Dinsdag 20/10/2020

InterviewMannen over hun lichaam

Jani Kazaltzis: ‘Ik laat fillers inspuiten. Dat is nu toch de normaalste zaak?’

Beeld Carmen Devos

Jani Kazaltzis is er de man niet naar om zijn woorden te wikken en te wegen. Dat doet hij nooit in de stylingprogramma’s die hem groot hebben gemaakt, maar ook niet als hij over zijn eigen lichaam praat. En dat hij weleens een filler gebruikt: so what?

Verfrissend om een man daar zo openlijk over te horen praten.

Jani Kazaltzis: “Vind je? Dat is nu toch de normaalste zaak? Pas op, je hebt plastische chirurgie en plastische chirurgie. Ik zou nooit laten snijden in mijn lichaam. Daarom noem ik wat ik laat doen ook geen plastische chirurgie, maar retouches: ik laat kleine schoonheidsfoutjes in mijn gezicht corrigeren. Ik hou me niet bezig met het bijwerken van mijn lichaam naar één of ander ideaalbeeld.”

Maar je wilt wel de veroudering tegengaan.

“Toch niet. Een rimpel hier of daar stoort me niet. Ik heb geen probleem met ouder worden, anders had ik mijn hele gezicht al lang laten lamleggen met botox. Ik heb één zware rimpel boven mijn oog. Die heb ik weleens laten botoxen, maar dat is zelfs geen ouderdomsrimpel: die zit er al lang.

“Wat ik wel doe, is hier en daar fillers laten inspuiten, om op de juiste plaatsen in mijn gezicht weer wat rondingen te krijgen. Fillers vullen het collageen op dat je door de jaren kwijtspeelt en ze stimuleren de aanmaak van je eigen collageen. Maar ze houden rimpels niet tegen.”

Je begon er al vroeg mee: op je 21ste liet je je lippen opvullen. Was dat uit onzekerheid?

“Nee, ik had gewoon géén lippen en dat vond ik niet leuk. Nu moet je om de acht maanden terug voor zo’n lipbehandeling, maar de siliconen die ze destijds bij mij hebben ingespoten, waren blijvend. Deze lippen heb ik voor altijd.”

Kussen ze even goed?

(lacht) Natuurlijk! Je voelt geen verschil. Of misschien ben ik vergeten hoe het vroeger voelde, dat kan ook.

“Op mijn 21ste had ik nog allerlei andere plannen. Ik wilde mijn neus laten verkleinen, maar Lien Degol raadde het me af: ‘Je bent veel te jong voor zoiets ingrijpends.’ Ik ben zo blij dat ik naar haar heb geluisterd. Ik zou het afschuwelijk hebben gevonden om nu met een kleine neus te moeten rondlopen.”

We weten wel van plastisch chirurgen dat ze steeds meer mannelijk cliënteel over de vloer krijgen, maar ik ken er toch weinig die erover praten zoals jij dat doet.

“Van mannelijke BV’s begrijp ik dat: de pers blaast het altijd op. Maar in mijn omgeving ken ik zovéél mannen die iets laten doen. En dan heb ik het niet alleen over mijn gay vrienden: ook de hetero’s vinden de weg naar de plastisch chirurg. Haartransplantaties zijn ontzettend in. Kijk maar eens rond je: je haalt ze er zo uit. Die mannen schamen zich er ook niet meer voor. En terecht.”

Jij trekt je weinig of niets aan van mannelijke stereotypes. Deed je dat ook niet in je jeugd? Als tiener durfde je weleens een meisje bewonderend na te roepen op straat.

“Dat heeft ooit in een interview gestaan, maar die zin was uit de context gerukt: ik liep als tiener écht geen vrouwen na te roepen. Tot ik een jaar of 18 was, was ik net als iedereen nog aan het uitzoeken wie ik was. Het had niets met machogedrag of stoerdoenerij te maken. Ik was gewoon een meeloper.”

Je grootvader kwam uit Griekenland om in de Limburgse mijnen te werken, je vader ging aan de slag bij Ford Genk en je hebt nog een zes jaar oudere broer. Je groeide op in een mannelijke omgeving.

“Ja, maar dat heeft me nooit gestoord. Ik voelde me niet anders dan de andere mannen. Onder mijn vrienden was ik altijd de grappige gangmaker.”

Moesten jongens in Waterschei aan een machobeeld voldoen?

“Migrantenwijken worden makkelijk geassocieerd met macho’s, maar voor mij voelde die wijk net heel warm aan: iedereen lette op elkaar en kookte voor elkaar, en een babysit bestond niet, daarvoor had je de buren. Waterschei voelde als één grote, ondersteunende familie en ik heb me er nooit een buitenbeentje gevoeld.

“Voor mij heeft mannelijkheid niets te maken met vrouwen nafluiten als een alfamannetje of op straat spuwen. Ik vind het net heel mannelijk om als man liefde te kunnen tonen aan andere mannen. Als mannen onder elkaar je emoties op tafel gooien en elkaar steunen, dat heeft een man ook nodig.”

En dat mogen mannen intussen ook.

“Die evolutie is niet nieuw. Boys don’t cry, dat gaat al lang niet meer op. Zelfs bij mijn vader, die toch van een andere generatie is, zie ik dat. Het is niet zwak meer om als man toe te geven: ik voel me vandaag kut.”

Zou het kunnen dat jij daar al een stapje verder in staat dan de doorsnee man?

“Die indruk heb ik niet. Van vrouwen vinden we het toch ook al lang niet mannelijk meer dat ze met de auto rijden? Al kan het misschien wel kloppen dat ik vooral naar mannen neig die niet flauw doen over emoties.”

We zien je binnenkort in Over de oceaan. Otto-Jan Ham gaf al toe gehuild te hebben op die boot.

“Kijk, dát vind ik nu eens een echte man. Otto-Jan is niet bang om al zijn kanten te tonen, ook de emotionele. Nog zo’n toonbeeld van mannelijkheid vind ik Gert Verhulst.”

Dat moet je toch even uitleggen.

“Gert is een echte vent. Hij staat stevig in z’n schoenen en laat zich niet zomaar omverblazen, maar schaamt zich er ook niet voor om zijn tranen te tonen.”

Rapper Dvtch Norris gaat altijd uithuilen bij vrouwen.

“Ik huil ook uit bij mijn beste vriendin, maar dat is vooral omdat mijn beste vriend te ver weg woont. Alleen bij mijn mama doe ik het nooit: ik wil haar niet triest maken. Misschien is dat wel mijn mannelijkste eigenschap: dat ik mijn mama wil sparen. (lacht)

Wanneer voel jij je op je mannelijkst?

“Als ik onder mannen ben. Dan voel ik een mannelijke energie, zoals vrouwen die wellicht ook ervaren als ze onder vrouwen zijn. Als mijn vader gaat vissen en ik zin heb om mee te gaan, dan doe ik dat. Maar dat is dan niet om me meer man te voelen.”

Ga je vaak vissen met je vader?

“Vroeger af en toe. Ik heb al van veel sporten geproefd. Op mijn 12de ben ik één keer mee naar de voetbaltraining gegaan met mijn broer, maar dat lag me totaal niet. Jiujitsu: idem. Alleen karate heb ik lange tijd gedaan. In tegenstelling tot wat velen denken, gaat het bij karate niet over vechten of elkaar in mekaar trappen, maar over kracht halen uit discipline en rust. Vergelijk het met een lichaam dat een gecontroleerde dans uitvoert. Het summum van mannelijkheid, in mijn ogen.

“Tegenwoordig loop ik elke dag minstens 20 minuten en doe ik aan krachttraining. Ik voel ook wel het juk van het gespierde lijf, dat tegenwoordig de norm lijkt. Ook dat heeft niets met mannelijkheid en alles met de tijdgeest te maken. Ik wil graag een mooi gedefinieerd lijf, maar opbollende spieren zeggen me niets. Mijn personal trainer heeft zo’n gespierd lichaam: het vergt constante opoffering om het te behouden. Dat heb ik er niet voor over. Ik wil kunnen genieten.

“We hadden het daarnet over verouderen. Dat mijn gezicht de jaren op de teller toont, stoort me niet. Maar mijn lichaam is een andere zaak. Ik heb altijd al de neiging gehad om snel bij te komen. Vroeger begon ik twee maanden vóór ik op mijn jaarlijkse vakantie naar Griekenland vertrok met buikspieroefeningen en zag ik snel resultaat. Nu moet ik er veel harder voor werken. Ik ben net terug van vakantie en zoals altijd sleur ik extra kilo’s mee. Die gaan er steeds moeilijker af. Elke friet die ik eet, lijkt zich meteen af te tekenen op mijn lichaam. Dat vind ik confronterend.”

Als stylist ben je dagelijks bezig met lichamen.

“Lichaamsvormen en hoe ze aantrekkelijk voor de dag te laten komen: dat heeft me altijd geboeid. Ik merkte al snel hoe ik iemand gelukkig kon maken door goed naar zijn of haar lichaam te kijken en daarmee iets moois te creëren. Ik kom nog uit de tijd van ‘Wie er goed uitziet, heeft geen inhoud’. Een ver-schrik-ke-lijk cliché. Er goed uitzien is een vorm van zelfrespect, of je nu man of vrouw bent.”

In je onlinetalkshow Drag Talk omring je je met flamboyante, übervrouwelijke dragqueens.

“Vroeger was ik een beetje bang van dragqueens. Toen ik 16 was en begon uit te gaan naar de AtmoZ en de Pharao, schrok ik enorm als er opeens zo’n extreme verschijning voor me stond. Maar vanop een afstandje bewonderde ik ze: ‘Wauw, dat die dat durft!’”

Schuilt er in jou een dragqueen?

“Nee, daarvoor is mijn neus te lang. (lacht) Ik geloof in de wetenschap die zegt dat iedere man een bepaald percentage vrouwelijkheid in zich draagt, net zoals elke vrouw een mannelijke kant heeft. Hadden we dat niet, dan was het al lang fout gelopen met de mens. Ik voel me de perfecte hoeveelheid man en de perfecte hoeveelheid vrouw. Het loopt allemaal mooi in elkaar over.”

Over de oceaan, nu op Play en Play More

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234