Woensdag 23/09/2020

Jonathan Ive

Weinigen hebben ons leven zo veranderd als Jonathan Ive, de huisdesigner van Apple. Van de eerste iMac tot de laatste iPhone, ze zijn allemaal door de Brit ontworpen. Maar 'Jony' laat zich niet zien. Ook niet in de rechtbank, waar Samsung en Apple de degens kruisen. Portret van een genie waar niemand vat op krijgt.

Op de vierde verdieping van het Robert F. Peckham Federal Building in San José, in Courtroom No. 1, zitten op de publieke tribune alle 'gebruikelijke verdachten'. Het zijn de mannen en vrouwen die je bij een gevecht om octrooien tussen twee grote ondernemingen mag verwachten: de patentexperts, de bedrijfsjuristen, rechtenstudenten en journalisten.

Maar rechter Lucy H. Koh ziet deze dagen ook opvallende kostgangers onder haar gehoor. Het zijn designers, artdirectors, stylisten en industriële ontwerpers - kortom, de creatievelingen die onze moderne wereld letterlijk vorm geven. Ze zijn hier voor maar één doel: een glimp opvangen van God.

Jonathan Ive.

Juristen zien in rechtszaal nummer 1 simpelweg Case No. C 11-1846 LHK zich ontrollen, een woordenstrijd over wie eigenlijk de hedendaagse smartphone uitvond en wie het idee daarvoor - zegt de klagende partij - schaamteloos kopieerde. Maar voor de vormgevers biedt Apple Inc. versus Samsung Electronics Co. Ltd een kans om meer te weten te komen over de handel en wandel van de 45-jarige Brit die aan de wieg stond van het fenomenale succes van Apples iPhone en iPad.

Tot dusver hebben ze nog niet veel gehoord. En hoewel er al wat smakelijke details over Apples geheime designproces in de rechtszaal te horen zijn geweest, is er uit the horse's mouth, zoals de Engelsen dat zeggen, nog niets vernomen. 'Jony', zoals Ive intern bij Apple wordt genoemd, laat zich niet zien in San José.

Juristen betwijfelen of de 'senior vice president of industrial design' voor rechter Koh zal verschijnen. Apple zal zijn hoofdontwerper graag uit de wind houden om het deksel te houden op alle bedrijfsgeheimen. Samsung past vermoedelijk dezelfde tactiek toe, om andere redenen. Een Ive die de jury enthousiast vertelt hoe hij jaren terug de iPhone bedacht zal niet in het voordeel van de Zuid-Koreanen uitpakken.

De kaalgeschoren Brit zal er niet rouwig om zijn dat zijn plek in de getuigenbank door anderen is ingenomen. Ive blijft het liefst uit de schijnwerpers. De kluizenaar van Cupertino, wordt hij wel genoemd. De bescheidenheid ten top.

Tegenover een bevriende journaliste van The Guardian bekende hij ooit te gruwen van pogingen om hem te bestempelen tot de 'Armani van Apple'.

Hij woont niet al te opvallend in San Francisco met zijn vrouw Heather, die hij al ontmoette toen hij nog industrieel ontwerpen studeerde aan de Northumbria University, en zijn twee zoontjes - een tweeling van tien jaar.

Ive is zo bescheiden, aldus een anekdote opgetekend door The Guardian, dat een goede vriend lange tijd niet in de gaten had dat Jony niet zo maar werkte op de designafdeling van Apple, maar dat hij er de baas was, en als senior vice president mede de lakens uitdeelt bij het belangrijkste technologiebedrijf van dit moment.

Tien principes

Voor de buitenwereld is de man die al jaren zijn stempel drukt op ons elektronische speelgoed een groot vraagteken. De openbare gelegenheden waarbij Ive zijn mond opendoet, kiest hij met zorg uit. Hij begeeft zich het liefst behoedzaam onder gelijkgestemden, en zonder pottenkijkers, en spreekt dan vooral over zijn ontwerpfilosofie. Die ontleent hij aan de tien designprincipes die de Duitser Dieter Rams formuleerde. Rams stond dertig jaar aan het hoofd van de ontwerpafdeling van Braun, de fabrikant van rekenmachines, scheerapparaten, stereoapparatuur en koffiezetmachines. Vergelijk de Mac en iPod met de ontwerpen van Rams en "je ziet dat het bijna letterlijke vertalingen zijn", zegt de Californische ontwerper Gadi Amit in het Amerikaanse zakenblad Businessweek.

De pers gaat Ive het liefst uit de weg. De pr-afdeling schermt hem af. Interviews geeft het hoofd design zelden. Toen hij vorige maand in zijn geboorteland tot ridder werd geslagen stond Ive - ongebruikelijk - liefst twee gesprekken toe, met de BBC Radio en de krant The Telegraph. Dat waren er evenveel als in de tien jaar ervoor en ze waren strak geregisseerd.

Niet vreemd dus dat de samenstellers van het profiel van Ive op Wikipedia na 1.167 woorden zijn uitgepraat over 's mans leven en werk. Het lemma over de man die hem tot een beroemdheid maakte, is bijna tien keer zo lang: wijlen Apple-chef Steve Jobs.

'Weniger aber besser'

De paden van de beide mannen kruisen elkaar in 1997, als Jobs terugkeert bij Apple. Twaalf jaar daarvoor is Jobs met slaande deuren vertrokken bij Apple, omdat hij na een mislukte machtsgreep tegen de directie geen stem meer had in de ontwikkeling van nieuwe producten bij het bedrijf dat hij oprichtte.

Als Jobs in september 1997 de leiding van het bedrijf bijeenroept om zijn plannen te ontvouwen, bevindt zich onder de toehoorders Jonathan Ive. De Brit is dan al vijf jaar in dienst van Apple en diep ongelukkig. Hij heeft het geschopt tot hoofd van de ontwerpafdeling, maar hij heeft de buik vol van de focus van het bedrijf op winst in plaats van design, vertelt hij Walter Isaacson, de schrijver van de geautoriseerde biografie van Steve Jobs.

"Ik weet nog heel goed dat Steve verkondigde dat ons doel niet alleen geld verdienen is, maar ook geweldige producten maken", zegt Ive. "De besluiten die je neemt op basis van zo'n filosofie verschillen fundamenteel van de beslissingen die we daarvoor bij Apple hadden genomen." Ive besluit te blijven.

Dat Ive zijn rol als opperontwerper houdt, staat dan nog lang niet vast voor Steve Jobs. Die denkt aan vers bloed van buiten het bedrijf. Jobs praat met Richard Sapper, de man die voor computerbouwer IBM de ThinkPad bedacht. Hij ontmoet Giorgetto Giugiaro, een Italiaanse auto-ontwerper die furore maakte met de Ferrari 250 en de Maserati Ghibli. Saillant detail: Ive mikte tijdens zijn studie aanvankelijk ook op een carrière in de auto-industrie, als ontwerper.

Volgens de overlevering bedenkt Jobs zich, als hij de ontwerpstudio van Apple bezoekt en Ive omringt ziet door honderden prototypen van producten, die hij heeft ontworpen zonder dat zijn eerdere bazen er aandacht aan schonken. De nieuwe bezem maakt die vergissing niet. "Jobs zag meteen dat hij hier een talent had dat hij aan het werk moest zetten", zegt Leander Kahney, schrijver van de biografie Inside Steve's Brain.

Volgens Kahney delen de mannen dezelfde filosofie over design en producten: maak apparaten en software simpel en eenvoudig in het gebruik. "Weniger, aber besser", zei Ives voorbeeld Rams al. Ook moeten software en hardware naadloos op elkaar zijn afgestemd - voor Ive is design meer dan een mooie verpakking of stijl. De iPod was in 2001 nooit zo'n succes geworden als iTunes het niet zo makkelijk had gemaakt om je cd-collectie met een paar muisklikken te transformeren in een portable bibliotheek van muziek.

Voor Ive speelt wat computers betreft een persoonlijke frustratie mee. Met de pc's uit de tijd dat hij studeerde zat Ive enorm te worstelen. "Ik was ervan overtuigd dat ik technisch tekortschoot", zegt Ive in een interview op de website van het Design Museum in Londen. Dat het niet aan hem lag constateerde Ive aan het einde van zijn opleiding, toen hij de eerste Macintosh (uit 1984) onder ogen kreeg.

Het eerste karwei waaraan Jobs zijn Britse meesterontwerper zet is het ontwerp van een compacte alles-in-ééncomputer die voortborduurt op de ideeën van de originele Mac. Ive en zijn rechterhand Danny Coster bouwen een aantal modellen van kunststof.

Jobs veegt de ontwerpen met veel misnoegen van tafel. Ive erkent dat geen van de ideeën de spijker op de kop slaat, maar volgens hem heeft er eentje wel de elementen die Jobs zoekt. Die zullen uiteindelijk bijeenkomen in de iMac, waarvoor Ive en zijn team zelfs een fabrikant van jelly beans bezoeken om de glimmende kleuren van de zuigsnoepjes na te bootsen. Als de iMac in mei 1998 wordt gepresenteerd, staat de wereld versteld: een pc die oogt als "een half doorschijnende, blauwgroene keelpastille van zeventien kilo en drie ons", zoals een krant hem omschrijft.

Wat opvalt aan de iMac is niet alleen de kleur, of de ronde vormen of het feit dat je de chips, de kabels, de snoeren en de bolle beeldbuis kunt zien zitten, en zelfs niet dat al die onderdelen zo zijn gemaakt en gerangschikt dat ze mooi zijn om naar te kijken. Wat écht in het oog springt, is de handgreep aan de bovenzijde van de computer.

Het lijkt een onzinnige voorziening voor een computer die door zijn gewicht en omvang niet echt draagbaar is te noemen. Maar Ive ziet dat anders, vertelt hij aan Jobs' officiële biograaf Walter Isaacson. Computers, zegt de designer, boezemden in die tijd vooral angst en ontzag in. De handgreep maakt het apparaat zachter. Benaderbaar. Intuïtief. Aaibaar.

Steve Jobs vond het geweldig, zegt Ive, zonder dat de Brit hoefde uit te leggen wat de gedachte achter de handgreep was. "Hij voelde meteen aan dat die bij de vriendelijke en speelse iMac behoorde."

Schaduwkant

De iMac leidt tot een klik tussen Jobs en Ive die uitmondt in een wederzijdse bewondering. Dat blijkt uit Isaacsons biografie die kort na Jobs dood verscheen. "Als ik een spirituele partner bij Apple heb gehad", vertelt Jobs, "dan is het Jony. Jony en ik bedenken de meeste producten met zijn tweetjes en halen er dan de anderen bij met de vraag: wat vind je hiervan?" Jony heeft een speciale band met Jobs, constateert Laurene Powell, de weduwe van Jobs. "De meeste mensen in Steves leven zijn vervangbaar. Maar Jony niet." Het klinkt of ze zichzelf ook tot de rest rekende.

Die innige verwantschap heeft ook een schaduwkant, laat Ive doorschemeren. Jobs deed graag alsof hij de enige was met de ideeën bij Apple. "Dat maakt ons kwetsbaar als bedrijf", klaagt Ive tegenover Isaacson. Daar kon hij wel eens gelijk in hebben: de doemtijdingen over de toekomst van Apple na de dood van Steve Jobs vorig jaar november waren niet van de lucht.

Maar de pijn zit dieper bij Ive, zo blijkt. Hij voelde zich af en toe gebruuskeerd, als hij bij de introductie van een nieuw product in het publiek zat en Jobs erover sprak alsof hij het allemaal zelf had bedacht. Ive vindt dat Jobs vaak ten onrechte alle eer opstreek voor ideeën. "Ik houd als een maniak bij waar een idee vandaan komt."

Die wrevel heeft nooit geleid tot boze woorden en slaande deuren. Ive brengt zijn dagen door in de ontwerpstudio op de begane grond van Two Infinite Loop, het hoofdkwartier van Apple in Cupertino (Californië). Bezoekers mogen er niet komen, en zelfs hoge managers komen er zonder toestemming niet in. De wanden zijn van getint glas, zodat voorbijgangers niet naar binnen kunnen turen. Modellen worden ter plekke gemaakt, niet in werkplaatsen elders. De studio beschikt zelfs over een robot die de proefmodellen in de gewenste kleur spuit.

Het team is niet groot, onthulde Christopher Stringer, een veteraan die al zeventien jaar op de ontwerpafdeling van Apple werkt, tijdens het proces in San José. Er zijn zo'n vijftien industriële ontwerpers, die elke week aan een keukentafel schuiven om elkaars ideeën en producten in wording te bespreken. De meesten werken al vijftien tot twintig jaar voor Apple. "We zijn een behoorlijk fanatieke bende", aldus Stringer. "We zijn bezeten van details."

Die obsessie met wat futiliteiten lijken, hebben ze gemeen met hun overleden baas. Die liet de dag voor de introductie van de eerste iPod, in 2001, de koptelefoon opnieuw maken. De aansluiting maakte namelijk geen hoorbare klik, als je het kabeltje in de muziekspeler drukte. Het uiterlijk van de iPod is overigens ook weer een toonbeeld van Ives filosofie. Het apparaat oogt als een luidspreker, zodat het op een subtiele manier een boodschap overbrengt aan de koper: ik ben er voor muziek.

iPhone 5

Maar zijn beste werk moet nog komen, vertelde Ive eerder dit jaar in een lijvig interview met The Telegraph, toen hij in Buckingham Palace tot ridder werd geslagen - de tweede keer in zijn loopbaan. "We proberen producten te maken die op de een of andere manier onontkoombaar zijn, die je het gevoel geven dat ze de enige oplossing bieden die klopt."

Ive wordt door The Telegraph gevraagd welk product hij zou kiezen, als hij er maar een mocht noemen. Het zou de keuze zijn tussen wat hij al heeft gemaakt en de projecten waar hij nu mee bezig was, stelt Ive - en de Brit zou het laatste kiezen. "Waarover ik je natuurlijk niks kan vertellen."

Wat als prinses Anne - de ceremonie in het paleis moest toen nog plaatsvinden - zou vragen naar de iPhone 5, die volgens speculaties op 15 september zal worden gepresenteerd? Zou Ive dan durven om Apples standaardreactie te geven - namelijk dat het bedrijf nooit iets zegt over producten die binnenkort moeten uitkomen?

"Dat zou grappig zijn", lacht Ive.

Maar hij zegt niet ja of nee. De designers, artdirectors, stylisten en industriële ontwerpers in zaal nummer 1 van het gerechtsgebouw in San José mogen dan op de eerste rang zitten - ze hebben het verkeerde theater uitgekozen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234