Zondag 17/10/2021

Koster haalt het uiterste uit mij’

De flair en de kwaliteiten heeft hij altijd al gehad. Toch was het lang wachten vooraleer Ryan Donk (25) zich profileerde als vijfsterrenverdediger. De nonchalance lijkt nu verdwenen, het ‘patatje’ is niet meer en zijn bijgeschaafde ‘ijsbergbal’ werd een wapen voor Club Brugge. ‘Koster heeft het uiterste uit mij gehaald. Ik zou het heel erg vinden als hij moet vertrekken.’

Laten we beginnen met een pijnlijke vaststelling: net op het moment dat Club Brugge zich boven in het klassement kan mengen, halen jullie amper 1 op 6.

“Dat is frustrerend. Als je voor de prijzen wil spelen, moet je in wedstrijden zoals tegen Genk de deur op slot doen. Het kan niet dat je een voorsprong zomaar uit handen geeft. We verloren de scherpte op het middenveld en maakten de kansen niet af. Als centrale verdediger zie je dat allemaal gebeuren. Ik heb nog geprobeerd om ze allemaal op hun donder te geven, want we hadden de aansluiting met de top kunnen maken. Zes punten achterstand is veel. Het is een kloof van twee wedstrijden.”

Het maakt de topper tegen Standard cruciaal, niet?

“We moeten die wedstrijd winnen. Het is nog niet gedaan, maar dan mogen we niet meer verliezen. Standard is op dit moment de sterkste ploeg. Het is aan een hele goede reeks bezig. Iedereen kan er ook scoren.”

Het is jouw taak om dat te verhinderen. Ben je nu op je best?

“Ja. Conditioneel ben ik top. Ik train extra met Thomas (Geschier, NP), de revalidatietrainer. Ik wil namelijk in alles de beste zijn: stabiliteit, kracht, sprintwerk, loopvermogen, noem maar op. Maar dan moet je je lichaam natuurlijk ook goed verzorgen. In het begin deed ik dat minder. Ik reed twee keer per week naar Nederland en daar gaat je rug aan kapot. Nu blijf ik liever eens hier om anderhalf uur met Thomas te trainen. We doen ook yoga, want op een gegeven moment had ik heel veel kwaaltjes. Ik bleef doorspelen, tot mijn lichaam ‘alarmpjes’ stuurde. Door die oefeningen ben ik nu soepeler. Ik zit gewoon lekker in mijn vel. En dat merk je aan mijn spel. Alles loopt beter.”

Van verdedigen als een ‘patatje’ - volgens Boskamp - naar een vergelijking met Vincent Kompany.

(lacht) “Dat is een verschil, hé. Hoe Kompany zijn loopbaan verloopt, is mooi. Hij speelt constant en straalt ook uit dat hij er staat. De verdediging is van hem. Hij eet iedereen gewoon op. Zelfs de spitsen die in Engeland op kickboksers lijken. Zestienjarigen bankdrukken daar 140 keer. Ik kon er alleen maar naar kijken. Ik zou graag nog eens terugkeren naar de Premier League, maar hopelijk dan bij een grotere club dan West Brom (Donk speelde er in 2008 een seizoen op uitleenbasis, NP).”

Welke rol speelt Adrie Koster in jouw transformatie?

“Hij heeft het uiterste uit mij gehaald. Als ik dacht dat ik een normale wedstrijd had gespeeld, deed ik het in zijn ogen toch nog niet goed genoeg. Vooral op training is hij me beginnen aan te spreken. Daardoor ben ik met die extra trainingen begonnen. In het begin denk je: ik speel niet anders. Maar als ik nu de resultaten van mijn testen bekijk, is er een groot verschil met die van zes maanden geleden.”

Je bent zijn favoriet. Hij vergeeft je meer dan iemand anders, wordt vaak gezegd. Stoort je dat?

“Nee, helemaal niet.”

Wat als Club straks geen Europees voetbal haalt en Koster moet vertrekken?

“Ik zou het heel erg vinden. Ik heb een relatie met die man opgebouwd. Hij kent me al sinds mijn zeventiende. Alleen kun je in het voetbal niet alles samendoen. Je moet je eigen pad vinden. Sowieso zou ik contact met hem houden. En hopelijk zien we elkaar dan bij een topclub terug.”

Die lange crossbal zoals tegen Anderlecht heb je alvast goed onder knie. Het deed jouw landgenoten zowaar aan Frank de Boer denken.

“Dat is een mooi compliment. Ik heb onder hem getraind bij Jong Oranje. Mijn pass was eerst te langzaam. Hij noemde het de ‘ijsbergbal’, een boogbal over de berg heen. Ik moest er doorheen trappen. Strakker dus. Sindsdien is het allemaal beter gegaan. Bij AZ leerde Van Gaal me hoe je vol moet doortrappen van op vijf, tien, twintig, dertig meter. Toen ik 17 jaar was, trapte ik die ballen barslecht (lacht). Nu kan ik bijna op elk ogenblik een pass over zestig meter spelen.”

Waarom trap je die dan nu pas zo vaak?

“Als je geen vertrouwen hebt, zoek je de oplossing vaak korter. Je wilt geen fouten maken. Je overweegt wel om die bal te trappen, maar je twijfelt. Net dan maak je fouten.”

En beginnen de supporters je uit te fluiten.

“Dat is de haat-liefdeverhouding die ik met de supporters heb. Het is een publiek dat prestaties wilt. Als je die niet kunt leveren, krijg je alles tegen je. De slechte dingen worden altijd onthouden.”

Het valt me net te binnen: moeten wij dit interview eigenlijk niet in het Engels voeren?

(lacht) “Het wordt in elk geval onze basistaal, maar ook tijdens de interviews? In de kleedkamer praat ik sowieso Engels met de meeste buitenlanders. Ivan (Perisic) kan het een beetje, Joseph (Akpala) spreekt het goed. Voor Ronald (Vargas) en Junior (Diaz) is het gewoon heel moeilijk om Nederlands te leren. Dat het in Nederland wel kan, is omdat er veel meer Nederlanders spelen. Bij AZ waren we met twintig en liepen er slechts drie buitenlanders rond. Dan moet je de taal wel leren. In Brugge zijn we daarvoor met te veel nationaliteiten.”

Wat vind je eigenlijk van dat Personal Performance Centre?

“Ik heb het al meegemaakt bij AZ en West Brom. Dat was toch een heel andere cultuur dan bij Club. Maar nu willen ze hier ook die richting uitgaan. Het zal volgens mij niet verstikkend werken. Een diëtist hoort er nu eenmaal bij. Toen ik in West Brom speelde, moesten we twee weken lang alles opschrijven wat we aten en hoeveel we dronken. Daarna werd dat aangepast.”

Wie stuur jij naar de kooklessen? Je maatje Deekman van Lokeren?

(schaterlacht) “Ik denk dat iedereen het gewoon helemaal anders ziet. Volgens mij moet je je partner niet sturen om te koken, maar gewoon opschrijven wat je eet. Misschien dat ze dan eens kip of vis zullen aanraden. Ik kan trouwens zelf koken, maar vaak ben ik te lui.”

Niet om te twitteren. Je stuurde al meer dan 21.600 tweets de wereld in. Ben je verslaafd?

“Ja, het is het enige wat ik nog doe. Mijn PlayStation raak ik bijna niet meer aan. Het is gewoon leuk omdat ik ver van Nederland en mijn vrienden ben. Als je dan die berichtjes leest wat ze doen en denken, dan ben je er toch bij. Het zijn allemaal grapjes die gemaakt worden. Ook met Lukaku maak ik af en toe eens een geintje. Het blijft leuk. Nu zijn er ook steeds meer supporters die reageren. Ik probeer zoveel mogelijk te antwoorden. De meeste spelers doen dat niet, maar ik ben een sociaal iemand. Ik sta niet boven de fans. Zo zal ik ook nooit doorlopen als ik iemand niet ken. Een ‘dankjewel’ of een babbeltje slaan, het is een klein gebaar en de mensen zijn tevreden.”

Jij moet je driejarig zoontje Yahya dan toch verschrikkelijk veel missen?

“Natuurlijk verlang ik er vaak naar om hem te zien. Ik wil alles meemaken, maar door die situatie (Yahya woont in Nederland bij zijn mama, NP) kan het niet. Ik heb dat geaccepteerd. Mijn doelstelling nu is om ver te komen in het voetbal, zodat hij het leven krijgt dat ik hem wil geven. Ik speel voor zijn toekomst.

“Of hij al een lange pass kan trappen? Ik moet hem nog leren hoe hij de bal van de grond krijgt (knipoogt). Meestal slaapt hij al wanneer de samenvatting van Club Brugge op televisie komt. Maar hij kijkt op YouTube (lacht). Yahya is goed met computers en weet al hoe het werkt. Al moet ik toegeven dat hij meer naar Messi kijkt dan naar zijn vader. Messi scoort ook ietsje meer. Misschien moet ik ook maar eens vragen om in de spits te spelen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234