Woensdag 28/07/2021

'Je kunnen bukken, het is ook deel van de stiel'

Norbert De Batselier begon als wonderboy van de SP, ontpopte zich tot partij-ideoloog en waagde zich in de voetsporen van Leo Collard aan de laatste grote oproep om tot een progressief front te komen. Deze week zwaait hij af als voorzitter van het Vlaams Parlement. Hij ruilt de sp.a voor de Nationale Bank. Een afscheid, niet zonder bitterheid. De sp.a wilde al enkele jaren geen ideologen meer, maar babes.

Door Filip Rogiers

Het socialisme zal gezellig zijn, of het zal niet zijn. Met die boutade stootte Steve Stevaert eind jaren negentig door naar de top van de Vlaamse socialisten. Hij werd in 1998 minister in de Vlaamse regering, in hetzelfde jaar dat Norbert De Batselier zijn partij de eerste grote ideologische poetsbeurt sinds 1974 gaf: het Toekomstcongres. De teksten daarvan vormen nog altijd een lijvig en behartenswaardig progressief boekwerk, maar het is nooit echt uit de kast gekomen. In 1999 leed de SP een historische nederlaag, er kwamen andere meesters, de SP werd sp.a, het socialisme een hype, gezellig en gratis.

De Batselier kreeg eind de jaren negentig nog wel wat schouderklopjes als 'Soeslov van de partij', maar minister werd hij niet meer. Tot het selecte clubje van de Teletubbies heeft hij nooit toegang gehad. Tegen die tijd was de SP voor hem al enige jaren een 'koude' partij geworden. Agusta kraakte hem en zijn generatie, de vriendschappen tussen tenoren. "In 1995 zag ik al heel goed dat het ieder voor zich was", zei hij daarover. "Iedereen wou zich redden. Het resultaat was een partijtop van individuen en niet langer een groep, een team."

Als Norbert De Batselier iets niét was, nooit geweest is, dan wel gezellig. De Dendermondenaar is een schitterende studax, een doordesemd socialist die op zijn zeventiende niet alleen het Communistisch Manifest van Karl Marx gelézen had, maar er ook een artikel over pleegde. Hij heeft een rode stamboom om u tegen te zeggen: zijn vader was spoorwegarbeider die, zoals zoonlief, geen standaardwerk over het socialisme ongelezen liet.

Maar een gezellige socialist, nee, dat is Norbert De Batselier zeker nooit geweest. Hij studeerde economie, specialiteit: de 'prijselasticiteit', en wilde eigenlijk prof worden. Maar hij kwam terecht op de studiedienst van het ABVV, waar Georges Debunne al snel een opvolger in hem zag. Freddy Willockx leerde hem daar beter kennen. "Ik was als vakbondssecretaris Georges' man op het terrein, Norbert was zijn denker."

Maar een nog mooier aanbod kreeg De Batselier van de pas SP-voorzitter geworden Karel Van Miert. Van Miert was zelf een relatieve buitenstaander - Patrick Janssens werd later wel eens met hem vergeleken - en hij wilde de oude partij een nieuw elan geven. Een generatie wonderboys trad in de rode ring: Luc Van den Bossche, Marcel Colla, Louis Tobback, Freddy Willockx en De Batselier zelf. In 1979 wordt 'Bats' kabinetschef van Marc Galle, een jaar later treedt hij toe tot het partijbureau, nog een jaar later is hij volksvertegenwoordiger.

"Het zijn de jaren waarin de partij onder leiding van Louis Tobback furore maakt in de oppositie tegen de volmachtenregering van Wilfried Martens", zegt Freddy Willockx. Als een vis in het water voelt De Batselier zich in de debatten over de zogenaamde nationale sectoren, kolen en staal. In 1988 komt hij als socialistische minister vicepresident in de Vlaamse regering, tot 1992 onder Gaston Geens, nadien tot 1995 onder Luc Van den Brande, respectievelijk eerst als minister van Economie, vervolgens Leefmilieu en Huisvesting.

Ook Eric Van Rompuy (CD&V) herinnert zich De Batselier in het economische debat van de jaren tachtig en negentig, maar dan wel als politieke tegenstander. "Een oude socialist, een etatist pur sang. Ook toen hij minister van Economie werd, bleef dat erin zitten. Hij wilde weliswaar geen ten dode opgeschreven bedrijven in leven houden, maar hij geloofde toch in een ferm structureel optreden van de overheid in de economie. Elke week vergaderde hij met Gerard Van Acker van de Gewestelijke Investeringsmaatschappij (GIMV), de overheidsholding. Dat liep niet te best af, zoals gebleken is met de Boelwerf en de Kempense Steenkoolmijnen. De Batselier wilde altijd graag sturen vanuit de kabinetten, overal wilde hij zijn pionnen."

Het is weinig bekend, maar De Batselier was eigenlijk de man die de Limburgse mijnen moest sluiten. "Hoe veel we ook gemeen hebben", zegt vriend Willockx. "Hij heeft een kwaliteit die ik mis: hij verstond de kunst om in slechte dossiers uit de wind te blijven. Wie weet er in Vlaanderen nog dat Norbert de mijnen heeft gesloten? De mijnwerkers kwamen niet voor zijn deur, maar wel voor die van de minister van Pensioenen betogen. Je kunnen bukken: het is ook een deel van de stiel".

Maar Willockx herinnert zich De Batselier vooral voor zijn visionaire politieke gaven. "Hij was de eerste in de partij, weliswaar in het spoor van Galle, die rood een groen accent begon te geven." Toen hij minister van Leefmilieu werd, hebben de boeren het geweten. Hij legde een streng Mestactieplan op tafel. Het zorgde voor een bikkelharde strijd tussen SP en CVP in de regering-Van den Brande. En alweer een ernstig incident met Eric Van Rompuy: "De Batselier zei dat de overbemesting van Vlaanderen baby's het leven kon kosten. 'U noemt de boeren dus kindermoordenaars?', riposteerde ik. Toen werd hij woest. En als hij koleriek wordt, speelt hij het altijd persoonlijk."

Nelly Maes (Spirit), compagnon de route, ziet het anders: "Onder zijn impuls zette de Vlaamse regering een stap in de richting van een vernieuwend bestuur. Het Vlaamse en het ecologische heeft hij op een pragmatische, maar toch besliste manier in het beleid geïntegreerd. Zijn Mestactieplan was moedig en verantwoord."

Als rood al enig krediet kreeg bij de groenen, was dat de verdienste van De Batselier. Het zou van pas komen toen hij even later begon te dromen van een progressieve frontvorming. Willockx kondigde het aan op 1 mei 1994: een groot, wijs man zou opstaan en op een wit blad een links blok uittekenen. Het was Willockx die De Batselier in contact bracht met die wijze man: de linkse oud-VU'er Maurits Coppieters. "Ze werden de beste vrienden", zegt Nelly Maes. "Het bewijst dat Norbert altijd veel meer is geweest dan de zakelijke studax waarvoor hij wel eens versleten wordt: het is ook een zeer bewogen man."

In 1995 wordt hij parlementsvoorzitter. Gekraakt dan al door Agusta, maar toch nog gedreven. Hij wordt burgemeester in Dendermonde, aan het hoofd van de kartellijst Inzet waarin hij socialisten, enkele CVP'ers van ACW-strekking en één linkse Vlaams-nationalist samenbracht. Het Sienjaal in het klein als het ware, zoals de droom Coppieters-De Batselier zou gaan heten. Er komt een boek van, een mooi idee, maar praktisch wordt het niet. Al zal De Batselier zich jaren later wel 'troosten' met het idee dat het kartel sp.a-Spirit er een verre uitloper van was.

"Norbert is te snel op de zijlijn geplaatst in zijn partij", zegt Maes. "Het Sienjaal is daardoor niet diep genoeg kunnen doordringen. De SP zat te veel gevangen tussen utopie en machtsdeelname."

In 1998 ligt het Sienjaal al onder het stof, maar zowel de rood-groene gedachte als de 'terugkeer' naar het linkse flamingantisme - het is de enige aanvaring die De Batselier ooit met unitarist Willockx had - vinden toch hun weg in het SP-Toekomstcongres.

Maar dan is het over en uit. Het socialisme is nu aan Steve Stunt. En de politiek is paars. Met de 'open debatcultuur' heeft De Batselier niets op. Balen doet hij van de gemediatiseerde politiek, de stemtest van Siegfried Bracke en de sofa van Mark Uytterhoeven. De Batselier trekt zich steeds meer terug in zijn Vlaams Parlement dat, zo erkennen vriend en vijand, onder zijn impuls een van de meest professionele, moderne en best uitgeruste parlementen van het land is geworden. Het enige parlement dat ook letterlijk een glazen huis is.

"Hij heeft goede dingen gedaan", zegt zijn kwelduivel Eric Van Rompuy. "Maar ik heb nooit begrepen hoe de pers hem altijd als een minzaam en onthecht man afschilderde. En als de grote ideoloog. Onder die bast was hij een apparatsjik, zeer autoritair en hiërarchisch denkend." Zijn vriend Willockx: "Over dat gedoe met zijn ontslagvergoeding en wat hij bij de Nationale Bank zal verdienen, spreek ik mij niet uit. Hij is de geknipte man voor die job. En we hebben samen zo'n mooie, lange weg afgelegd, dat we altijd vrienden blijven."

De Batselier keert, sneller dan verwacht, terug naar zijn roots: de wondere wereld van de 'prijselasticiteit'. Het glazen huis staat er nog in de Wetstraat, maar in zijn eigenste Dendermonde is Inzet opgeheven. En Maurits Coppieters is dood.

Partijgenoot Freddy Willockx:

Hoeveel we ook gemeen hebben, hij heeft een kwaliteit die ik mis: hij verstond de kunst om in slechte dossiers uit de wind te blijven

Ik heb nooit begrepen hoe de pers hem altijd als een minzaam en onthecht man afschilderde. Hij was een apparatsjik, zeer

autoritair en hiërarchisch denkend

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234