Zondag 16/02/2020

Journalist Tim Butcher reist in spoor van Stanley de Congorivier af en treft een land op zijn retour aan

Congo gunt je geen enkel moment rust

Velen vonden het plan van Tim Butcher 'onverantwoord', 'onmogelijk', 'absurd' en 'onnodig'. In de zomer van 2004 reisde de jonge Daily Telegraph-journalist naar Congo. Net als Henry Morton Stanley wou hij de Congorivier afreizen, 4.700 kilometer lang. Hoe dichter hij bij het einddoel kwam, hoe meer Butcher merkte dat hij eigenlijk niets gemeen heeft met de oude Stanley. 'De tocht van Stanley was één van de grootste gemiste kansen uit de moderne geschiedenis'.

Stanley had bijna drie jaar nodig gehad om met zijn karavaan van 356 man door te stoten tot de bron aan de Atlantische Oceaan. Doorstoten is geen ongepast woord: tijdens de expeditie stierven 242 helpers en werden nog veel meer Congolezen doodgeschoten. Bijna 130 jaar na Stanley wou Butcher deze reis ook maken. Het feit dat Stanley destijds ook voor de Daily Telegraph werkte, was voor Butcher een fijn detail waarmee hij zijn hoofdredacteur kon paaien. Verder werd Butcher tot de Congorivier aangetrokken omdat zijn moeder er in de jaren vijftig nog een cruise had gedaan, maar dat was in heel verschillende omstandigheden. Voor blanken was de Belgische kolonie toen een aangenaam oord waar je met redelijke comfortabele rivierboten een fijne avonturenreis kon maken. "Dat was nou net de clou", schrijft Butcher hierover. "Een halve eeuw geleden was er niets ongewoons aan Congo. Het oogde absoluut niet als een gevaarlijke plek, maar als een toegankelijk stukje Afrikaans territorium." Butcher vatte zijn tocht aan in een heel ander tijdssegment. Sinds zijn moeder als een Lonely Planet-girl avant la lettre door het land had gereisd, had Congo meerdere revoluties en oorlogen meegemaakt: de onafhankelijkheid van België, de bloedige Mulele Mai-rebellie, de staatsgreep van Mobutu gevolgd door een kwarteeuw wanstaltige kleptocratie die uiteindelijk zou eindigen in twee oorlogen die het leven kostten aan meer dan 5 miljoen mensen.

Een veilig onderkomen

Wanneer Butcher in augustus 2004 achter op een motor de stad vanuit Kalemie aan de eerste etappe van zijn reis begint, is de tweede Congolese oorlog net een jaar afgelopen. Maar grote delen van het land staan nog onder controle van rebellenbewegingen, losgeslagen fracties en ander gewapend tuig. Op dat moment zou de lezer nog kunnen denken dat Butcher niet meer is dan een roekeloze avonturier. Zo'n journalist die te midden van een dramatische situatie vooral over zichzelf praat en uiteindelijk weinig interessants te vertellen heeft over het land waarin hij is terechtgekomen. Maar al snel maakt Butcher duidelijk dat egojournalistiek hem niet interesseert. Ten eerste door duidelijk te maken dat hij helemaal geen reizende held is maar gewoon een journalist die tijdens zijn traject behoorlijk afziet en bang is. "Ik beschouwde het reizen door Congo als een nimmer aflatende opgave. Congo gunde je geen moment rust, ik kon me nooit ontspannen en voelde me nergens veilig of op m'n gemak. Het gevoel van opwinding over het feit dat ik het land had doorkruist, werd overschaduwd door de vraag waar ik nu weer schoon water vandaan moest halen, of voedsel of een veilig onderkomen. Mijn reis vormde een geheel eigen categorie: de reis van het afzien."

Butcher zet in zijn boek een eerlijk beeld neer van Congo. En niet alleen van Congo maar ook van Stanley, de Congolezen, westerlingen en zichzelf. Hij plaatst zich in de traditie van schrijvers als Ryszard Kapuscinski en Lieve Joris. De feiten, meningen en dilemma's van de plaatsen waar hij passeert, laat Butcher het liefst opwerpen door de Congolezen zelf. Zo is er de chef van Mtowa, het dorpje waar Stanley in 1876 voor het eerst voet op Congolese bodem zette. "Jullie blanken komen hier altijd alleen maar om van Congo te profiteren", foetert de chef. "Stanley was de eerste. Toen kwamen de Belgen. Hoe weet ik dat u hier niet bent om van ons te profiteren?" Een zinnetje dat Butcher de hele reis blijft tarten.

Nog een andere reden waarom Butcher met Bloedrivier een bijzonder boek heeft geschreven, is dat hij tijdens zijn reis echt wel gebieden doorkruist waar de jongste jaren amper nog een westerling is gepasseerd. Daardoor ontmoet hij mensen die anders nooit in een boek aan het woord zouden komen. Eén van hen is Muke Nguy, een man die met zijn oude fiets, volgeladen met gele plastic containers palmolie, op weg is van zijn dorpje naar de stad Kalemie; een tocht van zeshonderd kilometer. De palmolie zou hem ongeveer 30 dollar opleveren. Muke Nguy reist zonder water of voedsel en met geen enkele bescherming tegen malaria. "Ik drink als ik bij een beekje kom, en 's avonds eet ik alles wat ik maar in de bush kan vinden. Ik heb mijn matje om op te slapen, maar soms zijn er veel insecten die me 's nachts bijten. Ik heb geen medicijnen voor als ik ziek wordt." Vindingrijk als hij is, heeft Muke Nguy een klimopplantje aan zijn fietsstuur hangen. "Dat komt van een rubberboom. Als ik een lekke band krijg, dan breek ik het plantje open. Er komt een soort lijm uit, die ik kan gebruiken om het gaatje in mijn band te plakken. Dit is het reparatiesetje van het bos."

Gemiste kansen

Hoe bewonderenswaardig de volharding van een man als Muke Nguy ook is, zijn leven zegt veel over de dramatische situatie waarin Congo is terechtgekomen. Het land blijft maar achteruitgaan. "De normale wetten van ontwikkeling zijn hier omgekeerd" schrijft Butcher. "Het zijn de grootvaders die meer van de moderne wereld hebben gezien dan hun kleinkinderen. Ik kan geen enkele plek op aarde bedenken waar dat opgaat." De wijzers van de Congolese klok gaan achteruit in plaats van vooruit. "Ik zag een ziek kind en probeerde me een ander land te bedenken waar baby's die in 2004 werden geboren meer risico lopen dan wanneer ze een halve eeuw eerder op dezelfde plek op de wereld waren gezet. Ik reisde door een land dat meer verleden dan toekomst had; een land waar de klok niet voor-maar achteruit loopt. "

En ook dat is interessant aan Butcher. Hij breekt zijn hoofd over Congo en vraagt zich af hoe het land er terug bovenop kan komen. Zijn vroege voorganger Stanley inspireert hem daarbij, maar niet bepaald als lichtend voorbeeld. Butcher omschrijft de komst van Stanley als "één van de grootste gemiste kansen uit de moderne geschiedenis". "Zijn expeditie had een positief keerpunt kunnen zijn voor Afrika en voor iedereen die hier woonde. Een continent dat compleet van de buitenwereld geïsoleerd was geraakt, had enorm kunnen profiteren als Stanley de positieve aspecten van de moderne wereld - medische kennis, educatie, technologie - met Afrika had gedeeld." Maar Stanley was niet geïnteresseerd in de ontwikkeling van de Congolese bevolking, zegt Butcher. Alles moest wijken voor economisch gewin. "De heersers over Congo - of het nu Leopold II, België, Mobutu of Kabila was - hebben met elkaar gemeen dat ze de economische exploitatie van de bodemrijkdommen veruit lieten primeren boven het belang van de bevolking. Ik hoor de echo's van Stanley en andere blanke avonturiers die in de afgelopen honderddertig jaar naar Congo waren gekomen en in de ban waren geraakt van de economische mogelijkheden van het land. De macht werd gekaapt door groepjes bevoorrechte lieden die in het openbaar verklaarden dat ze zich inspanden voor de belangen van het volk, maar die in feite alleen op zelfverrijking uit waren. De macht over Congo kwam niet terecht bij ervaren, ontwikkelde leiders, maar bij jonge wildemannen die zich met hun ellebogen naar invloedrijke posities manoeuvreerden."

KOEN VIDAL

Een reis naar het gebroken hart van Afrika, Nieuw Amsterdam, 384 p., 22,50 euro.

Tim Butcher zet in zijn boek een eerlijk beeld neer van Congo, maar ziet dat de wijzers van de Congolese klok achteruitgaan in plaats van vooruit

Stanley was niet geïnteresseerd in de Congolese bevolking. Alles moest wijken voor economisch gewin

n Ontdekkingsreiziger en journalist Sir Henry Morton Stanley (1841-1904) in een uitmonstering voor zijn expeditie van 1871.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234