Zaterdag 15/08/2020

'Je kunt niet ontkennen dat ik een goede zanger ben'

Nog even en Jasper Steverlinck trekt een streep onder Arid. In stijl, want het afscheidsconcert in de Ancienne Belgique is al maanden uitverkocht. En terwijl hij nieuwe facetten van zijn persoonlijkheid ontplooit als coach bij The Voice van Vlaanderen, bereidt hij stilletjes een internationale solocarrière voor, met de steun van de ploeg die ook Placebo naar de wereldtop heeft geholpen. 'Voor hetzelfde geld ga ik straks klassiek zingen.'

entrum Brussel, maandagavond. Jasper Steverlinck heeft de hele dag opnamen gehad voor The Voice. Op televisie is het programma nog volop zijn aanloop aan het nemen, maar in werkelijkheid heeft elke coach inmiddels zijn zestien zangers gevonden, en wordt er druk aan stem, uitstraling en podiumpresence geschaafd. Van de duizenden kandidaten die zich voor de talentenjacht inschreven, zijn er uiteindelijk vierenzestig die de eerste auditie op televisie hebben overleefd. Steverlinck praat er met meer enthousiasme over dan ik hem vooraf had nagegeven. En wat ook opvalt: vijftien jaar podiumervaring heeft hem een stuk vlotter in de omgang gemaakt dan vroeger. "Dat hoor ik wel vaker", merkt hij op. "Terwijl ik mezelf eigenlijk altijd al een spraakwaterval heb gevonden."

We hebben afgesproken in La Manufacture, een restaurant in het hartje van de Brusselse binnenstad met een prachtig, industrieel interieur en een Franstalige ober die heel hard zijn best doet om Nederlands te spreken. Hij stelt ons een saumur voor, een sprankelende rode wijn die dienstdoet als aperitief van het huis. Steverlinck gaat voor scampi's als voorgerecht, twijfelt even over wat daarop zou kunnen volgen, en kiest uiteindelijk voor solettes meunières, iets wat niemand durft te vertalen. En zoals dat hoort in een zaak als deze, praten we eerst over eten.

"Ik heb geen Gault Millau of Michelingids in huis, maar ik ga wél graag op restaurant. Onlangs ben ik nog uit eten geweest bij Hertog Jan, dat onlangs met drie Michelinsterren werd bekroond. Echt de max. Nu, ik probeer tegelijk mijn conditie op peil te houden en dat gaat niet samen met veel uit eten gaan. Mensen denken vaak dat ik om mijn stem te sparen alleen theetjes drink. Dat is niet zo. Maar like it or not: mijn manier van zingen vraagt een zeer grote fysieke inspanning. Ik moet lichamelijk dus wel in orde zijn. En daar ga ik vrij ver in. Ken je Georges St-Pierre? Die vent, een Canadees, is wereldkampioen in mixed martial arts, een discipline waarbij allerlei gevechtssporten met elkaar worden gecombineerd. Hij heeft een superzwaar oefenprogramma samengesteld waar je spieren traint waarvan je niet eens wist dat je ze had. En dat volg ik dus. Als ik morgen in de buurt van het Brusselse Noordstation wordt lastiggevallen door een guur figuur met slechte bedoelingen, zou ik wel twee keer nadenken voor ik ermee in discussie ga. Maar als het echt nodig is zou het geen probleem mogen zijn om hem met een goedgeplaatste tik neer te leggen."

Hij merkt dat ik grote ogen opzet. Steverlinck ziet er weliswaar fit en gezond uit, maar groot of geblokt kun je hem onmogelijk noemen. En het idee dat de zanger van al die romantische nummers in zijn vrije tijd op de tatami staat, strookt niet met het beeld dat ik van hem heb. "Dat besef ik. Zodra je een liedje zingt aan de piano en een stem hebt als de mijne, word je door de verzamelde mensheid meteen in een hokje geplaatst. Maar gevechtssporten hebben me altijd al geïnteresseerd. Zelfs nog voor ik muziek begon te maken. Ik volgde karate, ging boksen, deed krachttraining... Dat paste ook wel een beetje bij de muziek die ik toen goed vond. De meesten van mijn vrienden waren ouder dan ik, en die luisteren allemaal naar hardrock: Iron Maiden, Saxon, de vroege Metallica... Dat over alles heen zingen wat ik vaak doe, heb ik trouwens van Bruce Dickinson geleerd. Als zanger moet dat zowat mijn eerste muzikale voorbeeld zijn geweest."

Terwijl de ober een bijzondere blauwe chardonnay uit het Limburgse Genoelselderen serveert, hebben we het over de kloof die tussen Steverlincks liefde voor harde muziek gaapt, en de wat zachtere, melodieuze rock waar Arid een patent op heeft. "Hardrock is niet iets waar je lang in moet blijven hangen. Bovendien kwam niet veel later de grunge op, en dat vond ik eigenlijk boeiender. De muziek van Arid is destijds uit een hang naar melancholie ontstaan. Het hoeft niet altijd luid of hard of in your face te zijn. Melancholie is het gevoel dat me nog steeds bindt aan de muziek. Ik kan bijvoorbeeld niet naar Nina Simone luisteren zonder daar ongelofelijk door gepakt te worden."

De kracht van de naïviteit

Praat met Steverlinck en je kunt niet naast de passie luisteren waarmee hij na al die jaren nog steeds over muziek spreekt. Het was, herinnert hij zich, dan ook van meet af aan duidelijk dat daar zijn roeping lag. "Ik heb me eigenlijk altijd al een zanger gevoeld. Ik dacht: de wereld draait van links naar rechts, maar als muzikant kun je tegen de stroom in roeien. Dat leek me ontzettend spannend.

"Eigenlijk is dat gekomen omdat ik als tiener in hetzelfde Gentse café rondhing waar Luc De Vos ook vaak kwam. Gorky maakte, net als The Pink Flowers van Bruno Deneckere, deel uit van De Zes Van Gent, een verzameling bands die écht van hun muziek konden leven. Dat sprak geweldig tot mijn verbeelding, en daar is de drang om zelf muziek te maken ontstaan. Eerst in mijn eentje, maar het duurde niet lang voor ik nog wat mensen vond waar ik die passie mee kon delen. Dat is Arid geworden. We wilden er voor gaan. Niets half doen. Na de Rock Rally kregen we een platencontract. Zelfs toen zeiden ze al: jij bent een goeie zanger, maar gooi de rest van de band buiten. Dat zag ik niet zitten, want we zaten op dezelfde golflengte. We waren echt beginnelingen, toen. Ik wist niet eens wat een opnamestudio was. Of wat die monitors vooraan op het podium stonden te doen. Noem het: de kracht van de naïviteit. Nu denk ik wel eens dat we veel te nuchter zijn gebleven. We zaten haast meteen in het vliegtuig om in New York te gaan spelen. Maar niemand liep naast zijn schoenen. Het was altijd: eerst zien, dan geloven. We waren ook altijd gefocust op de muziek, hielden ons niet bezig met de randfenomenen. Ik ken geen enkele band die zichzelf zo consequent in vraag heeft gesteld als Arid. Daar zijn we misschien wel wat te ver in gegaan."

Ondanks de positieve voortekenen werd het verhaal van Arid dat van zoveel Belgische bands: aan songs en talent geen gebrek, maar aan tegenslag evenmin. "Als ik ooit een autobiografie schrijf zal die A Comedy of Errors heten", zegt hij. "We toerden met Counting Crows en de reacties van het publiek waren fantastisch. MTV was bereid om zijn schouders te zetten onder 'Believer', maar de single kwam nooit uit omdat de platenfirma diezelfde week failliet ging. En de vrouw die ons getekend had vertrok. Dus daarmee werd ook de droom om internationaal mee te draaien genekt.

"Ik ga niet zeggen dat dat geen sporen heeft nagelaten. Ik denk dat we in het buitenland veel meer hadden kunnen betekenen. Want zonder te stoefen: mijn stem is uniek. Dat zou ik vroeger nooit luidop hebben durven zeggen. Uit misplaatste Vlaamse bescheidenheid, wellicht. Maar inmiddels ben ik wel overtuigd van mijn capaciteiten als zanger. En de ontgoocheling over dat mislukte avontuur in Engeland is zeker blijven hangen. Het heeft er bijvoorbeeld toe bijgedragen dat ik achteraf een soloplaat heb opgenomen. Terwijl ik bij Arid de zanger was, de teksten schreef én als gezicht van de groep naar buiten trad. Het was dus niet dat ik daar mijn ei niet kwijt kon. Maar er was die honger naar meer. Even daarvoor had ik samen met Stijn en Steven Kolacny ook een monsterhit gehad met onze versie van 'Life on Mars'. Dat was de eerste keer dat ik met muzikanten samenwerkte die niét bij Arid zaten. Het voelde heel verfrissend aan en zo is achteraf ook dat idee voor die soloplaat ontstaan."

Songs of Innocence werd een een enorm succes, maar Steverlinck voelde achteraf niet dat het verhaal van Arid was afgesloten. De band kwam weer samen en nam een cd op die het bijzonder goed deed. En dan nog een, die ook een succes werd. In Wallonië werd de groep zelfs zo mogelijk nog populairder dan in Vlaanderen. Maar daar bleef het bij. "Ik had het gevoel dat we in België aan ons plafond zaten. Het initiatief om Arid af te ronden komt vooral van mij. Omdat ik het meeste onvrede had met onze situatie. En onze situatie is dat we na mijn soloplaat door allerlei praktische redenen eigenlijk nooit nog echt voltijds een band zijn geweest. Daar zijn goede argumenten voor. Er kwamen kinderen, de gitarist had plots een fulltime job, en onze drummer zat bij Hooverphonic. Dus praktisch lag dat allemaal wat moeilijker.

"Pas op: de rest van Arid is ook ambitieus, maar ze handelen gewoon minder naar hun ambitie dan ik. Misschien dat we ooit nog een fantastische plaat maken - dat sluit ik niet uit, overigens - maar ik wil het niet laten hangen. En eerlijk: ook de rest van de groep voelde dat het tijd werd voor iets anders. Alleen zijn wij het slag mannen die dat soort gevoelens niet meteen uiten. Al bij al zijn we veel geslotener dan je zou denken. Ik praat nu opener met jou over Arid dan dat ik dat met hen doe. De groep zit op een dood spoor, nu. Maar het blijft een open einde. Ik moet even mijn eigen weg gaan, eerst. Dingen uitproberen. Wat experimenteren. En op mijn gezicht gaan misschien. Maar dat is niet erg. Er zijn veel dingen die ik nu zou doen terwijl ik ze vroeger niet eens overwogen zou hebben. Stel dat Queen morgen audities uitschrijft voor een nieuwe zanger, dan zal ik daar niet lang over na moeten denken. Ik heb toch niks te verliezen."

Geen uitlachtelevisie

Een van die experimenten is Steverlincks deelname aan The Voice van Vlaanderen, waar hij als coach uitkomt tegen Natalia, Koen Wauters en Alex Callier van Hooverphonic. Ze hadden hem in het verleden al vaker gevraagd voor talentenjachten op televisie. Idool, X-Factor, Sterren op de Dansvloer zelfs. En 71 Graden noord. Maar Steverlinck hield altijd de boot af. Tot nu. "Omdat ik het uitgangspunt dit keer eerlijk vond. We zitten met onze rug naar de kandidaten en hebben dus geen idee of ze mooi of lelijk, jong of oud, mager of dik zijn. Het enige waarop we kunnen oordelen is de stem. Het is ook geen uitlachtelevisie. En ik geef toe: ik vond zelf dat het stilaan tijd werd om wat televisie-ervaring op te doen. Dat door dat programma straks meer mensen me zullen kennen, is een mooie bijkomstigheid. Al heeft het mijn beslissing om in dat programma te stappen niet beïnvloed. Bekend zijn is nooit een doel op zich geweest, maar als ik een naam heb omwille van wat ik doe - zingen - is dat cool. Geloof me: mocht het me louter om de belangstelling te doen zijn, dan had ik al programma's kunnen doen waar ik veel meer geld mee had kunnen verdienen. Het is waar dat televisie je zelfbewuster maakt. Maar ik denk van tevoren niet na over wat ik daar ga zeggen. Ik ben gewoon mezelf. Trouwens: het is heel inspirerend om met het talent dat ik in mijn ploeg heb zitten te werken. Ik heb door hen te coachen zélf al nieuwe nummers geschreven."

Steverlinck vindt het een pluspunt dat er naast mainstreamnamen als Koen Wauters en Natalia ook plaats is voor figuren uit de alternatievere hoek. "Ik weet zeker dat er kandidaten zijn die eerder voor Idool of X-Factor hebben gepast, maar om die reden nu wel de sprong in het diepe hebben gewaagd." Hij is het evenwel niet eens met mijn theorie dat Alex Callier op papier de beste coach is, omdat die in zijn zoektocht naar nieuwe zangeressen voor Hooverphonic zelf sowieso al een hele zoektocht naar De Stem achter de rug heeft. "We hebben allemáál onze verdiensten. Het is waar dat hij op dat vlak meer ervaren is. En inderdaad: Callier is een goeie producer, en heeft twee internationale hits achter zijn naam staan. Maar tegelijk is hij niet degene die op het podium de brug naar het publiek moet slaan, zoals Koen, Natalia en ikzelf dat wel doen. Je mag die psychologische meter tussen de zanger die vooraan op het podium staat, en de groep achter hem niet onderschatten. Het is de taak van de frontman om de boel te laten draaien. Kijk naar Stijn Meuris: die speelt zelf geen muziek, maar live is hij wel degene die de rest van de band mee op sleeptouw neemt. Of neem Koen Wauters, een superentertainer die meer dan honderd keer in een uitverkocht Sportpaleis heeft gestaan. Natalia: zelfde verhaal. Die is bovendien zo direct en eerlijk dat ik er zelf ook nog wat van opsteek. Enfin: ik speel gitaar, heb voor Clouseau geschreven, en ben coproducer van de jongste twee Aridplaten. Ik durf dus te denken dat ik naast Callier wel overeind kan blijven."

Jasper Steverlinck is vijfendertig, inmiddels. Nog jong, uiteraard, maar niet in de wereld van de popmuziek, die altijd al een obsessie heeft gehad voor alles wat jeugdig, fris en liefst ook minderjarig is. "Ik zal me straks inderdaad niet als de jongste, hipste gast on the scene kunnen profileren. Dat is zelfs bij Arid al zo. Daar botsen we vaak op gesloten deuren omdat we als een oude groep worden beschouwd. Anderzijds: het succes van Elbow en The National bewijst het tegendeel. Die hadden al een heel verleden voor ze door het grote publiek werden ontdekt. De hang naar alles wat jeugdig is hoort bij de dictatuur van de popmuziek, maar tegelijk denk ik dat dat bij een solozanger toch iets minder doorslaggevend is. Kijk naar The Voice: als je écht goed bent, staat de leeftijd je niet in de weg. En zelfs tegen de mensen die we daar afwijzen, zeg ik altijd hetzelfde: people have been wrong a million times before. Dus ik hoop echt dat die zangers blijven doorgaan en ons ongelijk bewijzen. Maar de kracht om niet op te geven moet dan wel uit henzelf komen. Anders zijn ze sowieso een vogel voor de kat. Natuurlijk moeten we kandidaten teleurstellen. Dat is de aard van het programma. En soms is het gewoon niet goed genoeg. En dat zeggen we dan, op een respectvolle manier. Je kunt dat cheesy vinden, maar de toon van het programma is erg belangrijk. Ik denk dat iedereen die eerlijkheid uiteindelijk ook wel kan waarderen."

Confrontatie opzoeken

We bestellen koffie. Ik vraag Steverlinck of hij zelf goed hij met kritiek omgaat. "Ja en nee", zo blijkt. "Je mag gerust zeggen dat wat ik doe je ding niet is, want niets is zo subjectief als muziek. Maar je kunt niet ontkennen dat ik een goede zanger ben. Opbouwende kritiek neem ik sowieso mee. Zéker van mensen die ik respecteer. Als Chris Martin iets over mijn songs te melden heeft, zal ik heel goed luisteren, want die heeft veel songs geschreven die ik zelf ook erg goed vind. Mijn waardering voor hem staat los van zijn platenverkoop, hoe gigantisch die ook is. En als ik naar het succes van Milow kijk, denk ik bij mezelf ook dat ik niet groot genoeg durf te denken. En dat dat misschien wel de reden is waarom ik tot nog toe in België ben blijven zitten. Het heeft ook lang geduurd voor ik een echte frontman ben geworden. Op dat vlak ben ik veel zelfverzekerder geworden. Als mensen niet luisteren, stap ik gewoon het podium af en kom naast hen zingen. Ik zoek de confrontatie op en het publiek vindt dat geweldig. Vroeger zou ik dat nooit gedurfd hebben.

"Ik heb in Engeland net een paar optredens gedaan voor wat hoge pieten uit de muziekindustrie en daar ben ik geen moment zenuwachtig geweest. Daar stap ik zonder complexen op af. Als je wilt dat ik zing, dan zing ik. Daar ligt mijn sterkte: ik weet dat ik kan zingen, dus de kans dat daar nog commentaar op komt is klein. Joe Cocker heeft me ooit bezig gehoord en die was onder de indruk. Mark Howard, een producer die nog met U2 heeft gewerkt, ook. Ik heb in New York ooit met Dave Navarro en gasten van Guns N' Roses op het podium gestaan. Hij schold hen de huid vol omdat ze er niets van bakten, maar mij - this kid from Belgium - vond hij wel goed. Ik ben veel te lang vals Vlaams bescheiden geweest, maar daar verdoe ik nu mijn tijd niet meer mee."

Het is trouwens ook die stem die ervoor gezorgd heeft dat het management van Placebo met hem wilde samenwerken. Tijdens de inhuldiging van Herman Van Rompuy als Europees president traden zowel Brian Molko als Jasper Steverlinck op. Molko hoorde toevallig de soundcheck en werd meteen een fan. "Achteraf kwam hij samen met zijn manager zeggen dat ze graag met me wilden samenwerken. Ik dacht: daar hoor ik nooit nog wat van. Twee dagen later hingen ze al aan de lijn. Ze konden er met hun hoofd niet bij dat buiten België niemand me kende, dachten dat er ergens een addertje onder het gras moest zitten. En dus wilden ze me eerst als mens leren kennen. En zeker zijn dat mijn engagement compleet was. Kortom: het klikte meteen. Het ziet er goed uit nu. Ze hangen ook voortdurend aan de telefoon, ook al heb ik nog niets opgenomen. Dat zal voor april zijn.

"Ik ben er trouwens nog niet uit welke richting het uit moet. Het enige wat vaststaat, is dat het rond mijn stem zal draaien. Met eigen nummers. Maar voor hetzelfde geld zal het wat klassieker klinken dan je tot nog toe van mij gewend was. Ik heb vorige week nog een aria van Puccini gezongen. Niet om de held uit te hangen, maar omdat ik dat kan, het me interesseert en deel uitmaakt van mijn leefwereld. En je moet hoog durven mikken. Ik zing graag, dus waarom zou ik dat alleen in Vlaanderen doen? Alleen: als je in het voetbal tien keer de bal binnentrapt, heb je gewonnen. Als je loopt en je komt als eerste over de streep, dan ben je de beste. In de muziek blijft dat allemaal veel vager. Daar komt het er vooral op aan om in jezelf te geloven, en hopen dat zoveel mogelijk anderen dat ook zullen doen."

The Voice van Vlaanderen, elke vrijdag om 20.55 uur op vtm. Singles Collection van Arid is uit bij PIAS. Concertinfo op www.arid.be. Jasper Steverlinck is ook te zien en te horen in Groenten uit Balen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234