Dinsdag 24/11/2020

Concertverslag

Kaleo in de AB: blues met puppy-oogjes

De Ijslandse band Kaleo had soms last van een geforceerde aanpak tijdens hun optreden in de AB.Beeld TR Beeld

“They will run you down / down til the dark”, zong een overvolle AB mee met Kaleo. De populairste IJslandse rockband van het moment schipperde er weifelend tussen blueseerbetoon -en parodie.

Voorprogramma Jacle Bow, uit Brussel, sleepte het AB-publiek netjes de sixties en de seventies in met een sound die bij The Rolling Stones en The Faces te leen ging. Goeie band met veel potentieel, zo bleek in de AB. De heren ploegden keurig door de helft van hun debuut What’s all the mumble about, dat morgen verschijnt. Als hun platenfirma de juiste singles bij de radio’s plugt, komt het goed met deze boys. ‘High for you lover’ is een dijk van een song die in de AB stampvoetend door de zaal beende en ook afsluiter ‘Rightless’ (The Kinks op steroïden) diende een rake kopstoot uit. Daartussen hoorden we vloeiende rootsrock zoals ‘Lucky’ en albumtracks die traag het oor binnensijpelden. Misschien kunnen ze onze eigen Black Crowes of Stereophonics worden – ook popbands met een retrofeeling – als zij tenminste naar behoren in de markt worden gezet. Groeimarge genoeg, zo merkten we in de AB.

Kaleo was andere koek. Een stuk gepolijster en, toegegeven, routineuzer dan Jacle Bow: het bewijs dat je voor hetzelfde subgenre kunt vallen en dat toch radicaal anders kunt herinterpreteren. Ook de in de Amerikaanse stad Austin residerende IJslanders hebben hun hart aan de blues verpand en laafden zich in de AB aan sixtiesromantiek. Vooral zanger JJ Julius Son (Jökull Júlíusson) zette overtuigend een Hollywoodversie neer van een getormenteerde, zij het fotogenieke blueszanger. Met zijn naar James Dean gemodelleerde kopje lag hij hoorbaar goed in de markt bij de dames in de zaal. Een smachtende snik hier, een puppy-blik daar: yep, die jongen wist van wanten.“Where was I supposed to wait for you sweetheart? / And hide away the shame”, croonde hij in ‘I can’t go on without you’ en rondom ons smolten de meisjes tot een plasje caramel.

Deal met de duivel

Het blijft opmerkelijk dat Kaleo’s wortels in IJsland liggen, het feeërieke universum waar fabelwezens zoals Björk, Sigur Ros en Emiliana Torrini wonderlijke muziek schiepen. ‘Vor í Vaglaskógi’, het enige liedje in de IJslandse taal, ontvouwde zich in Brussel als een ordinaire americanaballad. Niks excentrieks aan, zoals bij de muziek van hun landgenoten. Geen wonder dat Kaleo het eiland verruilde voor de behoudsgezindere muziekcultuur van Texas.

Zijn gezwollen rootsrock klonk lang niet slecht in de AB. In het bezielde ‘Broken bones’ leek JJ Julius Son zich te herinneren dat hij ooit een deal met de duivel had gesloten op de legendarische Memphis-crossroads: zijn ziel in ruil voor muzikaal talent en succes, zoals bluesgigant Robert Johnson ooit meemaakte. En kijk, hij kreeg er zowaar nog een leuk snoetje bij ook. Satan doet geen half werk. “The devil’s gonna make me a free man / The devil’s gonna set me free”, klonk het, zij aan zij met een lekker roestige folkgitaarsolo.

‘Bang bang (my baby shot me down)’ overvleugelde misschien niet de oerversies van Cher of van Nancy Sinatra maar wankelde geen moment. JJ en kornuiten turnden de klassieker om tot een etherische zwijmelballade en pleurden er halverwege ronkende gitaren in.

Nog meer goeie kroegenrock hoorden we in ‘Alter ego’ (Status Quo met tafelmanieren) ‘Ladies man’ (rockabilly voor wie niet van rockabilly houdt) en ‘Rock ‘n roller’ (ZZ Top na een scheerbeurt). De monsterhit ‘Way down we go’ was zoals verwacht de aanleiding voor een warmbloedig meezingmoment.

Plastic kantje

Toch hadden we vaak moeite met Kaleo’s geforceerde aanpak van countrypop en blues. In ‘Pour some sugar on me’ verloor JJ zich in karikaturale stemtics en tragikomische rockmaniërismen. ‘All the pretty girls’ zong hij alsof hij op pruimtabak liep te kauwen en ook in de lijzige bluespastiche ‘Automobile’ kwam hij niet verder dan een cartoonversie van een Amerikaanse bluesman. Bij momenten speelde het de band parten dat de heren geen zwarte bluesveteranen uit Mississippi zijn maar blanke IJslandse jonkies. Technisch zat alles snor, maar daar misten we toch de authentieke bezieling.

Dat plastic kantje verbaast niet. Een deel van zijn succes dankt Kaleo aan de bescheiden revival van rootsmuziek in de mainstream. De groep surft op de golf die gelijkaardige retrofielen zoals Rag N Bone Man en Nathaniel Rateliff draagt. In die stroming draait het niet zozeer om vernieuwing, dan wel om het neerzetten van een glossy, herkenbare variant van een klassiek rockgenre, met de klemtoon op de grote emoties. ‘Pseudo-authenticiteit’, zeg maar, in navolging van de in zwang zijnde term ‘alternatieve feiten’.

Aan emo geen gebrek in de AB. JJ krijste als een door hartzeer verteerde soulman en schipperde vaardig tussen oprecht verlangen en kleverige schmalz. Zijn band speelde strak en stuurs, met het oog op nakende wereldroem. De duivel krijgt altijd gelijk.

Gezien op 25 januari in de AB, Brussel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234