Vrijdag 06/12/2019

'Je moet van elk personage houden, hoe slecht het ook is' .

Actrice Leah Thys is de tweede in een reeks van tien bekende Nederlandstalige toneel- en filmgrootheden die geïnterviewd worden door Margot Vanderstraeten. Fotograaf Stephan Vanfleteren zet de door de wol geverfde zestigplussers voor zijn lens.

We zitten al in de staart van de zomer. Maar in de woonkamer van Leah Thys staat nog steeds de kerstboom, behangen met kleurrijke bollen en knipperlichtjes. "Ik weet het, het is een beetje absurd, maar Leo slaapt er zo graag onder. Ik krijg het niet over mijn hart hem weer op te bergen tot volgend jaar."

Leo blijkt Thys' kat te zijn; een bruinharige viervoeter met fluweelzwarte poten. "O, jij wilt weten waarom mijn kat Leo heet? Ik zal het je vertellen. We zijn thuis met drie meisjes, de drie gezusters, zoals die van Tsjechov. Mijn moeder kreeg mij, ik ben de middelste, achttien maanden nadat ze Germaine kreeg. Wéér een meisje, dacht ze, en ze kon haar teleurstelling en frustratie niet altijd even goed onder stoelen of banken steken.

"Als ze het over mij had, zei ze vaak, grappend: 'Onze Leo'. Maar ik vond dat niet grappig. En ik vond het ook niet grappig dat ze er op een dag - ik was nog een klein meisje - mee dreigde mijn vlechtjes af te knippen. 'Want als ik je dan een broek aantrek, heb ik een jongen.' Meisjes droegen in die tijd nóóit broeken, hè. Maar nu weet je het dus, mijn kat heet Leo, naar de roepnaam die mijn moeder mij gaf.'

Moeders en dochters/zonen: over de complexiteit van deze relaties zijn vele verhalen geschreven.

Leah Thys: "Ach, vroeger kon ik hoog oplopen met de mens; vandaag zeg ik rechtuit dat ik niet dol op hem ben. De mens kiest altijd voor zichzelf. Eens je dat vaststelt, ben je een illusie armer. Ik kan over dat inzicht heel droef worden, hoor. Mijn vrienden zeggen dan: 'Leah, wat ben je pessimistisch'. Maar ik ben geen pessimist, ik ben een realist. Ik heb de dynamiek onder mensen, onder meer door mijn vak, voldoende bestudeerd om onze soort te doorprikken.

"Mijn moeder was een moeilijke vrouw, mijn vader een zachte man. We hadden het goed thuis. We werden alle drie aangespoord om te studeren: ik heb het diploma van onderwijzeres gehaald voor ik me aan het conservatorium van Gent aan theater waagde. Die onderwijsstudie was van 'te moeten'. Achteraf is die piste een voordeel gebleken: ik heb, als ik dat wou of als het nodig was, altijd les kunnen geven, en ik deed dat bovendien met veel enthousiasme.

"Toch heeft verbeelding in onze familie altijd een rol gespeeld. Mijn jongere zus Chris werd ook actrice, ze is net als ik nog altijd zeer actief. En Germaine, die jammer genoeg op haar 70ste overleden is, koos voor de journalistiek.

"Ik denk niet dat mijn moeder ooit beseft heeft hoezeer haar houding mij heeft gevormd. Uit haar kleinerende opmerkingen putte ik kracht, verzet en eigenzinnigheid. Wie je klein wil hebben, kan je juist groter maken. Ze vond dat ik geen hoofd voor hoeden had, welja, geef mij maar hoeden en ik voel me goed. Zo zei ze ook altijd: 'Jij kunt niet zingen, Leah, zwijg maar'. Het punt is: ze had zelf zangeres willen worden, maar dat ging niet, in die tijd, in een dorp in Limburg en zonder enige artistieke achtergrond.

"Ze heeft haar frustraties, die ik later zeer goed ben gaan begrijpen, op mij uitgewerkt. En kijk, uiteindelijk heb ik haar droom waargemaakt. Onder meer met mijn solovoorstelling van Marlene Dietrich, My Tribute to the Diva, waarin ik begeleid werd door een schitterende bigband. Zingen is zo heerlijk. Ik begrijp niet dat musicals, in ons land dan, minderwaardig worden gevonden. Dat misprijzen slaat nergens op, ga maar eens in Angelsaksische landen kijken, die weten wel beter.

"Tot op vandaag betreur ik dat mijn moeder - ze was toen al overleden - de voorstelling van Dietrich niet heeft kunnen bijwonen."

Het verlies van naasten doet iets met je. Verandert het ook de acteur in de mens?

"Ontegensprekelijk. Een acteur is een som van minstens twee mensen. Je leidt je eigen leven en dat van je personage. Beide levens zijn constant in verandering. Als mens verander je door wat het leven voor je in petto heeft. En ook je personage verandert de hele tijd.

"Persoonlijk verdriet - of vreugde - kan je tot diepere lagen leiden in je werk. Een onbeschreven blad kan volgens mij niet ontroerend spelen. Je kunt pas ontroeren als je voelt, ervaart, weet.

"Ik weet nog dat ik de avond waarop mijn vader is gestorven, gewoon op het podium stond. Nu ja, gewoon. Ik vond dat ik daar moest staan, omdat ik wist dat hij het niet anders zou hebben gewild. Ik speelde toen in Arnhem. Ik droeg die avond, en ook de avonden nadien, het horloge van mijn vader. Ik wilde dat hij dicht bij me was.

"Maar de confrontatie kan evengoed van binnenuit komen. Sommige rollen drukken je met je neus op jezelf. Voor het vinden van bepaalde personages moet je diep in jezelf graven; meer dan eens stoot je dan onderweg op kantjes die je niet had verwacht, of die je liever niet naar boven wilde halen. Toch moet je als acteur van elk personage houden, hoe slecht het ook is. Anders kun je het niet spelen, kun je het niet zijn.

"Ik herinner me Bedrog van Pinter. Ik speelde Emma, het vrouwelijke personage, dat bedrogen is en zelf bedrog pleegt. Wat een sterke en tegenstrijdige emoties kwamen daar allemaal naar boven! In Smiley, de monoloog van Frank Van Laecke waarin ik de briljante celliste Jacqueline Du Pré speelde, en waarin I Fiamminghi de muziek op zich nam, ben ik ook diep gegaan. Hoe ver ga je als genie - want dat was Jacqueline - om te bereiken wat je hebben wilt? Hoe onuitstaanbaar word je voor je naasten? Herken ik dat? Heb ik er begrip voor? Natuurlijk.

"Ik heb nog nooit Lady Macbeth, de echtgenote van Macbeth, gespeeld. Wat die vrouw allemaal uit eerzucht uitvoert. Zo ambitieus en machtswellustig. Het moet zeer spannend zijn om haar te spelen."

U bent vandaag vooral bekend van uw rol van Marianne in 'Thuis', een productie van de VRT. Staat dat tv-genre, de soap, haaks op het klassieke theater dat u zo na aan het hart ligt?

"Ik switch graag tussen genres en podia, dat houdt het boeiend. Zonder mijn theater zou ik nooit twintig jaar Marianne hebben kunnen spelen, en omgekeerd geldt waarschijnlijk hetzelfde.

"Maar men doet, in het ernstigere theatercircuit, graag denigrerend over Thuis, dat een soap - een streepje tv tussen twee zeepadvertenties - wordt genoemd en dagelijks een miljoen tot anderhalf miljoen kijkers telt. Thuis ís geen soap, maar een tv-dramareeks van 200 afleveringen per jaar waaraan hard wordt gewerkt.

"En Thuis is geen kunst, maar entertainment. Dat is tenminste klaar en duidelijk. Veel duidelijker dan sommige theatermakers die gewichtig doen over hun werk, maar bij wie de gewichtigheid soms een camouflage voor hun onkunde inhoudt. Ik noem dat bedrog. Alleen durft niemand deze zogenaamde 'kunstzinnige' theatermakers aan te spreken op hun intellectuele bluf, omdat men bang is voor hun moeilijke woorden en vreest om het etiket 'dom' opgeplakt te krijgen. Ook klassiek theater is entertainment, toch? Wat is Shakespeare anders dan vermaak?"

Vermaak, maar van een andere, hogere orde dan 'Thuis'?

"Ja, uiteraard, dankzij de literaire tekst en de laagjes die erin zitten. Het materiaal is anders. Er zit allicht meer voedsel voor de hersenen in. Is het daarom een minderwaardige vorm van acteren? Natuurlijk niet. Ook in tv-drama's kun je de mens volwaardig neerzetten, hoor. De invulling van een personage hangt voor een heel groot deel van de acteur af.

"In die twintig jaar dat ik Marianne speel, heb ik haar met dezelfde integriteit neergezet als dat ik vroeger personages van Pinter, Shakespeare, Genet, Feydeau en anderen op de bühnes van de Vlaamse, Nederlandse en ook Britse theaters verbeeldde. Dat zal nooit anders zijn, want ik blijf mezelf vernieuwen en heruitvinden.

"Dat ik 70 ben, is bijzaak. Al is het een bijzaak die me blijft verbazen: Leah Thys en een hoge leeftijd passen niet samen. Ik voel me nog heel jong, al zie ik aan mijn lijf dat ik niet jong meer ben, en ook onthouden gaat niet meer zo makkelijk als vroeger. Maar niets houdt me tegen om nu weer samen met Jo De Meyere de Vlaamse podia af te schuimen met een nieuw stuk, Een Oscar voor Emily. De uitdaging houdt niet op bij een verjaardag, hè, de uitdaging is het leven en het spelen. Ik ga weer toeren."

U bent een halve eeuw actrice.

"En in die tijdspanne heb ik het theaterlandschap volop zien veranderen.

"Toen ik begon, stond de acteur centraal. Later kantelde die positie, het draaide niet langer om het pure spelen, het theatrale concept werd belangrijker en acteurs werd aangemaand om, maandenlang, te 'zoeken'; naar zichzelf en de ander, ach, naar van alles en nog wat. Die zoektocht bleek helaas vaak geneuzel. Intellectuele verpakking voor iets dat meermaals leeg was.

"En nee, ik geef geen voorbeelden. Ik viseer geen personen, maar een twijfelachtige evolutie die al enkele decennia bezig is en die vandaag weer aan het kantelen is. Daar lijkt het, gelukkig, toch op.

"Welaan dan, één voorstelling als voorbeeld: aan het eind van de jaren 80 heb ik drie maanden gespeeld bij het Theater in het Oosten, in Arnhem. We speelden Het balkon met de groene kaketoe, een bewerking van stukken van Jean Genet en Arthur Schnitzler. Verschrikkelijk.

"Ik geloof in theatergezelschappen, begrijp me niet verkeerd. Ik wéét dat er een extra kracht kan ontstaan als mensen gedurende lange tijd met elkaar werken en als een tekst stevig en gezamenlijk geanalyseerd wordt. Maar ik heb nooit enige meerwaarde kunnen ontdekken in theaterproducties die door een groepje ego's - dramaturg, regisseur, producent - worden geregeerd. Geef mij maar één enkele regisseur die weet wat hij wil en in functie daarvan het beste uit zijn spelers haalt."

Wordt iemand die twintig jaar lang eenzelfde personage speelt op den duur een beetje dat karakter dat zij speelt?

"Dat niet. Maar je bent als acteur wel de hele tijd met je personage bezig, ook als je met de auto rijdt of de aardappelen schilt. De tekst woont in je hoofd, je memoriseert het script, je denkt na over bepaalde scènes en gevoelens, ontwikkelingen, karaktertrekken...

"Ik herinner me in dit verband een anekdote van het fameuze Amerikaanse acteursechtpaar Alfred Lunt en Lynn Fontanne, het moet in de jaren 30 of 40 zijn geweest. Ze staan al meer dan een jaar lang op Broadway met de voorstelling The Visit. Lunt speelt daarin een mankepoot. Na een jaar lang optreden, stelt hij vast: 'Misschien moet ik, om beter en natuurlijker mank te lopen, twéé steentjes in mijn schoen stoppen, in plaats van één'. Ik wil maar zeggen: Lunt was aan dat ene steentje al dermate gewoon geraakt, dat hij niet meer voldoende mank liep.

"Je blijft zoeken naar je personage, je blijft het verfijnen. Soms weet je niet waarin de groei of ontplooiing zich nu precies situeert. Je kunt niet vatten waarom je juist zo en niet anders speelt.

"Een van de beste Shakespearevertolkers en -regisseurs ooit, de Brit Laurence Olivier, speelde Hamlet. Het was een voortreffelijke voorstelling, vol magie. Nadat het doek gevallen was, wilde een van zijn medewerkers hem gaan feliciteren. Olivier zat in de kleedkamer tranen met tuiten te huilen. 'Maar je hebt prachtig gespeeld, het was wonderlijk', zei de medewerker. 'Ik weet het, mijn vriend, het was fantastisch', antwoordde Olivier. 'Ik weet alleen niet hoe ik het voor elkaar gekregen heb.'

"Je kunt ervoor zorgen dat je alle ingrediënten bij je hebt. Maar in welke verhoudingen je ze benut, en of de mengeling aanslaat, kun je niet voorspellen."

Die spanning - het is nu! - is eigen aan theater. Voor de camera kun je een scène herhalen tot de regisseur tevreden is.

"Een acteur moet tijdens het acteren in het moment leven. En hij moet dat moment grijpen; als bij een geboorte moet hij de streng doorknippen, juist op het ogenblik dat de spanning hoog genoeg staat. Wacht hij te lang, dan is het moment voorbij. Knipt hij te vroeg, dan is het nooit aangebroken. Dat geldt zowel voor het theater als voor de film.

"Het grootste verschil tussen deze twee doorgeefluiken zit in het gebruik van de ruimte. Een camera dringt je persoonlijke ruimte binnen, komt naar je toe. Op een podium kan dat niet, het oog van het publiek kan niet op je inzoomen zoals een camera. Het publiek in een theaterzaal ziet jou in de grote, algemene ruimte die de zaal is. Je moet dat podium dus bewonen, je moet je uitstraling vergroten, tot de laatste rij contact maken met het publiek. In beide gevallen moet alles wel vanbinnen gebeuren.

"Rudolf Laban, de grondlegger van de bewegingsleer en de moderne dans, heeft mij de weg in de ruimte gewezen. Ik heb zijn vernieuwende leer, die voor mij een enorme verrijking inhield, ook aan The Webber Douglas Academy en aan de Guildford School of Acting onderwezen.

"Laban uitleggen, zou nu te ver leiden. Heel kort: in de eerste helft van de vorige eeuw observeerde en analyseerde hij alle menselijke bewegingen en ontleedde ze driedimensionaal: vanuit het lichaam, het verstand en het gevoel. Hij toonde aan hoe je die drie altijd combineert, altijd. En hoe je er optimaal gebruik van kunt maken. Het werkt."

U refereert vaak aan de Angelsaksische wereld, waar ook Laban naartoe trok. U hebt zelf elf jaar in Engeland gewoond en gewerkt. Wat hebt u met Engeland?

"Als er vorige levens zouden bestaan, moeten de mijne zich in Engeland hebben afgespeeld.

"Toen ik in 1983 met slaande deuren bij het NTG (Nederlands Theater Gent, MVDS) vertrok, moest ik, bij wijze van zelfbescherming, voor een tijdje uit Vlaanderen weg. Ik zal na al die jaren niet ingaan op de redenen van die ruzie. Het had met kliekjes te maken, met messen in de rug, en met machtspolitiek van mannen: de theaterwereld werd en wordt voornamelijk door mannen geleid, en in die periode hadden ze vrijwel allemaal een actrice als partner, zo simpel is dat.

"Nog altijd vind ik, die op dat soort zaken openlijk kritiek uitte, dat ik toen verraden werd. 'Ga jij maar soep maken', werd me gezegd als ik protesteerde. Ook vrouwen - ach nee, ik zeg niet wie, die tijd is voorbij - konden zulke opmerkingen maken. Er bestaan verschillende gradaties in de zogenaamde zelfstandigheid en onafhankelijkheid die bepaalde vrouwen claimen. Nu zeg ik dat nuchter en zonder bitterheid. Toen niet.

"Het plan was drie maanden in Engeland te verblijven, ik kon er gastdocent zijn. De drie maanden werden elf jaar. Ik ben met de moed der wanhoop vertrokken, dat is een feit. Maar ik ben er goed op mijn pootjes terechtgekomen, heb er een rijke en mooie tijd beleefd en er bijzonder veel geleerd. Maar na de dood van mijn moeder voelde ik dat het moment was aangebroken om weer terug naar Vlaanderen te komen, en zo geschiedde."

Zorgen de Britten beter voor hun acteurs en theaters dan wij?

"Je kunt het Verenigd Koninkrijk niet met Vlaanderen vergelijken.

"Wij hebben in Vlaanderen veel schitterend acteertalent. Mensen van wie je weet dat ze, als ze in een groter taalgebied zouden werken, de wereldtop zouden halen. Daarom dat ik zo blij ben voor Matthias Schoenaerts. Hij krijgt de kans om met de besten te werken. Ze zullen het beste uit hem halen. In Vlaanderen is dat niet haalbaar, al kan ik niet eenduidig zeggen waarom. Zijn het de middelen? Ligt het aan de opleiding? Aan de kansen die acteurs krijgen? Aan de algemene norm? Aan het cultureel klimaat? De economie?

"Denemarken heeft volop ingezet om zijn acteurs, die vaak perfect Engels spreken, tot de beste van de wereld te maken. Ze genieten nu een internationale status. Met de grootte van een land heeft het dus niet te maken.

"Onlangs nog ben ik in Wenen, in het Burgtheater, naar Klaus Maria Brandauer gaan kijken, hij speelt King Lear. In het Burgtheater alleen al staan 150 acteurs op de payroll. Hoe doet Oostenrijk dat wat wij niet kunnen? Ik weet het niet.

"Ik vind wel dat bij ons - en ook in Nederland - de lat van het film- en theateronderwijs hoger gelegd moet worden. In Engeland, maar bijvoorbeeld ook in Rusland, mogen alleen de beste mensen les geven. Uiteraard: de natuurlijke selectie is in deze landen groter, omdat ze uit een grote vijver kunnen vissen dan wij. Maar het is méér dan dat: in ons land wordt lesgeven nog al te zeer als een tweederangsberoep beschouwd en benaderd. Dat is erg nefast. Niets is zo waardevol voor de toekomst als goede meesters."

Moet een acteur mooi Nederlands kunnen spreken, zoals u?

"Ik vind de teloorgang van het Nederlands verschrikkelijk en pijnlijk. Er zijn nog maar weinig jonge acteurs die de Nederlandse taal beheersen, en dat is heel erg. De jonge generatie heeft geen idee van articulatie, ze kent haar grammatica niet, weet niet eens waarvoor de klinkerdriehoek (stand van kaak bij het uitspreken van klinkers, MVDS) staat, en lacht ermee als ze horen waar het om gaat: 'Wa is da? De dees kennekiek nie zunne.'

"Ik vind deze verloedering vooral ook tragisch voor henzelf. Jonge acteurs doen zichzelf te kort als ze hun taal niet ernstig genoeg nemen. Er is zoveel meer mogelijk als je weet wat je doet, je basis tot in de puntjes kent. Maar velen van hen hebben als voornaamste doel: op zo kort mogelijke tijd zo bekend mogelijk worden.

"De Britse scholen, zeker de klassieke opleidingen, hameren niet alleen op het belang van dictie en taalonderricht; ze bieden als keuzevakken verscheidene dialecten aan. Omdat een reeks die zich in Manchester afspeelt, zich geen Liverpools accent kan veroorloven. In Vlaanderen hoor je in eenzelfde reeks soms vijf totaal verschillende dialecten. De acteurs kunnen geen ander accent spelen. En 'men' vindt het niet belangrijk dat hun taal op elkaar is afgestemd. Terwijl het juist ontzettend belangrijk is. Ik vind elk detail belangrijk."

Is Leah Thys een perfectioniste?

"Als een perfectioniste bij alles wat ze onderneemt haar uiterste best doet en daar plezier uit haalt, jazeker. Acteren is een spel, maar je moet het bloedserieus nemen."

Volgende week: Jeroen Krabbé


Journaliste Margot Vanderstraeten en fotograaf Stephan Vanfleteren maakten voor De Morgen eerder al 'Schrijvers gaan niet dood', een alom bejubelde reeks portretten van oudere auteurs als Mulisch, Geeraerts, Vandeloo en Vinkenoog. De interviews en foto's verschenen ook in boekvorm.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234