen op de catwalk. Jonge mensen lachen, dansen, spuwen hun gal uit en worden daartoe uitgenodigd in heel Europa. On the road met een onwaarschijnlijke theaterhit.

(Lieve C. Met Kung Fu naar Italië. Zeven dagen! Klinkt perfect, maar zal het meevallen? Wat ik vorig jaar tijdens het Theaterfestival heb gezien van de voorstelling, vond ik niet helemaal overtuigend. Dan toch een verhaal over de mensen, veeleer dan over de productie? Ik wacht nog even af. Tenslotte is het een week - er kan van alles gebeuren. Ik ben in ieder geval erg benieuwd. Zou ik een zwembroek meenemen? Groeten, S.)

"Heeft er nog iemand plaats voor een tomaat?" Het is dinsdagmiddag, iets na twaalf. Op de binnenkoer van het Gentse theaterhuis Victoria - internationaal bekend van Moeder & Kind en Bernadetje - heerst een gezellige drukte. Prille twintigers in streetwear buigen zich over hun uitpuilende rugzakken en reistassen. De begroeting daarnet was hartelijk; nu even controleren of ze niets vergeten zijn. Straks, op de bus, is er tijd genoeg om te horen hoe iedereen het maakt, en of de examens een beetje meevielen. "Iemand zin in een sandwich?" Sommigen gaan nog snel iets kopen in het pompstation om de hoek. Broodjes, kauwgum, maar vooral: sigaretten. Die moeten helpen om de komende twintig uur door te komen, tijdens de rit van Gent naar Polverigi, een klein Italiaans dorp ten zuiden van Ancona, op enkele kilometers van de Adriatische Zee.

Daar zal het komende weekeinde Kung Fu te zien zijn, een theaterperformance op een catwalk die zo zoetjesaan door heel Europa loopt: na optredens in België en Nederland volgden uitnodigingen uit Frankrijk, Denemarken, Zwitserland en Italië. Een onwaarschijnlijk succes voor wie de eerste voorstelling meemaakte, nu drie jaar geleden. Dat was in het zaaltje achter een Gents café, vertelt scenograaf Pol Heyvaert (35). Samen met Felix van Groeningen (21) en Jonas Boel (21), respectievelijk de videast en de dj van Kung Fu, tekent hij voor een even eenvoudig als efficiënt concept: jonge mensen die op een catwalk vertellen wat ze willen vertellen, alleen onderbroken door flarden stevige fuifmuziek en met een bevreemdende, vaak grappige videomontage als achtergrond.

Heyvaert: "Die eerste keer zaten er vijftig mensen in de zaal. De voorstelling duurde twintig minuutjes en we hadden welgeteld vier schijnwerpers. Er was ook nog een grootbeeldprojector die we ergens hadden geleend, maar die gaf alleen een beeld zo groot als een televisiescherm. Om dat op te vangen hebben we ook dia's getoond. Het concept is sindsdien eigenlijk nauwelijks veranderd, al beseften we toen de kracht van een goede montage nog niet."

De eerste Kung Fu-versie - de titel werd gekozen "omdat hij zo lekker bekt" - kwam er in opdracht van Victoria, een productiehuis dat elk voorjaar tijdens een festival werk toont van beloftevolle theatermakers en/of beeldende kunstenaars. De projecten worden Korstmos genoemd. Felix, een talentvolle student film aan de Gentse academie, was een van de deelnemers. Hij vroeg aan Heyvaert, die ervaring had als scenograaf (Moeder & Kind) en als technicus in het Nieuwpoorttheater, of hij het project wilde coachen.

Heyvaert: "De eerste maanden was het weinig concreet: 'iets met video en zo'. Op een bepaald moment kregen we echter het idee om een catwalk te gebruiken. We gingen op zoek naar jonge mensen die we zelf tof vonden. Geen acteurs, geen freaks, gewoon: schone meiskes en wijze gasten. De meesten kenden we uit het uitgaansleven - zo had ik ook Felix en Jonas leren kennen. Het duurde wel een tijdje voor we mensen konden overtuigen om mee te doen. Ik herinner mij dat we in Victoria uren zaten te wachten maar dat er niemand kwam opdagen, ondanks de toezeggingen. Achteraf zijn we naar het zaaltje achter het café verhuisd, waardoor de geïnteresseerden niet het gevoel hadden dat ze auditie kwamen doen."

De eerste productie kostte 15.000 frank, het budget dat Heyvaert, Van Groeningen en Boel meenden te mogen spenderen van Victoria. Een vergissing, zo bleek: het voorziene budget voor hun Korstmos-project bedroeg bijna het dubbele. Heyvaert: "We hadden nog 10.000 frank over. Die hebben we onder de medewerkers verdeeld. Het was een heel bescheiden productietje, de mensen op het podium wisten eigenlijk niet goed wat ze aan het doen waren. Dat was bijna gênant om te zien, maar ook ontroerend. De reacties tijdens het Victoria-festival waren erg positief en we mochten meteen naar Turnhout en Utrecht voor enkele voorstellingen. Dat zagen we wel zitten, maar alleen als we de zaken iets grootschaliger mochten aanpakken. Bij Victoria gingen ze akkoord, en sindsdien is het project gegroeid tot wat het nu is, waarbij we hebben geprobeerd ervoor te zorgen dat de schaalvergroting de intimiteit van die eerste voorstelling niet zou doen verdwijnen." Lenny:

"In het begin vond ik Kung Fu niet zo wijs. Omdat ik de anderen nog niet zo goed kende, en 't was nogal veel pose. Maar na een tijdje leert ge elkaar kennen en begint iedereen een beetje normaler te doen. Sindsdien voel ik me meer op mijn gemak. Het was het ex-lief van Felix die mij vroeg of ik niet wou meedoen. Om ne keer af te komen. In het begin moest ik gewoon meelopen met de anderen. Dat was nog niet op een echte catwalk, 't was meer een klein podium. Ik had toen ook nog geen tekst, nu wel. Ik maak reclame voor een huishoudapparaat, de Culinair. Mijn moeder verkoopt dat, en ik doe het voor de lol. Mensen die geïnteresseerd zijn, kunnen het na de voorstelling kopen op de Kung Fu-stand, tegen 1.295 frank."

Aan sfeer is er tijdens de busrit geen gebrek. Felix, Jonas en Pol - die al enkele weken in Polverigi verblijven voor een workshop met Italiaanse jongeren - hebben een video gemaakt voor de groep die hen een eerste blik gunt op het park waar Kung Fu te zien zal zijn én op het klooster waar we de komende dagen zullen verblijven. Het is een onderhoudend relaas vol droge humor, of hoe moet je de uitgebreide beeldopnamen van een 'nonnengang' (Pol: "Ze zijn hier naar verluidt erg vlot in de nonnengang"), een bank in het park en een zonsondergang vanuit een rijdende Fiat anders omschrijven? "Dit is een zonsondergang. Dit is het park. Dit is een bank. Dit is de plaatselijke dorpsgek, Ronny. Dis bonjour à la Belgique, Ronny." Het is ook op de video dat iemand het lied aanheft dat nog dagen (en nachten) zal worden nagezongen, zij het telkens alleen de eerste woorden: 'Gente di mare. Wowwowwow...' Ook hoog in de kitsch-toptien van de Kung Fu's: Titanic, de tweede video op de busrit. Tegen de tijd dat het zoetige apotheoselied van Céline Dion weerklinkt en het cruiseschip eindelijk is gezonken, zijn we in Luxemburg en één plas- en rookpauze verder.

Volgende halte: Basel, de plek voor een avondmaal in een wegrestaurant en de laatste kans om de benen te strekken alvorens de nacht valt. Mijn busgenoten draaien zich één voor één in een bolletje om te slapen - ik probeer hetzelfde. Valt niet echt mee op twee smalle zeteltjes, maar de middengang van de bus ligt intussen vol met slapende 'Futies', zoals tour manager Lies (24) hen liefdevol noemt. Aan haar mag je alles vragen, ook als niet-Futie.

Lies: "Ik heb kunst- en theaterwetenschappen gedaan in Gent. Ik schrijf mijn verhandeling over Kung Fu, en over hoe die voorstelling past tussen de andere producties van Victoria. Ik ben wreed blij dat ik de kans gekregen heb om bij deze mensen mijn stage te doen. In de theaterwetenschappen lijkt het toch vooral te moeten gaan over dingen die al geweest zijn, en niet over wat er vandaag allemaal aan het gebeuren is."

Lies wou eerst lichamelijke opvoeding studeren, maar door rugklachten moest de tweevoudige Belgische turnkampioene (bij de junioren) iets anders kiezen.

"Kunstwetenschappen leek mij wel oké. Mijn ouders zitten alletwee in de culturele sector en ik heb er ook wel voeling mee, met theater. Alleen weet ik nog niet of ik in het theater zal blijven. Dingen organiseren lukt aardig, maar zo stop ik niet met nadenken en dat heb ik nochtans van tijd tot tijd nodig."

Zijn de Futies soms lastig? Tenslotte is hun hoedster maar enkele jaren ouder. "Het zijn eigenlijk altijd dezelfden die lastig doen. Maar kom, het valt mee. Alleen verwachten ze soms dat ik hun dagen vul, terwijl ik ook aan de voorstelling meewerk. Ik ben degene die hen verwittigt wanneer ze op moeten." Kung Fu is een voorstelling die voortdurend evolueert, het gevolg onder meer van de steeds wisselende bezetting. Reikt zij zelf soms ideeën aan?

"Ik suggereer weleens iets. Maar het is niet altijd gemakkelijk: Pol, Felix en Jonas weten goed wat ze willen en moeten soms lachen om mijn suggesties.

"De snelheid van de montage ligt alleszins hoger dan vroeger. En de mensen zelf evolueren ook. Mijn nichtje Laura bijvoorbeeld was vroeger erg verlegen. Als ze nu op komt en over haar verlegenheid spreekt, is dat iets uit de beginperiode, in de Bar Bizar. Door te toeren heeft ze meer zelfvertrouwen gekregen, zoals de meesten die er vanaf het eerste uur bij zijn. Dat maakt dat ze graag eens een ander tekstje zouden willen, maar die scènes zijn intussen zo belangrijk geworden dat het moeilijk is om daar veel aan te veranderen."

Zal het niet moeilijk zijn om een verhandeling te schrijven over een productie waaraan ze zelf zo lang heeft meegewerkt?

"Absoluut. Ik zie er nogal tegenop."

(Bericht uit Polverigi aan een huisgenoot. Cher Jean. Het is zover: ik ben ingetreden in een klooster, tezamen nog wel met een groep van ruim twintig zelfbewuste, steeds sympathieker wordende landgenoten. Ze hebben klinkende namen als Barber, Virginie, Thang, Rebekka, Celine, Lenny, Selien, Rilke, Frauke, Flea, Rein, Titus, Valerie, Ian, Kim... Op het eerste gehoor leken ze allemaal uit Gent te komen, te herkennen aan die typische huig-r, maar nu weet ik beter. Michiel en Annelies bijvoorbeeld komen respectievelijk uit Maldegem en Brugge. Het zijn allemaal lieve mensen, alleen nog een beetje achterdochtig. Dat heeft te maken met mijn voorgangster, een journaliste die in een reportage over Kung Fu enkele ontboezemingen noteerde die zij liever privé hadden gehouden. Op weg naar het klooster heb ik de groep verzekerd dat ze het artikel mogen lezen voor het verschijnt. Het ijs lijkt nu gebroken, al zal de zuiderse zon daar ook wel voor iets tussen zitten. Vergeet jij niet mijn planten water te geven? Vielen Dank. Ciao, S.) Jongerencultuur, bestaat dat? Vermoedelijk wel, maar het is een afschuwelijk woord. Je denkt zo snel aan clichés en uiterlijkheden. Aan de jongere met Adidas-sneakers, of hipper nog: met Puma's, met een G-Shock om de pols, een veel te wijde, afzakkende broek en een walkman met het volume op tien waardoor iedereen in de directe omgeving kan meegenieten van de techno in de koptelefoon. Daarom, bij wijze van nuancering van dat beeld: een lijstje van de boeken die gelezen worden in de Kung Fu-kolonie in Italië: De wereld van Sofie, Het leven is elders van Kundera, Honderd jaar eenzaamheid van Márquez, Valley of the dolls, Zen of de kunst van het motoronderhoud van Pirsig, Generation X... Zelfs Freud ligt op het nachtkastje, al blijkt het hier om herexamenlectuur te gaan.

Davy:

"Het leukste optreden? Dat in de Vooruit. Met Soulwax. Toen kwamen er veel mensen kijken die ik ken. Het was geestig. Helaas waren mijn ouders er niet bij. Ze moeten nog komen kijken, dat zal pas naar de allerlaatste voorstelling in november zijn. Het is niet omdat ze niet vroeger wilden komen, maar het is altijd zo laat dat we optreden, vinden ze."

De groep heeft zich intussen geïnstalleerd in de gastenvertrekken van het klooster in Offagna, op enkele kilometers van Polverigi. Onder het alziend oog van de Madonna della Rocca wordt er geslapen, gedoucht en ontbeten, maar het echte leven van de Futies speelt zich natuurlijk elders af, meer bepaald op en rond het podium in het park van Polverigi, de plek waar het Inteatro Festival al tweeëntwintig jaar cultuur in openlucht voorziet. Hier stond twee jaar geleden de botsautotent van Bernadetje opgesteld, en waren vorig jaar de jonge wolven van Latrinité te gast, nog een ander project uit het rijke Korstmos van Victoria.

Het is donderdagmiddag, tijd voor een ontmoeting met de Italianen die aan de workshop deelnemen en tijdens twee voorstellingen meedoen aan Kung Fu. Een van hen is Fabrizio (20) uit Ancona. "Ik hoorde op de radio dat er een auditie was voor acteurs. Ik heb meteen gebeld. Pol en Jonas en Felix hebben mij vragen gesteld terwijl ze mij filmden op video. Dat is nu twee weken geleden. Intussen hebben we gerepeteerd en een stukje tekst verzonnen. Enfin, verzonnen: het gaat over mijn ex-vriendin. Ik hoop dat ze niet komt kijken, zaterdag. Het gaat over onze breuk, zie je."

Fabrizio leert in zijn vrije tijd karate en speelt vaak toneel. "Klassieke dingen: Goldoni, Molière, Dario Fo... Toneel is mijn passie. Waarom ik wil meedoen aan Kung Fu? Ik wil ervaring opdoen. J'adore des choses nouvelles."

Na de kennismaking maakt iedereen zich klaar voor een eerste 'doorloop'. Links van de catwalk staat soundmaster Jonas achter zijn draaitafel, rechts is Felix met een computer in de weer om ervoor te zorgen dat alle videobeelden op het grote scherm synchroon blijven met de actie op het podium. Het grappigst is zonder twijfel het beeld in de finale, nadat alle jongeren in een dreigende stilte vooraan op het podium hebben gestaan. Op het scherm verschijnt een hoogbejaarde dame met dikke brilglazen en een schurende bulderlach. "Ge peist toch zeker niet dat ik hier nie op mijn gemak zit? Ik zit hier wreed op mijn gemak. Haha. Haha."

Behalve die vooraf opgenomen beelden wordt elke voorstelling ook opnieuw gefilmd vanuit verschillende perspectieven, waardoor het publiek onder meer de gelaatsuitdrukkingen live kan bekijken. Omdat de meeste Italianen geen Frans of Engels verstaan, is er ook voor een simultaanvertaling gezorgd, die eveneens op het grote scherm te volgen is. Het is dus essentieel dat alles goed op elkaar is afgestemd, maar regisseur Pol beseft dat hij van deze eerste repetitie met de Italianen nog niet te veel moet verwachten. "Gasten, er zullen zeker nog wat problemen zijn met de techniek. Doe het maar rustig aan, morgen zullen we proberen er wat tempo in te steken, oké?"

In tegenstelling tot het korte fragment dat ik me herinner van op het Theaterfestival 1998, blijkt Kung Fu als geheel wél overtuigend, verdraaid meeslepend zelfs, ook tijdens een repetitie. Je kijkt geboeid naar de ambiguïteit van deze enscenering, of is het de absolute eenvoud ervan die zo verfrist en ontroert? Wat kan er eenvoudiger zijn als act dan een meisje dat opkomt, zich kort voorstelt en het publiek vertelt over haar lievelingsnummer uit een gelukkige periode, waarna je dat nummer hoort en ze begint te dansen? 'Brother / Sister / One day we will be free...' Ontroert het wellicht omdat ik het meisje, Laura, een beetje heb leren kennen? Omdat de muziek swingend maar tegelijk zó melancholisch is? Er moet meer dan één reden zijn, denk ik, en ondertussen gaat het defilé van korte, al dan niet autobiografische getuigenissen, verder. Michiel staat nu achter de microfoon. Hij vertelt in Frans met veel Maldegemse klanken over De Gilde, een soort cultureel centrum in zijn provinciestad. "Iedereen danst er op dezelfde manier, hardcore. Wacht, ik zal het u voordoen." Jonas schoof de volumeknop al open en door de boxen dreunt nu een monotone beat, terwijl Michiel in stroboscooplicht op en neer springt. Enkele seconden maar, daarna staat er alweer iemand anders in de schijnwerpers, ditmaal voor een korte dialoog met een stem op band. "Slaap je?" "Nee." "Waaraan denk je?" "Aan niets."

Is dit theater voor de zapgeneratie? Kan dat een verklaring zijn voor het succes van Kung Fu: die snelheid in een mix van media? Of speelt het spelletje van 'waar of niet waar' een rol? De dwingende, bijna arrogante schoonheid van deze jonge volwassenen?

Pol Heyvaert: "Dat Kung Fu zoveel succes heeft, komt deels door het internationale succes van de producties die Alain Platel en Arne Sierens maken (het regisseursduo achter 'Bernadetje' en 'Moeder & Kind', SH). We zitten zo'n beetje in hun kielzog. Daarnaast denk ik dat Kung Fu elementen bevat die de meeste theaterproducties missen. Het draagt om te beginnen geen last met zich mee. Ik heb twee jaar als technicus in het Nieuwpoorttheater gewerkt en daar veel voorstellingen zien maken. Telkens opnieuw was men bezig om iets voor 'het theaterpubliek' en voor de recensenten te maken. Niet altijd expliciet, maar toch. En als er iemand iets voorstelde, klonk het vaak: dat kunnen we niet doen want dat is al ooit door iemand anders gedaan. Wel, met dat soort argumenten houden wij totaal geen rekening. Volgens mij is dat ons grootste voordeel: wij denken niet in functie van een 'theatervoorstelling', maar gebruiken zonder gêne de dingen die we leuk vinden. Veel theaterproducties zijn zo beladen: zware teksten, zware symbolen, zelfs zware bewegingen. Elke regisseur denkt diep na om zijn plekje in het landschap te veroveren en daar te blijven. Wij hebben niet eens echte teksten. Kung Fu is gewoon een groep mensen die zich goed amuseren.

"Het klopt dat er veel mooie mensen tussen zitten - dat is ook nodig voor de voorstelling. Ik weet dat het niet politiek correct is om dat te zeggen. En dan? Op dat vlak gaan we trouwens al iets anders te werk. Bij die Italianen bijvoorbeeld zitten mensen die je niet direct als fotomodellen zou omschrijven, maar die iets te vertellen hebben. Bovendien: zodra ze in de schijnwerpers staan, worden ze allemaal mooi. Het zijn schone mensen."

Er is iets van.

(Lieve C. Vandaag naar het strand in Portonovo gereden, samen met de anderen. Gezwommen. Een beetje frisbee, een beetje volley. I love my job. Als ik zie hoe mijn jonge metgezellen zich amuseren terwijl ze in de golven stoeien... Ze hebben iets onoverwinnelijk. Zoals iemand gisteren over de voorstelling zei: door de manier waarop ze op het podium staan, zou je haast denken dat ze nooit ziek zullen zijn of dood zullen gaan. Een overdrijving natuurlijk, maar niet zonder een kern van waarheid. De kracht van Kung Fu schuilt wellicht nog het meest in een sterke groepsgeest. Dat hebben ze gemeen met de krasse knarren van Young At Heart: ze stáán er omdat ze er zo ontzettend graag willen staan, en wie zal hen tegenhouden? May The Force Be With You. S.)

Zaterdag, dag van de eerste voorstelling. Vandaag geen strand of siësta op een terras. Om halfzes moet iedereen paraat zijn voor een laatste repetitie en daarna is de voorstelling al heel dichtbij. Achter de coulissen is het rustig, op één incidentje na. Een van de Italiaanse meisjes is deze namiddag met een stoel achterover van het podium gevallen, maar ze blijkt niet echt gekwetst - het blijft bij een paar schrammen. Het had veel erger kunnen zijn: het podium is achteraan bijna anderhalve meter hoog. Thang:

"Ik had al veel over Kung Fu gehoord. Ze hadden mij gezegd dat het iets met muziek en video was. Het was op de laatste dag van de Gentse Feesten. Felix vroeg mij of ik hem een keer wou bellen. Ik heb dat gedaan en kijk, nu zit ik in Italië.

Wat ik later wil doen? Geen idee. Eerst nog verder studeren. Maar wat? Ik weet het niet. Ik heb herexamens, normaal ga ik naar het laatste middelbaar als ik geslaagd ben. Ik ben al een keer blijven hangen...

Het goeie aan Kung Fu? Het is iets nieuws gewoon. Ik vind het wel goed. Dat mensen eens zien en horen wat de jeugd denkt."

De groep heeft er een mascotte bij. Die heet Paolo en laat zich nog het best omschrijven als een wandelende spierbundel met een paardenstaartje. Paolo is gek op zijn eigen lichaam en traint vier uur per dag om zijn biceps stevig te houden. Het resultaat van die arbeid wil hij niet verbergen. Als Pol vraagt of hij, net als gisteren, geen hemdje heeft om boven zijn singlet aan te trekken, antwoordt Paolo dat zijn hemdje in de wasmachine zit. Terwijl hij dat zegt, kauwt hij gum alsof zijn leven ervan afhangt, met zijn brede kin die van tijd tot tijd stilstaat voor een oogverblindende glimlach, doorgaans bedoeld voor de dames. "Les femmes de 'Kung Fu' sont très belles. Si." Door de regisseur wordt hij beloond met een scène helemaal vooraan op het podium: Paolo zit neer terwijl de tweelingzusjes Frauke en Rein hem zachtjes strelen, met hun kleine handen over zijn gebruinde torso. Dit is de zogeheten scène met het spuitje: Paolo moet treurend in de verte staren terwijl er water of iets dergelijks in zijn aderen wordt gespoten. Op de achtergrond klinkt weemoedige muziek. Het is een voorbeeld van hoe Kung Fu soms over the top gaat als entertainment. Het geforceerde aan deze zogenaamde provocatie wordt een dag later moeiteloos voorbijgestoken door een tafereel in het echte leven: Paolo die, luid aangemoedigd, op het balkon van een café verschijnt om zijn spieren te laten rollen. Na enig aandringen van zijn joelende publiek wil de ijdele jongen zijn broek wel laten zakken, maar niet zijn slip. Zelfs Paolo's drang naar bevestiging kent grenzen.

Het Italiaanse publiek lijkt Kung Fu heel interessant te vinden, maar ook niet veel méér. De demonstratie van de Culinair, het handige keukenapparaat voor mensen met weinig tijd, wordt op beide avonden op gelach onthaald, maar bij de stoutere scènes blijft het soms opvallend stil. Zoals bij de korte monoloog van An, die met ijsblokjes in haar mond - het smeltende ijs geeft het effect van overvloedig kwijlen - haar bewondering voor Eros Ramazotti te kennen geeft. Op het scherm wappert de Italiaanse driekleur. De mensen van Polverigi houden hun adem in. Gechoqueerd? Op het podium vervolgt de jonge vrouw haar act. "Wanna suck my tits? Oh baby, please." Ze kreunt.

Valerie:

"Of ik nog zenuwachtig ben voor een optreden? Soms. Als de muziek begint, voel ik de kriebels in mijn buik. Ik sta de hele tijd aan mijn tekst te denken, in de hoop dat ik niet zal afgaan. Ik heb dat al eens gehad, een volledige black-out. Pol had me gezegd dat ik dan eens diep moest ademhalen. Dat heb ik dan maar gedaan.

Ik ben begonnen aan een studie kunstgeschiedenis, maar ik zag het niet meer zitten. Daarna heb ik een cursus bedrijfsbeheer gevolgd. Da's handig, als ik ooit een winkel wil openen. Niet dat ik dat nu wil doen: ik wil naar het buitenland. Waarom? Omdat te veel mensen zich met mijn leven bemoeien. Maar da's een lang verhaal.

In Kung Fu vertel ik iets over doodgaan. Dat komt omdat mijn papa gestorven is toen ik drie was. Je blijft daar wel mee bezig. Het feit dat ik hem niet echt gekend heb, is het moeilijkste. Maar ik probeer het van me af te zetten, anders word ik depri."

Na de eerste voorstelling is de groep nieuwsgierig: waarom reageerde het publiek zo sloom? Het resulteert in een nog betere tweede voorstelling, en Pol is - terecht - tevreden. Het publiek in Polverigi mag dan niet zo uitbundig zijn als je van Italianen zou verwachten, in openlucht is het moeilijk om sfeer te creëren. Bovendien is die andere doelstelling meer dan bereikt: verwarring zaaien bij de toeschouwer.

Pol Heyvaert: "Ook in Gent zijn er mensen die problemen hebben met Kung Fu. Ooit werden er zelfs affiches afgetrokken en verbrand. Sommige mensen hebben van de groep blijkbaar een beeld dat niet overeenstemt met de werkelijkheid. Ze denken dat het allemaal pretentieuze wijven zijn die geloven dat ze mooi zijn. Zeer triestig. Dat komt wellicht omdat de groep zo goed aan elkaar hangt, omdat de groepsleden door het toeren zelfzekerder zijn geworden. Je zou dat pretentie kunnen noemen, maar dat is niet echt correct. Zelfs in Oostende stonden er mensen in de zaal van: 'Awel, toon het nu eens'. Om die reden zal ik blij zijn dat Kung Fu gedaan is, na de dernièrereeks in november. Zelfs in mijn privé-leven bots ik op leugens van mensen die echt 'anti' zijn. Heel spijtig."

Het neemt niet weg dat er al plannen zijn voor een volgende productie: zonder catwalk, maar mét video en muziek. Heyvaert: "We zouden een soort fuif met een scenario willen maken. Een echte fuif waarin bepaalde dingen geënsceneerd zijn. Iets groot, voor tweeduizend mensen. Maar eerst moeten we kijken of dat wel haalbaar is."

(Dag Jan. Een laatste bericht. Morgen keren we terug naar België. Met de bus, inderdaad. Jammer. Maar in november wil ik er zeker bij zijn, op de dernière in de Vooruit. Ga je mee? Ik denk dat het je zal bevallen. Ik weet het eigenlijk wel zeker. Tot gauw, S.)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234