Donderdag 28/10/2021

Koopjes in Peking: Mao-aanstekers met muziek

Zonder verpinken gooide de overheid in Peking de voorbije jaren de ene oude wijk na de andere tegen de vlakte. Tegelijk verrezen aan de rand van de Chinese hoofdstad enorme kantoor- en woontorens. De metamorfose voltrekt zich zo snel, dat Eric Bracke verrast was in het hartje van de stad de overblijselen uit de keizerlijke tijd onaangeroerd en goed bewaard aan te treffen. Gelukkig maar, want zonder dit werelderfgoed kan China in 2001 nooit een topbestemming worden, zoals toerismespecialisten voorspellen.

Rukkend aan hun touwtje klimmen draken, vlinders, goudvissen en zwaluwen boven het Tiananmenplein in de koude lucht. Nu en dan duikt een vlieger in scheervlucht over de hoofden van de Chinese toeristen. Die zijn in deze Chinese nieuwjaarsweek - volgens onze kalender is het vandaag 11 februari - zowat van overal naar de hoofdstad Peking gekomen. Sommigen zien er wat sjofel uit en komen, te oordelen naar hun blozende bolle kaken, vermoedelijk van het platteland. Die met de dure kleren zijn waarschijnlijk de nouveaux riches of Chinezen die fortuin hebben gemaakt in de buurlanden. Sjofel of chic, zonder onderscheid poseren ze met kleindochter of kleinzoon, bij voorkeur met op de achtergrond de muur van de Verboden Stad. Het is een koddig gezicht: de fleurig uitgedoste kindjes lijken uit een doosje te komen, moeders trekken nog gauw een muts van het hoofd van een een verveeld kijkende puber of kammen met kromme vingers de verwarde haardos van een lummel. Blijkbaar hebben ook de Chinese tienermeisjes de plateauschoenen ontdekt. Is dit de generatie van verwende 'kleine keizers' die, zoals je wel eens leest, het overheidsbeleid van één kind per gezin heeft voortgebracht? Zoveel meer verwend dan de kinderen in het rijke Westen, waar alles in overvloed te krijgen is, zullen ze allicht niet zijn. Wie deze gemoedelijke familietafereeltjes gadeslaat, kan nauwelijks geloven dat hier op deze plaats een studentenbetoging bloedig werd neergeslagen. Wanneer we het immense plein vanaf het parlementsgebouw naderen, trekken we meteen de aandacht van de verkopers. Met vliegers van bamboe en papier, setjes prentbriefkaarten, toeristische boeken en allerhande prullaria versperren ze ons de weg. Een tandeloos vrouwtje steekt een grote lichtblauwe aansteker met de beeltenis van Mao onder onze neus. Als ze het vlammetje doet branden, weerklinkt een deuntje. Heerlijke kitsch, maar wat zou Mao denken van deze triviale, kapitalistische variant van zijn persoonscultus? In het mausoleum aan de rand van het plein tegenover de Verboden Stad blijft het doodstil. Misschien is de Grote Roerganger het beu om zich telkens om te draaien in zijn kristallen doodskist. Indien hij dat alleen al bij de opening van elke McDonald's in Peking had gedaan, zou hij zich al meer dan veertig keer hebben gekeerd. Maar misschien klopt het wel wat boze tongen beweren, namelijk dat niet de afgestorven leider maar een gelijkende wassen pop, in vol ornaat, in het mausoleum ligt opgebaard. Onze gids weet het ook niet zeker. "Je moet doorlopen en hebt niet de tijd om het gezicht van de opgebaarde goed te bestuderen", zegt hij ontwijkend.

Eén ding is niet veranderd: de overheid volgt de bewegingen op het Plein van de Hemelse Vrede met argusogen. Twee agenten van de militaire politie, broekjes nog, komen met besliste tred op ons afgestapt. Ze spreken de gids aan en gebaren dat de radiojournaliste in ons gezelschap haar interview moet beëindigen. De gids legt uit dat de journaliste enkel een reisgezel wil interviewen. (De verantwoordelijke van het Reis & Opleidingscentrum, de vzw die de gidsen klaarstoomt voor VTB-reizen). De twee marionetten in Chinees-groene winterjas maken zich uit de voeten met de mededeling dat ze sowieso een toelating nodig heeft. Als ze even later van het museum aan de andere kant van het plein weer op de radiojournaliste af marcheren, bergt de journaliste snel haar microfoon op. Voor haar reportage is dat bruuske afbreken alvast mooi meegenomen.

Enkele uren later loop ook ik met een casetterecorder op mijn buik. Het is een audiogids, met de stem van Roger Moore nog wel. De voormalig 007-acteur leidt ons in de voetsporen van de Keizer door de Zuidpoort de Verboden Stad binnen. Hoewel, in de voetsporen, de keizer werd door zijn dienstboden naar binnen gedragen over het marmeren pad. Ik moet zelf mijn voeten lichten over de talrijke drempels die de kwade geesten moeten tegenhouden. Roger Moore neemt je bij de hand voor een toer van ongeveer een uur die over de centrale as langs de grote ceremoniële paviljoens en de keizerlijke slaapvertrekken naar het andere uiteinde, de Poort van Goddellijk Militair Inzicht, voert. Maar er valt nog meer te bekijken. Moore slaat bijvoorbeeld de zijgebouwen over waar de keizerlijke concubines verbleven of waar de keizerlijke kunstschatten zijn uitgestald. Daar zitten de vrouwelijke bewakers aan een simpel bureautje met een thermos thee. Wat hete drank kunnen ze gebruiken, want van dat stilzitten krijg je hier gegarandeerd koude voeten. Ik probeer me de The Last Emperor voor de geest te halen, de film die Bertolucci hier draaide. Die laatste keizer die hier zijn speelterrein had, de zesjarige peuter Puyi, moest in 1912 afstand doen van de troon.

Roger Moore legt ondertussen uit dat het Paviljoen van Opperste Harmonie, waar de keizer werd gekroond en waar hij hoge functionarissen ontving en belangrijke feesten hield, lange tijd het grootste gebouw van Peking was. Het was burgers verboden hoger te bouwen dan de keizerlijke daken. Ook verklaart Moores welluidende stem waarom het buitenhof op de drie ceremoniële paviljoenen na leeg was, terwijl in het binnenhof de vertrekken dicht bij elkaar staan en er zelf tuintjes zijn. De keizers waren geobsedeerd door het gevaar van een aanslag. Daarom mocht op het buitenhof niet één boom staan, want daarachter zou zich tijdens de plechtigheden wel eens een aanvaller kunnen verbergen. Voor iemand die niet aan het Hof werkte, was het dan ook ten strengste verboden om de omwalde en ommuurde stad - de muur is tien meter hoog en zes kilometer lang - te betreden.

De meeste keizers beschouwden zichzelf als het middelpunt van het heelal, de zon van de hemel, maar ook zij waren niet te beroerd om de hogere krachten gunsten af te smeken. Daartoe liet de keizer in 1420, toen nog buiten de stad, de Hemelse Tempel bouwen. In dit beroemdste tempelcomplex van China kwam de keizer bij de eerste zonnewende van een nieuw jaar vasten en bidden voor een goede oogst. De ronde tempel, die op het hoogste punt van het ommuurde domein staat, is nog steeds een studieobject voor architectuurstudenten. De constructie steunt op 28 houten pilaren en wordt enkel door pen-en-gat-verbindingen bij elkaar gehouden. Bij de bouw van dit complex werd uiterste zorg besteed aan de akoestiek. Zo kun je op een welbepaalde punt de echo van je stem beluisteren - dat gaf de keizer de illusie dat hij zich op een ijle bergtop dicht bij de hemel bevond. De gesculptureerde wolkjes die je overal ziet en de blauwe daken, moesten de keizerlijke waan versterken.

Behalve tempels die om hun historisch belang worden bezocht, zijn er in Peking ook gebedsplaatsen waar weer volop wordt gebeden en geofferd. De Lamatempel waar het een druk gedoe is met wierookstokjes, verschillend gekleurd naargelang de intentie, brengt je trouwens meteen ook bij de politieke realiteit. Het portret van de Dalai Lama op de preekstoel ontbreekt, terwijl er wel een foto staat van de officieel erkende leider van de lamaïsten. In een fototentoonstelling van de vredesbesprekingen in de jaren vijftig tussen de Chinese en de Tibetaanse leiders, is de jonge Dalai Lama aanvankelijk wel nog te zien. Volgens de Chinese overheid heeft de Dalai Lama vaandelvlucht gepleegd door naar India te vluchten.

Maar ook de geschiedenis van dit populaire Lamaklooster, met zijn 26 meter hoge boeddha gehouwen uit één stuk sandelhout, voert terug naar de keizerlijke geschiedenis. Het domein, dat dezelfde structuur als de Verboden Stad vertoont, werd in 1694 door de toenmalige keizer gebouwd als residentie voor zijn zoon. Toen die de troon besteeg droeg hij zijn verblijf over aan de lamaïsten om er heilige teksten te reciteren.

De Verboden Stad, waarvan de bouw in de vijftiende eeuw aanving, was het hart van het ommuurde Peking, daarrond mochten de ambtenaren van het keizerlijke hof hun woning hebben en nog verder naar de buitenste stadsmuren toe woonde het gewone volk. Dat huisde in de bescheiden hutongs, dat zijn woonerven met een gemeenschappelijke poort en waterput, die wat te vergelijken zijn met onze arbeiderscités. Ze zijn door een grillig netwerk van straatjes en binnenpleintjes met elkaar verbonden. Onze gids brengt ons naar een gerestaureerd deel waar antiekwinkeltjes gevestigd zijn. Hij waarschuwt ons dat de spullen niet zo oud zijn als ze er uitzien. Later die dag zal hij ons liever naar de zogeheten Friendship Store dan naar het nabijgelegen zijdestraatje loodsen. (Misschien krijgt hij daar goede punten voor: de Vriendschapswinkel is een soort staatssupermarkt waar je zijde, antiek, boeken, tapijten, uurwerken en sieraden kan kopen.) Voorbij het gerestaureerde stadsdeel met de antiekwinkeltjes raken we verstrikt in het wriemelende leven van de echte volkswijk. Iemand brengt zakjes kolen rond op een fiets met een aanhangwagentje. Bij de slager hangt het vlees aan een haak in de openlucht. We vergapen ons aan de kleurrijke overvloed van gerechten die in een etalage is uitgestald. Chinezen hebben de reputatie alles te eten, maar in het noorden hoef je niet bang te zijn dat er een heerlijk geroosterde hond op je bord komt. Wel de gelakte Pekingeend natuurlijk, die we gisteravond van nabij bestudeerden. De kok verdeelt de eend aan tafel in stukken. Die rol je in een flensje met sjalotjes en een lepel ketjap-saus. Daarvoor kregen we schotels met eendenpoten, lever en andere eendenspecialiteiten op tafel.

De fietsers in de smalle straatjes bellen geërgerd als de dove westerlingen niet meteen aan de kant gaan. Achter ons wordt op de grond gespuwd, maar wellicht dienen we daar niet meteen een teken van afkeuring in te zien. Op de toeristische plaatsen in Peking, waar overal bordjes 'no spitting' hangen, ondervonden we dat de jongeren zich schamen als iemand in het bijzijn van westerlingen een rochel tegen de straatstenen mikt, maar in deze wijk is het nog steeds zo vanzelfsprekend als ademhalen.

Wat een contrast tussen de wirwar van hutongs en de steriele boulevards met zielloze hoogbouw, waar de meeste hotels zijn gelegen. Vanop de veertiende verdieping van het onze zouden we een prachtig uitzicht over de oude stad moeten hebben, maar dat is zonder de grijze nevel gerekend die de hele dag blijft hangen. Die smog wordt vooral veroorzaakt door de grote ovens waar kolen worden gestookt om de woningen van de elf miljoen mensen van de hoofdstad te verwarmen. In het donker is de panoramische aanblik van de stad door de feestelijke nieuwjaarsverlichting heel wat swingender. Maar het vertier in de late uurtjes is moeilijk te vinden.

Traditioneel staat de Peking Opera op het avondprogramma van de toeristen. Wij laten het aan ons voorbij gaan, tot opluchting van iemand in het gezelschap die een vorige keer het genoegen had: "Dat kattegejank duurt wel erg lang." De volkse Chinezen lijken trouwens zelf ook meer van een democratische acrobatenvoorstelling te houden. In een nokvolle aftandse theaterzaal worden de spectaculaire kunsten van jonge tot piepjonge atleten op veel oohs en aahs onthaald. Om halftien zijn we al weer buiten, de meeste toeschouwers haasten zich naar huis. De Chinezen zijn geen cafélopers, ze houden meer van het bijeen zijn in familiekring. 's Winters bereiden ze al vroeg een uitgebreide maaltijd, zodat het leven op straat veel vroeger dan bij ons stilvalt. Maar 's ochtends is iedereen blijkbaar ook vroeger uit de veren, dan rijden miljoenen fietsers over de wegen naast de autoweg. En wie niet op de fiets zit, doet in de parken zijn dagelijkse ochtendgymnastiek.

De Chinese Muur staat bij een bezoek aan Peking steevast op het programma. Terecht: het stenen lint met de bewakingstorens en versterkte poorten dat zich door het bergachtige landschap slingert is een prachtig gezicht. Sportievelingen kunnen op de soms steile trappen van de gerestaureerde delen hun conditie testen, al moet je er het gehijg van de je hardnekkig achtervolgende venters bijnemen. Die verkopers hebben hier in Badaling al duidelijk andere trekken dan in Peking zelf, dat zich zeventig kilometer verder bevindt. Het zijn afstammelingen van de Mongoolse nomadenstammen. Om de graanschuren van de keizerlijke dynastieën te verdedigen tegen hun plundertochten werd de Muur, die thans 6000 kilometer lang is, gebouwd.

Na vele treden te hebben bestegen en afgedaald, drinken we thee in een toeristische shop. Opnieuw worden we vertederd door kitscherige Mao-spullen. Dit keer Mao-beeldjes in biscuit, naast een herderinnetje zou dat op een Vlaamse schoorsteenmantel niet misstaan. Maar we willen het niet op ons geweten hebben met een onthoofde Mao thuis te komen. Je mag de geschiedenis niet geheel banaliseren.

Peking (China in het algemeen, eigenlijk) is momenteel redelijk goedkoop als reisbestemming. Touroperator VTB-reizen biedt twee soorten reizen naar Peking. Hun 9-daagse kennismakingreis, met lijnvluchten van British Airways, kost ongeveer 30.000 frank, voor hun zogenaamd charmereis van dezelfde duur betaal je ongeveer 50.000 frank. In het tweede geval vlieg je wel met Finnair en krijg je in Helsinki een stadsrondrit aangeboden. Tijdens de charmereis verblijf je ook in een ander hotel, al beantwoorden alle hotels aan de westerse normen inzake luxe en hygiëne.

De China-reiziger heeft een internationaal paspoort en een visum nodig. De aanvraag van het visum wordt door VTB-reizen voor de groep geregeld. Voor Peking en de rondreizen in China zijn geen inentingen nodig. De netspanning is in heel China 220/240 volt. Als munteenheid geldt de Chinese yuan (CNY), die ongeveer 5 frank waard is.

Op toeristische plaatsen in de stad schamen de jongeren zich als iemand in het bijzijn van westerlingen een typisch Chinese rochel tegen de straatstenen mikt

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234