Donderdag 17/10/2019

Kansspelen

Kritiek op nieuwe gokwet: “Lobby is veel te sterk”

Beeld ANP

De nieuwe gokwetgeving van minister van Justitie Koen Geens (CD&V) is vaag, zit vol achterpoortjes, en doet te weinig om verslavingen tegen te gaan. Dat zeggen experts van het UZ Brussel en het Vlaams Expertisecentrum voor Alcohol en andere Drugs. “Het probleem is dat de lobby overal zit.”

‘Gok met mate’: vanaf juli moet dat zinnetje bij elke gokreclame te zien zijn. Het is een van de vele maatregelen die justitieminister Geens aankondigde om de groei van de goksector te beteugelen. Maar experts en oppositie zien vooral een wetgeving die de sector rustig laat betijen. Want wie ‘gok met mate’ hoort, hoort die niet vooral ‘gok’?

“Zo kan je het stellen”, lacht Fons Van Dyck van marketingbureau BBDO. “Het is een signaal dat de sector geeft rond bewustwording. Maar zal het mensen ervan weerhouden te gokken? Absoluut niet.” Ook Frieda Matthys, diensthoofd Psychiatrie aan het UZ Brussel, gelooft er niet in. “Dit is een doekje voor het bloeden. Bij alcohol zijn er gelijkaardige zinnetjes: bier met liefde gebrouwen, drink je met verstand. We weten dat dat niet werkt.”

“Het is vechten tegen de bierkaai”, verzucht Marijs Geirnaert, directrice bij het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD). “Wij, de preventiekant, zijn kleine dwergen. Tegen het geweld van de lobby kunnen wij niet op.”

Nochtans leek het minister Geens menens. Al vroeg in de legislatuur kondigde hij maatregelen aan die het risico op een gokverslaving moesten inperken. “Ik denk dat Geens het echt goed meent”, klinkt het bij Vlaams Volksvertegenwoordiger Imade Annouri (Groen). “De lobby is gewoon echt heel sterk.”

Identiteitskaartlezer

Het afgelopen jaar werd de wetgeving in drie etappes bijgevijld. Vorige week dinsdag startten in de Kamer de besprekingen van het derde en laatste luik, met onder meer maatregelen die minderjarigen moeten beschermen, zoals een identiteitskaartlezer op kansspeltoestellen in cafés. “Er is een resem grote aanpassingen gebeurd. Dat is een doorbraak”, klinkt het bij Geens’ woordvoerder Sieghild Lacoere. “Dit zijn de eerste grote aanpassingen sinds 1999 aan deze wetgeving.”

Vooral de beteugeling van zogeheten lootboxes springt in het oog: virtuele schatkisten die gamers kunnen aankopen tijdens een spel, zonder te weten wat erin zit. Lootboxes zijn de facto minigok­spellen, en bereiken bovendien erg veel jongeren. Intussen werden ze in ons land verboden. “Dat is een succes, waarbij het buitenland naar België kijkt om te zien hoe we dat hebben aangepakt”, zegt Lacoere. 

Op andere vlakken zijn de aangekondigde maatregelen echter enkel in sterk verdunde vorm overgebleven. Gerommel in de marge, zeggen criticasters. Vooral de kritiek op de gokreclame op televisie laait opnieuw op.

Vanaf juli wordt gokreclame tijdens een livewedstrijd verboden. Tijdens de voor- en na­beschouwing kan de reclame echter wel nog, want technisch gezien is dat niet tijdens de wedstrijd. Van de zestien clubs die in de hoogste voetbalklasse spelen, worden er bovendien vijftien gesponsord door een gokbedrijf. Op voetbalshirts en panelen langs het veld zijn dus voortdurend logo’s van gok­bedrijven te zien.

“Op internet mogen de advertenties ook nog geplaatst worden rond livestreams van wedstrijden”, zegt Annouri. “Je kan niet zeggen dat de zichtbaarheid van gokbedrijven hiermee doeltreffend aangepakt wordt. Er zijn te veel dubbele bodems.”

Om minderjarigen te beschermen, komt er een verbod op gokreclame voor 20 uur. Daarop geldt de uitzondering dat het wel kan ‘in geval van uitzending van sportprogramma’s’. Gokbedrijven mogen voor acht uur dus enkel sportweddenschappen adverteren rond de programma’s waarbij ze die het liefst adverteren – al mag er per reclameblok wel maximaal één spot getoond worden.

De enige effectieve maatregel is volgens Geirnaert een totaalverbod op reclame, zoals dat ook geldt voor sigaretten. Online gokken is de laatste jaren immers uitgegroeid tot een van de meest risicovolle kansspelen, net door de alomtegenwoordigheid ervan. 

Om gokkers tegen zichzelf te beschermen, stelde Koen Geens een limiet voor: voortaan zouden ze maximum 500 euro per week mogen inzetten, tenzij ze via een speciale procedure dat bedrag laten verhogen. “Dat is sowieso te veel”, klinkt het bij het VAD. “Het gaat om omgerekend 2.000 euro per maand: hoeveel mensen kunnen dat bedrag probleemloos aan de kant zetten om te vergokken?”

Een van de meest omstreden voorstellen van Geens is een versoepeling van het ‘cumulverbod’: aanbieders mogen op een website, in een café of casino slechts een soort kansspel aanbieden. Die regel zou teruggeschroefd worden, waardoor gokkers in een beweging van speelautomaat naar sportweddenschap kunnen overschakelen. Een ramp voor verslavingspreventie, zeggen experts: voor mensen die moeilijk aan de verleiding kunnen weerstaan, vallen zo alle barrières tussen verschillende kansspelen weg.

De versoepeling werd voorlopig na felle kritiek op de lange baan geschoven. Volgens de oppositie is dat niet uit bezorgdheid voor gokverslavingen, maar omdat het voorstel het hele laatste luik van de hervorming dreigde te vertragen. 

Het kabinet-Geens benadrukt in een reactie dat het belang van de slachtoffers altijd vooropstaat in zijn gokbeleid. Zijn woordvoerster verwijst naar Terzake, waarin de minister zei: “Ik ga er persoonlijk prat op niemand van de goklobby gezien te hebben de voorbije drieënhalf jaar. Geleidelijk aan zullen we, zoals we dat met tabak hebben gedaan, in de goede richting gaan.” Bovendien, zo benadrukt het kabinet, zijn er zes federale ministers die samen het kansspelbeleid coördineren, wat grote hervormingen moeilijk maakt. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234