Maandag 06/12/2021

Monster van de macht

Jef Vermassen over macht: "In twee jaar tijd werd ik de numero uno"

Jef Vermassen: 'De angst om in de fout te gaan, om de boot in te gaan, wordt steeds erger.' Beeld Thomas Sweertvaegher
Jef Vermassen: 'De angst om in de fout te gaan, om de boot in te gaan, wordt steeds erger.'Beeld Thomas Sweertvaegher

Voor sommigen zal Jef Vermassen (69) altijd de man blijven die Els Clottemans de cel in kreeg, zonder substantieel bewijs. Dan heb je macht, beseft de topadvocaat ook zelf. 'Zouden sommige vonnissen anders zijn uitgedraaid zonder mij? Het eerlijke, onbescheiden antwoord is 'ja'.'

Jef Vermassen zegt dat hij bang is voor de macht. Toch stuurt zijn met prachtige Afrikaanse en Europese kunst volgestouwde kantoor een ander eerste signaal uit. Cliënten of interviewers krijgen een comfortabele stoel aangeboden. Aan de andere kant van het bureau neemt de beroemde advocaat plaats in een lederen directeurszetel met hoge rugleuning. Er kan geen misverstand over bestaan wie hier de dans leidt.

Die kunst - "er hangt ook nog een tekening van Permeke in de hal, maar daarover moet u maar niet schrijven" - is er niet zomaar. Als hij weer een intimiderende telefoon krijgt, haakt Jef Vermassen in en groet de mooie dingen in zijn bureau. "Het vizier staat altijd open. Dan ben je kwetsbaar. Ik verdedig me tegen die kwetsuren met kunst."

Meester Vermassen heeft macht. Wie macht heeft, maakt niet alleen vrienden. Maar van die macht is hij dus bang. "Ik ben het grootste deel van mijn professionele leven vervangend politierechter geweest.Als ik moest zetelen, prentte ik me altijd in: nu moet je voorzichtig zijn, want nu heb je macht die een ander niet heeft.

"Macht leidt makkelijk tot machtsmisbruik en machtsvertoon. Mensen die met zware frustraties zitten, zullen al snel macht aanwenden om zichzelf en anderen te overtuigen dat ze belangrijk zijn. Een rechter die thuis niets te zeggen heeft, zal vaak ter compensatie een autoritaire rechter zijn in de zittingszaal. Idem dito voor advocaten en procureurs."

Hoe gaat u daar dan mee om?
Jef Vermassen: "Als ik naar de rechtbank reed om daar te zetelen, hield ik me altijd voor: wees correct met de mensen, laat je niet emotioneel misleiden, zorg dat je weet hoe hoog het inkomen van de gedaagde is en hou daar rekening mee. En leg op het einde uit waarom je gestraft hebt, dat je mensen niet straft voor je plezier, maar in hun eigen belang. Veel mensen begrijpen niet altijd alles als ze de zaal verlaten. Als de rechter op het eind zegt: 'U mag beschikken', zijn er die niet eens begrijpen dat ze dan mogen weggaan."

null Beeld Thomas Sweertvaegher
Beeld Thomas Sweertvaegher

Had u ook rechter kunnen worden?
"Toen ik in Leuven rechten en criminologie studeerde, ben ik nog een tijdje vrijwilliger geweest bij de jeugdrechtbank. Ik moest toen langsgaan bij kinderen die problemen hadden. Toen wilde ik wel jeugdrechter worden. Of anders onderzoeksrechter. Jonge mensen tref je op een leeftijd waarbij ze hopelijk nog openstaan om een beter mens te worden. Bij de onderzoeksrechter is het vooral het zoeken naar de waarheid dat me boeit.

"Ik heb de advocatuur gekozen, omdat ik dat kon combineren met de universiteit. Ik heb er vijf jaar rechtspraktijk gedoceerd en ik wilde prof worden. Toen ze me uiteindelijk in vaste dienst wilden nemen, had ik al te veel werk. Dat had ik eigenlijk het liefst gedaan: de combinatie van advocatuur en lesgeven. Doorgeven wat ik heb mogen leren. Nog altijd lees ik veel wetenschappelijk werk. Elke minuut dat ik tijd heb, lees ik."

En nu bent u een machtig persoon, bang voor de macht.
"Ik ben me bewust van die paradox. Als ik iemand verdedigd heb, vraag ik me weleens af: stel je voor dat die andere partij eerst was en je die verdedigd had. Wat zou het verschil geweest zijn? Een beangstigende gedachte, want dan ervaar je de macht die aan je eigen vingers kleeft."

Is 'topadvocaat' worden een kwestie van talent en geluk?
"Mijn zogenaamde macht stoelt op kennis. Een goede vriend zei me lang geleden: 'Lees in je vak elke maand een boek. En over vijf jaar ben je numero uno in je vak, want niemand leest bij.' Ik heb zijn raad opgevolgd. Eén vakboek per maand? Dan las ik er twee. Na twee jaar was ik numero uno op het vlak van criminologische kennis. Toen ben ik zelf statistieken beginnen bij te houden. Dertien jaar alle moorden in Vlaanderen en Brussel onderzocht en ontleed. Op die kennis en ervaring is mijn macht gestoeld.

"En natuurlijk: je moet een verhaal kunnen brengen, een goed geheugen hebben, opmerkingsvermogen hebben. Allemaal cadeaus van de natuur waar ik weinig verdienste aan heb, maar die het mij mogelijk maken macht te hebben. Dat wil zeggen: mensen beïnvloeden en overtuigen."

Is dat niet onrechtvaardig? Wie uw talent inhuurt, maakt meer kans voor een rechter.
"Die ongelijkheid is zeker onrechtvaardig. Maar dat is nu eenmaal het systeem."

U hebt daar geen gewetensproblemen mee?
"Soms. Maar als u me vraagt u te verdedigen, dan hebt u recht op mijn volle bijstand. U kunt van mij toch niet verwachten dat ik me ga inhouden omdat het anders onrechtvaardig zou kunnen zijn? Dat zou pas oneerlijk zijn.

"Zouden sommige vonnissen anders uitgedraaid zijn als ik er niet was in tussengekomen? Het eerlijke, onbescheiden antwoord is 'ja'. Maar dat geldt ook voor een andere voorzitter, een andere procureur, andere juryleden of een andere politieagent die het eerste verhoor heeft gedaan. Rechtspraak is in die zin loterij. Je moét geluk hebben."

Men zegt: wie Jef Vermassen tegen heeft, is gezien. Dat klopt dus?
"Nuance, uit mijn ervaringen heb ik geleerd dat je niet iemand moet verdedigen ten koste van je tegenpartij. Ik heb ooit de familie van een moordslachtoffer verdedigd. Die man was vermoord door een homoseksueel die hem seksueel had benaderd. Toen heb ik aan de familie gevraagd om voor te stellen omvoor die dader niet de zwaarste straf te eisen, omdat hij al veel problemen had. Ook al mag ik me niet met de strafmaat inlaten.

"De essentie is altijd: het lijden van je eigen cliënt. Maar als je me tegen je hebt, zal ik het je niet makkelijk maken."

In de parachutemoordzaak hebt u zich fel tegen beschuldigde Els Clottemans gekeerd. Met grote impact.
"De waarheid is: na de tweede dag was de jury al overtuigd dat ze schuldig was. Compléét overtuigd.

"Die tweede dag wordt een reeks foto's getoond, waaronder de foto van de kleine, losgeknipte pilot chute in een hoge boom. Hét materiële bewijs dat er een moord is gepleegd. Clottemans had zogezegdtoevallig dat parachuutje teruggevonden in die boom, toen ze er heel toevallig passeerde. Merkwaardig, want je zag vanaf de grond enkel een stipje, nog niet eens zo groot als een vogelnest. Terwijl die foto geprojecteerd wordt, heb ik een kwartier lang vragen gesteld. De jury heeft heel die tijd naar de foto gekeken en zich zitten afvragen hoe zij in godsnaam dat vodje had gespot.

"Is dat oneerlijk? Neen, dat is mijn job doen. Dat was een doorslaggevend element. Ze antwoordde dat de vondst van die pilot chute een ingeving was van het hiernamaals. 'Het slachtoffer liet mij verstaan dat ik het moest vinden om de waarheid naar boven te halen.' Toen wist de jury genoeg. En toch word ik nog altijd verguisd door de helft van Vlaanderen."

U bent dan ook de man die...
"... Ja, zeg het maar: die een onschuldig meisje in de cel heeft doen belanden."

Op zijn minst toch zonder bewijs.
"In het strafrecht moet je niet noodzakelijk zwart op wit bewijzen hebben! De perfecte moordenaar zou dan automatisch de dans ontsnappen. Als er diverse vermoedens zijn die in dezelfde richting wijzen, is dat voldoende. In een zedenzaak heb je haast nooit bewijzen. Iemand die op zijn twaalfde misbruikt is, en aangifte doet op zijn 21ste, heeft kans op gelijk - hoewel er geen sperma meer te vinden is. Vermoedens in dezelfde richting kunnen volstaan.

(zucht) "Ik had destijds zo sluw moeten zijn om die foto van de pilot chute in de media te lekken. Als de mensen die foto hadden gezien, zou de discussie snel gedaan zijn geweest. Dan was ik niet de boeman geweest."

U hebt Vlaanderen vooral geleerd dat eender wie, met wat pech en zonder bewijzen,veroordeeld kan worden wegens moord, als Jef Vermassen aan de overzijde staat.
"Dat is dus niet waar, hè. Ik ga niet over een nacht ijs als ik iemand verdedig. Als ik niet overtuigd was geweest van de onschuld van mijn eigen cliënt en van de schuld van Els Clottemans, dan had ik nooit zo gepleit.

null Beeld Thomas Sweertvaegher
Beeld Thomas Sweertvaegher

"De procureur-generaal van Tongeren vroeg me: 'Waarom zijn ze allemaal zo kwaad op u? Ík heb levenslang gevraagd, jij niet. Dat ze op mij eens kwaad zijn.' De voorzitter heeft nadien ook een interview gegeven, waarin hij liet verstaan dat ook hij duidelijkovertuigd was van haar schuld. 'Als ik overtuigd was dat die vrouw onschuldig was, dan kreeg ze een tweede proces', zei hij. 'De wet staat me dat toe.'"

U hebt toen doodsbedreigingen gekregen. Is het dat waard?
"Dit was heftig, maar ik kan die reacties plaatsen. Dit komt uit de onderbuik van de samenleving, die vroeger geen stem had. Je kon wel een boze brief schrijven naar een advocaat als iets je niet zinde, maar dan moest je eerst naar de winkel voor briefpapier, een postzegel gaan halen... Tegen dan is je goesting over. Nu kan ik u het precieze uur geven waarop die mensen meestal 's nachtsaan hun computer zitten om die doodsbedreigingen te schrijven. De open riool van de sociale media is hun wapen. Als je spreekt van machtsmisbruik... jonge mensen die doodgepest worden op Facebook en zelfmoord plegen: dat is machtsmisbruik.

"Er is zelfs een haatgroep opgericht tegen mij. Daar zaten twee dames achter, van wie eentje hier op een bepaald moment aan de deur stond. Die vrouw had een advocaat nodig, en ze had aan mij gedacht. "Ik was er niet, maar ze vroeg aan mijn secretaresse of Vermassen haar niet kon verdedigen. Ik heb die vrouw aan de telefoon geantwoord: 'Madame, ge hebt wreed chance dat ik nu niet op mijn bureau zit, of ik had u met uw klikken en klakken op straat gegooid.' Het was toch maar om te lachen, zei ze. Om te lachen? Zelfs mijn kleinkinderen zijn toen bedreigd. Kinderen van vijf, zes jaar die niet begrijpen wat er gebeurt."

Kun je in zo'n mediacontext nog een assisenproces organiseren?
"De media hebben een ongelooflijke macht. Zeker nu kranten het moeilijk hebben, gaan ze haastniet meer tegen de publieke opinie in.

"De zaak-Aquino is daar een mooi voorbeeld van. Eigenlijk pleit ik daar voor iedere Belg: de politie heeft gesprekken afgeluisterd die - hoewel de onderzoeksrechter het verboden had - conversaties waren in de ziekenkamer van de bijna stervende moeder en broer van mijn cliënt. Ze waren zelfs zo grof om de inhoud in het dossier te zetten. Dat is totaal onwettig!Dat mag ik toch niet laten passeren? Dat kan ons állemaal overkomen. Denkt u dat er ook maar één krant is die dat wil aanklagen? Maar me wel verwijten dat ik betaald word door de maffia! Zo makkelijk."

Reden te meer om af te stappen van assisen.
"We zijn er al van afgestapt. Nu gaan de beroepsmagistraten mee in discussie met de jury. Die magistraten kunnen de jury er dan op wijzen dat zij iets willen beslissen dat juridisch niet klopt. Het hof mag niet mee stemmen over de schuldvraag, maar wel mee beraadslagen. Bovendien komen de meeste zaken nu gewoon voor bij beroepsrechters. We gaan alleen nog assisen hebben bij een nieuwe De Gelder of een nieuwe Dutroux."

Dat zijn wel juist die zaken die veel mediabelangstelling krijgen.
"Daar maak ik me niet te veel zorgen over. Een jury wordt opgeslorpt door het proces. Uiteraard wordt ze beïnvloed door de media, maar dat kan evengoed in het voordeel van de beschuldigde spelen. 'Wat hebben de kranten ons wijsgemaakt?', denken juryleden dan als de beschuldigde die voor hen staat toch een mens en geen monster blijkt te zijn. De impact van de media is heel groot voor het publiek, maar niet voor de jury. Trouwens, ook de beroepsrechters worden somsbeïnvloed door de media, zij het wellicht in beperktere mate dan de juryleden. Dat zijn ook maar mensen."

Gebruikt u de media in uw strategie?
"Soms."

Dank voor dit eerlijke antwoord.
"Waarom niet? Wat betekenen wij in het heelal? Een vliegenscheet. Waarom zou ik tegen jullie liegen?

"Het is wel riskant. Als je de media gebruikt in je pleidooi, zet je ze op scherp. In de parachutemoord wilde ik bewust niets verklaren in de media. Dat was voor mijn tegenstrever natuurlijk een ongelooflijk cadeau. Hij had het spreekrecht voor hem alleen. Ook daar heb ik mijn voordeel mee gedaan. Ik hoorde hem bij een plaatsbezoek met de jury op VTMnieuws dingen vertellen die van geen kanten klopten. De jury hoort dat ook, hè, en die denken: tiens, waarom verdraait die dat nu? Wat moet ik daar dan nog aan toevoegen?" (lacht)

U hebt een dubbele relatie met de media. U bent kwaad wanneer u uitgespuwd wordt, anderzijds bent u een graag geziene gast in tv-shows.
(lacht) "De media zijn hoeren en als je bij de hoeren gaat, word je bedrogen. Met de jaren heb ik sommige journalisten goed leren kennen. Dat worden geen vrienden, maar je respecteert hen wel. Ik kan die mensen moeilijk iets weigeren. Mijn vrouw zegt dan: 'Hoe is dat nu mogelijk? Over een jaar lappen ze het u weer.' Ze heeft gelijk. Stel dat ik morgen dronken word tegengehouden, dan sta ik op alle voorpagina's. Ik weet wat me te wachten staat, maar jullie doen ook maar jullie job."

Bent u mediageil?
"Men zegt dat. Ik heb nog nooit gevraagd om in een programma te verschijnen. En ik zeg vaak 'neen'. Ik heb jullie toch ook niet gebeld om eens over de macht te klappen? Ik dacht trouwens dat jullie van De Streekkrant waren. Die hadden toevallig ook om een interview gevraagd." (lacht)

Geniet u ook niet een beetje van de aandacht?
"Ik durf gewoon niet te weigeren. Dat is mijn opvoeding: altijd ten dienste staan. Ik heb mij al eens voorgenomen 'Zeg neen' op een papier te schrijven en hier op te hangen.

"Toen ik jong was, was ik natuurlijk zo fier als een gieter toen ik in de krant stond. Nu is dat allang over. In de tijd na de zaak-Clottemans ging ik met mijn vrouw een pannenkoek eten in Antwerpen. De baas wilde mij niet laten betalen, omdat hij met me inzat na alle commotie. Ik kwam buiten en ik struikelde haast over een clochard. 'Ah, gij smeerlap', riep hij in plat Antwerps, 'hoe durfde gij nog buiten te komen?' En iedereen maar kijken naar mij. Je leert daarmee leven, maar mijn vetlaag is nog niet dik genoeg. Ik ben geen pinguïn."

U zou dus geen goed politicus zijn.
"Ik heb tot twee keer toe de kans gekregen om minister van Justitie te worden, onder Guy Verhofstadt (Open Vld). Twee keer geweigerd. Noem mij eens een advocaat die dat zou weigeren. Zo 'mediageil' ben ik dus."

U hebt wel getwijfeld?
"Natuurlijk twijfel je, als je zo'n kans krijgt om impact te hebben. Ik heb mijn vrouw geraadpleegd. Die zei direct njet. Ik heb met vrienden gepraat. Die zeiden ook: 'Niet doen. Jij bent veel te gevoelig. Ze zullen je verscheuren.' En inderdaad, wie in de politiek gaat en daar niet in gegroeid is, stapt er vaak snel en gedegouteerd weer uit."

U had wel het beleid kunnen veranderen.
"Dat is zo. Ik doe het nu wat achter de schermen. Ik heb meegewerkt met de socialisten aan een wetsvoorstel over jeugdrecht. Met Stefaan De Clerck (CD&V) kon ik enorm goed opschieten. Dat er twee lekenrechters in de strafuitvoeringsrechtbank moesten zetelen, is mijn idee. Ik heb bij de CD&V veel kunnen doen onder Johan Van Hecke. Ik heb invloed in de politiek gehad, ook zonder mandaat of lidmaatschap. Beter zo. Hier in mijn vak zie ik de valkuilen, in de politiek zou ik ze niet op tijd zien. Ik ben daar te naïef voor."

Daar zal niet elke collega het mee eens zijn. U bent niet overdreven populair bij uw confraters.
"Het betert. (lachje) Nu ze denken dat ik ga stoppen omdat ik onlangsmet mijn rug sukkelde, word ik plots een goeie. Ik begrijp dat, hoor. Als je voor het publiek de top bent, dan heb je de eerste keus in cliënten, in stagiairs. Dat is niet leuk voor de anderen. Wij zijn chimpansees. We willen allemaal bovenaan op de rots zitten."

U toch ook?
"Uiteraard. Ik ben zelf ook een chimpansee. Je wilt beter zijn dan de andere. IJdelheid? Ik noem het liever beroepsfierheid. Om goed te blijven, moet je je best doen. Mij kan het niet schelen als er naast mij ook een goede advocaat staat. Integendeel, een knappe tegenstrever tilt mij omhoog. Wij hebben een te belangrijke maatschappelijke taak om me te vergenoegen in zwakke advocaten."

Hoe selecteert u uw cliënten?
"Ik moet hen zelf geloven. Dan ga ik er 100 procent voor. Vele cliënten schrikken van dat eerste contact, waarin ik hen persoonlijk op de rooster leg. Zo ben ik ook aan de beerputmoord begonnen: 'Madam, zoudt ge niet beter bekennen?' Die vrouw was geschokt. Uiteindelijk ben ik overtuigd geraakt van haar onschuld, na lezing van het dossier.

"Als iemand niet bekent, en ik ben overtuigd dat hij toch schuldig is, dan begin ik er niet aan."

Moet een advocaat zijn geweten niet op pauze kunnen zetten?
"Ik kan het niet, anderen vast wel. Ik heb veel zaken geweigerd in mijn beroepsloopbaan. En wat zeggen de jaloerse collega's nu? Vermassen kiest alleen de lekkere brokken. Helemaal niet. Mijn norm is niet: hoge kans op winst. De norm is: geloof ik zelf mijn cliënt?"

Geloofde u Freddy Horion?
(schamper) "Dat was niet bepaald een winnend lot.

"Het liefst hou ik mijn handen af van roofmoorden. Mensen vermoorden voor wat geld, daar heb ik het emotioneel erg moeilijk mee. Ik moét dat ook niet doen, dat is de vrijheid van onze stiel. Ik respecteer dat andere advocaten daar anders in staan. Gelukkig maar, dan kunnen zij de opdracht beter vervullen dan ik zou kunnen."

Moet u empathie voelen voor een cliënt?
"Het moet klikken. Als iemand een zwaar misdrijf bekent en mijn cliënt vraagt hem te helpenom zo snel mogelijk opnieuw te kunnen beginnen, dan gaat het niet lukken. Als hij deemoedig het hoofd buigt en schuldgevoel heeft, dan kan ik ook voor een dader empathie hebben.

"Voor hetzelfde geld had ik Kim De Gelder kunnen verdedigen. Ik heb geweigerd, omdat ik er genoeg van had om publieke vijand nummer één te zijn en omdat ik wist dat burgerlijke partijen uit de buurt hier ook zouden aankloppen. Maar De Gelder heeft me na het proces wel gevraagd om verder zijn raadsman te zijn. Deontologisch kon ik dat uiteraard niet."

Zou u Salah Abdeslam kunnen verdedigen?
(twijfelt) "Moeilijk. Ik zou hem wel gaan bezoeken en luisteren naar zijn verhaal. Stél - maar dat is pure fictie - dat hij dan uitlegt dat hij dit oprecht helemaal niet wilde, dat hij er wilde uitstappen, dat hij onder druk stond, dan zou ik het wel overwegen. Goed wetende dat de publieke opinie zou stormlopen.

"Het klikte tussen Freddy Horion en ikzelf, ondanks de gruwel. Ik heb zijn boek, Monster zonder waarde, laten uitgeven. Ik heb na mijn pleidooi gelukwensen gehad van een vande nabestaanden van de slachtoffers. Dankzij mijn uiteenzetting kon hij vatten wat er gebeurd was, zei hij. Dat is het mooiste compliment dat ik ooit gekregen heb.

"Die zaak krijg ik trouwens niet uit mijn lijf geschud. Ook nu nog, dertig jaar later, herbeleef ik soms op een zonnige zaterdag die gruwelijke feiten in dat huis in Sint-Amandsberg. Ik zie de dochter thuiskomen met haar vriend. Ze wordt verkracht, vermoord. Ik zie de vingerafdrukken van haar jongere zusjenog in het bloed. Ik ben veel te gevoelig. Dat is mijn probleem."

Het is ook uw grootste talent.
"Ik pleit gevoelig, maar ik speel dat niet. Ik ben zo."

Neemt u uw werk mee naar huis?
"Gewild niet, maar alleszins zo weinig mogelijk. Over grote processen, die ze in het gezin ook kunnen volgen via de media, wordt weleens wat gezegd, maar meer dan wat stoom aflaten is dat niet. Mijn vrouw weet dat ze me met rust moet laten als we in de laatste voorbereidingsfase van een assisenproces zitten. Soms sta ik midden in de nacht op om een ingeving te noteren. In mijn hoofd ben ik al een week op voorhand aan het pleiten.

null Beeld Thomas Sweertvaegher
Beeld Thomas Sweertvaegher

"Dat verbetert niet met ouder worden. Integendeel, de angst om in de fout te gaan, om de boot in te gaan, wordt steeds erger."

Bent u mettertijd niet gehard geraakt door alle ellende?
"Mijn grootste professionele angst is cynisch worden. De verleiding is groot. Maar een cynicus is geen schoon mens meer."

Hoe ziet u uw fin de carrière?
"Ik doe nog een paar jaar voort. Ik ben 69 geworden, maar ik hou het nog wel even vol."

Zou u het kunnen missen?
"Ik denk het wel. Ik heb de rechtszaal niet nodig. Mijn tuin is me genoeg. Ik wil wel onder de mensen blijven, lezingen geven over mijn boek of zo. Ik krijg daar veel dankbaarheid voor terug.

"De opbrengst van mijn lezingen ging steeds naar sociale doelen. In Tanzania richtte ik met de opbrengst van mijn boekeen school voor 800 leerlingen op; we vingen kindsoldaten op en de twintig besten hebben we naar de universiteit kunnen sturen. Voor mij is dat de essentie van mens-zijn: solidariteit. Mensen zijn ongelukkig omdat ze te veel hebben en bang zijn dat ze het gaan verliezen."

Het is niet beledigend bedoeld, maar u klinkt soms als een missionaris.
"Ik weet dat. Mijn grote voorbeeld is Pater Damiaan. Ooit een beetje te kunnen zijn zoals hij, is de leidraad in mijn leven. Als ik mijn hoofd neerleg en kan zeggen dat ik geen enkele klant bedrogen heb en dat ik zo goed mogelijk mijn job heb proberen uitvoeren, dan zal ik niet slecht geleefd hebben."

Bent u nog gelovig?
"Neen."

Dat is een kort en snel antwoord.

"Ik geloof in energie. Misschien blijft van die energie wat voortbestaan, maar ik geloof niet in een God in de hemel. Ik heb grote eerbied voor Jezus, maar dan als voorbeeldig mens, niet als zoon van God. Een God die ons geschapen heeft naar zijn beeld en gelijkenis, wat moet dat een miskleun zijn, zeg. Beroepshalve ontmoet ik het allerslechtste in de mens. Is dat dan ook omdat God het zo gewild heeft?"

Dat is de vrije wil, meester.
"Vrije wil? Dat is toch geen detail in de schepping, hè. Als ik een volmaakte God was, dan zou ik zulke gruwelijke constructiefouten toch vermijden."

Volgende week: Ivan De Witte: voorzitter van AA Gent en van HR-onderneming Hudson Europe

null Beeld Thomas Sweertvaegher
Beeld Thomas Sweertvaegher
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234