Woensdag 27/01/2021

Juridisch gevecht om symboolfoto Haïti

De foto van een bestofte vrouw die na de Haïtiaanse aardbeving van 12 januari in Port-au-Prince van onder het puin probeert te kruipen ging de dagen nadien de wereld rond. Vandaag is het emblematische beeld de inzet van een juridische copyrightstrijd. De Haïtiaanse fotograaf Daniel Morel beschuldigt het persagentschap Agence France Presse (AFP) de foto ‘gestolen’ te hebben via TwitPic, het sociale beeldmedium van Twitter.

Haïtiaanse fotograaf vervolgt Frans persbureau voor diefstal van foto die hij via TwitPic verspreidde

AFP vervolgt de fotograaf wegens ‘valse en smadelijke verklaringen’. Op de achtergrond speelt het debat over beeldrechten op sociale media, maar ook rijst de vraag of het afgebeelde slachtoffer portretrecht krijgt.

Op 12 januari, om 16.54 uur, beefde de aarde van Port-au-Prince onder de voeten van Daniel Morel (59). De Haïtiaanse nieuwsfotograaf overleefde de schok die aan meer dan 230.000 mensen het leven kostte. Meteen greep hij naar zijn camera, een reflex die hem eigen werd na meer dan 25 jaar ervaring voor internationale media. Zijn eerste foto’s probeerde hij zo snel mogelijk naar de buitenwereld te sturen.

Omdat de telecommunicatie door de aardschok grotendeels uitgeschakeld werd kwam hij terecht op een zeldzame plek waar het internet via een satellietverbinding nog werkte: het Hotel Olofsson, dat de aardbeving had doorstaan. Te midden van de aardschokken hielp de eigenaar hem om rond 17.20 uur op de laptop van zijn dochter een Twitpic-account te openen, die hij ‘PhotoMorel’ noemde, en waarop meteen dertien foto’s van de aardbeving werden geüpload. Daaronder bevond zich de emblematische foto van de bestofte vrouw.

Nog geen acht minuten later herverdeelde een zekere Lisandro Suero, een inwoner van de naburige Dominicaanse Republiek, de beelden via zijn TwitPic-account met de mededeling dat hij ‘exclusieve’ aardbevingsbeelden had. Omstreeks 21.45 uur kopieerde het Franse persagentschap Agence France Presse (AFP) de foto’s van Suero’s account en begon ze aan zijn klanten aan te bieden met Suero als fotograaf. In de tussentijd hadden de krant Wall Street Journal, NBC News en andere media wel rechtstreeks contact genomen met Morel en onderhandeld over een eerlijke aankoop.

Het beeld van de bestofte vrouw verscheen op 13 januari in verschillende Amerikaanse media. Daags nadien prijkte de foto op de voorpagina’s van talrijke Europese kranten waaronder De Morgen (dat de foto kreeg via een ander persagentschap, Photonews). Maar heel wat kranten schreven de foto, via AFP, verkeerdelijk toe aan Lisandro Suero.

Toen Morel realiseerde dat deze foto’s verdeeld waren zonder zijn toestemming schakelde hij, woonachtig in New York, het Amerikaanse advocatenkantoor Hoffman in. Zij stuurden prompt een claim aan AFP en Getty om de rechten van de fotograaf op te eisen. AFP antwoordde op 26 maart met grof geschut: een rechtszaak voor een federale districtsrechtbank in Manhattan. Daarin vraagt AFP de rechtbank te oordelen dat het de eigendomsrechten niet schond, dat Morel ‘valse en smadelijke verklaringen’ over AFP aflegt en eist een schadevergoeding en de terugbetaling van de juridische kosten.

Daarop volgde op 21 april een tegeneis van Morel, waarin een tiental overtredingen van het copyright worden ingeroepen tegen AFP, maar ook tegen Getty, CNN, CBS en andere media die de beelden zonder zijn toelating of vergoeding verspreidden.

In de aankomende rechtszaak, wellicht al in juni, zal de vraag centraal staan of je door het plaatsen van foto’s via Twitter en TwitPic anderen automatisch een ‘niet-exclusieve licentie’ geeft om ze te verspreiden. Ondanks Twitterberichten die bewijzen dat AFP na de aardbeving Morel probeerde te contacteren zegt AFP de betwiste foto’s ‘rechtenvrij’ te hebben gedownload bij gebruiker Lisandro Suero. AFP verwijst naar Twitters gebruiksvoorwaarden, waarin gebruikers een licentie zouden afgeven op het verder verspreiden van gepost materiaal. Twitteraars zijn immers van plan om hun beelden beschikbaar te maken voor het publiek. De fotograaf voert daartegen in dat hij de beelden verspreidde via Twitters zusterwebsite TwitPic en in hun gebruiksvoorwaarden staat duidelijk dat de geposte beelden eigendom blijven van de auteur.

Morel registreerde de beelden ondertussen bij het US Copyright Office, dat ongeoorloofde verspreiding beboet met een boete van 150.000 dollar per inbreuk.

‘Mooie testcase’

Hoogleraar mediarecht Dirk Voorhoof (UGent) noemt de zaak “een mooie testcase” voor het gebruik van beelden op sociale media. “Het internationale rechtsprincipe is duidelijk”, zegt hij in een reactie aan De Morgen. “Als je als auteur je rechten niet afstaat of overdraagt, behoud je ze. Ook als er een publiek belang is”, zoals de snelle verspreiding van nieuws of beelden.

Wie dusver in deze rechtsgang ontbreekt is de afgebeelde vrouw zelf. Nochtans hebben ook gefotografeerde slachtoffers ‘portretrecht’. Voorhoof: “In principe moet de fotograaf aan de afgebeelde altijd toestemming vragen voor de verspreiding van de beelden. Is het een publiek persoon of gaat het om een actuele gebeurtenis, zoals iemand die vooraan loopt in een betoging, dan is de toestemming in principe niet nodig. Maar er zijn uitzonderingen: de beelden mogen niet schadelijk zijn voor de betrokkene en ook beelden van minderjarigen zijn niet zomaar toegestaan. In deze situatie gaat het om een slachtoffer van een ramp, die er niet was uit vrije wil. In theorie kan ook zij dus haar rechten in deze zaak claimen.”

(MR)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234