Donderdag 26/11/2020

Kogels vergaan, kunst blijft bestaan

Weg van die vuile oorlog, op zoek naar vruchtbare grond: deze vijf jonge kunstenaars vonden bij ons een nieuwe thuis en de ruimte om hun talent te laten ontkiemen. Hun werk, en dat van vele anderen, vindt tegenwoordig de weg naar podia en expositieruimtes. Vandaag bijvoorbeeld, bij Globe Aroma in Brussel.

Abdalla Omari

Is videast en schilder

29 jaar oud

Komt uit Damascus, Syrië

Vluchtte anderhalf jaar geleden naar België

Het leven zag er mooi uit voor Abdalla. Hij was afgestudeerd in Engelse literatuur én kunst in avondonderwijs, werkte al vier jaar in de wereld van de animatiefilms en had net een contract gekregen bij een voorname kunstgalerij uit Damascus. "Ik word gedreven door menselijke verhalen, vind de artistieke wereld enorm boeiend. De Syrische filmmaker en cartoonist Mwafaq Katt, die nu in Canada woont, is bijvoorbeeld een bron van inspiratie."

Maar echt vrij voelde hij zich niet als kunstenaar. "De regering had op alle vlakken invloed op ons. Onderwijs, economie, wat we ook deden, we voelden ons bekeken door een soort Big Brother die elke beweging volgde. Toen de protesten uitbraken in 2011 was ik dan ook gelukkig: na al die decennia van onderdrukking lieten we eindelijk onze stem horen! Maar al snel draaide die euforische sfeer. De militairen reageerden ongemeen hard, en ik voelde dat het totaal uit de hand zou lopen. Anderhalf jaar na die eerste opstanden wist ik dat ik moest vertrekken. Omdat ik een maand later mijn militaire dienst zou moeten doen, en ik niet op medemensen wilde schieten. En omdat ik als activist te veel gevaar begon te lopen."

Zijn vlucht ging langs Georgië, waar hij twee jaar lang aan 'Charms of War' werkte, een reeks schilderijen over Syrische oorlogskinderen. "Heel harde beelden, en een groot contrast met mijn leven toen. Ik woonde in de woeste natuur, midden in de bergen. Nu lijkt het wel een sprookje, hoewel ik er ook heel hard werkte."

Toen hij ook daar niet meer kon blijven, had hij net een expositie in Parijs met 'Charms of War'. "Daardoor kwam ik uiteindelijk in Brussel terecht. Hier hervind ik traag maar zeker mijn weg. Ik leerde veel mensen kennen - vooral West-Vlamingen, gek genoeg, met wie ik een warm contact heb. En ik leerde omgaan met seizoenen die ik nooit gekend heb. Ik mis het groen nog steeds, maar Brussel is wel een inspirerende stad vol creatieve mensen. Door alle culturen die je hier door elkaar ziet, lijkt het wel de hele wereld in één stad. Dat daagt me uit."

Zijn laatste schilderproject is een reeks over wereldleiders zoals Obama, Merkel, Putin en Erdogan in heel kwetsbare posities: als dakloze of vluchteling: "Niet om wraak op hen te nemen, wel om de rollen eens om te draaien, hen weer wat menselijker te maken. Op die manier til ik die machtsfiguren in mijn ogen net weer naar een hoger niveau."

Hij heeft intussen voet aan grond gekregen, verblijfspapieren. En vooral: de vrijheid om zich écht uit te drukken. "Alleen stel ik voorlopig vooral tentoon in het buitenland. Het zou mooi zijn om ook wat meer visibiliteit te krijgen in Brussel. Dit is nu mijn thuis, en ik zou dan ook heel graag hier mijn stem laten horen."

abdallaomari.com

Conté Morlaye

Werkt als tekenaar

29 jaar oud

Komt uit Conakry, Guinée

Trok 6 jaar geleden naar België

"Zeven was ik nog maar toen mijn tekentalent ontdekt werd. Ik deed het zo graag en was er zo vaak mee bezig dat mijn vader me inschreef in scholen waar meer belang werd gehecht aan kunst. Op mijn vijftiende deed ik een stage in het museum voor Schone Kunsten in Conakry, op mijn zestiende begon ik hier en daar tentoonstellingen te houden in hotels en expositieruimtes."

Met zijn directe, kleurrijke, bijna naïeve tekenstijl drukte hij al snel een eigen stempel. En hij leefde helemaal op toen zijn ouders een atelierruimte voor hem huurden, vlak naast het stadion van Conakry. Het was daar, in zijn twintigste levensjaar, dat een evenement heel zijn leven overhoop gooide. Vijftigduizend mensen kwamen er in 2009 samen om meer democratie te eisen, en de junta reageerde vernietigend. "Ik ging kijken toen het tumult toenam, en wat ik zag, was verschrikkelijk. Vrouwen werden verkracht, kinderen mishandeld, mannen zomaar neergeschoten. Ik deed het enige wat ik kón doen op dat moment, ik verstopte me met mijn schetsboek, en tekende de gruwelijke scènes. Natuurlijk was ik bang, maar ik móést tonen wat er gebeurde."

De tekeningen deden hem in de gevangenis belanden. "We zaten met vijftien mannen in een kamertje, we leken wel onzichtbaar voor de buitenwereld. En toen mijn vader een bewaker wist om te kopen, na vijf maanden zitten, wist ik dat ik snel het land uit moest."

De man die zijn vlucht had geregeld, zette hem in België in de rij om zijn dossier aan te vragen, stopte tien euro in zijn handen, en verdween uit Contés leven. "Daar stond ik dan. Soms sliep ik in nachtcentra, soms op straat. Het eerste jaar leek ik geen stap vooruit te komen."

Gelukkig redde zijn talent zijn hachje. Want ook in België kwam hij weer in kunstscholen terecht en kon hij na zijn uren gaan tekenen bij Globe Aroma (zie p. 47). "Wanneer ik mijn vader bel, vraagt hij altijd: 'teken je nog?' Nu kan ik zeggen: 'ja, dat doe ik. Verschillende uren per dag.' Van dat antwoord worden we allebei gelukkig." Gruweldaden tekent hij niet meer, wel mooie dromen. "Ik omring me ermee in mijn appartement in Aalst. Dan leef ik weer, want kunst is mijn leven. Het is zelfs meer. Als ik er niet meer ben, zal mijn kunst er wel nog zijn. Het is mijn toevlucht, mijn manier om gezond te blijven, maar ook mijn erfenis."

globearoma.be/kunstenaar/ conte-morlaye/

Mais Tark

Werkt als filmmaakster

34 jaar oud

Komt uit Bagdad, Irak

In België sinds 2009

"Oorlog, dat is het ergste wat je in een mensenleven kan overkomen. Het gevoel niet vrij te zijn, niet veilig te zijn, niet jong te mogen zijn... Ik had zelfs geen agenda, want ik had toch geen idee hoe de volgende dag eruit zou zien. Ik heb het gevoel dat ik pas hier, in België, een soort meisje van 17 mag zijn, dat rustig de wereld ontdekt. Alleen, ik ben de 30 al voorbij - ik ben al veel tijd verloren."

Studeren deed ze gelukkig wél in Bagdad, ondanks de spanningen. "Media studeren kon niet zomaar als gewone burger onder Saddam Hoessein. En dus koos ik voor wat daar het dichtste bij lag: film. Ik hou vooral van films gebaseerd op waargebeurde verhalen, die je verrijken en doen nadenken. The stoning of Soraya bijvoorbeeld, een Iraanse film over het lot van een overspelige vrouw. Zo beklijvend!"

Mais maakte een paar boeiende documentaires, maar om brood op de plank te krijgen, verhuisde ze naar de televisiewereld. "Ik had zo gehoopt dat alles na de oorlog beter zou worden, maar eigenlijk werd het nog erger voor creatieve mensen. De religie begon zich te mengen met de politiek, en we werden voortdurend gecontroleerd en bijgestuurd. Dat we na al dat geweld nog steeds geen vrijheid kregen, was een enorme teleurstelling. Ik had liever gehad dat Europa ons in Irak had geholpen, dan dat ik zelf naar Europa moest vluchten. Maar het kon niet anders, wilde ik trouw blijven aan mezelf."

Ze kwam in Antwerpen terecht, een kunstzinnige stad die intussen aanvoelt als een tweede thuis. Even dacht ze nog gewoon te genieten van een rustig, zorgeloos leven. Ze leerde Nederlands, werkte bij winkels en bakkers. "Maar diep vanbinnen voelde ik dat gat: ik móést weer aan de slag. En dus schreef ik me in in de filmschool om de westerse manier van filmen en denken te leren kennen, richtte ik een vereniging op om het werk van jonge filmmakers uit het Midden-Oosten naar België te halen én schreef ik zelf het scenario voor mijn droomfilm: een prent over de taboes waar Arabische vrouwen mee geconfronteerd worden. Ik kreeg intussen steun van het Vlaams Audiovisueel Fonds en ik vond al een producer. Dat maakt die radicale beslissing om mijn leven om te gooien toch de moeite. Al duurt het zeker nog een paar jaar voor de film klaar zal zijn."

Eindelijk kan Mais gewoon zichzelf zijn. "Maar toch: ooit ga ik terug naar Bagdad. Door weg te gaan, besef ik pas echt hoeveel mijn stad voor me betekent. Ik ben hier volwassen mogen worden, maar daar wil ik mijn leven eindigen."

De films die Mais uit het Midden-Oosten importeert zijn vanaf 14/5 één keer per maand te zien in Antwerps filmhuis Klappei, klappei.be

Hussein Rassim

Speelt luit

27 jaar oud

Komt uit Dyalla, Irak

In België sinds 6 maanden

Hussein reeg de ene internationale job na de andere aan elkaar in zijn thuisland. Hij werkte voor Amerikaanse bedrijven, fungeerde als vertaler, reed klanten rond naar afspraken. "Ze hadden me graag, want ik zette altijd speciaal voor hen Johnny Cash op in de wagen", lacht hij. Want daar lag ook zijn eigen hart, bij de muziek.

De eerste keer dat hij iemand live traditionele luit hoorde spelen, 19 was hij toen, daverde zijn wereld op zijn grondvesten. "Het enige wat ik kon denken was: wauw. En: dat wil ik ook kunnen. De luit raakte me meer dan welk ander instrument ook. Die diepe klank, maar ook de lange geschiedenis waar het symbool voor stond." Het ging zelfs zo ver dat hij muzikale studies aanvatte, tot grote schrik van zijn familie. Want muziek wordt door sommige stromingen binnen de islam gezien als een zonde. "Op straat kreeg ik soms vijandige blikken. Maar de aantrekkingskracht was té groot, ik kon het niet loslaten."

Intussen zwol het oorlogstumult aan in Irak. "Ooit werd er zelfs zo dicht bij mij een brug opgeblazen, dat mijn oren er nog steeds soms van suizen. Ik vroeg raad aan een Amerikaanse klant: zou ik naar België of Finland vluchten? Hij zei: 'Ga naar Brussel. Die stad past bij je. En het weer is er beter!' Hij heeft gelijk gekregen."

Hoe zwaar de tocht ook was, de blik van Hussein was altijd recht naar voren gericht. "Ik was hier nog maar een paar weken toen ik al een eerste optreden had, samen met twee andere vluchtelingen. Die ongelooflijke muziekinstallatie, die respectvolle stilte van het publiek... dat had ik nog nooit meegemaakt. Ik ben geen virtuoze luitspeler, heb een vrij zachte, pure stijl. Het doet me wel iets, dat ik mensen kan raken."

Een Britse journalist die hij on the road in Servië had ontmoet, had via via een crowdfundingcampagne opgezet, zodat Hussein een nieuwe luit kon kopen. En zo leidde het ene contact naar het andere mirakel. "Ik speel mee in een Spaanse band die in België optreedt, speel luit voor een theaterstuk in Bergen, doe jamsessies op café en werk aan Refugees for Refugees, een album met de meest uiteenlopende muziek van vluchtelingen. En als ik mijn papieren krijg, wil ik in de leer bij een beroemde luitspeler in Parijs om mijn techniek te perfectioneren. Mijn grote voorbeeld is Munir Bashir uit Irak. Als ik ooit dát niveau haal..."

Maar beroemd worden, wil hij sowieso. "En nu heb ik ook de ademruimte om die droom waar te maken."

Beluister Husseins muziek online met de zoektermen 'Muziek Publique' en 'Refugees for Refugees'

Ali Sabri

Is schilder

22 jaar oud

Komt uit Babylon, Irak

Vluchtte 7 maanden geleden naar België

Voor sommige mensen is de helse vlucht uit hun land net als een pot verse grond om in te ontkiemen. Ali bijvoorbeeld kwam als jongen dan wel in contact met de schilderkunst, en was er van nature door gebeten. Maar zijn leven in Irak was te veel overleven om er zich echt in te kunnen verdiepen. Nu hij in het Klein Kasteeltje verblijft, het opvangcentrum voor niet-begeleide jonge asielzoekers in Brussel, is de chaos net iets te groot om zich breeduit achter zijn schildersezel te zetten. Toch is België voor hem een kans om dichter bij de artiest in zichzelf te komen.

"In Irak heb je als jongere geen toekomst. Niemand vindt er werk en de situatie wordt elke dag uitzichtlozer. Op mijn zestiende ben ik gestopt met school om te gaan werken. Maar zelfs dat werd steeds moeilijker en gevaarlijker door het gewapende conflict. Ik wist dat het zo niet kon blijven duren."

Twintig dagen lang reisde hij richting Europa. En nu hij hier is, wil hij maar twee dingen: zijn papieren krijgen, en léven. "Leven, dat houdt voor mij ook in: mezelf kunnen en mogen uitdrukken in mijn schilderijen. Toen ik 6 was, zag mijn vader dat ik tekentalent had. En dus liet hij me op bezoek gaan bij een bevriende, professionele artiest. Onder zijn invloed ben ik meteen heel moeilijke, klassieke werken beginnen maken om mijn techniek aan te scherpen. Zodra dat helemaal op punt staat, wil ik mijn eigen stijl zoeken, en daarin uitblinken."

Het is vooral de realiteit die hem inspireert. "Ik probeer de werkelijkheid niet te transformeren, ik wil wat ik om me heen zie en wat me raakt zo expressief mogelijk op doek zetten, en zo een dialoog aangaan met de persoon die het schilderij bekijkt. Mijn schilderijen tonen wat er in me omgaat, zowel negatieve als positieve dingen. Ik hou van kunst waarin je het leven zelf terugvindt. Daarom schilder ik ook graag mensen, want elke mens ademt een ander verhaal. Op het vlak van kleur is het ook een uitdaging om de menselijke huid zo goed mogelijk te benaderen. Huid is nooit zwart of wit, ze heeft - net als de personen die ik op doek zet - een heel subtiel palet."

Ali kan niet stilzitten, zet zich in voor allerlei vzw's en loopt soms door de straten, gewoon om tussen de mensen te zijn. "Maar als ik schilder, kom ik meteen tot rust in mijn hoofd. Het houdt me recht.

"Ali Sabri's werk zal te zien zijn in Z33 in Hasselt, van 27/3 tot 30/4, z33.be. In september maakt Ali in CC Strombeek een grote muurschildering over de zware tocht van mensen op de vlucht. ccstrombeek.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234