Vrijdag 05/06/2020

Johann Hari ziet moderne fabrieksboerderijen als de ideale kweekbodem voor krachtige virussen

De dodelijke vraag naar goedkoop vlees

Johann Hari is een meermaals bekroonde columnist van The Independent.

Steeds meer wetenschappers denken dat de varkensgriep het directe resultaat van onze vraag naar goedkoop vlees. Hebben zij gelijk en is het werkelijk de manier waarop wij ons voedsel produceren die ons zo ziek maakt als een varken? Independent-columnist Johann Hari heeft een sterk vermoeden: 'Het is geen toeval dat de opstoot van nieuwe virussen in het voorbije decennium samenviel met een sterke intensivering van de industriële landbouw.'

Op het eerste gezicht lijkt het niet te kloppen. Virussen hebben altijd gemuteerd, soms in nare vormen die menselijke populaties decimeerden. Dat is een onontkoombare realiteit waarmee we moeten leren leven, een natuurverschijnsel zoals aardbevingen en tsunami's. Maar wetenschappelijke vaststellingen doen nu steeds sterker vermoeden dat wij ongewild een kunstmatige manier hebben gevonden om de evolutie van dodelijke virussen te versnellen en ze over heel de wereld te verspreiden. Die uitvinding heet de fabrieksboerderij. Ze produceert goedkoop vlees met een gratis portie virussen erbij.

Om te begrijpen hoe dat kan gebeuren, moeten we twee soorten boerderijen met elkaar vergelijken. Mijn grootouders hadden een kwekerij met een twintigtal varkens in de Zwitserse bergen. Wat zou er gebeuren wanneer in de ingewanden van een van hun beesten een virus in een gevaarlijkere vorm muteerde? Het virus zou in elk stadium moeten opboksen tegen het immuunsysteem van de varkens. De dieren leefden in de open lucht, op het dieet waarmee ze geëvolueerd waren en zonder stress. Dat gaf hen een sterk vermogen om terug te vechten. Als het virus toch zou winnen, zou het niet verder kunnen reizen dan een ziek varken kon lopen. Het kon ten hoogste een twintigtal andere dieren aansteken en daar verder muteren. Daarna was het aan het einde van zijn eigen evolutionaire weg en stierf het uit. Een echt heel sterk virus, met buitengewoon veel geluk, zou in het beste geval tot op de markt geraken, waar het opnieuw met kleine kuddes gezonde varkens te maken zou krijgen. Het zou erg weinig kans krijgen om een grote populatie varkens aan te steken of zich te ontwikkelen tot een stam die mensen kon infecteren.

Vergelijk dat met wat er gebeurt met een virus dat in een fabrieksboerderij evolueert. In de meeste moderne varkenskwekerijen zitten 6.000 dieren snuit tegen snuit op elkaar gepakt in kleine kooien waarin ze amper kunnen bewegen. Ze krijgen levenslang kunstmatig voeder en leven boven een beerput met hun eigen uitwerpselen.

In plaats van 20 varkens om mee te experimenteren en in te evolueren, heeft het virus nu een populatie van duizenden dieren die elkaar onophoudelijk besmetten en herbesmetten. Het kan keer op keer combineren en recombineren. De ammoniak uit de mest verbrandt de luchtwegen van de varkens, zodat virussen gemakkelijker in hun organisme dringen. Nog mooier, het immuunsysteem van de varkens is in vrije val. De beesten zijn overspannen, lijden aan depressies en leven in voortdurende paniek, zodat ze gemakkelijker te infecteren zijn. Ze hebben geen frisse lucht of zon om hun natuurlijke weerstand te versterken. Ze leven in een lucht vol virussen, die ze bij elke ademtocht in hun longen krijgen.

Dokter Michael Greger, directeur Public Health and Animal Agriculture van de Humane Society of the United States, legt uit: "Als je al die elementen samenvoegt, krijg je de ideale omgeving voor supervirussen. Als je opzettelijk een wereldwijde pandemie zou willen veroorzaken, zou je zoveel mogelijk fabrieksboerderijen bouwen. De Mexicaanse griep is dan ook geen verrassing voor de gezondheidsexperts. De American Public Health Association - de oudste en grootste vereniging van deze sector - pleitte al in 2003 voor een moratorium op fabriekslandbouw, omdat ze kon voorspellen dat zoiets als dit zou gebeuren. Er zal een ernstige pandemie nodig zijn om ons de reële kosten van de bio-industrie te doen beseffen."

Een groot aantal gedetailleerde studies heeft dat argument in de jongste jaren bevestigd. Dokter Ellen Silbergeld is Professor of Environmental Health Sciences aan de Johns Hopkins University. Ze vertelt me dat haar onderzoek op het terrein haar tot het besluit heeft gebracht dat er "een uitgesproken verband" bestaat tussen de fabrieksboerderijen en het opduiken van nieuwe, meer virulente griepvirussen. "Het virus krijgt niet langer één enkele draai van de roulette maar duizenden en duizenden, elke keer opnieuw. Dat werkt de ontwikkeling van nieuwe ziekten in de hand."

Biologisch onveilig

Tot gisteren konden we alleen paar speculeren over de oorsprong van het huidige H1N1-virus dat mensen doodt. Nu weten we meer. Het Centre for Computational Biology van Columbia University heeft het virus bestudeerd en denkt dat dit geen nieuwe combinatie van een mensen-, varkens- en vogelgriepvirus is, maar wel een enigszins afwijkende variant van een virus dat we al hebben gezien. We kennen zijn stamboom - en papa was een virus dat zich in de kunstmatige voedingsbodem van een grote fabrieksboerderij in North Carolina heeft ontwikkeld.

Is de huidige virusstam in dezelfde omstandigheden geëvolueerd? Het bewijsmateriaal doet het vermoeden maar is nog lang niet overtuigend. We weten dat de stad waar deze varkensgriep voor het eerst opdook - Perote, in Mexico - een gigantische fabriek met 950.000 varkens heeft. Dokter Silbergeld: "Fabrieksboerderijen zijn allesbehalve biologisch veilig. Er lopen voortdurend mensen in en uit. Als je op een paar kilometer van een industriële boerderij staat en de wind jouw kant uitwaait, kun je gemakkelijk pathogenen opdoen. En de mest van deze boerderijen wordt niet altijd verwerkt."

Het is geen toeval dat de opstoot van nieuwe virussen in het voorbije decennium samenviel met een sterke intensivering van de industriële landbouw. Van 1994 tot 2001 steeg de verhouding Amerikaanse varkens die in grootschalige fabrieksboerderijen leefden en stierven spectaculair, van 10 naar 72 procent. De sinds 1918 stabiel gebleven varkensgriep kreeg in dezelfde periode opeens spierballen.

Hoeveel schade zullen wij onszelf nog in de naam van goedkoop vlees toebrengen? We weten dat de vogelgriep zich in de bio-industrie ontwikkeld heeft. En we weten dat de antibiotica die de industrie door het veevoeder mengt een nieuwe variant van de MRSA-bacterie heeft doen ontstaan. Men kan dieren in dergelijke omstandigheden alleen in leven houden door hun voedsel vol antibiotica te pompen. Maar dat heeft een wapenwedloop gestart met de bacteriën, die evolueren om de antibiotica te verslaan en uiteindelijk zo sterk worden dat onze medische wapens hen niet meer kunnen raken. Zo is er een nieuwe MRSA-stam ontstaan die nu goed is voor twintig procent van de menselijke besmettingen met deze bacterie. Sir Liam Donaldson, het hoofd van de Britse gezondheidsdienst, waarschuwt: "Elk ongepast gebruik van antibiotica bij dieren of landbouwproducten is een potentieel doodvonnis voor een toekomstige patiënt."

De landbouwindustrie weert zich natuurlijk als een duivel in een wijwatervat om te ontkennen dat dit alles gebeurt. Haar winsten hangen immers af van dit verziekte model. Maar als je rekening houdt met de kosten van alle ziekten en pandemieën, lijkt goedkoop vlees opeens een illusie.

We hebben altijd geweten dat de industriële veeteelt een smet is op het geweten van de mensheid. Nu weten we dat hij ook een smet is op onze gezondheid. Als we op deze manier verder gaan, zullen de vogelgriep en de varkensgriep slechts het begin zijn van een eeuw van virusuitbarstingen. Terwijl de pandemie de wereld in haar greep krijgt, moeten wij de virusfabrieken sluiten - voor ze nog meer slachtoffers maken.

Als we op deze manier verder gaan, zullen de vogelgriep en de varkensgriep slechts het begin zijn van een eeuw van virusuitbarstingen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234