Maandag 16/05/2022

Je gelooft je archeologen niet

Is Vlaanderen niet een beetje té begaan met zijn historisch erfgoed? Een decreet uit 2004 geeft archeologen de macht om te graven waar ze willen, hoe lang ze willen, en zich door de eigenaar van de gronden tot de laatste euro te doen betalen. Merkwaardig genoeg zijn het vooral lokale overheden in wiens ondergrond archeologen steeds weer grote cultuur-historische vondsten vinden, of denken te hebben gevonden. Vijf absurde cases.

Men zoekt? Een mesolithisch kampement

Gevonden? Vuursteentjes

Kostprijs? Mogelijk tot 3 miljoen euro

Wat denken we daar nu van? ‘Het afvalwater van 9.000 mensen blijft nog minstens twee jaar langer wegvloeien in de Demer’

(burgemeester Hans Eyssen)

Toen in november de graafmachines aankwamen op het C-terrein van derdeprovincialer VK Holsbeek heette het dat het ‘een weekje’ zou duren voor de sleuf was gegraven en ze weer zou worden gedicht. Vandaag, vijf maanden later, loopt er nog altijd een immense sleuf dwars door het voetbalveld. “Deze week heb ik een brief gekregen van Aquafin”, zegt clubvoorzitter Dries Vanysacker. “Ze schrijven dat ze hopen dat de werken ‘de komende maanden opnieuw kunnen doorgaan’. Die mensen kunnen er niet veel aan doen, zij moeten wachten tot de archeologen het terrein vrijgeven. We hebben drie voetbalvelden, maar er is er maar één met verlichting. Daardoor moesten terreinen worden gehuurd in Kessel-Lo. Door de werken is onze kantine niet meer toegankelijk en dus verliezen we ook nog inkomsten.”

Onder het voetbalveld komt een rioolpijp die het afvalwater van de 9.000 inwoners van Holsbeek zal afvoeren naar een nieuwe collector in Rotselaar. “Niemand heeft er een probleem mee om de archeologen hun werk te laten doen”, zegt burgemeester Hans Eyssen (CD&V). “Wij zijn allemaal begaan met het Vlaamse historische erfgoed. Maar het is verdraaid moeilijk om met archeologen afspraken te maken. Ze doen maar, en ze zeggen niks.”

In de sleuf werd gezocht naar overblijfselen van een menselijk kampement uit het mesolithicum, toen de mens zo’n 10.500 jaar voor Christus begon te jagen en stenen te bewerken. Dat er ergens in de vallei van de Winge zo’n kampement zou moeten zijn, staat volgens wetenschappers vast. Maar níét onder het C-terrein van VK Holsbeek, zoveel is nu wel zeker. Op 1 maart begonnen opgravingen op het A-terrein van Sportief Rotselaar (ook derde provinciale C). Tot nu toe is ook hier niets gevonden.

“Het was een barre en natte winter”, zegt Veerle Lauwers van Winar, de intergemeentelijke archeologische dienst. Zij betwist dat de opgravingen in Holsbeek niets opleverden. “Er zijn mesolithische vuursteentjes gevonden. En niet eentje hè, honderden. We gaan die nu schenken aan de gemeente. Dat ons onderzoek iets langer heeft geduurd, heeft maar één reden: de winter. Dat was daar letterlijk ploeteren met de knieën in de modder.”

De nakende schenking van honderden mesolithische vuursteentjes maakt burgemeester Eyssen niet echt wildenthousiast. “Dat is wat wij als kind deden, hier in Holsbeek. Met onze nonkel silexen zoeken, vuursteentjes. De vallei van de Winge staat daarom bekend. Onze verre voorvaderen hebben daar de eerste messen van gemaakt. Ik vraag me af: als je die kunt rapen langs de oever van de rivier, waarom dan een voetbalveld omploegen?”

Van nul herbeginnen

“Het zijn unieke vuursteentjes”, repliceert Veerle Lauwers. “Uniek, in de zin dat ze daar, op díé plek, zijn gevonden.”

Deze week gaven de archeologen de site vrij. De pijplijn kan nu worden geplaatst en de sleuf weer opgevuld. De pijplijn zal de komende jaren echter nutteloos blijven, want het eindpunt van de leiding is de collector van Aquafin in Rotselaar. “Acht jaar lang hebben we op dat dossier gestudeerd”, zegt Eyssen. “Alle plannen en vergunningen zijn er. Het was een kwestie van één handtekening en de aannemer kon beginnen. Wat gebeurde er toen? De archeologische dienst liet weten dat, als we de grond daar zouden opengooien, hij het bouwterrein meteen zou stilleggen en voor minstens drie jaar opgravingen uitvoeren. Kostprijs: 3 miljoen euro, te betalen door Aquafin. Waarop Aquafin zegt: dat risico nemen we niet, we verplaatsen de collector. Dus moet dat plan, waar acht jaar op is gestudeerd, van nul herbeginnen. Het gaat minstens twee jaar langer duren voor de collector in gebruik kan komen. Al die tijd vloeit ons afvalwater verder in de Winge en zo verder in de Demer.”

Dan stelt zich het probleem van het MER, het milieu-effectenrapport. Dat is acht jaar oud en de geldigheidsduur verstrijkt. Er moet wellicht een nieuw MER worden gemaakt, wat een extra verloren jaar toevoegt. “Hadden ze de moeite gedaan dat MER te lezen, dan hadden ze gezien dat daar acht jaar geleden al werd gesproken van archeologisch waardevol gebied”, zegt Veerle Lauwers. “Op die plek gaat het inderdaad 3 miljoen euro kosten. Minstens. Ik vrees dat deze mensen zich niet bewust zijn van de waarde van een mesolithisch kampement.”

Men zocht? Een 2.800 jaar oude boerderij

Gevonden? Neen, wel scherven uit de late bronstijd

Kostprijs? 190.000 euro

Wat denken we daar nu van? ‘Gelooft men echt dat toeristen gaan komen kijken naar een kast vol scherven?’

(OCMW-voorzitter Ivo Bollen)

Op 1 augustus 2006, de eerste dag na het bouwverlof, hoorde de aannemer te starten met de bouw van het nieuwe rustoord van het OCMW. Op de vroegere terreinen van voetbalclub Sint-Dimpna zou een complex worden gebouwd met 106 woongelegenheden. Begin juli hadden archeologen echter een proefsleuf getrokken. Ze stootten op wat ze omschreven als een zeer waardevolle, 2.800 jaar oude waterput. Wie waterput zegt, zegt boerderij.

“De hele maand augustus zijn ze bezig geweest”, zegt Ivo Bollen, OCMW-voorzitter. “En wij, het OCMW, moesten alles betalen. Eerst spraken ze van 40.000, uiteindelijk werd het meer dan 65.000 euro. Het is goed dat wij als gemeenschap een beetje nadenken over hoe onze voorvaderen hebben geleefd. Ze hebben dus een waterput gevonden en verder - ik citeer uit het eindrapport - “palingen van een bootvormige woonstalboerderij”. Scherven uit de late bronstijd. Potscherven, bodemscherven, verbrande scherven, wandscherven. Er is ons voorgesteld om ze ten toon te stellen, maar gelooft men nu echt dat toeristen gaan komen kijken naar een kast vol scherven? De mensen van het Vlaams Instituut Onroerend Erfgoed hebben ons beloofd dat het OCMW de scherven zou krijgen, maar we hebben nog niks zien komen. We zitten niet met ongeduld te wachten.”

Rond deze tijd had 50 meter verderop de bouw van de nieuwe gemeentelijke sporthal moeten zijn gestart. En daar waren ze weer, de archeologen. “Ze zitten daar nu al aan 125.000 euro kosten”, zegt Ivo Bollen met een diepe zucht. “En wat halen ze boven? Scherven, alleen maar scherven. Weet u wat ze dan zeggen, als blijkt dat de 2.800 jaar oude boerderij niet is gevonden? ‘We kunnen nu met zekerheid stellen dat ze hier niet ligt, dat is ook al een succes.’ En wij, gemeenschap, maar betalen.”

Men zocht? Romeinse overblijfselen en een volledige middeleeuwse wijk

Gevonden? Neen, wel 12de-eeuwse beerputten

Prijs? Meer dan 500.000 euro

Wat denken we daar nu van? ‘De visresten vertellen ons iets over de status van de mensen in de twaalfde eeuw.’ (archeoloog Maarten Smeets)

Zeven jaar geleden waren in Vlaanderen 35 vergunde archeologen. In 2009 waren het er 113. Het werkelijke aantal mensen dat in Vlaanderen de kost verdient met archeologie neemt jaar na jaar exponentieel toe. De cijfers schieten omhoog sinds 2004, het jaar waarin het nieuwe decreet op ‘de bescherming van het Vlaamse archeologische patrimonium’ in voege trad. Het decreet gaat, net als in de meeste van onze buurlanden, uit van het principe dat de ‘vernieler betaalt’. De vraag waar alles mee begint, luidt: wat is archeologisch waardevol? De polemiek tussen burgemeester Louis Tobback (sp.a) en de archeologen die 95 dagen lang de werken aan het Generaal Fochplein blokkeerden, is wellicht de bekendste illustratie van de onvolkomenheden in het decreet.

Voor een archeologisch vooronderzoek werd in Leuven een beroep gedaan op Jeroen Vanden Borre. Archeoloog zijnde, werd hij bij voorbaat wild bij de gedachte aan graafwerken op díé plek, op de eeuwenoude handelsroute tussen Keulen en Brugge. Zijn rapport was één vlammend pleidooi om te graven, hoe hard Tobback ook riep dat “dat plein tijdens de oorlog plat is gebombardeerd”.

Voor de archeologische opgravingen zelf deed de aannemer een beroep op Studiebureau Archeologie uit Kessel-Lo. Waren archeologen vroeger magere studentjes met brilletjes, dan zijn het tegenwoordig partners van bureaus als dit. Ze schieten als paddenstoelen uit de grond, want het decreet moedigt hen aan om er overal, op elk bouwterrein, op toe te zien dat geen enkele opportuniteit op een Romeinse waterput of een mesolithisch vuursteentje wordt gemist.

Bij het begin van de opgravingen zei archeoloog Maarten Smeets: “We denken een volledige middeleeuwse wijk te vinden. Omdat er vroeger aan de Sint-Pieterskerk Romeinse overblijfselen zijn gevonden, bestaat de kans dat we ook uit die periode een en ander terugvinden.” Louis Tobback somde deze week in Humo de resultaten op. Een beerput en een paar 12de-eeuwse visgraten.

“Meerdere beerputten”, benadrukt Smeets nu. “Deze visresten vertellen ons iets over de status van de mensen die daar in de twaalfde eeuw hebben geleefd. Heel interessant allemaal. Ik geef toe, bij aanvang hadden we grote verwachtingen en die zijn niet uitgekomen. Maar als je niet zoekt, verwerf je geen kennis.”

Is 500.000 euro niet een beetje duur voor het verwerven van kennis die er eigenlijk al was? “De helft van dat half miljoen gaat naar de aannemer”, zegt Smeets. “Aannemers leren leven met het nieuwe decreet, en ronden naar boven af.”

Men zoekt? Een Romeins dorp

Gevonden? Nog niet, wel ‘paalsporen in kleine clusters’

Kostprijs? Mogelijk tot 600.000 euro

Wat denken we daar nu van? ‘Ik heb de zaak voor de rechtbank getrokken, en ik heb gewonnen’

(aannemer Stephan Huyzentruyt)

“Ik dacht, ik ga mijn goede wil tonen”, blikt aannemer Huyzentruyt terug op het begin van de saga. “We kochten in 2007 gronden aan de Stasegemsesteenweg in Harelbeke. De gemeente wou verkavelen, we kregen direct alle vergunningen. Nergens, ook niet in verkoopakte, werd met een woord gerept over archeologische vindplaatsen. We gingen daar 39 woningen en 24 appartementen neerzetten. Net voor we eraan wilden beginnen, dook een ambtenaar op van de dienst Ruimte & Erfgoed. ‘Hier ligt een Romeins dorp onder de grond’, zei hij. ‘Wij gaan proefsleuven trekken en u moet betalen.’ Lap, 16.000 euro. Ik heb eens gekucht. Maar goed, ik wou niet moeilijk doen. De archeologen gingen aan de slag en even later ontving ik hun rapport. Advies: ‘Het hele terrein afgraven.’ Voorzichtige schatting: 500.000 à 600.000 euro. Ik vraag aan die ambtenaar wie dat gaat betalen. Antwoord: ‘Gij natuurlijk, wie anders?’ Ik heb de zaak voor de rechtbank getrokken, en ik heb gewonnen.”

Het vonnis legt een bom onder het decreet uit 2004. De Vlaamse overheid mag van de rechter niet langer out of the blue beslissen dat iets archeologisch waardevol is en alle kosten verhalen op de bouwheer. De zaak is nu hangende voor het Hof van Cassatie.

In het rapport over hun vooronderzoek maken de archeologen melding van “paalsporen in kleine clusters” en “grijsbruine zandige vulling”. Deze elementen, zeggen ze, “getuigen van een zekere rijkdom van de site”.

“De archeologen die het vooronderzoek uitvoerden, waren twee zeer sympathieke meisjes”, zegt Stephan Huyzentruyt. “Ze waren net afgestudeerd, jong en werkzoekend. Door hun verslag belangrijk genoeg te maken, gaven ze zichzelf een job. Zo gaat het overal. Archeologen zijn én de politie die de werf laat stilleggen, én de rechter die bepaalt hoeveel de eigenaar moet betalen én de partij die aan het eind van de rit het geld ontvangt. Archeologen vinden alles super-belangrijk. Een geitenboer die hier 1.000 jaar geleden wat afval achterliet? Graven!”

Normaal starten de bouwwerken over een maand dan toch. “Maar ik ben er zeker van dat de ambtenaar, net als de vorige keer, de werken weer komt stilleggen.”

WEVELGEM, EZELSTRAAT

Men zocht? Een Romeins dorp

Gevonden? Neen, wel enkele Romeinse potscherven

Wat denken we daar nu van? ‘We kunnen stellen dat hier in de tijd van de Romeinen mensen hebben gewoond’

(archeoloog Jeroen Vanden Borre)

In de Ezelstraat in Wevelgem is er sinds eind vorig jaar een enorm bouwterrein dat met twee jaar vertraging op gang kwam. Het project voorziet 101 woningen, waaronder een aantal sociale woningen. Het terrein is voor de helft eigendom van de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen (VMSW) en voor de andere van de groep Huyzentruyt. Het archeologisch vooronderzoek, met proefsleuven, kostte 14.000 euro. Factuur te verdelen onder beide partijen. Zeer toevallig kruisten de archeologen de gronden van de VMSW wél aan als locatie voor een Romeins dorp, maar de daaraan palende privégronden niet. “Wij waren in die tijd al aan het procederen voor ons project in Harelbeke”, zegt Stephan Huyzentruyt. “Ik ga geen beschuldigingen uiten die ik niet hard kan maken, ik kan enkel vaststellen dat archeologen hier de overheid wel op kosten hebben gejaagd en de privé-eigenaar, die naar de rechtbank trekt, van de pal daarnaast liggende grond niet.”

Meer dan een jaar is er gegraven. De opgravingen kostten meer dan 500.000 euro. Het resultaat werd achteraf aan de betrokken diensten getoond in een plastic zak van Delhaize. Potscherven, wandscherven, bodemscherven. “Deze opgravingen stellen ons nu wel in staat te stellen dat er al van in de tijd van de Romeinen, en tot in de middeleeuwen, mensen hebben gewoond in de Ezelstraat”, zegt archeoloog Jeroen Vanden Borre, de man die in Leuven aan de basis lag van de opgravingen op het Generaal Fochplein.

“Ik herinner me dat project in Wevelgem nog goed. Dat we op het ene terrein sporen wel vonden en op het andere niet is echt toeval. Ik weet ook dat die graafwerken neerkomen op één of twee sociale woningen minder, maar zo gaat dat nu eenmaal als je inzet op erfgoed.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234