Donderdag 06/05/2021

Kinderporno als dekmantel: De Kouachi-files

'Een moedjahied breekt binnen in de kazerne van de vijand en schiet. Het doel: zoveel mogelijk vijanden doden.' Chérif Kouachi, een van de twee Charlie Hebdo-moordenaars, schreef in 2010 allerlei 'mental notes' aan zichzelf. Maar er was meer. Kroniek van een aangekondigd bloedbad.

François (59) was zondag met een kartonnen bord 'Je suis Charlie' in de RER gestapt. Hij woont al een jaar of twintig in de rue Louis-Gaillet in Gentilly, een zuidelijk voorstadje van Parijs. Die avond pas hoorde hij over de inval in het huis aan de overkant, nummer 17. Hier had hij gewoond, in een kamertje op het eerste verdiep, de gijzelnemer van de 'casher'. De politie vond er vier automatische pistolen, ontstekingsmechanismen, bankkaarten, mobiele telefoons, twee IS-vlaggen op A4-formaat, een camouflagepak en zijn identiteitskaart.

François piekert, zoals ook de buurvrouw. "Van hieruit is hij vertrokken. Niet eens een week geleden. En ik heb niks gemerkt."

Er is af en toe wel een bewegend zwart gewaad met een minuscule oogopening opgemerkt. Dat zal, beseffen ze nu, de naar Syrië gevluchte Hayat Boumedienne zijn geweest. "Maar je belt toch niet de politie vanwege la voile intégrale?"

Vraag is of het de buren waren die iets hadden moeten merken.

Toerist-terrorist

Murat is een wondermooi Frans stadje in de Auvergne, 500 kilometer ten zuiden van Parijs. Er wonen 2.000 mensen en er zijn drie hotels. In Hôtel Les Messageries herinnert uitbaatster Muriel Barré zich als gisteren hoe de burgemeester op een dag in 2009 aan de receptie stond met iemand van de perfectuur en een ploeg gendarmes. "Ze hadden een kamer nodig om een gevaarlijke terrorist in te herbergen", zegt ze. "Er was een beslissing genomen door de perfectuur en er viel niets meer aan te doen. Ze kozen mijn beste kamer. Te weten: de kamer die het makkelijkst te bewaken was. Er was ons verzekerd dat het in de grootste discretie zou gebeuren, maar na drie dagen stond zijn foto al in de krant. Het regende annulaties, dat kunt u wel begrijpen."

De terrorist heette Djamel Beghal. De tot Fransman genaturaliseerde Algerijn was eind jaren negentig in Afghanistan opgedoken en begonnen met een islamschooltje voor Al Qaeda. Hij werd in 2001 in de Verenigde Arabische Emiraten opgepakt en naar eigen zeggen twee maanden gefolterd, waarna hij bekende een aanslag te hebben beraamd op de Amerikaanse ambassade in Parijs. Hij werd uitgeleverd aan Frankrijk, waar hij zich op 15 maart 2005 veroordeeld zag tot tien jaar cel. Zijn blog werd gesteund door mensenrechtenactivisten, die in hem een geval van collatorale schade zagen van de war on terror.

Met zijn voorarrest erbij opgeteld, had hij zijn tien jaar halfweg 2009 tot de laatste dag uitgezeten en diende hij te worden vrijgelaten. Nu had een Parijse rechter beslist dat Beghal moest worden overgebracht naar een hotelkamer op 500 kilometer buiten Parijs, in afwachting van zijn (eventuele) uitwijzing naar Algerije.

Het stadje Murat leerde leven met z'n terrorist. Hij bleek een rustige, minzame man te zijn, direct bereid om zich tevreden te stellen met een vis als de kok in het hotel geen halalvlees had weten te vinden. Hij wandelde door het stadje, groette de winkeliers. "Ik denk dat iedereen hem wel aardig vond", zegt de hoteluitbaatster.

Beghal zou net geen vol jaar leven als toerist op de kosten van de Franse schatkist. Overal waar hij ging, liepen er mannen achter hem aan, soms zichtbaar, meestal niet. Van elke bezoeker die hij in Murat ontving, werden foto's gemaakt en fiches aangelegd. Ze stonden vorige week in Le Monde.

9 april 2010. We zien Beghal in witte pofbroek wandelen door de straten van Murat, met naast hem een jongen met een honkbalpet en een rugzak. Hij is net in het stadje aangekomen na een urenlange treinreis. Zijn naam: Chérif Kouachi. Hij zal een week verblijven bij de man die hij is gaan beschouwen als zijn nieuwe, werkelijke vader.

11 april 2010. We zien Beghal en Kouachi op het plaatselijke voetbalterrein. Kouachi loopt te jongleren met een bal. Twee andere mannen zijn hen komen vervoegen. Het zijn Ahmed Laidouni en Farid Melouk, twee mannen met een lange staat van dienst bij Al Qaeda en de Algerijnse terreurgroep GIA. Er doken vorige week ook beelden op van Amedy Coulibaly, eveneens op weekend in Murat. Ook hij is een paar keer vanuit Parijs gekomen om Beghal te bezoeken. Je ziet 'm op foto's denkbeeldige ongelovigen onder vuur nemen in een bos. We zien een zwart gewaad met twee felle ogen. Hayat Boumedienne bekwaamt zich in de bossen in het schieten met een kruisboog.

Een agent van de antiterreureenheid SDAT die betrokken is bij de observaties, schrijft op 21 mei 2010 in een synthesenota: 'Djamel Beghal is de chef van deze takfircel. De meeste leden van deze terroristische groep zijn criminelen die zich tijdens hun verblijf in de gevangenis hebben bekeerd tot de islam. Zij zijn bezig met een terroristisch project dat tot doel heeft hun broeders uit de gevangenis te bevrijden en finaal een actie te ondernemen met een grotere omvang.'

Over profeten gesproken.

Weeskinderen

"Is er al iets bekend over hun ouders?"

Dat was het eerste wat de Amerikaanse profiler Pat Brown vanuit Bowie, Maryland, vorige week te binnen schoot bij het zien van de beelden van de executie van de Parijse politieman en het triomfantelijke wegrennen van de broers. "Ik zie adrenaline, ik zie een kick. Ik zie ze genieten van wat ze doen. De houding van een sporter die heeft gescoord."

Brown verdiept zich in ontmenselijken, want dat is wat er moet gebeuren voor een mens dat wapen zo achteloos op een ander mens kan richten. "Wat je erg vaak ziet, is afwezigheid van een gezin."

Ook ergens profetisch.

Saïd is 15 en Chérif 13 als ze in 1994 samen met hun oudere zus en hun jongere broertje op de trein naar het zuiden worden gezet. Hun ouders hebben hen aan hun lot overgelaten, een jeugdrechter heeft hen toevertrouwd aan de stichting Claude Pompidou. Die heeft de broers naar Treignac gestuurd, in het departement Corrèze, 450 kilometer weg van het Parijse 19de arrondissement waar ze zijn opgegroeid.

In Le Matin deed donderdag Pierre (31) zijn verhaal, de vroegere boezemvriend van Saïd. Hij tekent het portret van een stevig gebouwde, introverte oudere broer die anders dan Chérif "alleen vocht als er een reden was". Het leven van de tieners van de instelling draaide om hasj, knokpartijen en nachtelijk bezoek aan de vierde verdieping, waar de meisjes sliepen.

"Säid deed elke dag zijn gebed op een tapijtje in zijn kamer", zegt Pierre. "Hij zei ons dat zijn geloof als moslim hem kracht gaf. Hij ging wel eens met de anderen biertjes stelen in het dorp, maar hij dronk er niet van en rookte ook geen joints. Hij zei ons dat dat niet goed voor ons was."

Chérif haalt op zijn zeventiende het eerste elftal van A.S. Chambertoise. Hij is speels, verdoet volgens kenners te veel tijd met nutteloze balkunstjes, maar wordt geselecteerd voor een stage bij Jean-Michel Larqué, de vroegere middenvelder van Paris Saint-Germain. Hij krijgt te horen dat hij het talent heeft om profvoetballer te worden, als hij tenminste bereid is om daar alles voor op te offeren. Een tiener als hij heeft helaas weinig keuzes, want volgens Pierre verloopt elke achttiende verjaardag in de instelling volgens hetzelfde patroon. De jarige werd bij de directeur geroepen, en kreeg een enkel treinticket met bestemming Parijs.

"Ze hebben jaren op straat geleefd", weet een kennis in pittabar Sahara, vlakbij de woonst van Chérif in de rue Basly in Gennevilliers. "Ze sliepen op straat. De een sliep, de andere hield de wacht. Het is niet zomaar een broederband. Contact met hun zus en hun jongere broer is er al jaren niet meer."

Appelpitjes

Voor hij toesloeg in de joodse superette aan de Porte de Vincennes, mikte Amedy Coulibaly vorige week een kogel in de rug van een jonge agente in Montrouge. Ze was een stagiaire, net als de jonge agent die in september 2000 het vuur opende op Amedy's beste vriend Ali. De jongens waren allebei 17, ze zouden een motor stelen. De stagiair-agent werd buiten vervolging gesteld, terwijl Amedy naar de gevangenis moest. Hij werd draaideurcrimineel.

De latere Parijse jihadisten vonden elkaar in januari 2005 in de gevangenis van Fleury-Mérogis. Djamel Beghal zat er te wachten op zijn proces, Coulibaly vanwege een zoveelste diefstal, Chérif Kouachi vanwege zijn rol in het netwerk van de Buttes-Chaumont.

In het 19de arrondissement liep ene Farid Benyettou rond, een twintiger met een enorme tulband en een opzichtige zonnebril. Hij wist Chérif en een tiental anderen zo ver te krijgen een ticket te kopen met bestemming Syrië. Van daaruit zouden ze doorreizen naar Irak. Chérif werd gearresteerd op 25 januari 2005, de dag van zijn geplande vertrek. "Hoe meer de datum naderde, hoe meer ik me wilde terugtrekken", zegt hij drie jaar later op zijn proces. "Maar als ik me had teruggetrokken, riskeerde ik over te komen als een lafaard."

Hij wordt veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. Best veel, voor een aspirant-jihadist van wie niet meer is aangetoond dan dat hij ter voorbereiding drie keer is gaan joggen in het park en één keer online een kalasjnikov heeft zitten bestuderen.

Chérif vestigt zich na zijn vrijlating in 2007 met Izzana H. in een appartementenblok uit de jaren twintig. Het koppel betaalt 440 euro per maand voor 26 vierkante meter. Saïd Kouachi is met vrouw en baby in Reims gaan wonen. De oudere Kouachi zal jarenlang onder de radar van de Franse inlichtingendiensten blijven, ook als op 25 mei 2010 de hele takfircel wordt opgepakt. De inlichtingendiensten hebben uit afgeluisterde telefoongesprekken kunnen opmaken dat er wordt gewerkt aan een plan om Smaïn Aït Ali Belkacem en gangster Fouad Bassim te bevrijden uit de gevangenis van Clairvaux.

Belkacem zit een levenslange gevangenisstraf uit voor een aanslag tegen twee Parijse RER-stations in 1995. Hij doet zich in 1999 tijdens het vooronderzoek opmerken door een conversatie met zijn ondervragers: "Jullie gaan naar de hel. Wij deinzen voor niets terug, voor geen enkel offer. Wij houden van de dood zoals jullie houden van het leven. Ik had nog andere projecten en zou daarmee door zijn gegaan als ik niet was gearresteerd."

In zijn cel worden recepten gevonden om cyanide te onttrekken aan appelpitjes. Vermoed wordt dat dat zijn grote plan is, het drinkwater van Parijs vergiftigen.

Kinderporno

Op het proces laat de openbaar aanklager een afgetapt telefoongesprek horen tussen Belkacem, in de gevangenis, en Beghal in Murat.

Beghal: "Het is iets waar ik al jaren aan werk, steen per steen. Een grote klap uitdelen. Zoals men zegt: een slag met een houweel is tien slagen met een schoffel waard."

Tijdens het proces in november 2013 is de bewijslast vrij verpletterend tegen dertien van de veertien verdachten. Beghal houdt vol dat hij wel wist van het ontsnappingsplan, maar er verder niks mee te maken had. Amedy Coulibaly moet zich verantwoorden voor het bezit van een partij oorlogsmunitie, Chérif Kouachi wordt na zes maanden voorarrest vrijgelaten en buiten vervolging gelaten. Dat mag nu, terugkijkend, een beetje verbazen.

Een dossierstuk van kort na zijn arrestatie beschrijft zijn houding tijdens een ondervraging door de politie: 'Betrokkene zwijgt en fixeert de vloer. Wij vragen hem of hij zich bewust is van de gevolgen van zijn houding, van zijn weigering tot dialoog met ons, tot zelfs de meest onschuldige dingen. Dit is het typische gedrag dat wordt vastgesteld bij ernstig geïndoctrineerde individuën die behoren tot een gestructureerde organisatie en consignes meekregen over hoe zich te gedragen na een arrestatie.'

Het dossier maakt ook melding van geschriften die zijn teruggevonden op zijn laptop. Het zijn mijmeringen die Chérif van zich af heeft zitten tokkelen: 'De moedjahied breekt binnen in de kazerne van de vijand en schiet van dichtbij zonder een vluchtplan te hebben voorbereid of te hebben nagedacht over de vlucht. Het objectief bestaat erin zo veel mogelijk vijanden te doden. De dader zal meer dan waarschijnlijk sterven.'

Er is ook een hele beschouwing over het woord zelfmoordaanslag: 'Het zijn de joden die dat woord hebben gekozen om mensen af te schrikken die er een toevlucht toe nemen. Wat het effect van dit soort operaties op de vijand betreft, hebben wij vastgesteld dat geen enkele andere techniek zo veel schrik veroorzaakt.'

De jongste van de broers heeft ook een werk van de Jordaanse salafistische prediker Abou Mohamed al-Maqdisi gedownload. Die schrijft: 'Het is in de meeste omstandigheden voor een financier niet noodzakelijk te weten wanneer een operatie plaats zal vinden, noch door welke handen ze zal worden uitgevoerd. Het is anderzijds voor zij die het finale stadium van de operatie uitvoeren - de vliegtuigkaper, de kidnapper, hij die zich opoffert, de moordenaar - niet noodzakelijk te weten wie de cel of de groep heeft gefinancierd.'

Op de pc worden, net als op die van Coulibaly, sporen teruggevonden van geregelde bezoekjes aan kinderpornosites. Experts van de Franse politie zien er een indicatie in dat dit toch niet zulke overtuigde moslims kunnen zijn, of als in de bewoordingen van de in 2010 ondervraagde Hayat Boumedienne: "Amedy is geen goede moslim. Hij drinkt Coca-Cola, hij gaat niet elke week naar de moskee."

Coulibaly is een van de weinige aanwezigen als in december 2014 het proces in beroep wordt gevoerd tegen Djamel Beghal. Hij ziet zijn veroordeling tot nogmaals tien jaar cel bevestigd en Coulibaly verlaat de rechtszaal met een voornemen.

Het zijn Amerikaanse inlichtingendiensten die de broers Kouachi op de no-flylijst hebben gezet, nadat Saïd is gesignaleerd in Jemen, mogelijk in een militair opleidingskamp. In mei 2014 hebben de Franse inlichtingendiensten na meer dan 15 maanden beslist om te stoppen met het consequent blijven schaduwen van de broers. In hun telefoongesprekken hebben ze het enkel over een illegaal handeltje in Chinese namaakkledij. Niks echt verontrustends.

Nu pas beseffen de speurders in Parijs wat de verklaring is voor de kinderporno. Er is geen beter beveiligde communicatievorm dan de chatroom van een kinderpornosite.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234