Woensdag 21/08/2019

'Je kunt het dopingprobleem in een handomdraai oplossen'

Jarenlang hebben ze voor deze krant geestdriftig verslag uitgebracht over de Tour. En ook nu kijken ze reikhalzend uit naar de karavaan in de verte, al overstemt de discussie over doping het gerucht van het naderende peloton. 'Ik heb genoten van de Tours van Armstrong.'

In de loop der jaren zijn de posities enigszins gewijzigd. Hans Vandeweghe is nu algemeen directeur van Wielerbond Vlaanderen, maar in bijberoep is hij professor Doping gebleven (zie ook: Wie gelooft die renners nog?, zijn recente boek). Walter Pauli schrijft vooral over politiek voor het weekblad Knack, maar ontsnapt af en toe in het wielertijdschrift Bahamontes. En Jules Hanot is tegenwoordig TV Jules, de tv-recensent van deze krant, die een uitstekend alibi heeft om drie weken lang voor het scherm te kamperen. Allemaal weten ze nog heel precies waar ze waren toen Lance Armstrong zijn dopinggebruik aan Oprah Winfrey opbiechtte: in bed.

Hanot: "Elke zichzelf respecterende wielerjournalist koesterde al langer argwaan tegenover Armstrong."

De meeste wielerjournalisten noemden het interview

achteraf een mager beestje.

Vandeweghe: "Nonsens. Ik heb zijn bekentenissen op een rijtje gezet: het waren er behoorlijk wat."

Pauli: "Het interview met Armstrong, het boek van Tyler Hamilton, het boek over Rabobank: in korte tijd hebben we inzage gekregen in dingen waarvan we vermoedden dat ze nooit het daglicht zouden zien."

Hanot: "Over vermoedens kan je niet schrijven."

Pauli: "Het is voortschrijdend inzicht. In 1995 heb ik mijn eerste Tour gevolgd: Miguel Indurain zat tjokvol epo, maar doping was geen issue."

Indurain is nooit betrapt.

Pauli: "De Lotto-ploeg werd naar huis gereden, en iedereen was boos: 'Wanprestatie van de Belgen!' Maar niemand schreef dat de beste renners op superbenzine reden."

Wisten jullie dat dan niet?

Pauli: "Het hematocriet van renners wordt pas gemeten sinds 1997. Ik herinner me de splijtende demarrage van Bjarne Riis op Hautacam, die besliste over winst in de Tour van 1996. De perszaal stond op en applaudisseerde: er was geen greintje wantrouwen.

"Het jaar daarop had je de ploegentijdrit op de Glandon: de verpletterende wijze waarop Festina domineerde klopte niet. Dat voelde ik. Gelukkig kwam het een jaar later uit, toen verzorger Willy Voet met een oorlogslading dopingproducten in zijn koffer werd betrapt. Ik dacht daarna écht dat alles beter zou worden: le grand renouveau du cyclisme."

Hanot: "Met Armstrong op kop."

Pauli: "Armstrong duwde een klein verzet. En wat was tot op dat moment hét onderscheidende kenmerk van een gedopeerde renner? Een groot verzet, zelfs in het hooggebergte."

Hanot: "Het was al een poos aan de gang: de Gewiss-ploeg die alles aan flarden reed. Giorgio Furlan. Moreno Argentin. Edwig Van Hooydonck die zijn beklag deed."

Pauli: "De eersten over wie we streng oordeelden, waren de Italianen. Logisch. In de politieke verslaggeving is het ook makkelijker de Amerikaanse president af te branden dan de Belgische eerste minister, die je een dag later weer onder ogen komt."

Vandeweghe: "Doping in 1995 geen issue? In het najaar voerde ik op stage met het Belgisch Olympisch Comité een discussie met José De Cauwer, Jean-Marie Dedecker, Eddy Merckx en Carla Galle. Op een bepaald moment riepen Merckx en De Cauwer unisono: 'Epo is géén doping.'"

Epo is gezond?

Hanot: "Epo is een medicament."

Vandeweghe: "Epo sorteert hetzelfde effect als een hoogte-stage, maar in het kwadraat. Maar toentertijd konden journalisten het effect nog niet inschatten: opeens konden relatief zwaargebouwde renners ook in het gebergte met de besten naar boven."

Zoals Riis in de Tour?

Vandeweghe: "En Museeuw op het wereldkampioenschap in Lugano, waar hij wint en Axel Merckx een erg verdienstelijke rol speelt. Axel werd begeleid door dokter Michele Ferrari. Vader Merckx heeft Motorola, het team van Axel en Armstrong, de weg naar Ferrari gewezen."

Oké, journalisten konden nog niet goed bevatten wat er aan de hand was. Maar aan het begin van de jaren negentig had je al een tiental plotselinge hartdoden gehad.

Vandeweghe: "Niks met doping te maken! Dat waren renners met hartafwijkingen, die niet grondig gescreend waren."

Hanot: "In de periode vóór epo was het pas gevaarlijk: er werd bij het leven geëxperimenteerd. Bij het toedienen van epo waren tenminste dokters betrokken."

Vandeweghe: "De jaren negentig waren de gezondste dopingjaren ever. De jaren zeventig waren andere koek."

Hanot: "Met ploegleiders van het type-Berten De Kimpe, pipo's die zichzelf wijsmaakten dat ze dokters waren. En intussen maar drinkbussen pot belge prepareren met een flinke geut champagne daar bovenop."

Pauli: "De tolerantie tegenover doping was groot. Joop Zoetemelk wordt in de Tour op amfetamine betrapt: tien minuten straftijd, maar hij blijft wel in de wedstrijd."

Hanot: "Pedro Delgado wordt betrapt op probenecid en wint de Tour."

Pauli: "Als een renner positief werd bevonden, schreven journalisten: 'Hij heeft van het verboden potje gesnoept.' Klaar. Jules heeft de prijs van het Gemeentekrediet voor sportjournalistiek gewonnen met een artikelenreeks over het schimmige netwerk rond William Tackaert. Het was niet gebruikelijk om dergelijke dingen uit te spitten."

Hanot: "Tackaert sukkelde met zijn gezondheid nadat hij begeleid was door een louche type, half kinesist, half sportdokter, die cocktails voor profs en jeugdrenners brouwde waarvan je harder ging rijden.

"Ik heb telefonische bedreigingen gehad, de ruit van mijn auto ging aan gruzelementen, thuis vloog een kassei door het raam. Komt ervan als je jong en onervaren bent."

Spijt van?

Hanot: "Geen moment."

De Morgen heeft zich altijd geprofileerd als de krant die, in tegenstelling tot de gevestigde orde, wél over doping durfde te berichten.

Hanot: "In mijn eerste jaren kreeg ik opmerkingen van oudere collega's: 'We gaan het wielrennen niet kapot maken, hè.'"

Vandeweghe: "Het keerpunt was de Festina-Tour van 1998. De journalisten van Het Laatste Nieuws kregen vanuit Brussel het consigne: 'Jongens, nu móéten we wel over doping gaan schrijven.' Waarop de verslaggevers ter plaatse: 'Wij zijn geen gerechtelijke verslaggevers.' Einde gesprek. Dat kun je je nu niet meer voorstellen: Het Laatste Nieuws is het scherpst als het over doping gaat."

Hanot: "Indertijd gaf de President, een doorgewinterde wielerjournalist wiens naam ik niet noem, zijn dopingprimeurs aan mij: 'Wij mogen daar toch niks mee doen.'"

Pauli: "Ik herinner me een Brabantse Pijl. Museeuw wint. Na de aankomst hoor ik in het gedrum opeens een stem boven me - de President: 'Moet je nu zien, Walter: het schuim staat hem op de lippen.' Daarna wint Museeuw ook de Ronde van Vlaanderen met een verschroeiende demarrage en opnieuw: schuim op de lippen. Ik schrijf daar een stukje over. Maar de President? Geen woord, hè. Geen letter in zijn krant."

Vandeweghe: "Schuim op de lippen, dat is weer zo'n broodjeaapverhaal. Heeft niks met doping te maken. Dat overkomt je als je natriumbicarbonaat neemt om de verzuring tegen te gaan. Typisch wielrennen: aan de ene kant zwijgen als het graf, aan de andere kant futiliteiten opkloppen tot mythische proporties. Ik heb twee jaar voor Het Nieuwsblad gewerkt. Om eerlijk te zijn: ik had weinig respect voor de échte wielerjournalisten die zoveel meer wisten dan ze schreven. Maar ik moet bekennen: mijn ogen zijn open gegaan. Wat een evenwichtskunstenaars! Opgepookt door een hoofdredacteur als Peter Vandermeersch moesten ze zo veel mogelijk spraakmakende quotes uit renners halen, maar tegelijk ook in het wereldje blijven functioneren. Ga maar eens aan de bus van RadioShack staan: 'Is het waar, meneer Armstrong, hebt u doping genomen?'"

Pauli: "Het is een vorm van beleefdheid dat je aan het eind van een loodzware bergetappe niet vraagt: 'En, heb je dat nu helemaal zuiver gedaan?'"

Hanot: "Ik heb die vraag nooit gesteld."

Pauli: "Je moet scherp toekijken, analyseren, en daarna in alle eerlijkheid schrijven wat je denkt - ook als je twijfelt. De overwinning van Jelle Vanendert in de Tour van 2011, daar klopte niks van: meneer rijdt in de Pyreneeën de Schlecks en Contador op een hoopje. Ik heb mijn twijfels geventileerd: de reacties waren vijandig, ook bij het kritische publiek van De Morgen."

"Eén keer had ik beter moeten weten, met Floyd Landis in 2006. Eén dag na zijn inzinking op La Toussuire trekt hij van meet af aan in de aanval, in een rit over vier cols: het peloton ziet hem niet meer terug. 's Avonds kan ik via een collega het hotel van Landis binnen: champagne bij beken, Landis tot een gat in de nacht aan de zwier met twee vrouwen. Bon, ik schrijf een lyrisch stuk over zijn heldendaden. Maar toen het resultaat van de dopingcontrole bekend raakte, kon ik mezelf wel voor het hoofd slaan."

Hanot: "Je moet gewoon een slag om de arm nemen. Heb ik altijd gedaan nadat de genaamde Ludo Loos een bergrit had gewonnen. Na afloop stond hij voor me: hij keek dwars door me heen. Die zat op een andere planeet."

Pauli: "Weet je nog in welke staat Dirk De Wolf Luik-Bastenaken-Luik heeft gewonnen?"

Hanot: "Na de aankomst stond ik naast hem: ik durfde geen sigaret op te steken. Die zat volgens mij zo vol als een ei, maar kun je dat schrijven? Nee."

Pauli: "We hebben ons soms laten charmeren: Abdoesjaparov, de oude spurtbom uit Kazakstan die een rit in het middengebergte won. Dat kon niet."

Hanot: "Dat was geestig."

Pauli: "Ik heb lange tijd gedacht dat Rabobank een cleane ploeg was."

Met dokter Geert Leinders?

Hanot: "Ik ben geen voorstander om dokters de steen te werpen. Zij hebben de dopingpraktijk in handen genomen en minder gevaarlijk gemaakt. Dokter Eric Ryckaert van Festina was een eerbaar man."

Vandeweghe: "Ryckaert wist niet wat Willy Voet achter zijn rug uitvrat. Hij ging ook op in de roes van het winnen, allicht."

Pauli: "Zijn renners gingen overal shoppen."

Vandeweghe: "Doen ze bij alle ploegen. Patrick Lefevere heeft zijn kopman Tony Rominger ontslagen omdat hij ook nog eens privé werd begeleid door dokter Ferrari. Als Ferrari op bezoek kwam, ging de deur van Rominger op slot: de aanwezigheid van ploegdokter Yvan Van Mol was niet gewenst. Alleen, Ferrari begeleidde op dat moment verscheidene renners, de besten van het peloton. Hij besliste indertijd wie de Giro won."

Pauli: "Van een ezel kun je geen koerspaard maken: dat geldt niet meer sinds de introductie van epo en bloeddoping. De waardeverhoudingen zijn scheefgetrokken. Toen Riccardo Ricco fors uitpakte in de Tour, heb ik meteen geschreven: 'Het stinkt.' Dat wist ik omdat zijn ploegmaat, de oude Leonardo Piepoli, in zijn spoor bleef.

"Daarom koester ik ook het grootste wantrouwen tegenover de ploeg van Sky."

Is Sky het nieuwe Motorola?

Pauli: "In de rit naar La Planche des Belles Filles snelden vorig jaar vier renners van Sky met Vicenzo Nibali naar boven. Dat is voor mij een flashback naar de ploegentijdrit van de Festina's in 1997, sorry. Richie Porte is, na Chris Froome, ongeveer de beste klimmer van het peloton. Ik meen me bergritten te herinneren dat hij niet in de kopgroep aankwam, en ook niet in de daaropvolgende groepjes. Hoe verklaar je die gedaantewissel?

"David Walsh volgt nu, als embedded journalist, de Tour voor Sky. Hij noteert de woorden van Bradley Wiggins: 'Ik ga nooit doping gebruiken: ik heb bij mijn vader gezien hoe doping zijn leven heeft verwoest.' Mooi. Maar wat zei Armstrong ook alweer: 'Denk je nu echt dat ik zo stom zou zijn om doping te nemen nadat ik, met de inzet van al mijn krachten, kanker heb overwonnen?'"

Vandeweghe: "Wat me bij het wielrennen blijft verbazen, is het aperte gebrek aan trainingsleer. Dokter Ferrari heeft daar verandering in gebracht: hij liet renners met een bepaald vermogen klimmen in een bepaalde tijd. Sky heeft die methode geperfectioneerd."

Met dokter Leinders in de medische staf.

Vandeweghe: "Wiggins is de beste achtervolger aller tijden, die duwt een onwaarschijnlijk vermogen. Ik vraag me alleen af: hoe heb je zo veel power als je zo mager bent? Vergelijk Wiggins de baanwielrenner die op de Olympische Spelen in Peking (2008) goud wint met Wiggins de Tourwinnaar (2012): de tweede versie is véél kilo's kwijt. Porte ook.

"Overigens: de klim naar La Planche des Belles Filles is geen referentie. Die kun je in het rood rijden omdat hij zo kort is."

Pauli: "Ik blijf met de vraag zitten: waarom gaan alleen de renners van Sky zo hard?"

Hanot: "Hans, zou het je verbazen als de renners van Sky toch van het verboden potje hebben gesnoept?"

Vandeweghe: "Mij verbaast niks meer."

Pauli: "Indurain duwde de grootste wattages bergop: bijna 500 watt."

Vandeweghe: "Antoine Vayer, de oud-trainer van Festina, heeft op grond van de wattages verklaard: 'Armstrong was een lichte dopeur in vergelijking met Indurain.'"

Pauli: "Volgens Vayer is Landis de minst verdachte."

Vandeweghe: "Dat is hij ook: in de Tour van 2006 reed hij met 330 watt naar boven - die dag waarschijnlijk met vers bloed.

"Je kunt het dopingprobleem in een handomdraai oplossen. Combineer de wattages met de gegevens van het bloedrapport, en je ziet zo wie er geknoeid heeft.

"Met het bloedpaspoort hebben de controleurs een kwantumsprong voorwaarts gemaakt. Het beste bewijs was de Giro: de prestaties van Danilo Di Luca en Mauro Santambrogio bleken het gevolg van epo. Het wordt steeds moeilijker om te frauderen."

Is dat zo? Dopingcontroleur Peter Van Eenoo heeft in deze krant nog verklaard dat hij geen groeihormoon kan vinden.

Vandeweghe: "Groeihormoon helpt niet."

Renners blijven het wel gebruiken.

Vandeweghe: "Controleurs vinden het wel, op indirecte wijze. Nu goed, renners rijden niet meer in supertijden de cols op. De jonge Lance Armstrong, Marco Pantani, Miguel Indurain duwden zeven watt vermogen per kilogram lichaamsgewicht, nu is dat hooguit 6,2 watt. In de Tour die Cadel Evans wint, komt er geen enkele renner boven de zes watt uit. Van zeven naar zes watt, dat is min vijftien procent. Vijftien procent is de winst die je met epo boekt."

Hanot: "Oké, maar je kunt niet uitsluiten dat renners alweer nieuwe dingen uitproberen. Het blijft stroper tegen boswachter."

Je had het Usada-dossier, waarmee Armstrong ten val kwam. In Nederland heb je de commissie-Sorgdrager. In Duitsland trekt de mist op, in Frankrijk ook. Wanneer komen wij met een waarheidscommissie?

Pauli: "Kan nog even duren. Bondsvoorzitter Tom Van Damme verklaarde naar aanleiding van Bloedbroeders, het boek over de dopingpraktijk bij Rabobank: 'Wij moeten in België niet naar het verleden kijken, laten wij ons richten op de toekomst.' It sucks."

In alle buitenlandse revelaties duikt steevast een Vlaamse connectie op.

Hanot: "Dat is een historisch gegeven: Vlaanderen is de bakermat van het wielrennen."

Vandeweghe: "En toch waren wij geen voorlopers maar meelopers. Johan Bruyneel heeft het geleerd bij Once.

"In mijn boek schrijf ik: 'Het is niet duidelijk wanneer de ploeg-Lefevere is gestopt met het controleren c.q. het organiseren van doping.' En Yvan Van Mol, de ploegdokter, zegt: 'Het beste boek over doping'. Wat betekent dat? Iedereen heeft het gedaan. Maar moet je het daarom ook gaan individualiseren?"

Dat hoort bij het in kaart brengen.

Vandeweghe: "In september 2012 verklaart Johan Museeuw in Gazet van Antwerpen: 'Een renner die destijds doping nam was in de ogen van iedereen in het milieu professioneel met zijn vak bezig. Je kon twee kanten op: of je sprong op de trein, of je bleef op het perron staan. Geloof me: er zaten veel passagiers in de wagons.' Is dat een verregaande bekentenis of een verregaande bekentenis? Maar niémand pikt dat op."

Daarom komt het in Vlaanderen niet aan het licht?

Vandeweghe: "Het is al aan het licht gekomen: Vandenbroucke, Ryckaert, Museeuw, Chris Peers, Peter Farazijn, Mario De Clercq. Maar wij zijn katholiek, wij willen het niet geweten hebben: 'Zwiegt en doet voort!'"

Hanot: "Als je weet dat ongeveer iedereen boter op het hoofd heeft, moet je dan je liefde voor het wielrennen verloochenen? Eerlijk: ik vind het persoonlijk niet zo erg. Ik heb genoten van de Tours van Armstrong. Van de demarrages van Pantani. Claudo Chiappucci! Fantastisch! De enige die me stoorde was Indurain, die was te duidelijk voorgeprogrammeerd: als je een bankkaart in zijn gat stak, reed hij als een robot. Tot de Tour van Bjarne Riis: opeens stuikte Indurain in elkaar - en alles was voorbij.

"Riis had, volgens verzorger Jef D'hont, een hematocrietwaarde van bijna zestig procent. Bloed zo dik als confituur. Maar Riis is nog altijd ploegleider."

Pauli: "Moet elke bedrijfsleider die zwart geld heeft gebruikt voor eeuwig en altijd gestraft blijven? Ik vind van niet. Maar dan moet je dezelfde strafmaat hanteren voor wielrenners."

Hanot: "Waarom moet Johan Bruyneel aan de kant blijven, en Riis niet?"

Vandeweghe: "Riis mag zijn Tourzege behouden, Armstrong niet."

Pauli: "Dat stoort me mateloos: doping als argument gebruiken om aan geschiedenisvervalsing te doen. Virenque verliest géén bolletjestrui, Zabel verliest één groene trui. Wat een willekeur!"

Heeft Armstrong voor jullie zeven Tours gewonnen?

Hanot: "Jazeker."

Pauli: "Zeven Tours met doping."

Vandeweghe: "Zeven Tours met sterretje."

Dat is dus een Vlaams antwoord.

Hanot: "De enige bij wie je geen sterretje hoeft te plaatsen, is Cadel Evans."

Vandeweghe: "En Greg LeMond. Had geen enkele spuitplek op zijn gat, weet ik van ploegmaats."

Hanot: "Waarom zou Armstrong geen zeven Tours hebben gewonnen als degenen die na hem kwamen net zo geprepareerd waren?"

Pauli: "Hoeveel Tours heeft Jacques Anquetil gewonnen?"

Vijf.

Pauli: "Anquetil zei openlijk dat hij verboden middelen nam. Als je de zeven Tours van Armstrong afpakt, moet je ook de vijf Tours afnemen van Anquetil, Merckx, Hinault, Indurain."

Vandeweghe: "Merckx' carrière heeft tien jaar geduurd, die van Armstrong negentien."

Is Walsh, die het als eerste tegen Armstrong opnam, een held?

Pauli: "Een bijzonder goede en dappere journalist."

Vandeweghe: "Tot hij begon te verkondigen dat Armstrong maar een modale renner was. Klinkklare onzin. Armstrong was een van de grootste atleten uit de geschiedenis van de sport. Alleen, hij was ook bijzonder goed in het afdreigen van mensen. En in het effectief toepassen van doping. Maar: het ging om welgeteld drie bloedzakjes per jaar. De rest van de wedstrijden reed hij zuiver - die moest hij niet winnen."

Hanot: "In triatlons is hij nog altijd een van de besten van de wereld. Dan kun je de vraag stellen: heeft zo'n man een ongezond leven geleid?"

Precies.

Vandeweghe: "Oké, het hormonaal evenwicht herstellen na een zware inspanning is misschien niet verkeerd. Maar: waar trek je de grens? En: je verplicht de andere renners het ook te doen."

Dat zijn ze al, als ze willen winnen.

Pauli: "Ja, en de kopman krijgt vier zakken bloed tijdens de Tour, en de knechten één, zo staat het in Bloedbroeders. Is dat eerlijk?"

Hanot: " 'De koers is de uitvergroting van de maatschappij.' Citaat van jou, Walter. Ik vrees dat doping bij topsport hoort. Kijk naar de atletiek."

Vandeweghe: "Daar begint het."

Pauli: "Bij Fuentes kwamen ook voetballers."

De Tour begint zonder jullie als verslaggevers. Jammer?

Pauli: "Als ik voor Knack nog een keer zou kunnen meegaan, ben ik weg."

Dagen van zestien uur kloppen. Toppie.

Vandeweghe: "Heb jij hem ooit zien werken in de Tour? De Bosnische kindertjes die volledig onderkomen in Anderlecht zijn aangetroffen, zagen er beter uit dan Walter na twee weken Tour."

Pauli: "Wat zou ik mij in de warme maand juli op een redactie in Brussel zitten vermoeien als ik ook kan tikken met uitzicht op de Middellandse Zee?"

Vandeweghe: "Je hebt je momenten in de Tour: je komt in de perszaal aan, het eten staat klaar met de plaatselijke specialiteiten, je neemt een bordje en je gaat buiten op een bankje zitten wachten op de renners die komen."

Hanot: "En heel even is de wereld van jou."

Walter Pauli

Hans Vandeweghe

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden