Maandag 30/11/2020

Kleppers domineren het voorjaar

Nederlandstalige literatuur: van Herman Koch tot Annelies Beck

In de Nederlandstalige literatuur houden nogal wat grote namen de benen stil. Of veel waarschijnlijker: ze zijn volop aan het schrijven aan hun volgende meesterwerk. Drie auteurs zullen met het leeuwedeel van de aandacht weglopen: Herman Koch, Jeroen Brouwers en… Kluun.

Voor de zeventigjarige Jeroen Brouwers werd uitstel geen afstel. Zijn roman Bittere bloemen liep vertraging op, maar zou nu in februari toch verschijnen bij Atlas. Bittere bloemen gaat over een grijsaard die tegen zijn zin een cruise maakt over de Middellandse Zee. “Als ex-rechter, ex-politicus en ex-schrijver heeft hij voldoende om op terug te zien, wat hij doet met vrolijk cynisme en opgewekt gekanker.” Aan boord ontmoet hij een veel jongere vrouw. Ze brengen een etmaal in elkaars gezelschap door. Deze roman, waarvan onlangs een fragment verscheen in het tijdschrift De Brakke Hond, wordt aangekondigd als “dansend en meeslepend, als een trage tango.”

Herman Koch werd - misschien tot zijn eigen verbazing - een alom bewierookte bestsellerauteur met Het diner. Nu ligt de opvolger te popelen om de boekhandels te bestormen. In Zomerhuis met zwembad (Ambo/Anthos) maken we kennis met huisarts Marc Schlosser. Hij heeft een medische fout begaan waardoor een van zijn patiënten, de beroemde acteur Ralph Meier, is overleden. Maar is het wel een medische fout? Marc had immers een rekening te vereffenen met Meier, die net iets te veel interesse toonde voor diens mooie vrouw Caroline. Koch werpt naar verluidt alweer behendig maatschappelijke dilemma’s op.

Weinig critici rekenen Kluun tot de literaire eredivisie, maar feit is dat Raymond van de Klundert met Komt een vrouw bij de dokter (2003, 1,2 miljoen verkochte exemplaren) en De weduwnaar (2006, 700.000 verkochte exemplaren) een van de onbetwiste kassafenomenen van Nederland is. Met Haantjes, in januari gelanceerd met “een spectaculaire trailer”, zet de auteur zijn zegetocht mogelijk verder. De roman is gebaseerd op “een waargebeurd zakelijk fiasco” en handelt over “commerciële overmoed, haantjesgedrag en succesvolle vrouwen”. In het Amsterdam van 1998 smeden Stijn en Frenk met hun creative & marketing agency Merk in Uitvoering boude plannen om de Gay Games te charteren. Hun yuppenbestaan komt in gevaarlijk vaarwater. Is dit Kluuns remake van Joost Zwagermans Gimmick! ?

Kader Abdolah, ook auteur van het Nederlandse Boekenweekgeschenk in februari, laat een volumineus familie-epos op de wereld los. De Koning voert de lezer terug naar de wortels van de huidige gebeurtenissen in het Oosten en houdt Europa een spiegel voor.

Ook worden er dikke turven aangekondigd van Oek de Jong en Marcel Möring (Louteringsberg). Verder legt Herman Brusselmans er weer de pees op, met in februari zijn nieuwe roman Van drie tot zes, over Willem Zundap “die het niet heeft getroffen in het leven”. “Hij probeert een roman te schrijven, maar wordt al snel gedegradeerd tot de lagere regionen van het woord.” De Vlaamse dichter Luuk Gruwez maakt dit voorjaar nog eens een zijstapje naar het proza, met het ‘herinneringsboek’ Krombeke Retour/Deerlijk retour. Daarin daalt hij af “in de mijnen van verbeelding om op zoek te gaan naar zijn grootouders.” Het gonst van de hoge verwachtingen omtrent twee Vlaamse debutanten: VRT-journaliste Annelies Beck en Jan Vantoortelboom. Met Over het kanaal (De Geus) gaat Beck aan de haal met de persoonlijke familiegeschiedenis van haar overgrootvader, die tijdens WO I in Glasgow verbleef. In het boek laat ze Marie, een vriendin van haar overgrootvader, ontdekken dat er in de Belgische exilgemeenschap in Glasgow mensen zijn die de ellende van hun landgenoten uitbuiten. Bij Contact debuteert Jan Vantoortelboom met De verzonken jongen, dat zich afspeelt in het West-Vlaamse Elverdinge, waar het onbezorgde leven van twee broers zwaar op de proef wordt gesteld.

In de literaire nalatenschap van gigant Hugo Claus (1929-2008) werd een schat aan ongepubliceerde teksten en ander materiaal aangetroffen. Een selectie daaruit verschijnt in maart bij De Bezige Bij onder de titel De wolken. Uit de geheime laden van Hugo Claus. Weerklank verzekerd. Het ruim geïllustreerde boek wordt samengesteld door Humo-journalist Mark Schaevers en toont aanzetten tot nooit voltooid werk, zoals de titel waarover Claus op oudere leeftijd hardop droomde: De wolken.

Angelsaksische literatuur: van Tom McCarthy tot Annie Proulx

Tom McCarthy’s C (De Bezige Bij) prijkte vorig jaar op de shortlist van de Booker en volgens menig literatuurliefhebber had hij die ook moeten winnen. Hier hebben we immers te maken met een ambitieuze en vernieuwende roman over het ontstaan van onze huidige informatiemaatschappij.

Heel wat minder experimenteel, maar daarom niet minder goed is Joshua Ferris die in De naamlozen (Anthos) dieper ingaat op de vanzelfsprekendheid waarmee wij ons dagelijks geluk bekijken. Wanneer iemand er vrijwillig uitstapt blijkt des te duidelijker wat hij opeens mist.

Esther Freud begon haar carrière ooit als actrice. In haar nieuwe roman, Een kwestie van geluk (De Bezige Bij), keert ze terug naar die setting om er vier jongeren te volgen op hun weg naar de eeuwige roem, alleen blijkt die vaak over stampende kasseistroken en langs diepe afgronden te leiden.

In Het masker van Afrika (Atlas) gaat V.S. Naipaul op zoek naar de invloed van het geloof op de vooruitgang. Hij verwachtte overal iets anders te zullen aantreffen maar werd verbaasd door de gelijkheid van de animistische rituelen die hem de oorsprong van de mensheid toonden.

Ook al op de rand van fictie en non-fictie laverend is Annie Proulx met Mijn leven op Bird Cloud Ranch (De Geus), waarin ze het verhaal over de bouw van haar huis combineert met de geschiedenis van het woeste Wyoming en ons zo een kijkje gunt in het privéleven van een taaie tante.

Internationale letteren: van Umberto Eco tot Mario Vargas Llosa

Tiens, had de Italiaanse weetal Umberto Eco het schrijven van romans niet voorgoed vaarwel gezegd? De laatste jaren verblufte de auteur van De naam van de roos ons vooral met studies over schoonheid en lelijkheid. Maar met De begraafplaats van Praag keert hij terug naar de literatuur en begeeft hij zich zowaar in de negentiende eeuw, “misschien wel de wonderlijkste, invloedrijkste en gevaarlijkste eeuw aller eeuwen”. Het verhaal klinkt alweer vintage Eco: de uit Turijn afkomstige geschriftvervalser Simone Simonini wordt vanaf zijn vroegste jeugd geïndoctrineerd met anti-joodse theorieën door zijn grootvader, kapitein Simonini. In Parijs raakt hij dieper betrokken in het complot rond de vervalste Protocollen van de wijzen van Zion. Van Eco verschijnt ook de essaybundel Het creëren van de vijand en andere toevallige teksten.

De twee delen van Haruki Murakami’s 1Q84 werden wereldwijd een sensatie. Verknochte fans snakken natuurlijk naar het sluitstuk van de Japanner, waarin de roman zijn onverbiddelijke maar ook ontroerende ontknoping kent. De Nederlandse vertaling van het derde deel van 1Q84 is nakend bij uitgeverij Atlas. De spanning wordt behendig opgevoerd: “Aomame kan niet weg uit de flat waar ze zich schuilhoudt, Tengo kan niet weg bij zijn stervende vader, en Ushikawa kan niet weg achter de verborgen camera waarmee hij op ze loert. Ieder bezint zich op zichzelf. Wat kunnen ze anders doen? Maar wie zal de eerste zijn die deze patstelling verbreekt?”

De nalatenschap van de vroeggestorven cult-Chileen Roberto Bolano wordt verder geëxploreerd in Amulet (Meulenhoff). Daarin voert de auteur van het labyrinthische 2666 de Uruguayaanse vrouw Auxilio Lacouture op, die in de jaren zestig naar Mexico verhuist en er het gezelschap zoekt van de vele jonge dichters die rondhangen in cafés en bars.

De langverwachte nieuwe roman van de Peruaanse Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa heet De droom van de Ier en ziet in mei het licht bij Meulenhoff. Het ambitieuze werkstuk handelt over de Britse diplomaat Roger Casement, die wordt uitgezonden naar Congo om daar de inheemse volkeren te civiliseren. Hij komt er terecht in een wereld van uitbuiting en moordpartijen, onder het regime van de Belgische koning Leopold II. Casement besluit hierover te rapporteren en wordt een van de eerste mensenrechtenactivisten.

De Italiaanse literatuur boomt als nooit tevoren in de Lage Landen. Sandro Veronesi was met zijn Kalme chaos (Prometheus) een van de wegbereiders. Van hem verschijnt bij Prometheus nu XY en dat klinkt ophefmakend. In een klein Italiaans bergdorpje met 74 huizen wordt in een naburig bos een immense slachtpartij ontdekt, waarbij alle slachtoffers op een andere, gruwelijke manier zijn vermoord. Veronesi zoomt in op de impact van het nieuws in het gehucht.

Van de Duits-Nederlandse auteur Hans Keilson, de eeuweling wiens werk vorig jaar herontdekt werd, brengt Van Gennep nu zijn debuut. In het autobiografische Het leven gaat verder (Van Gennep) beschrijft hij hoe een joods gezin ten onder gaat in het Duitsland van de jaren dertig.

Franse literatuur: van Philippe Claudel tot Claude Lanzmann

Bij de vertaalde Franse literatuur zijn alle ogen gericht op Philippe Claudel en Michel Houellebecq. De Bezige Bij komt in maart met Het onderzoek, Claudels nieuwe roman waarin hij de bedrijfswereld op allegorische wijze doorlicht. Een groot bedrijf in een industriestadje wordt getroffen door een golf van zelfmoorden. Een onderzoeker wordt erop uitgestuurd om de oorzaak te achterhalen. Maar hoe harder hij zijn best doet om door te dringen in het bedrijf, hoe meer hindernissen er worden opgeworpen. De parallellen met de zelfmoordgolf bij France Telecom liggen voor de hand.

De Arbeiderspers serveert vlak voor de zomer met De kaart en het gebied de in november 2010 met de Prix Goncourt bekroonde roman van Michel Houellebecq, die in Frankrijk al 600.000 keer werd verkocht. Via het relaas van ‘kaartenkunstenaar’ Jed Martin snijdt de zowel verguisde als bewierookte Houellebecq alweer grote thema’s aan. Kunst, geld, liefde, dood, werk, de vader-zoonrelatie en Frankrijk als toekomstig toeristenparadijs, het kan niet op. En bovendien bedeelt de schrijver zichzelf een stevige cameorol toe en is er aan tegendraadse humor geen gebrek. Drie andere uitstekende Franse romans verschijnen in het Nederlands: Hardlopen van Jean Echenoz (over het leven van langeafstandsloper Emil Zatopek, rond 1950 bekend als de snelste man ter wereld); het absurd-tragische De waarheid over Marie van Jean-Philippe Toussaint, over zijn voormalige geliefde Marie, die zijn hulp inroept als haar nieuwe minnaar onverwacht is gestorven; én het atmosferische De horizon van herinneringskunstenaar Patrick Modiano.

Zonder twijfel een evenement wordt de Nederlandse verschijning van De haas van Patagonië, de elegante memoires van de Franse filosoof, cineast en journalist Claude Lanzmann (De Arbeiderspers). Lanzmann (°1925) werd midden de jaren tachtig wereldberoemd dankzij Shoah, een film van negen en half uur met getuigenissen over de Duitse massamoord op de joden. Maar in De haas van Patagonië zitten honderden levens verstopt, zoals zijn belevenissen als jeugdige verzetsstrijder, als wapensmokkelaar in een internaat, ontmoetingen met Jean-Paul Sartre, zijn zevenjarige relatie met Simone de Beauvoir of zijn strijd tegen de doodsstraf en voor de Algerijnse onafhankelijkheid, naast talloze reizen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234