Zaterdag 10/12/2022

'Je haalt de top of je valt te pletter, meer opties zijn er niet'

Het snelle geld van Silicon Valley

Silicon Valley is slechts veertig kilometer lang en vijftien kilometer breed. Er wordt over miljoenen gesproken alsof het om tientjes gaat. De salarissen liggen er zestig procent boven het landelijke gemiddelde. Daar beslist het investeringskapitaal over producten en industrieën. 'Het is een bepaald type persoonlijkheid dat Silicon Valley aantrekt, het type dat de opwinding van de hoogste pieken nodig heeft en de ellende van de diepste dalen. Het is een levensstijl op zich.'

'Het is duidelijk', concludeert Tim Draper na een kwartier, "jij en wij, we passen bij elkaar. Wat bied je ons aan?" Guy Kawasaki leunt zelfverzekerd achterover. "Een aandeel van 10 procent in mijn bedrijf garage.com."

"Wij willen een zinvol percentage", zegt Draper, die tegenover hem zit aan de ovalen vergadertafel. Kaarsrechte rug, handen ontspannen op de armleuningen van zijn stoel. "20 procent."

"Ik weet niet of ik zoveel geld kan inzamelen."

"We zijn perfect voor elkaar, dat weet je. Maar wij moeten een behoorlijk groot percentage hebben. Anders verdienen we er niets aan." Kawasaki schatert het uit. "Je maakt me aan het huilen, Tim! Echt! 80 procent gaat naar degenen die in ons investeren, dus houden wij 20 procent over. Dat moeten we weer onder de partners verdelen. Reken maar uit. We geven je vijf miljoen dollar en jij kunt met je bedrijf naar de beurs."

"Jongens, mijn raad van bestuur gaat er niet voor, dat kan ik nu al zeggen. Voor 15 procent doen jullie het niet?"

Draper haalt gemaakt onverschillig zijn schouders op. "Waarom? Dan krijgen we een klein deel van een klein deel van een klein deel. Eén procent van een miljard dollar? Mwah." Zijn bruine adelaarsogen boren zich in Kawasaki. "We zijn bereid om tot zes miljoen te gaan. Overtuig je raad van bestuur en dan wordt dit een grote Amerikaanse NV. Een grote internationale NV. Een van de grootste successen ooit! Je kunt aan de race beginnen. En dit is een gigantisch snelle race."

Kawasaki slaat zijn ogen ten hemel. "O God, help me! Ik voel me alsof ik het pijporgel bespeel."

Draper, onbewogen: "Mooi zo. Ik ben blij dat we muziek in je oren doen klinken."

De dag is nog maar net begonnen. Maar bij Draper, Fisher & Jurvetson, een van de grootste venture capital-firma's in Silicon Valley, wordt al over miljoenen gesproken alsof het om tientjes gaat. Hier wordt het spel gespeeld waar Silicon Valley om draait. Een hard spel, want wie de regels niet kent, wordt genadeloos van het bord geveegd. Elk jaar komen er in dit epicentrum tienduizend zakenplannen binnen van ondernemers die een start up willen beginnen. Slechts honderd van hen krijgen uiteindelijk het felbegeerde risicodragende kapitaal.

Kennen ze hun branche? Is het een goed zakenplan? Is de markt groot? En dan, als we ze hebben uitgekozen om hier te komen, gaat het erom: heeft de ondernemer dat vuur, die energie? Wil hij een bedrijf van een miljard dollar opzetten? Dat is doorslaggevend, zegt Tim Draper vanachter zijn bureau. Aan de muur een kunstwerk dat is samengesteld met geldbiljetten uit de hele wereld.

Niemand die zoveel macht heeft in Silicon Valley als de venture capitalists, de VC's. Omdat zij beslissen in welke producten ze investeren, zijn ze in staat om complete industrieën te scheppen. Ze putten daarvoor uit ongeveer vijfhonderd private fondsen in de Verenigde Staten. De naar schatting 22 miljard dollar op Sand Hill Road, waar de VC's in anonieme kantoorparken huizen, is de dichtste concentratie investeringskapitaal ter wereld. Maar in ruil voor zijn geld eist de VC, ook wel vulture capitalist genoemd, een fors deel van het bedrijf. "Meestal 20 tot 50 procent van de aandelen", zegt Draper. "Meedogenloos? Ach, schei uit. Guy Kawasaki was buiten zinnen van geluk! Hij weet dat wij hem groot maken. Als wij onze stempel van goedkeuring op een bedrijf zetten, is het echt."

Draper is het schoolvoorbeeld van de golden boy. Strak in het pak, spiksplinternieuwe, bronskleurige Mercedes voor de deur. En hij weet hoe geld werkt. Een bedrijf financieren is als een ui pellen, legt hij uit. Eerst stopt de ondernemer zijn eigen geld erin. Vervolgens dat van vrienden en familie. Vrij snel kom je bij de echte rijke mensen. Dat zijn de engelen.

Dan pas komen de VC's in beeld. Tot het punt is bereikt waar alle ondernemers in Silicon Valley naar streven: een beursgang. Als ze tenminste niet voor de exitstrategie kiezen en hun bedrijf voor die tijd laten opkopen.

Draper: "Dit is een fenomenale tijd. Nooit eerder vertoond! Eerst verdubbelde ik een investering elke twee jaar. Door internet is dat elk jaar, want er wordt nu een hele nieuwe economie tot stand gebracht. Het kan nog wel twintig jaar duren voordat die is gevestigd."

Welnee, het gaat hem niet om het geld. Hij heeft al geld. "Ik doe dit uitsluitend om het ondernemerschap te verspreiden. Als je aandelen in een bedrijf hebt, laat je dat groeien. Het betekent dat je om die onderneming geeft, dat je alles om je heen wilt verbeteren. Kapitaal heeft deze tafel gecreëerd, deze pen, deze computer. Als een ondernemer zegt dat hij het voor het geld doet, gaan bij mij alle alarmbellen rinkelen. Degenen die een fortuin verdienen, zijn degenen die zeggen: ik weet hoe ik de wereld wil veranderen."

Silicon Valley, de corridor ten zuidoosten van San Francisco tot San José, is slechts veertig kilometer lang en vijftien kilometer breed. Aan de autoweg 101, die het gebied doorkruist, schieten de kantoorgebouwen als onkruid uit de grond tussen de motels en de winkelcentra. Neem de afslag Mountainview, Redwood City of Menlo Park en er ontrollen zich brede straten vol lage, pastelkleurige campussen. Mexicaanse tuinmannen zijn de hele dag bezig om de hagen te knippen en het gras te maaien. Geen grassprietje zit verkeerd in Silicon Valley.

Een geschilferde keet is het nu, de houten garage waar William Hewlett en David Packard in 1938 hun bedrijf begonnen. Ze deden dat op advies van hun docent Fred Terman, die afgestudeerde techneuten van Stanford University in de regio wilde houden. Maar pas toen de universiteit halverwege de jaren vijftig wegens financiële problemen een deel van haar grond aan hightechbedrijven leaste, moesten de boomgaarden in de vallei het veld ruimen voor een industrie die steeds ingrijpender bepaalt hoe er wordt gewerkt, gerecreëerd en gecommuniceerd. Apple-oprichter en hippie Steve Jobs, die in 1976 de eerste pc introduceerde, beschouwde de computer zelfs als zijn persoonlijke instrument om de samenleving te veranderen. "De wereld veranderen? Dat hoor ik hier nooit meer iemand zeggen." Linda Jacobsons wijsvinger priemt naar een rode Lotus op de parkeerplaats: Typisch voorbeeld van hoe er in Silicon Valley tegenwoordig met geld wordt gesmeten. Haar eigen stoffige autootje, met Grateful Dead-sticker, staat in een bezoekersvak. Uit principe. Ik woon ook niet hier. Kan ik me niet eens voorstellen in zo'n monochromatische wereld.

Jacobson (40) noemt zichzelf een van de laatste idealisten in de vallei. De voormalig journaliste en mede-oprichter van het blad Wired werkt als virtual reality-evangelist bij Silicon Graphics. Voor onder meer het onderwijs en de medische sector bedenkt ze hoe deze technologie kan worden gebruikt. Ik ben een technologisch humanist. De virtual reality-gemeenschap gelooft dat computers niet alleen voor de techno-elite zijn. Het zijn artistieke, belezen mensen die van debatteren houden en al hun zintuigen gebruiken. Geen mensen die golf spelen, met BMW's rijden en zich druk maken over hun aandelenopties.

Want door de mogelijkheid op instantrijkdom die door internet is ontstaan, zuigt Silicon Valley nu goudzoekers uit de hele wereld aan. De salarissen liggen er zestig procent boven het landelijke gemiddelde. Toch kan ruim een derde van de inwoners zich geen eigen huis veroorloven. In de duurste woningmarkt van Amerika wordt momenteel voor een schoendoos nog een half miljoen dollar neergeteld. De miljardairs en iconen van de vallei leven in Woodside, waar eindeloze oprijlanen met namen als Why worry Lane naar onzichtbare landhuizen kronkelen.

"Deze plek is niet echt, het is Disneyland", verzucht Jacobson. Maar wat doet ze dan hier? "Ik werk met de meest briljante mensen ter wereld!", roept ze enthousiast uit. En ik geloof dat wat ik doe, invloed op de mensheid heeft. Dit is de enige plaats ter wereld waar ik zo'n baan kan hebben. Ik zou nergens anders willen zijn."

Vraag het aan de programmeur, de ondernemer, de adviseur. Allemaal zeggen ze hetzelfde: overal in de Verenigde Staten en in andere werelddelen zijn er Siliconia, maar nergens tref je dezelfde microkosmos aan met zoveel talent, creativiteit, energie, ondernemingsdrift, knowhow en kapitaal op een paar vierkante kilometer.

Al die elementen komen bij elkaar in Bucks. Omringd door ingelijste kunstgebitten, een pop in een astronautenpak, plastic reptielen, een draaiende buffalokop en cowboyhoeden als lampenkappen sluiten investeerders en ondernemers in deze diner boven het power breakfast miljoenendeals. Bucks hoort net zo bij de Silicon Valley-cultuur als de hockeyende rollerskaters op de campussen, de frisbeecompetities en de joggers die 's ochtends in het donker al langs de wegen rennen. En zie de mountainbikers in hun aërodynamische stretchpakken van de heuvels afzoeven. Iedereen doet het immers en je moet zowel je investeerders als de concurrent laten zien dat jij dit spel mee kunt spelen.

"Je kunt hier niet verzwakken. Je moet altijd sterk overkomen", zegt Scott Hublou (32), oprichter van Asimba.com. Nog maar anderhalf jaar geleden vatte hij het plan op om een website met persoonlijke trainingsprogramma's te beginnen. Nu werken er 31 mensen in het driehonderd vierkante meter krappe kantoortje. Zelfs in de keuken blijken achter een wandje drie werknemers te zijn weggepropt. Soms vouwen de programmeurs hun slaapzakken uit tussen de archiefkasten en de dozen om een paar uur te rusten voordat ze weer achter die vervloekte computer kruipen. Want bij een start up kan een werkdag twintig uur duren.

"Het kan niet anders", zegt Hublou. "Internet gaat zo snel. Onze concurrenten zitten ons op de hielen en als we vertragen, eten ze ons op. In het internetspel ben je nu of een flinke winnaar of je eindigt met niets." Nadat hij zijn moeder heeft begroet, die de voorraad Power Bars komt aanvullen ("Zo zie ik haar tenminste af en toe"), beent hij naar de vergadering in de mobiele conferentiekamer: het terras van het cybercafé om de hoek. Hublou: "Er moeten A-spelers worden aangetrokken, want die nemen A-plusspelers in dienst, terwijl B-spelers alleen maar C-spelers aantrekken. Het is een natuurlijke selectie." Hij trekt zijn palm pilot te voorschijn. De volgende afspraak wacht.

Slalommend in de auto, met de telefoon vastgeplakt aan zijn oor: "Een start up eist verschrikkelijk veel van je lichaam. Omdat je zoveel stress hebt, verkeer je continu in een vecht- of vluchtstemming. Daarom moedig ik mijn personeel aan om tussen het werk door te sporten. Goed voor de productie ook, al die endorfines die vrijkomen."

"Wacht", hij zal wel even laten zien wat hij bedoelt. De wagen scheurt het parkeerterrein op van zijn nieuwe kantoorpand. Parmantig struint Hublou erdoor: "Aan deze wand komt een klimmuur. Die muur hang ik vol kajaks. Er is ook een douche in het pand gebouwd. Zonder die douche had ik het niet gehuurd." Zelf traint hij naast zijn zestigurige werkweek voor een triatlon. Op zijn vrije zaterdag fietst hij 160 kilometer. "Wat moet ik anders doen als ik niet werk?", grijnst hij terwijl hij zijn slippers verwisselt voor renschoenen. "Zonder doel verveel ik me. En het is leuk, want ik doe het met tien goede vrienden. Houd ik meteen mijn sociale contacten bij."

Drie kwartier later komt hij zwetend aanlopen. Bij de geparkeerde auto trekt hij een schoon shirt aan. Het diepgouden licht van de ondergaande zon op zijn gezicht. "Het lijkt een sprint, maar dit bedrijf van de grond tillen, is voor mij hetzelfde als een triatlon afleggen. Ik heb het gered! Dat gevoel. De financiële beloning, daar denk ik misschien één keer per maand aan. Wanneer ik de berekeningen maak. Woeh! denk ik dan. Maar als je je te veel op het geld concentreert, verlies je."

De waarde die mensen in Silicon Valley hun onderneming toedichten, is immers vaak geen echt geld. Het is een cijfer dat de VC heeft genoemd. Hublou: "Nattevingerwerk. Het is dansen op lucht, morgen kan het allemaal voorbij zijn. Dat maakt Silicon Valley zo archetypisch Amerikaans: je haalt de top of je valt te pletter, meer opties zijn er niet."

Vanochtend heeft Hublou een investering van zes miljoen dollar binnengesleept, maar twee maanden eerder stond Asimba.com nog aan de rand van een faillissement. En eind dit jaar moet hij weer vijftien miljoen dollar hebben ingezameld. "Je mag niet aan jezelf gaan twijfelen. Zoals je bij het kajakken ook niet naar die rots moet blijven kijken. Dan raak je hem. Als dat gebeurt, zit er slechts één ding op: Je begint opnieuw."

Diner in het enorme landhuis van Jon Mittelhauser, ontwerper van de Netscape-browser. Is dit gekocht van Netscape-aandelen? Geschokte blikken. Het gezelschap zwijgt. Wie de eindstreep van de race heeft gehaald, praat niet over de trofee. Omdat zijn of haar vrienden nog niet zijn gefinisht. Maar vooral omdat de winnaars zelf maar amper kunnen geloven dat het is gelukt.

In Silicon Valley is nog niemand aan zijn weelde gewend, schrijft Po Bronson in zijn recente boek The Nudist on the Late Shift. "De verse rijkdom voelt zo ongemakkelijk dat engelengeld eenvoudig los is te peuteren. Het geld hier is als een puppy, onafgericht. Mensen geven geld, alleen voor de opwinding van de deal. Ze doen het omdat het gewaagd is om een risico te nemen. Mensen hier investeren in je start up omdat het simpelweg vermakelijker is om naar jouw gevecht te kijken dan om naar het concertgebouw te gaan."

"In de vallei halen we onze neus op voor oud geld: dat is beschimmeld. We willen weten wat jij voor je geld hebt gedaan", zegt Deborah Rieman op het parcours in Portola Valley. Blonde, hyperslanke vrouwen met verbeten gezichten springen er rond op glimmende paarden die Hewlett, Borrowed Money of Stretch Limo heten. Voordat Rieman aantrad als president-directeur van Checkpoint.com, belegde ze een vergadering met haar kinderen van 9 en 12. Ze legde hun alles uit over aandelenopties en een beursgang. Vier jaar lang werkte ze tachtig uur per week totdat de aandelen konden worden verzilverd. Tussen het berijden van haar paarden door werkt ze nu als adviseur en engel. Veertig uur. "Parttime, zeg maar", giechelt ze.

De spiegelende zonnebril onder de witte cowboyhoed wordt stevig op de neusbrug aangedrukt. "Als je zelf je geld hebt verdiend, ben je een energiek, intelligent en gedreven persoon. Dan word je er niet gelukkig van om de rest van je leven op een boot te zitten. Je wilt iets met die miljoenen doen, anders groeien ze niet."

"Daarin verschilt de nieuwe generatie van de oude", zegt ze. "Die wil haar macht behouden en zal daarom nooit ophouden met werken. Maar de jongeren zijn heel praktisch. Ze willen een kapitaal verdienen om daarna iets te gaan doen wat ze leuk vinden."

Ondernemer Doug Merritt (35) kijkt er na twaalf jaar in dit tempo te hebben gewerkt weleens naar uit. "Uitslapen, boeken lezen, vakanties, uitgaan, discussiëren over het nieuws. Ik mis het allemaal."

Bijna was hij ook zijn vriendin kwijtgeraakt en had hij bij het leger alleenstaande mannen van Silicon Valley gehoord, het grootste van de Verenigde Staten. Op een dag zette Rani Hublou (34) hem de deur uit. De twee workaholics zagen elkaar één dag per week. Rani: "Veel van onze vrienden hebben afschuwelijke huwelijken omdat hij altijd werkt en zij bitter thuis zit met de kinderen. Dat vond ik een te groot cliché."

Vlak erna belde Doug haar op: als ze nou eens samen een bedrijf zouden beginnen? Opeens zaten ze elk uur van de dag op elkaars lip. Hoewel het H-woord eerst nooit mocht vallen, vroeg Doug haar in september 1997 ("we hadden nog geen werknemers") ten huwelijk. Vorig jaar juli ("toen hadden we twintig mensen in dienst") zijn ze getrouwd. Voor de huwelijksreis trokken ze drie dagen uit. Op de eerste dag ging de bedrijfsserver stuk. Uit angst dat Icarian over de kop zou gaan, keerden ze onmiddellijk terug.

Omdat ze geen van beiden een merknaam zijn in Silicon Valley, vonden de venture capitalists het huwelijk een bedreiging voor hun investering. Het management werd uitgehoord. Hadden Doug en Rani weleens ruzie over privé-kwesties? Sloten ze hun personeel buiten? En Doug werd gevraagd of hij zijn vrouw kon ontslaan als ze niet presteerde. Rani: "Ik was beledigd. Onze professionaliteit mag nooit in twijfel worden getrokken."

Inmiddels hebben ze drie getrouwde paren in dienst. "Samen bij hetzelfde bedrijf werken is het nieuwste in Silicon Valley", deelt Doug mee, op weg naar een van zijn dagelijkse twaalf vergaderingen. "En het werkt." Rani kijkt hem na met een zuur lachje. "Nou ja... Vergaderen met mij doet hij niet. Hij gaat ervan uit dat hij in bed met mij nog over de zaak kan praten. Dat moet veranderen. Hoewel ik denk dat we niet meer weten waar we het anders nog over moeten hebben." Peinzend: "Maar het wordt pas moeilijk als we aan kinderen willen beginnen. Zijn werk heeft nu eenmaal een hogere prioriteit dan ik. En nu ben ik nog zijn werk."

In een plaats waar het leven zich met de snelheid van het licht voltrekt, krijgt het begrip tijd een heel andere inhoud. "Tijd is hier zo kostbaar dat bezigheden worden geselecteerd op het rendement dat je voor je tijdsinvestering krijgt", zoals Lorraine Hariton (45) het uitdrukt. Toen de president-directeur van Beatnik.com laatst met haar man een weekend wegging om hun twintigjarige huwelijk te vieren, moest de laptop mee om de honderd e-mails te beantwoorden die ze elke dag ontvangt. "Anders krijg ik ontwenningsverschijnselen."

Haar villa in de groene heuvels van Los Gatos, pas onder handen genomen door een interieurarchitect, ziet eruit alsof er niemand woont. Het aanrecht is leeg, alle stoelen staan keurig in het gelid en de houten vloeren glimmen. Toch leven er twee tieners. Opgevoed door kinderjuffrouwen, want Lorraines man heeft ook een topfunctie.

"Ik ben eraan gewend dat mijn ouders er nooit zijn", glimlacht hun zoon Glen (13) beleefd aan de rand van het zwembad. Maar zodra in zijn slaapkamer met gloednieuwe pc en telefoon met eigen nummer barst hij los. "Anderhalf jaar geleden was ik heel depressief omdat ik wilde dat ze vaker thuis waren. We kregen ontzettende ruzie. Ik huilde, mijn zus ook. Als wij niet zo hard zouden werken, had je dit niet allemaal, zeiden zijn vader en moeder. Ik wilde wel wat opgeven als zij dat ook zouden doen. Maar er veranderde niets. Ze voelden zich even schuldig. Ik denk dat dat nu over is."

Glen heeft een puberlichaam, maar probeert te klinken als een intellectueel. "Om mijn emotionele behoeftes te vervullen, heb ik vrienden op internet en mentors. Mensen die ik zelf heb uitgekozen, niet mensen die bij gebrek aan beter mijn ouders zijn. Zorgvuldig haalt hij een brief van de vermaarde econoom Milton Friedman uit zijn archiefkast. En ik praat weleens met een vriend van Alan Greenspan. Ook over vriendinnetjes, ja." Maar kent hij zijn moeder? Hij trekt een denkfrons. "Mijn moeder heeft heel veel moeite om in abstracte concepten te denken. Ik denk dat ze verschillende aspecten van me kent, maar dat ze die niet kan integreren in één persoon." Wat bedoelt hij? "Haar gedachten dwalen af als het niet over haar werk gaat. Ik kan niet met haar praten over iets persoonlijks."

Hij zou bijna willen dat ze hem zou behandelen als business. Want op zakelijke afspraken komt ze altijd op tijd. "Bij mij komen mijn ouders rustig twee uur te laat. Ze verontschuldigen zich niet eens. Als ik boos word en ga schreeuwen, zeggen ze dat ik daarvoor geen reden heb." Hij draait in zijn bureaustoel. "Ik wil net zo toegewijd aan mijn werk worden als mijn moeder. Maar ik zou veel harder nadenken of ik kinderen zou nemen dan mijn ouders hebben gedaan."

"Ruzie? Kan ik me niets van herinneren", zegt Lorraine in de tv-kamer. Het feit dat Glen er al zolang geleden voor het laatst boos over is geworden, zegt toch wel wat." Met een rood hoofd staat ze op. Zet een paar boeken recht die niet scheef stonden. Scherp: "Ik heb privé en werk altijd goed kunnen balanceren. Wie zegt dat we meer thuis moeten zijn? Hard werken is zo goed of slecht als je je erbij voelt en ik voel me er behoorlijk goed bij."

Ook als haar kinderen er last van hebben? "Mijn kinderen willen niet de hele tijd bij mij zijn. Ze zijn heel onafhankelijk en leiden hun eigen leven." Ze gaat weer zitten. Handen kruiselings om de ellebogen. "Nee, als ik deze baan niet zou hebben, zou ik moeten uitzoeken wat ik met mijn leven moest doen. Mijn werk is mijn identiteit."

"Het is een bepaald type persoonlijkheid dat Silicon Valley aantrekt", zegt Rani Hublou 's avonds laat achter haar bureau. "Het type dat de opwinding van de hoogste pieken nodig heeft en de ellende van de diepste dalen. De extremen zijn hemeltergend pijnlijk. Het is een levensstijl op zich."

Doug, twee cubicles verder: "In de Afrikaanse wildernis moet je een tijger doden om te overleven. Ik moet dit doen om me compleet te voelen. Deze industrie trekt alles uit je." Rani: "Op deze plek kun je erachter komen hoe goed je bent. Ben je goed genoeg om hier te werken? Daar gaat het om. Ik heb het antwoord gevonden. Dit is mijn laatste start up."

'Ik werk met de meest briljante mensen ter wereld! Ik geloof dat wat ik doe, invloed op de mensheid heeft. Dit is de enige plaats ter wereld waar ik zo'n baan kan hebben. Ik zou nergens anders willen zijn'

'Mensen hier investeren in je 'start up' omdat het simpelweg vermakelijker is om naar jouw gevecht te kijken dan om naar het concertgebouw te gaan'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234