Woensdag 27/05/2020

Kroeglopers en nachtraven

chuck e. weiss als muzikale tegenhanger van bukowski en kerouac

De Amerikaan Chuck E. Weiss staat al zijn hele carrière in de schaduw van zijn veel beroemdere vrienden, maar met een beetje geluk komt daar alsnog verandering in. Weiss, die opgroeide in Denver, zette zijn eerste muzikale stapjes als drummer bij de bluesreus Lightnin' Hopkins. Tijdens de jaren zeventig verkaste hij naar L.A., waar hij opging in de toenmalige singer-songwriterliga. Met Tom Waits deelde hij een grote voorliefde voor de zelfkant, het nachtleven en beatnikjazz, terwijl Rickie Lee Jones hem vereeuwigde in haar grootste hit, 'Chuck E.'s in Love'.

Weiss ontpopte zich als de romanticus van het barleven, richtte samen met Johnny Depp de befaamde muziekclub The Viper Room op en gedroeg zich als een romanpersonage van Jack Kerouac of Charles Bukowski. In tegenstelling tot zijn maatjes zag hij het grote succes echter aan zich voorbijgaan. Nadat hij in 1981 debuteerde met de elpee The Other Side of Town zou het bijvoorbeeld nog achttien jaar duren voor hij met opvolger Extremely Cool op de proppen kwam. Old Souls & Wolf Tickets liet gelukkig slechts drie jaar op zich wachten, zodat de lang verhoopte erkenning nu eindelijk toch in zicht lijkt te komen.

Net als Tom Waits huldigt Chuck E. Weiss een rauwe, grofkorrelige zangstijl, een subversief gevoel voor humor en een muzikale sensibiliteit die verwant is aan die van Howlin' Wolf, Dr John en Captain Beefheart. New Orleans gumbo, jazz noir, doo-wop, rockabilly, schuifelende ballads, demonische boogies en bluesy shuffles: Weiss draait er op zijn nieuwe langspeler zijn hand niet voor om. Hij koketteert met voodoo, introduceert verknipte figuren als Sweetie-O en Sneaky Jesus en pakt zelfs uit met een duet met wijlen Willie Dixon. Het in 1970 (!) opgenomen 'Down the Road A Piece' is een nummer van Don Raye, die in de jaren veertig voor de Andrew Sisters de hit 'Boogie Woogie Bugle Boy' schreef. Het feit dat die track tussen de rest van het aanbod niet uit de toon valt, zegt veel over de tijdloosheid van Weiss' muziek. Old Souls & Wolf Tickets is een ouderwetse maar briljante plaat, die geen enkele kroegloper of nachtraaf onberoerd zal laten. (DS)

Chuck E. Weiss, Old Souls & Wolf Tickets, Rykodisc/Zomba.

chemical brothers

Geijkte formules

Halverwege de jaren negentig wisten de Chemical Brothers met Exit Planet Dust een stevige brug te slaan tussen rock en dance, twee culturen die elkaar tot dan toe nooit erg gunstig gezind waren. De big beat van Ed Simons en Tom Rowlands klonk even enerverend als opwindend: het was een onontkoombare synthese van funk, hiphop, techno en punk, die dreef op vindingrijke samples, sequencer-effecten, loops en slogans en die iedere dansvloer van diepe schroeigaten voorzag. Op Come With us, cd nummer vier, hebben de Chemicals nog niets aan energie en dynamiek ingeboet: de plaat staat weer vol uitbundige, extatische muziek, die menig raveminnend jongmens in vervoering zal brengen.

Maar de herkenbaarheid van de Chemical Brothers heeft ook een schaduwzijde: doordat de heren vasthouden aan geijkte formules beginnen ze immers in herhaling te vervallen. Hoewel Come With Us achttien maanden in de maak is geweest, bevat de plaat nauwelijks verrassingen.

'Galaxy Bounce', vorig jaar al op de soundtrack van Tomb Raider, en de punkfunk van 'Denmark', zijn niet meteen hoogvliegers; de tribal techno van 'It Began in Afrika' klinkt teleurstellend rechtlijnig en de epische blues van 'The Test', met Richard Ashcroft als gastzanger, is gewoon saai.

Daartegenover staan gelukkig het geweldige 'Star Guitar', met een vloeiende groove en een knipoog naar My Bloody valentine, de psychedelische folk van 'The State We're In' (jaja, Beth Orton is terug) en 'Hoops', een geslaagde combinatie van Westcoast-harmonieën en Spaanse gitaren.

De Chemical Brothers weten heel goed hoe ze hun doelgroep moeten bedienen en Come With Us is een goede plaat, maar als de heren hun voorhoedefunctie niet kwijt willen spelen, zullen ze volgende keer toch iets vaker buiten de lijntjes moeten kleuren. Wie danst, moet nu eenmaal wakker blijven. (DS)

Chemical Brothers, Come With Us, Virgin.

cornelius

Superieure collages

Sinds zijn cd Fantasma uit 1998 wordt Cornelius wel eens het Japanse equivalent van Beck genoemd. Daar zit iets in, al hoor je Keigo Oyamada toch vooral op zijn eigen merites te beoordelen. Hij is een gewiekst collagekunstenaar, die op een haast geobsedeerde manier met klanken omgaat. Met Point, een plaat over het thema perceptie, bewijst hij echter dat zulks niet noodzakelijk hoeft te resulteren in ontoegankelijkheid of intellectualisme.

Cornelius streeft naar eenvoud en coherentie, werpt zich op als een archivaris van in onbruik geraakte popstijlen en beroept zich zowel op akoestische als elektronische hulpmiddelen. Zijn vorige cd vergelijkt hij met een Disney-attractie, terwijl zijn nieuwe veeleer aansluit bij het dagelijkse leven. Op Point worden ook veel minder samples gebruikt; Cornelius knipt en plakt nog steeds naar hartelust, maar heeft deze keer alle passages zelf ingespeeld.

In stilistisch opzicht zou je hem kunnen vergelijken met artiesten als Brian Wilson of Todd Rundgren: zijn melodieën zijn vaak dromerig en haast gewichtloos, hij goochelt met fraaie koortjes en geluidseffecten, spiegelt zich aan samba en bossanova ('Brazil' is een klassieker van Ary Barroso uit de tropicalismo-periode), maar ook aan de grillige krautrock van Neu. 'Bug', 'Drop' en 'Fly' zijn onweerstaanbare popnummers, voorzien van een tintelende onderlaag, en in 'I Hate Hate' komt zelfs Cornelius' oude liefde voor hardcore en jazzmetal even bovendrijven. Al bij al is Point echter een vrij ingetogen werkstuk, met ambient folk, pastorale jazz en easy listening als sfeer bepalende bouwstenen. Een perfecte chill-outplaat. (DS)

Cornelius, Point, Matador/Konkurent.

greg weeks

Bloed in de sneeuw

De uit New York afkomstige Greg Weeks mag dan al een timide doe-het-zelver zijn, hij is ook verzot op horrorfilms en de boeken van Edgar Allan Poe. Dat valt onder meer af te leiden uit de hoes van Awake Like Sleep, zijn derde langspeler, waarop je hem geknield ziet zitten in de sneeuw, naast een bebloed mes. Een shock rocker is Weeks allerminst. Hij oogt veeleer als een verwarde nerd, die na zijn studies een poosje stage liep bij MTV (zijn conclusie: "MTV sucks!") en vervolgens een baantje kreeg als receptionist van een grote opnamestudio. Daar moest hij zich de kapsones van allerlei beroemde popsterren laten welgevallen, maar hij kon 0000000000van de ongebruikte studiotijd profiteren om zijn eigen platen op te nemen. Terecht, want zijn tussen folk en psychedelische rock hangende liedjes sluiten mooi aan bij het werk van grote artiesten als Robert Wyatt en Mark Hollis.

Greg Weeks beschouwt zijn cd's als snapshots van specifieke perioden uit zijn leven. Zelf bedient hij zich voornamelijk van analoge keyboards, zoals een mini-moog, mellotron, harmonium, hammondorgel en Fender Rhodes-piano, maar in 'Made' bespeelt hij ook een Spaanse gitaar, terwijl in 'East 5th Street' en 'I Will Fall to Meet Her' viool en cello voor extra versiering zorgen. Weeks maakt dromerige, introverte muziek, die bevreemdt door de regelmatige afwezigheid van drums of percussie. Awake Like Sleep maakt zijn titel dus helemaal waar: de lethargie is kunst geworden. (DS)

Greg Weeks, Awake Like Sleep, Alice in Wonder/Bang!

starfighter

Navigatiecursus gewenst

Ten tijde van de cd No/Fi was Starfighter nog een kleinschalig eenmansproject van de Gentse zanger-gitarist Tim Brown. Vandaag is het uitgegroeid tot een uit de kluiten gewassen power-trio dat live al moeiteloos zijn mannetje weet te staan, maar op Make a Sex Noise nog een beetje op zoek is naar de juiste vluchtroute. De courante radiohit 'About You' is catchy pop en ook semi-akoestische nummers als 'Taste Good', 'Waiting For The World' en het in melancholie en romantiek gedompelde 'Private Hell' klinken verre van onaardig, maar de melodieën van de groep zijn vaak nog iets te schetsmatig om de luisteraar knock-out te meppen. Elders bombardeert Starfighter ons dan weer met noise-clichés ('Princess') of met logge gitaarriffs ('Slope') uit de steengroeven van Queens of the Stone Age, zodat je je afvraagt of de verkeersleiders die deze straaljager door het luchtruim moesten gidsen er wel helemaal met hun hoofd bij waren. Voorts is niet geheel duidelijk wat we ons moeten voorstellen bij "aborted pancakes" en blijkt tot driemaal toe uit de teksten dat commandant Brown, althans in het Engels, nog steeds het verschil niet kent tussen liggen (to lie) en leggen (to lay). Na beluistering van Make a Sex Noise kunnen we dus maar één ding concluderen: Starfighter moet dringend op navigatiecursus.

(DS)

Starfighter, Make a Sex Noise, Kinky Star/Bang!

1 (1) The Notwist

Neon Golden (City Slang)

2 (2) PJDS

Light Sleeper (Beuzak Records)

3 (3) Idaho

Levitate (Idaho Music)

4 (4) Bill Janovitz

Up Here (PIAS)

5 (-) Chuck E. Weiss

Old Souls & Wolf Tickets (Rykodisc)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234