Zondag 26/09/2021

KBC en de schatkist van wijlen Tito

Slovenen eten van twee walletjes

Slovenië is de lieveling onder de EU-kandidaten. Jaloers kijken de omringende landen naar hoe het Zwitserland van de Balkan zijn zaakjes voor elkaar heeft. Maar in de praktijk profiteert vooral de oude politieke elite van de privatisering van de schatkist van wijlen Tito. En Belgische bedrijven als Interbrew en KBC.

Ljubljana

Van onze correspondent / Tijn Sadée

De 110 Defender Landrover van het Britse Sfor-team draait zondagochtend de oprijlaan op van het kasteel op de grens tussen Slovenië en Kroatië. Zes tassen met golfclubs worden uitgeladen. Eerst koffie op het terras, dan wandelen de Britten geamuseerd naar de eerste hole. Golfhotel-kasteel Grad Mokric is een van de pronkstukken van het Sloveense toerisme, een belangrijke pijler van het economische succes van de voormalige Joegoslavische deelrepubliek.

Italianen, Kroaten en Hongaren vieren hun vakanties in de Sloveense bergen en aan de Sloveense Rivièra. Duitsers en Belgen zoeken er naar investeringsmogelijkheden. En de vredesbewaarders van Sfor rijden er voor vanuit hun basis in het Bosnische Banja Luka, om even te genieten van de luxueuze luwte waarin Slovenië sinds de onafhankelijkheid in 1991 verkeert.

Met 8 procent van de totale bevolking van generaal Tito's Joegoslavië was deelrepubliek Slovenië goed voor ruim 30 procent van het totale bruto nationaal product. Het lag dan ook voor de hand dat de Slovenen als eersten hun afscheiding aankondigden. Het onafhankelijkheidsproces ging vrijwel zonder geweld gepaard; anders dan in Kroatië, waar een jaar later de afscheiding tot de eerste Balkan-oorlog leidde.

Slovenië richtte zich op aansluiting met Midden-Europa en terwijl zijn zuiderburen zich verloren in een decennium van burgeroorlogen, begonnen de Slovenen met de uitbouw van hun economische voorsprong. Die hadden ze in de Federatie al verkregen. Maarschalk Tito industrialiseerde het en de eerste kerncentrale van Joegoslavië werd toegewezen aan Slovenië. Aan wie anders kon die klus worden overgelaten? De Slovenen zijn efficiënt, ze werken vanaf zes uur in de ochtend en staan bekend als accuraat.

Met die kwaliteiten bouwt Slovenië nu aan zijn positie in de Balkan, waar de rust lijkt weergekeerd. In het bijna lege Montenegro leggen Sloveense ondernemers beslag op de privatiseringsvouchers en ook in Kroatië en Servië wordt druk geïnvesteerd. "Milosovic zat nog maar net in het vliegtuig naar Den Haag en de eerste Sloveense handelsdelegatie stond al op de stoep", zegt een internationale waarnemer. Vooral in Montenegro, waar de Montenegrijnen zelf een roofeconomie drijven (autodiefstal en sigaretten- en mensensmokkel), ruiken ondernemers uit Slovenië hun kans. Begin dit jaar investeerden Slovenen voor bijna een miljard euro in de Montenegrijnse economie, vooral in hotelketens, gas-, elektra- en verzekeringsbedrijven.

"Wij combineren een mediterrane ziel met de discipline van een Duitser", zegt economisch redacteur Marjan Lacic van het Sloveense dagblad Dnevnik over het succes van Slovenië. "In landen als Tsjechië, Polen en Hongarije hebben ze spijt van de snelle uitverkoop aan het internationale bedrijfsleven. Maar in Slovenië is de privatisering een binnenlandse aangelegenheid gebleven. Zo hebben we rustig kunnen bouwen aan een sterke economie."

Het over het hoofd zien van de oudere generatie, dat in veel Midden-Europese landen leidt tot sociale spanningen en heimwee naar de communistische tijd, heeft de Sloveense staat ondervangen. Na de omwenteling groeide het aantal bedrijven tijdens de privatiseringen van duizend naar de huidige 35.000. Voorwaarde, volgens de privatiseringswet, was dat het nieuwe management een riant pensioenfonds opbouwde. "Mijn moeders pensioen is het laatste jaar meer gestegen dan mijn salaris", zegt Dnevnik-redacteur Lacic, die zelf voor 1 procent eigenaar is van zijn dagblad.

"De beste kandidaat voor toetreding in 2004", oordelen de EU-onderhandelaars in Brussel die in hoofdstad Ljubljana de sfeer van een welvarende westerse provinciestad aantreffen. Anders dan in Boedapest of Warschau ontbreken de internationale merknamen en billboards. Maar dat beeld is aan het kantelen. De overname door Interbrew van de Sloveense brouwerij Union Pivo beheerst de kranten. Net als de verkoop van 34 procent in de Nova Ljubljanska Banka (NLB) aan KBC. De Belgen zijn al maanden verwikkeld in de moeizame poging tot deelname. Gisteren bereikte KBC echter een overeenkomst met de Sloveense regering, die nog voor 30 procent eigenaar is van NLB.

Slovenië is begonnen aan een tweede privatiseringsronde, en ditmaal zijn buitenlandse investeerders wel welkom. Het brengt, hopen critici van het Sloveense model, meer transparantie in het beleid van de overheid. President Milan Kucan en premier Janez Drnovsek, beiden EU-lievelingen, staan in eigen land in toenemende mate onder druk. Het isolationisme heeft geleid tot uitstel van hervormingen in vooral de oude staal- en textielindustrie, waar inefficiënt wordt gewerkt. De Sloveense nationale bank wist de gebreken tot nu toe te maskeren door het kunstmatig hoog houden van de Sloveense tolar, maar met toetreding tot de EU vervalt dat instrument.

"Vallen we dan ook door de mand?", vraagt uitgever Tomaz Zalaznik van het kritische tijdschrift Nova Revija zich af. "Het Sloveense succes is het succes van de postcommunistische elite", zegt Zalaznik in zijn kantoor in het centrum van Ljubljana. Nova Revija is het trefpunt van de Sloveense intelligentsia - economieprofessoren, schrijvers en filosofen dragen bij aan de redactie. "Regeringspartij LDS bestaat uit de vroegere socialistische jeugd. Kapitaal dat door hen tijdens het communisme in het buitenland werd weggezet, komt nu Slovenië weer binnen als zogenaamd privaat kapitaal." De EU-onderhandelaars wordt een rad voor ogen gedraaid, meent Zalaznik. Veertig procent van het bedrijfsleven is nog in handen van de overheid, en in de overige 60 procent oefent ze invloed uit via staatsgestuurde kapitaal- en pensioenfondsen. "Het is nog altijd de oude kliek", beaamt ook de Nederlandse consultant Jeroen Schipper, die in de Sloveense badplaats Koper eigenaar is van uitzendbureau Axent. "Ik ben een van de weinige Nederlanders die hier zakendoen. Met twee miljoen inwoners vindt men Slovenië een te kleine markt, maar onderschat wordt dat Slovenië dé springplank is naar de Balkan. Oostenrijkers en Belgen hebben dat wel in de gaten." Schipper hoopt dat de toetreding tot de EU de bovenlaag flink door elkaar schudt. "Want daarmee kunnen ze straks in Europa de concurrentie niet aan."

De Slovenen eten van twee walletjes is de mening van de meeste internationale waarnemers. Een klein beetje EU, om de hervormingen in het land te versnellen. Maar niet té veel EU, want veel pottekijkers kan de gesloten Sloveense economie niet verdragen. "Onze grootste probleem is dat we het te goed doen", zegt Marjan Lacic. "Straks stopt de EU allerlei hulpprogramma's en dat zou jammer zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234