Zondag 04/12/2022

Kim Jong-il krijgt altijd wat hij wil

Kim Jong-il liet in het voorbije decennium 10 procent van zijn burgers creperen, dezer dagen jaagt hij de wereld schrik aan door te dreigen met een tweede kernproef. Wat voor een man is die 64-jarige Noord-Koreaanse leider eigenlijk? Zijn gevluchte schoonzus, Japanse en Italiaanse koks die voor hem werkten en acteurs en regisseurs die enkele jaren van hun leven onder dwang doorbrachten in zijn rijk, deden een boekje over hem open.

door Catherine vuylsteke

Het moet gezegd: Kim Jong-il (64) heeft zijn voorkomen niet mee. En hij weet dat zelf ook. Toen hij Zuid-Korea's beroemdste actrice Choe Eun-hee voor het eerst ontmoette, nadat hij haar in Hongkong in 1978 had laten ontvoeren, zei hij: 'Ik zie eruit als de keutels van een dwerg, ik besef het.' Tenminste, dat schrijven Eun-hee en haar eveneens gekidnapte echtgenoot, filmregisseur Shin Sang-ok, in hun boek Het koninkrijk van Kim.

Op de foto's is het ook duidelijk: Kim draagt doorgaans plateauzolen om er groter uit te zien en lijkt eeuwig gekleed in een volgens de Noord-Koreaanse propaganda door hemzelf ontworpen regenjasje. Hij krijgt zijn weerbarstige haren schijnbaar niet in model en is dringend aan een nieuw brilmontuur toe. Kortom, Kim heeft een zeldzaam lage aaibaarheidsfactor en een stijl die haast even kitscherig als komisch aandoet.

Althans, als je even de gruwelijke realiteit vergeet van het 23 miljoen zielen tellende land dat hij bestiert. De meer dan twee miljoen mensen die omkwamen van de honger in de jaren negentig, de volgens mensenrechtenorganisaties op 200.000 geschatte politieke gevangenen die met hun hele families in heropvoedingskampen wegkwijnen. De beschuldigingen van drugs- en andere smokkel, de terroristische aanslagen van het regime, de kidnappingen van Japanners en Zuid-Koreanen, en de kernproeven.

Maar wie is die man die sinds 1994 de plak zwaait en die volgens de staatstelevisie een sober aardappelgerecht eet op zijn verjaardag? Decennialang moesten we het stellen met de beweringen van de Zuid-Koreaanse overheid. Van een communisme vretend, rechts, militair regime is dat, dat objectiviteit niet meteen hoog in het vaandel droeg.

De jongste jaren is daar enige verandering in gekomen. Hier en daar werd een boekje over Kim opengedaan. Over de privé-Kim. Het waren koks, een gevluchte schoonzuster of een gezant van Poetin die drie weken met hem op de trein zat in de zomer van 2001, die Kim schetsten.

Een van de uitvoerigste portretten is dat van Kenji Fujimoto, een Japanner die onder een schuilnaam het boek Ik was Kim Jong-il's sushichef schreef en die sinds 2001 ondergedoken leeft uit vrees voor een aanslag. Niet geheel ongegrond, als je bedenkt dat een neefje van Kim dat in 1982 de wijk nam vijftien jaar later in een straat in Seoel werd neergemaaid door onbekenden.

Fujimoto ging bijna een kwarteeuw geleden voor het eerst in Noord-Korea werken in een chic restaurant voor hoge kaders. Zes jaar later werd hij Kims exclusieve kok, met een toelage van 3 miljoen dollar per jaar. En meer: hij vergezelde de Geliefde Leider op jachtpartijtjes, ging met hem paardrijden en vierde in 1989 zelfs zijn eigen bruiloft met hem.

Fujimoto stapte in het huwelijk met een meisje uit de Plezierbrigade van Kim. Die bestaat uit jonge vrouwen die volksdansjes uitvoeren terwijl de leider nachtenlange bacchanalen aanricht. Doorgaans zijn de deernes in traditionele Koreaanse klederdracht, maar als Kim op een avond veel opheeft, gelast hij hen naakt te dansen. "Hij waarschuwde de aanwezige mannen wel", aldus Fujimoto, "dat ze hen niet mochten aanraken. Kim was immers erg tegen prostitutie gekant, tenzij met buitenlandse vrouwen."

De bruiloft van de Japanse sushichef was in meerdere opzichten memorabel. "De entourage van Kim drong er op aan dat ik diep in het glas zou kijken, uiteindelijk had ik wel anderhalve fles cognac op. De volgende ochtend kwam Kim naar me toe, met een ongebruikelijke vraag: hij wilde weten of ik schaamhaar had. Toen ik bevestigend antwoordde, vroeg hij of het gecheckt mocht worden, waarna we samen in de badkamer vaststelden dat ik ongemerkt nachtelijk was geschoren. Kim schaterde. Dat ze in Noord-Korea zo een bruiloft vieren, zei hij".

Fujimoto portretteert Kim als een echte fijnproever. Hij vertelt hoe de Geliefde Leider de minste verschillen detecteert in bereidingswijze en zijn sashimistukjes bijzonder vers wil. De Japanse chef ontwikkelde daarom een methode om de vissen levend te fileren, zodat hun staarten nog bewegen op het moment dat andere delen van hun lichaam in de gapende mond van de dictator verdwijnen.

Kim eet alleen het beste, aldus Fujimoto, en laat dat ongeacht de kosten uit de hele wereld per vliegtuig leveren. Druiven en meloenen uit het Noordwest-Chinese Urumqi, mango's en papaja's uit Thailand, McDonald'shamburgers uit Peking, Tsjechisch bier van het vat, kazen en wijnen uit Frankrijk, varkensvlees uit Denemarken, Iraanse kaviaar en zeevruchten uit Japan.

Veel van die exquise ingrediënten worden ook door de Japanse chef persoonlijk in het buitenland gekocht. Maar als hij in 1996 gaat shoppen in Japan, wordt hij door de veiligheidsdiensten aangehouden en duurt het twee jaar voor hij naar zijn familie in Noord-Korea terug kan. In de jaren die volgen, is niets nog zoals vroeger. Fujimoto vreest dat Kim denkt dat hij spioneert voor Tokio en hij merkt dat zijn telefoon wordt afgetapt. In 2001 neemt hij uiteindelijk de benen, twee jaar later verschijnt zijn eerste boek over de jaren aan de zijde van de Noord-Koreaanse dictator.

Fujimoto evoceert een semifeodale hofhouding, waarin overvloed, exclusiviteit en verspilling de ordewoorden zijn. Kims wijnkelder telt meer dan 10.000 dure flessen en hij is de allergrootste afnemer ter wereld van dure Hennessy VSOP-cognac. Tot de dokters van het Lang Leven Instituut in Pyongyang hem van de noodzaak tot matiging kunnen overtuigen importeert Kims hof voor 650.000 dollar van het spul per jaar: zo'n zeventien van de allerduurste flessen per dag.

Fujimoto is overigens niet de enige buitenlandse kok. Pakistani's worden uit Karachi overgevlogen voor de bereiding van niet pikante lamscurry's, en uit Italië komt pizzabakker Ermanio Furlanis. Tijdens de hoogdagen van de hongersnood, in 1997, spendeert hij drie weken in Pyongyang en vervolgens in een afgesloten oord aan de kust. Enerzijds bakt hij pizza's voor de leider, en tegelijk moet hij een batterij leerlingen, allemaal militairen die minstens de graad van luitenant hebben, leren hoe ze Italiaanse lekkernijen kunnen maken. In 2002 verschijnen zijn lotgevallen in Engelse vertaling.

Furlanis schrijft dat zijn studenten letterlijk alles noteren. Ze tellen de olijven op zijn pizza's en meten met een regel de afstand ertussen. De keuken waarin hij werkt, is reusachtig en even proper als een operatiekwartier. Zelfs Federico Fellini zou zo'n plek niet kunnen bedenken, meent hij.

Furlanis en zijn vrouw worden vooraf betaald, maar zien hun paspoorten bij aankomst geconfisqueerd en worden in gouden kooien gehuisvest. Ronduit vorstelijk worden ze behandeld, de tafel ziet er elke avond uit als een scène uit Satyricon van Petronius. Ze bevinden zich in residenties met schijnbaar doofstom personeel waar geen enkele telefoon werkt en ze geen seconde aan de alziende ogen van hun begeleiders ontsnappen.

Kim lijkt wel te houden van Furlanis' baksels. Tot die ene keer toch, als er kappertjes en ansjovisjes op de pizza's liggen, en het gezicht van de begeleider aan de telefoon donker kleurt. Tot in het holst van die nacht moet er aan een nieuw menu worden gewerkt.

Hoe groot het fijnproeverschap van Kim wel is, komt ook tot uiting in het boek Orient Express, dat de gezant van Poetin voor het Verre Oosten, Konstantin Pulikovsky, schrijft over zijn drie weken in de trein met Kim, in de zomer van 2001. Levende kreeften, de beste wijnen, plaatselijke specialiteiten en animeermeisjes behoren tot het dagelijkse menu. Geen maaltijd telt minder dan vijftien of twintig schotels, en Pulikovsky overdrijft niet. Hij wil geen negatief beeld ophangen van Kim, wel integendeel. Het feit dat de Noord-Koreaanse leider zo gek is op militairen als hijzelf, stemt hem bijzonder gunstig.

Kim houdt niet alleen van lekker eten, hij is ook gek op films. Zijn later gevluchte schoonzuster zegt dat hij meer dan 20.000 video's en dvd's heeft. En als hij in de nadagen van het Clintontijdperk met minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright praat, heeft hij het behalve over nucleaire proliferatie vooral ook over welke films hij voor een Oscar zou nomineren, en dat Amistad de laatste prent is die hij zag, en overigens erg droevig vond.

In 1973 verschijnt van Kims hand zelfs Over de kunst der cinema, en als hij 1978 hoort dat Zuid-Korea's beroemdste actrice en filmregisseur, Choe en Sing, door dictator Parks ordonnanties niet meer kunnen werken, laat hij hen beiden kidnappen. Regisseur Sing probeert eerst nog te ontsnappen, wat hem op vier jaar in een strafkamp en een dieet van gras en muizen komt te staan. Als het echtpaar in 1982 door Kim uiteindelijk wordt ontvangen, zegt die 'dat hij het even druk heeft gehad', en dat het onfortuinlijke verblijf in detentie 'een kwestie van enige misverstanden' moet zijn geweest.

Kim klaagt over de lage kwaliteit van de films die in zijn land worden gemaakt, en hij ziet een glorieuze toekomst weggelegd voor het echtpaar. Choe zal schitteren zoals Kims lievelingsactrice Elisabeth Taylor, het zal hen aan niets ontbreken. Maar op een goede dag in 1986 maken ook deze man en vrouw van een trip naar Wenen gebruik om te vluchten.

Kim is een man voor wie alleen het beste goed genoeg is, en dat mag men zich desnoods met geweld verschaffen. Een actrice of een regisseur, een batterij Japanners die hun moedertaal mochten onderwijzen aan hoge kaders. En intussen crepeerde het volk. Jerrold Post, een Amerikaanse psychiater die voor de CIA het Centrum voor de Analyse van Persoonlijkheid en Politiek Gedrag oprichtte en onder meer Kim Jong-ils persoonlijkheid bestudeerde, catalogiseert de man als een 'kwaadaardig narcist'.

"Dat voor hem alleen de meest exquise dingen goed genoeg zijn, komt doordat hij zichzelf ziet als een god", zei Post enige tijd geleden in een interview. "Of tenminste, als de zoon van een opperwezen, want zo is zijn in 1994 overleden vader Kim Il-sung altijd vereerd. Er is dus geen link tussen wat het volk overkomt en hoe hij het zelf ondertussen stelt. Bovendien is een man als hij niet in staat tot mededogen. Al die doden hebben niet de minste indruk gemaakt."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234