Donderdag 24/10/2019

Interview

Kittel: "Ik word nooit een klassieke specialist"

Ook bij zijn nieuwe ploeg Katusha-Alpecin mag Kittel de armen in de lucht steken, hier na het winnen van de zesde etappe in de Tirreno-Adriatico. Beeld EPA

Marcel Kittel gaat vandaag in de Scheldeprijs voor nummer zes. Zondag wacht de hel van het Noorden. Met welk doel? 'Om mezelf te blijven uitdagen als renner. Niet om te winnen.'

Tien spurtkansen, slechts twee benut. Het was zoeken en tasten tot dusver, geeft Marcel Kittel (29) toe. "We hebben onze ideale lead-out nog niet gevonden. Zo gaat dat, als je van team wisselt. Dan kun je na amper twee maanden koers geen mirakels verwachten. Ik kwam niet naar Katjoesja met de illusie dat alles meteen perfect zou verlopen. Ik moet wennen aan mijn nieuwe ploegmaats, en zij aan mij."

Het is een groeiproces, zegt de Duitser. "Je mag er in de winter nog zo vaak op trainen, de echte automatismen kweek je tijdens de race, waar plots vijf andere teams en zes sprinters je het leven zuur maken. Een wezenlijk verschil."

In Tirreno-Adriatico lukte het plots wel. Twee keer raak.

Kittel: "In Dubai en Abu Dhabi hadden we, op mijn initiatief, uitvoerig overlegd. Na elke rit praatten we bij over de fouten die we maakten en wat we er precies uit konden leren. Intussen zijn we dichter naar elkaar gegroeid, voelen we elkaar beter aan. Je zag het in Tirreno: we zijn op de juiste weg."

Martin, Haller, Politt, Zabel: met hen kun je straks naar de Churchilllaan in Schoten.

"Mooie trein, ja. We hebben de kracht en de ervaring. Zaak is om er goed mee om te springen en te oogsten."

Krijg je daar bij Katjoesja, meer dan bij QuickStep Floors, rustig de tijd voor?

"Bij QuickStep zag ik iedereen rond me goed presteren. Dat creëerde een verwachtingspatroon maar anderzijds ook de mogelijkheid om je daar af en toe achter te verstoppen. 'Ach, volgende keer beter.' De ploeg draaide, niemand dus die het me aanrekende. Finaal maakt het voor mezelf geen verschil. Ik leg mezelf de druk op zo veel mogelijk te winnen."

Je bent nu de enige topsprinter in het team. Vorig jaar moest je die status nog delen met Fernando Gaviria.

(knikt) "Dat is een voordeel. Het was ook de hoofdreden waarom ik vertrokken ben bij QuickStep Floors. Je zag Gaviria volledig ontbolsteren. Onvermijdelijk zou het op een bepaald moment tot een onderlinge competitiestrijd zijn gekomen voor de wedstrijdselecties. Met alle psychologische spelletjes van dien. Daar had ik geen zin in. Vijf Tour-ritzeges zijn uiteraard een referentie, maar als je wat minder fit bent, kan het snel gaan."

Ploegmaat Rick Zabel is de zoon van Erik, die zes keer de groene trui en vier keer Milaan-Sanremo won. Krijg je wijze raad uit die hoek?

"Aan de vooravond van Milaan-Sanremo kwam Erik Zabel bij ons op de kamer. Gedurende een halfuur legde hij uit hoe je vanaf de Turchino tot op de Via Roma moet koersen. 'Nu denk je wellicht: hij heeft wat videobeelden zitten bestuderen', lachte mijn kamergenoot Rick. Niet dus. 'Pa kent die koers tot in de details'. Indrukwekkend."

Veel heeft het niet gebaat. Je kraakte al op de Capo Berta.

"Geveld door een banale hongerklop. Ik voelde me leeglopen op de Capo Berta. Gebrek aan ervaring, hé. Ik heb veel geleerd."

Kan er nog een romance bloeien tussen jou en de Primavera?

"Als je ziet hoeveel spurters de Poggio overleefden en op de Via Roma nog in aanmerking kwamen voor de zege, dan vrees ik dat ik een gouden kans heb verkeken. 'Troost je, bij mijn eerste vijf deelnames haalde ik nooit de finish', zei Zabel. Ik ben niet immens ontgoocheld. Ik weet nu wel dat ik er keihard zal voor moeten werken. Fysiek én mentaal, want Milaan-Sanremo sloopt je. Mijn lichaam was uiteindelijk zo leeg dat ik Gent-Wevelgem moest skippen."

Parijs-Roubaix rijd je wel, voor de tweede keer in je carrière.

"Het past perfect in mijn zoektocht naar nieuwe uitdagingen. Met ouder worden heeft mijn lichaam ook nieuwe impulsen nodig. Al ken ik mijn limieten. Ik ben een relatief zware coureur met veel spieren, die snel kan spurten, maar nooit de Ronde van Vlaanderen zal winnen."

Waar mik je zondag op?

"Op een goede knechtenrol in dienst van Tony Martin en Nils Politt, in de eerste plaats. Parijs-Roubaix is een klassieker die verrassingen kan baren. Zie Mathew Hayman, twee jaar geleden. Zelf koester ik nog geen ambities, dat zou totaal onzinnig zijn. Het was een aangename eerste kennismaking met de hel in 2011. Ik kan me niet inbeelden dat dat gevoel zondagavond anders zal zijn.

"Net als in Milaan-Sanremo wil ik in de eerste plaats ervaring opdoen. Hoe dan ook zal ik altijd een pure sprinter blijven en niet plots transformeren in een klassieke specialist. Om hooguit top tien te rijden? Neen, dat is de inspanning niet waard."

Eerst dat ander katje geselen, de Scheldeprijs. Ken je die nieuwe aanloop vanuit Terneuzen?

"Ik heb hem verkend, ja. Koersen door Zeeland is nooit makkelijk. Het waait er altijd en onvermijdelijk zullen op die smalle wegen waaiers worden gevormd. Dus moeten we ervoor zorgen dat we met zo veel mogelijk pionnen in de eerste groep zitten. We hebben daar een ervaren team voor. Spurten in Schoten is opnieuw het grote doel."

De tegenstand blijft beperkt. Geen Viviani, Cavendish, Greipel, Kristoff of Coquard.

"Allemaal out. Of op vakantie. Met Groenewegen, Démare, Boasson Hagen en co. komt er nog voldoende spurtgeweld aan de start. Misschien dient zich straks wel een zwaar uitgedund peloton aan. Maar met nog 50 kilometer lokale ronden zou het me verbazen mocht het tot een complete versplintering komen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234