Vrijdag 27/11/2020

InterviewCoronavirus

Journalist David Quammen voorspelde deze pandemie al in 2012

Een slachtoffer van ebola wordt begraven in Beni, Congo. David Quammen: ‘Ebola is dodelijker, maar corona is een betere wereldreiziger.’Beeld AP

‘Hoe meer we ons eco­systeem vernielen, hoe meer virussen vanuit wilde dieren de mens als gastheer gaan uit­kiezen.’ Acht jaar terug al voorspelde weten­schaps­journalist David Quammen (72) een wereldwijde uitbraak van een corona­virus. Nu krijgt hij helaas gelijk.

Zelfs zijn afgelegen stad Bozeman, midden in de Rocky Mountains in de noordelijke Amerikaanse staat Montana, ontsnapt vandaag niet aan strenge voorzorgsmaatregelen tegen het corona­virus SARS-CoV-2 dat de dodelijke luchtwegen­ziekte Covid-19 veroorzaakt. “Onze wekelijkse boekenclub moet vanavond voor het eerst doorgaan via Zoom”, vertelt David Quammen (72), wanneer we hem skypen op de dag dat het Amerikaanse dodental dat van China heeft bijgehaald. En dit is nog maar het begin, vreest hij, nu voorspellingen de ronde doen dat wel 100.000 à 200.000 Amerikanen kunnen sterven.

De wetenschaps­journalist van National Geographic had nochtans acht jaar geleden al gewaarschuwd voor een darwinistische pandemie als deze, waarbij dodelijke corona­virussen de evolutionaire sprong maken van dier op mens, in zijn boek Spillover: Animal Infections and the Next Human Pandemic.

Wat dacht u toen u hoorde dat het corona­virus SARS-CoV-2 een pandemie werd. ‘Ik had jullie gewaarschuwd?’

David Quammen: “Ik ben bang van wel. Al meer dan tien jaar geleden sprak ik voor mijn boek weten­schappers die zagen aankomen wat we vandaag meemaken. Samengevat was hun verhaal: ja, er komen wereldwijde pandemieën. Ze kunnen veroorzaakt worden door een corona­virus uit een wild dier, zoals een vleermuis, dat de sprong zal maken naar mensen. Het zal wellicht gebeuren op of rond een wilde­dieren­markt in China.

“Ik schreef dat allemaal in mijn boek, en hier staan we nu. Ik ben niet verrast, ik ben enkel verbaasd hoe onvoorbereid de wereld is.”

Legde u ook in december al het verband met een mogelijke ‘overloop’ van zo’n zoönotisch virus naar de mens toen sprake was van een uitbraak in de Chinese stad Wuhan?

“O ja, zodra ik hoorde dat een groep mensen ziek was geworden op een voedselmarkt met levende dieren in Wuhan, zei ik: ‘O nee, dat lijkt een virale uitbraak van een corona­virus.’

“Wat we over dat begin sindsdien leerden, is dat de meeste van de 41 gehospitaliseerde patiënten vooral verband hielden met deze wet market, maar niet allemaal. Er waren minstens 14 patiënten die géén connectie hadden met deze markt. De eerste vertoonde al symptomen op 1 december. Dit kan ook betekenen dat het virus al in november werd overgedragen elders in de stad Wuhan.”

Gelijkaardige corona­virussen werden in 2005 in een grot ontdekt in vleermuizen, door Chinese wetenschappers. In 2017 waarschuwde één van hen, Shi Zhengli van het Wuhan Instituut voor Virologie, dat deze SARS-virussen in staat waren pandemieën te veroorzaken onder mensen. Hoort dit corona­virus SARS-CoV-2 daarbij?

“Het komt zo goed als zeker uit een of andere vleermuizengrot, maar niet noodzakelijk uit diegene die Shi toen onderzocht. Hun onderzoek is wel erg degelijk. Ze doen dit al twintig jaar. Ze vangen de vleermuizen en nemen bloedstalen in een poging overdraagbare virussen tijdig te identificeren. In 2017 ontleedden ze uit een grot in de provincie Yunan een corona­virus waarvan nu blijkt dat het 96 procent, bijna exact hetzelfde, is als het huidige virus.

“Betekent dit dat het virus uit Wuhan komt? Nee, het is waarschijnlijk dat het recentste virus al een tijdje breed circuleert in de hoefijzer­vleermuizen uit het zuiden van China. Het kan afkomstig zijn van een vleermuis uit een grot dichter bij Wuhan, die door iemand gevangen werd en naar de stad gebracht. Ofwel besmetten de vleermuizen via uitwerpselen of urine eerst een ander lokaal dier zoals een schubdier of civet­kat, en verspreidde het virus zich zo.”

De mensen die in de buurt van vleer­muizen­grotten wonen zijn doorgaans niet ziek omdat zij of hun voorouders anti­lichamen kweekten tegen deze SARS-virussen. Moet de wetenschap zich op hen richten om vaccins te vinden, of op de vleermuizen zelf?

“Beide pistes zijn zeer relevant. Er is nood aan meer wetenschappelijk onderzoek naar beide. Dr. Shi zelf merkte al op dat je niet naar een levende­dieren­markt in Wuhan moet gaan om het virus op te lopen. Mensen die in de omgeving van de vleer­muizen­grotten wonen, werden er al aan blootgesteld.

“Het is belangrijk dat men daar nu ter plaatse de gezondheid van die mensen onderzoekt, om te kijken of zij al uitbraken hebben gehad van dit virus, of ze misschien al gedurende honderden jaren hieraan blootgesteld zijn. Mogelijk stierven de zwakkeren daar al lang geleden en bouwden de overlevers immuniteit op.”

David Quammen: ‘America First? De VS staan straks inderdaad eerste, op de lijst van Covid-19-doden. Dat is wat je krijgt als je denkt dat je muren rond je land kunt bouwen.’Beeld NYT / ROBERT CAPLIN

‘Roofdieren vreten hun prooien van buiten aan, pathogenen van binnen­uit’, schreef u over deze onzichtbare corona­virussen. Kunnen ze zich in de mens nog muteren om nog sterker en dodelijker te worden?

“SARS-CoV-2 is nu inderdaad een menselijk virus geworden. Als corona­virus heeft het de mogelijkheid om nog voort te evolueren – het muteert terwijl het zich repliceert. Het genoom lijkt momenteel niet veel te veranderen, maar dat is logisch. Het virus heeft dit nu niet nodig. Het heeft een groot evolutionair succes bereikt zoals het nu is.

“De vrees bestaat dat het virulenter en dodelijker kan worden, maar voor zo’n virus is dat niet noodzakelijk een voordeel. Als het mensen te snel doodt, bestaat namelijk het risico dat het zichzelf uitdooft voor het zich kan voortzetten. Als het zich kan repliceren wanneer gezonde mensen het wandelend doorgeven, is dat voor dit virus een succes. Het lijkt daarom meer aannemelijk dat het zich in de toekomst omvormt tot een minder gevaarlijk virus, zoals de seizoensgriep, een verkoudheid of iets wordt als het mazelen­virus, dat enkel dodelijk is voor wie er niet is tegen gevaccineerd.”

Is dat de reden waarom sommige politici eerst ‘groeps­immuniteit’ propageerden?

“Ja, ze interpreteerden deze herd immunity fout. Ze hadden blijkbaar het vage idee dat er een natuurlijke groeps­immuniteit zou ontstaan en het virus zelf zou verzwakken wanneer je een groot deel van de bevolking infecteert. Waar ze niet bij stilstonden, is dat je dan echt wel énorm veel méér dodelijke slachtoffers krijgt. Zelfs VS-president Donald Trump of Brits premier Boris Johnson beseffen nu dat er ons veel ellende en dood te wachten staat vooraleer de mens een vaccin of immuniteit zal hebben tegen dit virus.”

Er is een belangrijk precedent om te zien hoe­lang een virus kan woekeren: hiv, waarover u schreef dat het al begin 20ste eeuw opdook. Welke les kunnen we daaruit leren om dit soort pandemieën te bestrijden?

“Hiv toonde ons al de verschrikkelijke gevolgen van één kleine spill­over van een dier naar een mens. Er is nu schitterende moleculaire biologie die bewijst dat de hiv-pandemie al in 1908 van één chimpansee oversprong op de mens in het zuid­oosten van Kameroen. Er zijn minstens twaalf van deze over­lopen van hiv van dier op mens geweest, maar de pandemische variant was deze Kameroense HIV-1-M. Hij infecteerde al 70 miljoen mensen wereldwijd en doodde 33 miljoen onder hen. Dat kan dus één kleine virus­overdracht van dier op mens aanrichten – ook als het zich zoals hiv eigenlijk traag verplaatst, via bloed of seksueel contact, en geen respiratoir virus is zoals dit SARS-CoV-2. Nu ben ik soms geneigd te zeggen: dit corona­virus wordt de succesvolste overloop van dier op mens, maar nee, HIV-1-M krijgt nog die bedenkelijke eer. Toch spelen ze wat mij betreft nu al op hetzelfde niveau.”

U onderzocht nog dodelijker virussen zoals ebola, hendra of nipah. Zij doodden in één geo­grafisch gebied, maar dit raast als een veenbrand over de wereld. Wat is het verschil?

“Een virus als ebola verspreidt zich niet zo makkelijk als men soms denkt. Je moet al in contact komen met lichaams­sappen van een patiënt voor je besmet kunt worden. Daarom hadden we in 2014 geluk dat de West-Afrikaanse ebola-epidemie zich niet over de wereld kon verspreiden. De slachtoffers in Liberia, Sierra Leone en Guinée leden verschrikkelijk, maar er waren heel weinig patiënten die nog met een vliegtuig konden vertrekken. Ebola maakt mensen te snel dodelijk ziek, zodat ze niet meer kunnen reizen. Een corona­virus is als ademhalings­virus wel ‘een goeie reiziger’.”

Een man in beschermende kledij voert controles uit bij de heropening van een markt in Wuhan, waar het corona­virus enkele maanden geleden uitbrak.Beeld AFP

Al deze virussen hebben wel één ding gemeen: ze lagen diep in de natuur verborgen tot de mens zich aanbood als een aanlokkelijke alternatieve gastheer?

“Inderdaad. We zien meer virussen uit wilde dieren in mensen terechtkomen en zich verspreiden. Mensen hebben natuurlijk altijd in contact gestaan met wilde dieren en er zijn ook altijd al virale of bacteriologische pandemieën geweest. Denk aan de pest in de veertiende eeuw, de pest van Athene die Thucydides beschreef, enzovoort. Het grote verschil met toen is onze demografie vandaag.

“We zijn nu al met 7,7 miljard mensen. We consumeren en verstoren de natuurlijke wereld op velerlei wijzen. De slachtoffer­aantallen groeien ook sneller dan een eeuw geleden. Toen de vreselijke Spaanse griep in 1918 vijftig miljoen mensenlevens eiste, leefden er op aarde nog maar 2 miljard mensen. De bevolking is sindsdien verviervoudigd en onze impact op de natuur evenredig. Wij reizen sneller, de virussen dus ook. Eén virus kan nu in één etmaal van Wuhan naar Amsterdam en New York vliegen, en zich onderweg in vele gastheren vermenigvuldigen.

“De kern is: hoe meer we ons eco­systeem vernielen, hoe meer virussen uit wilde dieren de mens als gastheer gaan uitkiezen. Denk aan tropische regenwouden waar houthakkers en mijn­bouwers kampen maken. Als er daar een bedreigde vleermuissoort zit, vernielen de mensen haar habitat of eten die dieren op, of beide. We geven hun virussen zo meteen een opportuniteit om in ons als gastheer een groter evolutionair succes te bereiken. Dat gebeurt steeds meer.”

Is de Braziliaanse president Jair Bolsonaro daarom zo weigerachtig om het gevaar van dit virus te erkennen, omdat ook hij anders de gevaarlijke neven­effecten van zijn ongebreidelde houtkap zou moeten erkennen?

“De houtkap in de Amazone ligt al decennia onder vuur, maar ja, onder Bolsonaro neemt het een hoge vlucht. De inwoners daar weten dat virussen sneller verspreid raken als de vernieling van het regenwoud wordt opgevoerd. Het is daarom niet alleen politiek maar ook moreel verkeerd van hem om dit virus te minimaliseren.

“Tegelijk: de wetenschap breekt er zich nog steeds het hoofd over waarom er niet meer virussen uit het Latijns-Amerikaanse regenwoud op de mens zijn overgeslagen. Er was het beruchte Machupo-virus in Bolivia, in 1961, maar ze zijn niet zo berucht als de Afrikaanse of Aziatische.”

Zien we zelfs in Europa en de VS een toename van woudziektes omdat er minder bos is?

“Zeker. Een voorbeeld is de ziekte van Lyme. De bacterie die de ziekte veroorzaakt, gedijt beter in typische gastheren als wittestaart­herten, teken of wittevoet­muizen in gefragmenteerde bossen of stukjes bos dan in intacte wouden. De reden? Zij kunnen nu sneller evolueren omdat de kleinere roofdieren de overloopcyclus niet meer kunnen afremmen, door de muizen op te eten bijvoorbeeld. Roofvogels zoals uilen en haviken, wezels, vossen en andere verdwijnen als het intacte woud wordt aangetast, waardoor de muizen vrij spel krijgen.”

Kan de huidige klimaatverandering pre­histo­rische virussen wakker maken, in dooiende gletsjers of de permafrost?

“Dit verhaal duikt op omdat de Spaanse griep van 1918 aangetroffen werd – en ontwaakte – in stoffelijke overschotten die vrijkwamen door het smelten van de permafrost in Alaska. Toch vind ik niet dat we ons nu zorgen moeten maken over virussen die leefden in primaten of mammoeten duizenden jaren geleden, net omdat er al zoveel levende virussen zijn die we verstoren en waarover we nu al ongerust moeten zijn. Klimaat­verandering is vreselijk, maar niet de schuldige die virussen uit oude wouden wakker zal schudden. Dat doet de mens, hier en nu.”

Wat is de toekomst voor de mensheid als we de biodiversiteit in het huidige tempo vernielen. Komen er nog nieuwe virussen?

“De toekomst van de mens is dat we op een planeet gaan leven die steeds vervelender, eenzamer en lelijker wordt als we de wonderen en de pracht van de biodiversiteit blijven vernielen. En we zullen niet enkel op het vlak van klimaat, droogtes, stormen en stijgende zeeniveaus op een minder leefbare planeet vertoeven, maar ook op het vlak van volksgezondheid, omdat we méér van deze viruspandemieën zullen krijgen die wereldwijd woekeren. Wat we nu meemaken, is een sombere en beangstigende projectie van wat we zullen beleven als we voortdoen zoals we bezig zijn. Mogelijk brengt deze pandemie ons tot inzicht en zullen we ons gedrag aanpassen. Tot dusver is dat het enige positieve dat uit deze crisis kan voortkomen.”

‘Deze ziektes kunnen nooit uitgeroeid worden, maar wel gecontroleerd’, schrijft u. Hoe voor­komen we dat de volgende overloop weer een pandemie wordt?

“Er zullen overlopen zijn zolang de mens contact zoekt met wilde dieren. Voor één spill­over is er slechts één dier en één mens nodig; voor een uitbraak enkele mensen, voor een epidemie een land en voor een pandemie de wereld. We moeten voorkomen dat de ene fase overgaat in de andere. Zo moeten we erover denken. De gevaren van een overloop kunnen we al aanzienlijk verkleinen door de handel in wilde dieren als voedselbron te sluiten – al moeten we dan wel zorgen dat de lokale bevolking haar proteïnen elders kan halen dan uit bush­meat.

“We kunnen voorkomen dat een spillover een uitbraak wordt door in die risicogebieden testmateriaal te voorzien en opleidingen voor zorgpersoneel. Om te voorkomen dat een uitbraak uitgroeit tot een epidemie of pandemie, moeten we op grotere schaal waken en detecteren door nieuwe testkits te ontwikkelen.

“De communicatie moet ook beter. Wetenschappers overleggen met elkaar wereldwijd over virussen, maar de communicatie tussen regeringen over deze problematiek is gewoon vreselijk, tot op vandaag.”

Uw land, de VS, was altijd een voorloper in de preventie van virus­uitbraken. Nu worden jullie het zwaarst getroffen. Hoe voelt u zich daarbij?

“Dit is een hele trieste omkering van Donald Trumps ‘America First’. Hij zei: ik ga jullie Amerikanen voorrang geven op de rest van de wereld. Straks staan we inderdaad eerste, op de lijst van doden door Covid-19. Dát is America First in 2020. Dit is wat de Amerikanen krijgen als je denkt dat je muren rond je land kunt bouwen. Dodelijke virussen stoppen niet voor muren aan de grens.

“Je moet het tegenovergestelde doen. Je moet verbonden zijn met de andere leden van de wereld­gemeenschap, informatie delen over volksgezondheid en elkaar hulpmiddelen sturen als er ergens een epidemie uitbreekt. Nu hebben we dat veel te weinig gedaan. Het doet me pijn aan het hart dat we niet meteen Amerikaanse specialisten naar Italië stuurden toen duidelijk werd hoe erg het daar wel was. Zo had de hele wereld moeten reageren.

“Zoals een wetenschapper me twee weken terug vertelde: ‘Als een virus opduikt, kent het geen grenzen. Het is onmiddellijk het virus van iedereen.’”

Behalve dat van Afrika, zo lijkt nu wel. Is dat geen blinde vlek waar de pandemie fors wordt onderschat?

“Ja, de verspreiding van SARS-CoV-2 moet er ondergerapporteerd zijn. Ik vraag me al twee maanden af hoe het daar nu écht zit met de verspreiding. Wat zal er gebeuren als dit virus op grote schaal zou uitbreken in bijvoorbeeld Kinshasa, de hoofdstad van Congo? Het zou een ware nachtmerrie worden. Ik vrees daar elke dag voor.”

Kunnen we de volgende pandemie voorkomen en onze open, globale, samenleving terug­krijgen?

“Ik denk het wel, al zullen er een aantal aanpassingen nodig zijn. Denk aan luchthavenbeveiliging. Nu moet je je schoenen en je broeks­riem uittrekken. In een nabije toekomst zullen we mogelijk niet alleen onze lichaams­temperatuur moeten laten meten, maar ook aanvaarden dat ze met een wisser een staaltje nemen uit onze mond en een snelle test doen of je drager bent van een virus. Zo ja, dan zal je niet aan boord mogen en mogelijk naar een hospitaal worden verwezen.

“Is dat een inbreuk op onze persoonlijke vrijheid? In zekere zin wel, ja, maar het beschermt ook je eigen gezondheid en die van de samenleving.”

Intussen moeten we ons behelpen met social distancing, zowel in België als in Montana?

“Ja, ook hier... Het is niet de beste manier, maar we kunnen nu niet anders. Het had nooit zo­ver moeten komen als we in de uitbraakfase dit coronavirus hadden weten in te dijken. Social distancing is een noodgreep, die een effect heeft op onze culturele gebruiken en mensenrechten, zoals persoonlijke vrijheden. Daarom vind ik het belangrijk dat social distancing niet evolueert naar emotional distancing. Het is heel belangrijk om met elkaar verbonden te blijven. Ik zeg daarom nu ook hallo tegen onbekenden op straat, gevolgd door het onvermijdelijke: stay safe.”

Spillover: Animal Infections and the Next Human Pandemic, door David Quammen, verscheen in 2012 en is te verkrijgen bij de betere online­boekhandel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234