Zaterdag 23/10/2021

Werken en leven

Kan de 30-urenweek ons evenwicht tussen werk en privé redden?

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Steeds minder mensen krijgen werk en leven met elkaar gecombineerd. Bovendien zorgt de stijgende werkdruk ook vaker voor psychologische lasten. Dé oplossing om dat verstoorde evenwicht terug op orde te krijgen? De 30-urenwerkweek, zo klinkt het antwoord van progressieve denkers steeds luider. Maar hoe haalbaar én functioneel is die oplossing eigenlijk?

Het debat rond de hoge werkdruk en onze verstoorde work-life-balance werd enkele maanden geleden in gang gezet door tal van ploetermoeders en bumpervaders die aan de publieke alarmbel trokken: het wordt voor de moderne (gezins)mens steeds moeilijker om leven, werk en carrière met elkaar gecombineerd te krijgen. Ook de drastische stijging van het aantal depressies en burn-outs op de werkvloer geeft aan dat er in onze verhouding tussen werk en privé iets grondig spaak loopt.

Om die verhouding opnieuw wat meer in evenwicht te brengen, drukte Peter Mertens, voorzitter van de PVDA, de arbeidsneuzen afgelopen 1 mei nog eens collectief op het gedachtegoed van een 30-urenwerkweek. Volgens Mertens zou een vermindering van de wekelijkse arbeidsduur niet alleen zorgen voor een lagere werkdruk, met minder mentaal lijden, maar zou het ook een gezonde oplossing aanreiken voor de hoge werkloosheidgraad in ons land.

Ook tal van andere organisaties - waaronder Femma VZW en denktank Poliargus - pleiten voor het invoeren van een 30-urige werkweek. Maar hoe haalbaar is zo'n voorstel? En biedt het wel de juiste oplossing voor ons probleem?

Peter Mertens (PVDA). Beeld BELGA
Peter Mertens (PVDA).Beeld BELGA

Arbeidsduurvermindering: dé oplossing voor alle soorten zeer?

Progressieve denkers lijken de 30-urenweek als een ultieme stap richting een betere werk-leefverhouding te zien. Het model zou een oplossing bieden voor tal van de sociaal-economische problemen waar onze maatschappij zichzelf vandaag mee geconfronteerd ziet. Ten eerste zou het verkorten van de arbeidstijd, de mentale werkdruk en ook het aantal 'psychische klachten' aanzienlijk verminderen. 'Lange werkuren leiden tot een slechtere gezondheid', zegt een rapport van progressieve denktank Poliargus over de materie.

Omdat mensen vooral lijden onder de grote flexibiliteit en het gebrek aan autonomie, stelt de denktank dat een kortere werkweek - met ruimte voor eigen inbreng en organisatie - de huidige pieken in ziekteverzuim en burn-out dan ook aanzienlijk kan terugdringen. Omdat een gezonde werknemer volgens Poliargus de facto ook een productievere en dus meer rendabele werknemer is, hoeft de 30-urenweek niet eens noodzakelijk een grotere kost met zich mee te brengen.

Bovendien zou een 30-urenweek volgens het rapport ook de conflicten tussen werk en privéleven oplossen: 'Veel mensen op actieve leeftijd missen de tijd voor zelfontplooiing, voor hobby's en voor sociale relaties', zeggen ze. Minder werkuren, zou meer ruimte geven voor deze dingen.

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Ook zou een 30-urenweek zorgen voor meer gendergelijkheid in betaald werk. "Omdat vrouwen nog altijd als hoofdverantwoordelijke voor de zorg- en huishoudelijke taken worden gezien, ervaren zij het snelst een moeilijke combinatie tussen betaalde arbeid en onbetaalde arbeid", stelt Femma VZW. Om de combinatie van beide te vergemakkelijken, maken vrouwen massaal meer gebruik van stelsels van arbeidsduurvermindering. Omdat die stelsels vandaag niet collectief, maar individueel geregeld zijn, brengt die keuze voor de vrouwen vaak een heel aantal negatieve gevolgen voor hun loon en carrière met zich mee. "Om die ongelijkheden recht te trekken is er volgens ons nood aan een nieuwe voltijds van 30 uur."

Tot slot stellen de progressieve denkers dat een verkorte werkweek ook tot een herverdeling van de beschikbare arbeid kan zorgen. 'Schattingen geven aan dat de werkgelegenheid met 4 procent zou toenemen bij een arbeidsreductie van 10 procent', stellen ze.

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Is dat economisch haalbaar?

Hoewel de voorstanders van het 30-urenmodel overtuigd zijn van de economische rendabiliteit ervan, is dat in de praktijk niet zo vanzelfsprekend, zo zeggen anderen. "Het probleem is niet zozeer dat men wil terugschakelen naar een 30-urenwerkweek", zegt Geert Noels, oprichter van en econoom bij Econopolis. "Maar wel dat men dat wil doen met behoud van hetzelfde loon." En het loon van werknemers even hoog houden terwijl ze wel minder arbeid leveren, is een extra kost voor de werkgever.

Om hun economisch rendement toch niet te laten slinken, zullen bedrijven dan ook geneigd zijn compensatiemaatregelen te treffen. "Door uit te wijken naar lageloonlanden of resoluut de weg van automatisering in te slaan bijvoorbeeld", zegt Noels.

"Vooral traditionele sectoren als de industrie zullen dat laatste verkiezen, maar ook bepaalde dienstenbedrijven, zoals banken en handelszaken, zullen de functies van hun werknemers steeds vaker proberen uit te schakelen door hun klanten veel dingen zelf te laten doen. Denk bijvoorbeeld aan het uitwijken van veel commerciële en financiële activiteiten naar het internet: die maken een bankbediende en een verkoper overbodig."

Spreekt de generatiekloof een woordje mee?

Bovendien wijst Noels ook op de moeilijke toepasbaarheid van het principe binnen de organisatie van een bedrijf. "Voor relatief jonge bedrijven is de 30-urenweek nog wel haalbaar omdat de principes voor die praktijk al redelijk goed in de arbeidsmentaliteit van hun werknemers ingebed zitten." De huidige generatie van jonge werknemers heeft immers vaak van nature uit al een voorkeur voor flexibiliteit en glijdende werkuren. Oudere bedrijven zouden volgens Noels veel minder aan de organisatie van een 30-urenweek kunnen voldoen. "Dat zorgt voor een ongewenste kloof in het economische landschap: niet alleen tussen generaties, maar ook tussen bedrijven."

Geert Noels. Beeld PHOTO_NEWS
Geert Noels.Beeld PHOTO_NEWS

Ook bij de claim dat de invoer van een 30-urenweek ten dele een oplossing zou kunnen bieden voor de hoge werkloosheidsgraad in ons land - omdat arbeid dan beter verdeeld zou worden - heeft Noels ernstige bedenkingen. "Een dergelijk denkpatroon vertrekt van een verkeerde visie op arbeid. Men beschouwt 'werk' hier immers als een gesloten structuur per land en gaat ervan uit dat er binnen een economisch systeem sprake is van een vaste som arbeid. Dat is uiteraard een al te simplistisch beeld dat niet met de werkelijkheid overeenstemt: een economisch systeem is veel complexer dan dat. Er een wisselwerking tussen nationale en internationale krachten mee gemoeid."

Het principe van een 30-urenweek van overheidswege als een soort van dwingelandij aan de bevolking opdringen, is volgens hem dan ook niet zonder gevaar. "Men dreigt op die manier een eindeloos parcours aan overheidsjobs te creëren waar vrije markteconomie nog maar moeilijk een voet aan de grond kan krijgen, en dat is geen scenario waar we naartoe willen."

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Geeft werken zin aan het leven?

Puur economische bedenkingen buiten beschouwing gelaten, zijn er overigens nog enkele bijkomende redenen om de slaagkansen van een 30-urenweek praktisch in twijfel te trekken.

Een complete omschakeling naar een dergelijk systeem, zou immers betekenen dat mensen ook hun diepgewortelde drang naar consumptie en financiële welvaart moeten loslaten, iets dat gezien de huidige maatschappelijke omstandigheden niet vanzelfsprekend zal zijn. "Er wordt op mensen vandaag een grote druk gelegd om het te maken in het leven", zegt Alain de Botton. "De standaarden om dat succes af te meten worden vooral op economisch en carrièrevlak gelegd: wie een mooie job heeft en veel geld verdient, is een winnaar, wie dat niet doet is een loser."

Het meritocratische principe - de idee dat iedereen vanuit gelijke waarden vertrekt om een weg naar de economische top uit te bouwen, voegt daar nog behoorlijk wat extra druk aan toe. "Iedereen die er niet in slaagt bovenaan de sociaal-economische ladder te eindigen, wordt voor die mislukking volledig zelf verantwoordelijk gesteld, want de maatschappij heeft hem immers alle ingrediënten in handen gegeven", legt de Botton uit. "Dat helemaal niet iedereen ook écht over die gelijke kansen en mogelijkheden beschikt, wordt daarbij schromelijk over het hoofd gezien." Een mens zou zich voor minder de benen vanonder het lijf lopen om een wandelend - en dus werkend - succes te zijn.

Neem daar nog eens bij dat werken voor veel mensen ook een vorm van zingeving is: een doel waarin zij betekenis voor hun bestaan vinden en waaruit zij - naast geld - ook waardering en voldoening halen, en de utopische bijklank van een in theorie prachtig klinkend voorstel wordt toch wel erg voelbaar. In dit opzicht wijst Femma er dan weer wel op dat betaald werken niet de enige vorm van arbeid - en dus van zingeving - is: "Heel wat mensen doen in hun vrije tijd aan mantelzorg, vrijwilligerswerk of zorgen voor de kinderen. Ook dat is waardevolle arbeid waar veel zin uit te halen valt."

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Is het wel de gepaste oplossing voor ons 'subjectieve' probleem?

Tot slot zouden we ons ook kunnen afvragen of de vermindering van de arbeidsduur wel de gepaste oplossing is voor ons probleem. Cijfers wijzen immers uit dat de effectieve arbeidstijd vandaag helemaal niet hoger is dan in het verleden. Sterker nog: het aantal uren dat we effectief werken per week, lag nooit lager dan vandaag. 'De jaarlijkse effectieve arbeidsduur in de marktsector is tussen 1956 en 1975 met ongeveer 20 procent gedaald. Sinds het midden van de jaren 1970 daalt de jaarlijkse effectieve arbeidsduur nog steeds, zij het minder snel', zegt een rapport van het Federaal Planbureau.

Het feit dat mensen desondanks toch steeds vaker met een 'tijdstekort' kampen, heeft volgens filosoof Johan Braeckman dan ook eerder met een subjectieve ervaring te maken. "Het is niet zo dat mensen absoluut gezien minder vrije tijd hebben, maar ze slagen er in die uren wel steeds minder in zich ook daadwerkelijk vrij te voelen." Dat heeft volgens Braeckman dan weer te maken met een complex samenspel aan factoren. "Zo nemen we bijvoorbeeld meer werk mee naar huis en spenderen we veel meer tijd in de auto van en naar het werk."

Daarnaast besteden mensen ook steeds meer van hun 'vrije tijd' aan activiteiten die hun status moeten bevestigen en hun levensstandaard moeten illustreren, zegt Braeckman. "Mensen gaan shoppen in de zogenaamd juiste winkels, maken hun voortuin picobello in orde en gaan wekelijks naar de fitness, niet per se omdat ze dat zelf leuk vinden, maar wel omdat anderen dat belangrijk vinden." Tot slot brengen we ook aardig wat uren door voor de televisie en op sociale media. "En dat terwijl we uit die activiteiten helemaal geen bevredigend gevoel, maar eerder één van leegte en onrust halen", zegt hij.

Al die factoren samen maken het voor mensen veel lastiger om net die dingen te doen die echt en authentiek aanvoelen - zoals samenkomen met vrienden of familie bezoeken. "Daardoor ontstaat bij ons het subjectieve, maar dus correcte gevoel dat we 'minder' vrije tijd hebben, terwijl dat objectief gezien misschien niet zo is."

Dat de essentie van het work-life-probleem dus effectief aangepakt en opgelost kan worden door een inperking van de absolute arbeidstijd alleen, lijkt dan ook bijzonder onwaarschijnlijk.

Harry en Olga uit 'The sky is the limit', een reeks over het leven van enkele superrijken op Vier. Beeld VIER
Harry en Olga uit 'The sky is the limit', een reeks over het leven van enkele superrijken op Vier.Beeld VIER
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234