Woensdag 11/12/2019

'Journalistiek vreet je helemaal op'

Als getroffen door een bliksemschicht verdween hij van het scherm. 'Plots kon ik niets meer', zegt Chris Van den Abeele (48). 'Met depressies had ik ervaring, maar dit was van een compleet andere orde.' Drie maanden later is hij terug. Op Radio 1, na het avondrood.

Opeens was hij daar weer, Chris Van den Abeele. "Ik ben enkele maanden buiten strijd geweest", vertelde hij vorige week in Nieuwe feiten, het Radio 1-programma waarin hij zijn comeback maakte. "Maar goed, de dokters en de pillen deden hun werk. En de bazen hielpen ook. Fijn bedrijf, de VRT."

Terug naar eind vorig jaar, om dat te begrijpen. Naar een donkere winteravond in het Antwerpse Merksem, meer bepaald. Uitgeput verstuurt Van den Abeele een mail, met de zes hoofdredacteurs van de VRT-nieuwsdienst als geadresseerden. En rust als onderwerp: "Het seizoen van De zevende dag telt nog twintig afleveringen", schrijft Van den Abeele. "Ik ga die nog allemaal zo goed mogelijk afwerken, maar vanaf september moeten jullie voor mij iets anders zoeken. Het gaat niet meer. Echt niet. Ik voel dat ik het niet meer aan kan.'

"Het was op", blikt Van den Abeele terug. Door het venster van een opgeruimde uitspanning draait het Brusselse verkeer dol. Op tafel staat een caesar salad bol van verwachting. "Mijn batterijen waren helemaal leeg. Toen ik die mail eindelijk verstuurd had, voelde ik me opgelucht. Het gaf mij zuurstof." Na een paar weken gaat het opnieuw bergaf. Steil. Veelzeggend detail: Van den Abeeles dochter prikt een kalender tegen de muur. Om af te tellen richting seizoenseinde van De zevende dag.

Verder dan zondag 5 februari komt ze niet. In volle uitzending slaat plotsklaps de leegte toe. "Kunstschaatser Kevin Van Der Perren kwam langs in de studio. Tot in de puntjes had ik het interview voorbereid. Maar op het moment dat de camera's begonnen te draaien, wist ik opeens niet meer wie hij was. Ik was met verstomming geslagen. Gelukkig heeft Ivan (De Vadder, LDW) snel overgenomen en heeft bijna niemand mijn black-out opgemerkt. Maar dat had ik echt nog nooit meegemaakt."

Hier komen accidenten van, denkt Van den Abeele. "Ik moest naar de dokter." Als getroffen door een bliksemschicht verdwijnt hij van het scherm. En van de opinie-etalage Twitter, alwaar hij zich de voorbije jaren tot een van de actiefste en invloedrijkste journalisten heeft ontpopt. "Plots kon ik niets meer. Zelfs een gewoon krantenartikel lezen lukte mij niet."

"Het is simpelweg onmogelijk om uit te leggen wat je voelt wanneer je zwaar depressief bent. Mission impossible. Het is een state of mind, iets wat je wezen honderd procent beïnvloedt, maar tegelijk ook verlamt. Het is onmogelijk om ontspanning of rust te vinden, leven doet gewoon pijn." (Chris Van den Abeele in Zelfmoord in Vlaanderen - Feiten en getuigenissen over verdriet, schuld en schaamte, het boek van VRT-journalist Bart Schols uit 2011)

Van den Abeele: "Na die uitzending van De zevende dag ben ik volledig gecrasht. Ik voelde ik mij leeg en slecht en ik deed niets. Maar tegelijk was ik lichamelijk wel nog in staat om bijvoorbeeld te fietsen. Paniek, man. Zeker toen ook de neurologische testen niets abnormaals toonden. Als het al een burn-out was, dan dus wel een atypische. Vooral het feit dat ik alle controle verloor, vond ik vernederend. Ik vond mezelf een loser. Als ze mij nu vragen wat ik in de periode tussen februari en april dit jaar heb gedaan, kan ik alleen maar 'niets' antwoorden. Helemaal niets. Uren heb ik naar mijn goudvissen zitten kijken, zonder mij te vervelen. Ik kon gewoon niets doen, en had ook nergens zin in.

"Dit was volstrekt nieuw terrein, van een totaal andere orde dan de drie depressies die ik heb gehad. Sinds 1998 neem ik medicijnen, en vanaf dat moment heb ik geen depressies meer gekend. Maar juist omdat ik de signalen ditmaal niet herkende, was mijn crash zo moeilijk om te aanvaarden. In het begin dacht ik dat ik na een week platte rust wel opnieuw zou kunnen gaan werken. Maar dat lukte dus niet. Integendeel, mijn situatie ging alleen maar achteruit. Pas toen mijn psychiater mij verplichtte om minstens twee maanden thuis te blijven, kon ik het loslaten en is er een soort rust over mij neergedaald. Toen kon ik beginnen te reflecteren. Over hoe ik mezelf en mijn eigen capaciteiten de voorbije jaren gigantisch overschat heb."

"Dat gaat zo als werkende mens. Als je jezelf te hard voorbij loopt, kom je jezelf automatisch weer tegen. En dan is het lelijk verschieten." (Chris Van den Abeele in Nieuwe feiten, dinsdag 8 mei)

Van den Abeele: "Ik deed mijn job ontzettend graag, was ongelooflijk gemotiveerd en kreeg vaak complimenten voor het werk dat ik afleverde. Die combinatie van elementen schakelde ongemerkt alle vermoeidheid uit, en werkte zeer verslavend. Jarenlang leefde ik op een wolk van adrenaline en passie, en verloor ik alle zin voor zelfkritiek. Ik leefde aan een waanzinnig tempo, maar stelde mij daar zelf geen vragen bij.

"Op zondag bijvoorbeeld repeteerden wij vanaf negen uur, want om elf uur begon De zevende dag al. Na de uitzending at en dronk ik nog wat in de foyer, ging ik naar huis en sliep ik een uur of twee. Maar tegen vijf uur ging de computer gegarandeerd opnieuw aan. Ha ja, ik moest maar eens een telex missen. Op een bepaald moment kon ik 's avonds zelfs niet meer in slaap geraken zonder voldoende te zuipen. Zonder alcohol kreeg ik mijn brein niet tot rust. Maar elke maandag moest ik wel om vier uur 's ochtends op de redactie zijn, om voor Radio 1 De ochtend te maken. Op den duur schoot mijn brein alle kanten uit, en was ik alle psychische hygiëne kwijt. En in de vakantie wou ik dan per se nog 27 boeken lezen, en een hoop dvd's bekijken. Totaal fout, natuurlijk.

"Nochtans ken ik mijn lichaam door en door. Ik ben al aan zestien marathons begonnen en ik heb ze allemaal uitgelopen. Juist omdat ik verdomd goed weet hoe ik mijn krachten moet doseren. Mijn fysieke benzinetank regelen: ik vind dat zalig. Maar wat ik dus niet wist, is dat je brein net als je lijf leeg kan lopen. Daar had ik nooit bij stilgestaan."

"Hij had graag een eind gemaakt aan zijn carrière; de gedachte werd steeds sterker, steeds verleidelijker; en wanneer hij nou eens simpelweg niet meer naar de training ging? Wanneer hij de technisch directeur zei, verscheur mijn contract maar, tabee, ik hou op met voetballen? De problemen begonnen wanneer hij doordacht. Wat zou hij daarna doen?" (uit Robert Enke - een al te kort leven. Ronald Reng, 2011)

Van den Abeele: "Ik besefte wel dat ik ongezond leefde, maar ik dacht dat het de prijs was die ik moest betalen voor de superjob die ik had. Een eigen rubriek in De zevende dag, de eindredactie van een belangrijk radioprogramma als De ochtend: ik had het gevoel dat ik zwaar woog, dat ik meetelde. De VRT kan ik dus niets verwijten, niemand heeft van mij iets geëist. Ik heb het mezelf aangedaan. Ik ben ongelooflijk dom en hoogmoedig geweest.

"Kijk, journalistiek is een ongelooflijk boeiende job, maar het vreet je helemaal op. Keer op keer moet je fysiek en psychisch enorm investeren in een verhaal, om het dan plots los te laten en van nul opnieuw te beginnen. Dat heeft mij langzaamaan compleet kapot gemaakt. Om één concreet voorbeeld te geven: voor Terzake heb ik jaren geleden eens een reportage gemaakt over de elektronische enkelband. Na lang zoeken had ik in Oostende een ex-gedetineerde gevonden die op tv wou getuigen. Ik ben dus zeker vijftien keer met de trein naar Oostende gegaan om met die man te babbelen en een soort vertrouwensrelatie op te bouwen. Dat doe je nu eenmaal als journalist. Tot zijn getuigenis effectief werd uitgezonden en ik die man los moest laten. Voor mij was het een opdracht als een andere, maar in zijn geest was ik intussen een echte vriend geworden. Weken na de uitzending kreeg ik zelfs een brief van zeven pagina's lang. "Help mij, jij bent mijn enige steun en toeverlaat", schreef hij. Daar sta je dan met je journalistenkaart. Ik had echt moeite om op die brief te reageren, want ik had dat verhaal al lang achter mij gelaten. Maar juist daardoor walgde ik van mezelf. Eerst investeer ik in die man en zijn verhaal, maar dan trek ik er mijn handen van af. Verschrikkelijk vies vond ik dat. Maar je werkt voltijds en dus kun je moeilijk na elk verhaal drie dagen in de bossen gaan afkicken."

"Aan elk die de afgelopen maanden met een lieve boodschap mee het verschil hielp maken tussen ziek en gezond: fantastisch bedankt!" (@abeelec, 23 april 2012)

Genoeg donkerte. Tijd voor de toekomst. Voor een tweet dus ook. Drie maanden na de crash is Van den Abeele terug. Niet op tv, wel in de ether. Niet meer als kritische sportjournalist, wel als beschouwende radiostem. Met een eigen dagboek in Nieuwe feiten, en vanaf volgende week een vaste stek als nieuwslezer op Radio 1. Niet overdag, wel 's avonds en 's nachts.

'Demotie' noemt hij het zelf. "De W-O-W van waardig ouder worden hebben we gehad. Nu is het tijd voor de W-O-W van waardig ouder werken. Ben je het hollen moe, dan krijg je een andere functie. Kun je weer stappen in plaats van hollen. Geen promotie, maar demotie. Minder macht, minder invloed, minder prestige. Maar stukken aangenamer als je erin slaagt je ijdelheid en je ego in bedwang te houden."

Geen loze woorden. En vooral: geen alleenstaand geval. "Volgens mij moet de maatschappij zich veel meer vragen stellen over wat al dat werken eigenlijk met ons brein doet. Ik beschouw het als een van de grootste uitdagingen voor de komende jaren. Als ik zie in welke ongelooflijke mallemolen van prikkels mijn kinderen leven: die houden dat onmogelijk vijftig jaar vol. Het houdt nooit op. Tenzij je ziek wordt."

Ziek is Van den Abeele geweest. Is geweest. Gezond is hij nu. Opgelucht ook. Gelouterd vooral. "Eerlijk gezegd ben ik blij dat ik dit heb meegemaakt. Er is mij een soort geluksgevoel overvallen dat ik heel lang kwijt ben geweest. Ik heb een heel fijne job, maar hoef er mezelf niet in te verliezen. Een aantrekkelijk perspectief voor de rest van mijn carrière."

De kans dat hij hervalt, noemt hij niettemin bestaande. "Maar ik ga alleszins nooit meer zo hard werken als de voorbije drie jaar", voegt hij er meteen aan toe. "En als ik toch zo dom ben, zou ik echt kwaad worden op mezelf."

Hij heeft hij er dan ook zin in. Vind het zelfs boeiend, zo'n omscholing. "Vooral omdat ik eigenlijk altijd van radio heb gedroomd. Als jong manneke dweepte ik met Jan Wauters, en zat ik in mijn kamer urenlang naar de BBC World Service te luisteren. Radio maken voor de slapelozen: ik vind dat wel een romantische gedachte. Het past ook bij mijn karakter. Ik zie mij als een soort libero, die pas in actie komt wanneer de rest is uitgespeeld."

Het glas is leeg, het bord bijna. Maar de tank, neen, die is vol. "Ik meen het jong: voortaan doe ik het rustiger aan. Ik heb vanaf nu tijd zat om met mijn zoon naar het voetbal te gaan kijken. Afgelopen weekend zijn we nog samen naar een match van Chelsea geweest: heel tof. Voor al die dingen heb ik nu eindelijk tijd. En om te fietsen, natuurlijk. Man, zo'n verslavende sport."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234