Vrijdag 19/08/2022

Klimmen tot 70 kilogram

BRUSSEL l Als de weg stijgt en blijft stijgen, springt Isaac Newton achter op het wiel en hij heeft iets met zwaartekracht. Het is allemaal zijn schuld dat het hele peloton nu spreekt over aantal watt per kilogram lichaamsgewicht.

Door Hans Vandeweghe

Tom Boonen was net niet aan het feest in de Vlaamse klassiekers. Misschien de Ardense klassiekers eens proberen? Onbegonnen werk, zeggen de specialisten. Tom Boonen kan genoeg kracht ontwikkelen, maar is te zwaar. Tenzij...

Wielerdokter Yvan Van Mol: "Tom zou Luik-Bastenaken-Luik kunnen winnen, maar dan zou hij zijn seizoen anders moeten indelen en zou de wedstrijd weer op de Boulevard de la Sauvenière moeten toekomen met de laatste helling op 10 kilometer. Zoals L-B-L vandaag is uitgetekend, rijden de lichtgewichten hem van Saint-Nicolas tot Ans aan stukken."

Het verschil tussen de Vlaams-Franse klassiekers uit het eerste deel van het voorjaar en de wedstrijden waar we vandaag aan toe zijn, is het belang van de absolute kracht, onafhankelijk van het lichaamsgewicht. Op de bulten van de Ronde van Vlaanderen trekt elke bonkige flandrien zich naar boven, hoewel dat in het geval van Tom Boonen op de langste, steilste en op een na laatste helling van de dag - de Muur - duidelijk minder goed lukte.

Sportwetenschapper Peter Hespel van de KU Leuven durft de renners zelfs in gewichtscategorieën indelen. "Voor de Ronde van Vlaanderen kun je goed weg met een lichaam van tachtig kilogram, ongeveer het gewicht van Boonen in topvorm. Tijdens de Ardense klassiekers zie je vooral de renners tot 70 kilogram voorin eindigen."

Een wet is dat natuurlijk niet. Soms zijn ook lichtere renners aan het feest, weet Van Mol. "In de Ronde speelt nog een andere eigenschap mee: koersinzicht, positionering en durf om je bij de eerste vijftien te wringen voor elke helling. Ook de Amstel Gold Race afgelopen zondag is een mooi voorbeeld. Thomas Dekker, die vreselijk goed reed, won bij elke klim vijftig plaatsen, nadat hij zich vooraf eerst had laten wegduwen. Aan het eind kom je dat tekort. Maar dat er vanaf deze week renners met andere fysiologische capaciteiten de bovenhand nemen, staat vast."

De Amstel is eigenlijk een Vlaamse klassieker met dat trekken en duwen en draaien, maar door de finish boven na de steile en lange Cauberg heeft die wedstrijd Ardense allures. Vanmol: "Museeuw won de Amstel, maar toen kwamen de renners nog aan in Meerssen. In deze finale zou hij het niet halen van de lichtere renners."

De koers is simpel, vooral als het gaat om bergop fietsen. Hoe langer de helling (en hoe steiler), hoe meer een fysiologische afrekening. Meer nog, eigenlijk is het helemaal geen fietsen meer, maar pure fysica. Een getrainde biatleet - en die fietsen 's zomers - rijdt in een klimtijdrit op een Alpencol eender welke toprenner zonder klimcapaciteiten aan gort.

Hoe komt dat? Neem Tom Boonen. Die kan op zijn omslagpunt - het moment waar hij van volledig aerobe deels naar anaerobe energie moet overschakelen en melkzuur opbouwt in de spieren (simpel: in het rood gaat) - ongeveer 400 watt leveren. Dat is fenomenaal veel en zijn maximale output van 1.500 watt is ongezien. Maar als het bergop gaat en het gewicht moet mee naar boven, dan is Boonen ineens benadeeld.

Professor Hespel: "Dan moet je die 400 watt delen door het lichaamsgewicht. Per kilo levert Boonen 5 watt. Een klimmertje zal misschien 300 watt leveren. Hij weegt ook maar 50 kilogram, die kan dus 6 watt per kilogram leveren en rijdt bergop van Boonen weg."

De rasklimmers halen soms tot 7 watt per kilogram, wat ook het streefcijfer was van Lance Armstrong, nochtans niet de lichtste van het peloton maar zeer krachtig en uiteraard piekend naar die ene wedstrijd. Armstrong was een paar keer dichtbij winst in Luik en in de Amstel. Echte pluimgewichten komen zelden in de buurt van het podium van een Ardense klassieker, maar een tussenmaat als Michael Boogerd of een Paolo Bettini is dan weer beter geschikt. Ze zijn sterk, hoewel niet zo sterk als Boonen, maar met 63 kilogram wel een stuk lichter. "Zij zijn de hybride renners", weet Van Mol. "Frank Vandenbroucke was er ook één. Kon de Ronde winnen en heeft in Luik gewonnen."

Vooral op de langere hellingen als de Haute Levée (3,6 km) maken lichtere renners het verschil, weet Hespel. "Een zwaardere renner zal op die hellingen ook mee naar boven komen met die lichtere maar hij zal halfweg al in het rood moeten en dat wreekt zich aan het eind."

Het recept lijkt dus duidelijk: sterker worden en kilo's dumpen. Die stelling maakte opgang toen de goeie ouwe epotijd op zijn einde liep, maar ook daar zijn de renners van teruggekomen. Wie te veel vermagert, breekt spieren af en laat dat nu net de opslagplaatsen zijn van het glycogeen, de koolhydratendepots. Zonder spieren kom je ook geen poot vooruit.

De koers is simpel, vooral als het gaat om bergop fietsen. Hoe langer en steiler de helling, hoe meer de koers pure fysica wordt

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234