Vrijdag 03/04/2020

Joe Corré (zittend) en zijn vennoot Simon Armitage poseren in de stijl van de klassieke portretkunst.

at voor een mens word je, wanneer je vader zowat de verpersoonlijking is van punk en je moeder een van de mafste modeontwerpsters aller tijden? Als je moeder zonder onderbroek naar de koningin gaat (in 1992 om haar adellijke titel in ontvangst te nemen) en je vader de manager van de Sex Pistols is en kandidaat-burgemeester van Londen?

Je zou verwachten dat zo’n kind uit pure rebellie een gematigd en saai kantoormannetje zou worden. Maar neen, zo liep het niet met Joe Corré. Hij erfde van zijn ouders zowel de brutale bek en het artistieke talent, als de neus om munt te slaan uit subversie.

Eén ding is zeker: het gevoel voor beklijvende namen zit in de familie: de Sex Pistols, Land’s End, Cash from Chaos, A Child of the Jago, Monkeyana, Agent Provocateur. Die laatste was de naam die Joe Corré gaf aan zijn bedrijf van sexy ondergoed, dat hij ruim vijftien jaar geleden stichtte met zijn partner Serena Rees. Het was een kleine revolutie die tot diep in de linnenkasten van de Britten doordrong. “Tot dan kocht iedereen zijn ondergoed bij Marks & Spencer”, vertelde Corré. Daarnaast waren er merken als La Perla, Victoria’s Secret, Chantelle… Maar dat vond Corré geen mode: “Wij hebben de mensen een beetje doen nadenken over hun seksualiteit. Het was niet zo moeilijk om iets te maken dat eerder sexy was dan vulgair. Hoewel vulgair soms sexy kan zijn. Het is een kwestie van kwaliteit.” Hij noemde lingerie destijds ‘the new punk’ en Agent Provocateur ging volgens hem over een attitude of, om het met zijn woorden te zeggen, “over ballen.”

Je moet het hem nageven: het was een schot in de roos. De boudoir-achtige winkel, de tepelkwasten, de verkoopsters die erbij liepen als tweelingzussen van Dita Von Teese, de hele mix werkte. Het duurde niet lang of de kopieën van Agent Provocateur overspoelden de warenhuizen, maar Corré hield stand, dankzij de leuke stoffen, de goede pasvormen en het uitgebreide palet aan maten, zegt hij. “Voor mij was het een schok om vast te stellen hoe ingewikkeld het is om lingerie te maken. Ik heb samengewerkt met mijn moeder en als je vijftig kostuums wil, vind je makkelijk een kleermaker die ze voor je maakt. Maar als je vijftig beha’s wil in twintig verschillende maten, is dat een andere kwestie. En niet enkel in zwart en wit. Modieus ondergoed maken is geen makkie, maar waar een wil is, is een weg.” Corré is intussen uit Agent Provocateur gestapt. Hij scheidde van zijn vrouw en het merk werd verkocht, hoewel hij er nog artistiek directeur blijft.

De vonk die het vuur aan de lont van Corrés nieuwe onderneming heeft gestoken, is zijn afkeer van de saaie, uniforme mode voor mannen. “Agent Provocateur ontstond uit het verlangen om iets anders te doen dan anderen, en het is met A Child of the Jago niet anders. Tenzij ik naar de winkel van mijn moeder ging of bij een kleermaker iets liet maken, vond ik geen opwindende mannenkleren. Hoeveel zwarte pakken wil een man uiteindelijk hebben?” Uit onvrede gingen hij en zijn vriend Simon Armitage kleren maken voor zichzelf: “De stukken die ik het mooist vond in de shows van mijn moeder, werden zelfs niet geproduceerd omdat ze niet commercieel genoeg waren. Dat vond ik zo frustrerend en daarom besloot ik om tot actie over te gaan.”

De twee verzetten zich tegen de tirannie van de modecyclussen en de industrieel aangedreven trends. Volgens hen zijn de kwaliteitsnormen niet zozeer verloren gegaan maar wel ‘gestolen, gekidnapt en gebrutaliseerd door het modesysteem’. Dat omschrijven ze in hun typische woordenvloed als ‘creatief verarmde en commercieel corrupte homogeniteit, veruiterlijkt in het status-quo in de herenkleding.’ Met een dergelijk discours mag je niet verwachten dat de modewereld met open armen stond te wachten om het nieuwe merk aan de boezem te drukken. Dat beseffen Corré en Armitage: “A Child of the Jago is opgevoed om onrust te stoken.”

Maar wat levert dat nu concreet op aan kleren? Kleur, daar bestaat geen twijfel over. Combinaties van ruiten, strepen en typisch Britse tweed. Zijdefluweel, glanzende draden die geweven worden door dik wolbouclé. Een silhouet van een rock-dandy, van een teddy boy, maar dan wel één met een goede kleermaker. T-shirts met ironische, politieke boodschappen. Met apen natuurlijk, dit is de collectie Monkeyama. Rijke, dikke stoffen voor de winter, allemaal in Engeland geweven. Wollen tweedstof, dikke kabeltruien en comfortabele Meltonwol voor de jassen. “Voor het najaar 2010 toont A Child of the Jago wat er kan gebeuren als de apen zich realiseren wie er de baas is. Ze steken de lichten aan in kleine, plaatselijke fabrieken en onafhankelijke ateliers, zetten allianties op met de beste kleermakers van Oost-Londen en de beste stoffenleveranciers van het Verenigd Koninkrijk. Ze injecteren het hele proces met een dosis heerlijk giftige, Britse punkattitude en dandy branie”, schrijft Corré. Als beginselverklaring kan dit tellen.

A Child of the Jago houdt niet van gewoon. Dus lopen er op de catwalk ook geen klassieke modellen.

Moeder Vivienne Westwood raapt tijdens het defilé op de London Fashion Week een sjaaltje op dat een model onderweg verloor.

Joe Corré:

Joe Corré:

Hoewel A Child of the Jago is begonnen als mannenmerk, sluiten de ontwerpers niet uit dat er een vrouwenlijn volgt. In de show kwam al een voorproefje.

in memoriam

‘Cash from Chaos’ was de lijfspreuk van punkicoon Malcolm McLaren, die vorige maand overleed. Op zijn kist stond geschreven ‘Too fast to live, too young to die’ en er was een groot bloemstuk waarin met witte margrieten op een blauwe achtergrond ‘Cash from Chaos’ stond. Het is tevens de slogan op de T-shirts die Joe Corré nu online verkoopt, ter nagedachtenis. De opbrengst gaat naar Humanade, de stichting die hij twee jaar geleden in het leven riep, en die onder meer opkomt voor de rechten van de gevangenen van Guantánamo. Malcolm McLaren droeg zo’n shirt bij de opnamen van de film The great rock ’n’ roll swindle, die werd gedraaid op het kerkhof van Highgate, waar hij nu voor altijd rust.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234