Woensdag 18/05/2022

InterviewVragen van Proust

Jan Jaap van der Wal: ‘Waren die dertig seconden tekst het waard om die mevrouw pijn te laten voelen?’

‘Er zijn heel veel landen in de wereld waar ik het niet gehaald zou hebben mocht ik daar met een hazenlip zijn geboren.' Beeld © Stefaan Temmerman
‘Er zijn heel veel landen in de wereld waar ik het niet gehaald zou hebben mocht ik daar met een hazenlip zijn geboren.'Beeld © Stefaan Temmerman

Schrijver Marcel Proust beantwoordde ze ooit in een vriendenboekje, nu geeft De Morgen er een eigenzinnige draai aan. Tweeëntwintig directe vragen, evenveel openhartige antwoorden. Deze week: stand-upcomedian en presentator Jan Jaap van der Wal (42). Wie is hij in het diepst van zijn gedachten?

Ann Jooris

Hoe oud voelt u zich?

“Ik voel me zo oud als ik ben. Ik denk dat ik nu op een punt in mijn leven ben gekomen waarop het personage dat ik op het toneel en op de televisie ben, samenvalt met het personage dat ik in het echt ben. Dat moet wel een beetje gelijk lopen, maar in mijn geval is dat, omdat ik op mijn zeventiende ben begonnen, soms weleens ingewikkeld geweest.”

“Ik was altijd de jongste comedian, de jongste eindejaarsconferencier,... maar ben altijd wel een oudere ziel geweest. In die zin ben ik rond mijn veertigste meer met mezelf gaan samenvallen, en klopt wat ik zeg en doe op het toneel veel meer. Omdat er veel meer ervaring achter zit, niet alleen als performer maar ook als mens. Dat voelt heel prettig. Dus dit is wel een leeftijd waar ik genoegen mee kan nemen.”

Wat vindt u een kenmerkende eigenschap van uzelf?

“Ik denk dat ik wel goed ben in in het hier en nu leven. En niet panikeren. Ik merk dat wanneer er een soort paniek ontstaat, zoals vorig jaar met de lockdown, ik altijd heel rustig word en het overzicht kan bewaren en daardoor de juiste beslissingen kan nemen.”

“Ik ben altijd goed geweest in luisteren en observeren. Op de middelbare school was ik de eeuwige beste vriend. Ik was net niet aantrekkelijk genoeg om begeerd te worden, maar ik was wel het ultieme luisterend oor. Ik was ook de leerling die op het einde van de les een grapje kon maken over wat er aan het begin van de les gebeurd was. Dat kan ik nog steeds. Ik kan die lijnen leggen. Dat is heel prettig in mijn werk. Dan gaat er op het einde een soort strik omheen en het is af.”

Hoe was uw kindertijd?

“Heel veilig. Ik ben opgegroeid in de jaren 80, 90 in Friesland. Dat was een vriendelijke tijd. Ik ben natuurlijk anders geboren dan andere kinderen, dus ik was altijd een beetje exotisch, maar niet op een manier dat ik buitengesloten werd. Integendeel. Ik denk alleen wel dat ik me toen ergens onbewust heb gerealiseerd dat ik het ergens anders vandaan moest halen. Het mondige, het talige, dat zat er eigenlijk al vrij vroeg in. Op die manier ben ik eigenlijk fluitend, hoewel ik daar fysiek niet toe in staat ben, door mijn kindertijd gerold. Ik ben ook helemaal niet gepest. Ik denk dat al die ouders tegen hun kinderen hebben gezegd: ‘Doe wat je wilt op school, maar hém mag je niet plagen.’” (lacht)

‘Mijn vrouw en ik hebben er acht jaar over gedaan om een kind te krijgen. Dat had te maken met vruchtbaarheidsproblemen van mijn kant. Die periode was heel zwaar.' Beeld © Stefaan Temmerman
‘Mijn vrouw en ik hebben er acht jaar over gedaan om een kind te krijgen. Dat had te maken met vruchtbaarheidsproblemen van mijn kant. Die periode was heel zwaar.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Tot mijn twaalfde lag ik wel vaak in het ziekenhuis. Zowat ieder jaar. Om te komen waar ik nu ben, heb je zo’n dertien operaties nodig. Die heb ik allemaal ondergaan, maar tegelijk kwamen er wel veel vriendjes en vriendinnetjes naar het ziekenhuis. Dus daar hing altijd wel een soort spanning omheen die ook wel leuk was. Achteraf bekeken zou je kunnen zeggen dat die ziekenhuisopnames al een soort van eerste performances waren.”

Wat is uw passie?

(aarzelt) “Ik vrees toch mijn werk. Ik denk dat dingen maken, creëren, wel mijn passie is. Ik raak zelfs een beetje onthand als ik niet optreed. Voordat ik een zoontje had, was ik iedere zomer wel een paar weken depressief omdat ik niets kon doen.”

“Ik heb onlangs een schoolwerkje teruggevonden uit mijn kindertijd. Op de vraag wat ik later wilde worden, luidde mijn antwoord: ‘Op een gegeven moment word ik televisiepresentator en daarna werkloos.’ Dat staat er zwart op wit. Een voorspelling.” (lacht)

Welke kleine alledaagse dingen maken u blij?

“Ik vind ’s ochtends onze zoon naar school brengen ongelooflijk waardevol. Dat wil ik zo lang mogelijk blijven doen. Net als ’s avonds bij hem in bed gaan liggen en hem knuffelen en wachten tot hij in slaap valt.”

Is het leven voor u een cadeau?

“Vast en zeker. Als je het heel dramatisch bekijkt, zou je kunnen zeggen dat er heel veel landen in de wereld zijn waar ik het niet gehaald zou hebben mocht ik daar met een hazenlip zijn geboren. Of ik zou in de marginaliteit zijn terechtgekomen. Dus in die zin is het leven al een cadeau voor mij, omdat ik in Nederland of gewoon aan deze kant van de wereld ben geboren.”

“Ik mag ook al bijna 25 jaar doen wat ik leuk vind en dat is een gegeven dat voor mij volstrekt vanzelfsprekend is, maar dat is het niet. Je leeft natuurlijk heel lang in de veronderstelling dat het op een dag wel zal ophouden. ‘Ik kan het helemaal niet en daar gaan ze op een dag achter komen.’ Maar dat moment ben ik al gepasseerd.” (lacht)

Wat is uw zwakte?

“Luchtkastelen bouwen. Op een gegeven moment had mijn vader een vide in mijn slaapkamer gemaakt. Dat was een soort zoldertje waardoor die kamer twee keer zo groot werd. Toen stak ik heel concreet in mijn hoofd dat ik daar een sportschool zou beginnen. Dat leek me hartstikke leuk. Dan konden er vriendjes langskomen om te sporten met van die toestellen. Ik had ook al bedacht dat ik daar dan een snoepautomaat wilde hebben.”

‘Er staan weleens van die artikeltjes in de krant met tien manieren om na te gaan of je een narcist bent. Bij nummertje acht houd ik meestal op met lezen.' Beeld © Stefaan Temmerman
‘Er staan weleens van die artikeltjes in de krant met tien manieren om na te gaan of je een narcist bent. Bij nummertje acht houd ik meestal op met lezen.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Mijn zwakte is dat ik soms te hard ga. Ik ben soms echt een raket en als je niet mee aan boord zit, kom je er ook niet op. Daarin ben ik een extreme soloartiest. Ik denk heel vaak: laat mij nou maar gewoon doen en dan komt het wel goed.”

“Ik kan me een avond herinneren die ik zelf had georganiseerd waarop twee artiesten niet kwamen opdagen, waardoor ik dacht: nou, ik vul het zelf wel in. Ik zei tegen een andere collega-comedian van mij: ‘Loop jij maar achter me aan. Ik geef je een microfoon en dan zien we wel.’ Waarop hij zei: ‘Zo werk ik helemaal niet. Dit kan helemaal niet. Jij doet maar wat.’ (lacht) Zo werkt het dus niet voor iedereen. Mijn vrouw zegt soms, wanneer ik weer met een zot plan voor theater of televisie kom: ‘Ben je weer een sportschool op je slaapkamer aan het bouwen?’”

“Dat is de metafoor die mij achtervolgt. Die sportschool is er uiteindelijk nooit gekomen omdat ik me in de verkeerde details verloor. Ik was druk bezig met welke snoep er in die snoepautomaat moest steken, terwijl snoep natuurlijk helemaal niet in een sportschool thuishoort.”

Waar hebt u spijt van?

“Op zich van niet veel. Dat klinkt een beetje flauw misschien. Ik ben in die zin wel door schade en schande wijs geworden, dus ik weet dat fouten maken heel heftig kan zijn maar het brengt je vaak ook weer op een andere plek. Als er een deur dichtgaat, gaat er ergens anders weer eentje open. Op een gegeven moment is dat mijn way of life geworden. Dat heeft me bijvoorbeeld ook hier in België gebracht. Ik kan moeilijk zeggen dat ik ergens spijt van heb omdat dit misschien anders allemaal nooit gebeurd was.”

“Waarom ik zo blij ben dat ik hier ben? (lacht) Omdat ik wel echt verliefd geworden ben op dit land. Ik kan er niet meer of minder van maken dan dat. Verliefdheid is iets heel moois, maar het heeft ook iets onredelijks in zich. Ik denk soms: hoezo dan? Maar ja, dat gevoel is er nog steeds. Het is mij gewoon overvallen.”

“Mijn derde show die er nu aankomt (‘III-ième’, red.), geeft wel wat ruimte om vanuit die liefde weer wat kritischer te zijn. Dat vind ik heel spannend, want ik vind ruziemaken in het echte leven ook heel spannend. Omdat toch het risico bestaat dat je elkaar na die ruzie verliest. Of elkaar niet meer graag ziet.”

“Maar je initiële vraag, waar ik spijt van heb... Ik kan me herinneren dat er een mevrouw was die had gehoord dat ik op een eindejaarsshow in Nederland (in 2007, red.) een grap ging maken over iets waar zij mee te maken had gekregen. Zij had mij een brief gestuurd om te vragen om dat niet te doen. Dat heb ik naast me neergelegd. Daar kan ik nog steeds met een spijtgevoel op terugkijken. Waren die dertig seconden tekst het waard om die mevrouw pijn te laten voelen? Dat ik op dat moment niet iets volwassener was, vind ik jammer.”

Wat was de moeilijkste periode in uw leven?

“Mijn vrouw en ik hebben er acht jaar over gedaan om een kind te krijgen. Dat had te maken met vruchtbaarheidsproblemen van mijn kant. Die periode was heel zwaar.”

“Je zit met een grote wens en botst op een muur van onmacht. Aan de andere kant zit je in een periode in je leven waarin in principe alles lukt en alles kan. Maar dit was zo’n wezenlijk iets wat niet lukte. Dat was heel frustrerend.”

BIO

* stand-upcomedian, tv-presentator, cabaretier * geboren op 1 november 1979 in Leeuwarden (Ned) * tussen 2001 en 2010 teamleider bij het satirische nieuwsprogramma Dit was het nieuws * verzorgde in 2007 en 2009 de prestigieuze, rechtstreeks op de Nederlandse tv uitgezonden oudejaarsconference * werd in 2016 ook in België een bekend gezicht met de show De nieuwe Belg * bereikte in 2016 de eerste finaleweek van De slimste mens ter wereld * werd in 2017 een van de vaste juryleden * was vanaf september 2018 vaste presentator van De ideale wereld. Kondigde onlangs zijn afscheid aan * is in 2010 getrouwd met actrice Eva Duijvestein. In april 2017 werd hun zoon geboren

“Ik woonde toen nog in Amsterdam in de buurt van de RAI, een groot congrescentrum. Ik herinner me dat er daar op een gegeven moment een babybeurs aan de gang was met allerlei kinderwagens en dat soort dingen. Toen ik al die zwangere moeders daar naartoe zag lopen, heb ik net niet staan schreeuwen: ‘Waarom jullie wel en ik niet!?’”

“Het knaagt aan je gevoel van mannelijkheid. Je vraagt je af: waarom kan ik het niet? Het knaagt ook aan je relatie, aan waarom je bij elkaar bent. Maar het bracht ons ook dichter bij elkaar. We hebben het zelfs als bonustijd gezien en uiteindelijk konden we zelfs plannen maken voor mocht het toch niet lukken.”

“Maar het is gelukt. Gelukkig. En heel bizar, maar dan is die periode ook zo weer weg. Die vervliegt dan weer heel snel in je hoofd.”

Wanneer hebt u het laatst gehuild?

“Laatst heeft een vriendin van ons haar broertje moeten begraven. Ik kon niet bij de uitvaart zijn, maar heb wel de opname bekeken. Toen ik mijn vriendin hoorde speechen, moest ik echt huilen. Ik denk wel dat het haar verdriet was dat ik voelde, maar natuurlijk ook mijn eigen verdriet en angst om mensen te verliezen. Mijn vader is ziek, dus ik denk dat dat onbewust wel meespeelde. Ik denk dat iedereen bij een begrafenisspeech zichzelf daar ziet staan.”

Wat is uw grootste angst?

(denkt lang na) “Het verliezen van relevantie. Vergeten worden. Er staan weleens van die artikeltjes in de krant met tien manieren om na te gaan of je een narcist bent. Bij nummertje acht houd ik meestal op met lezen, omdat ik denk: dit gaat gevaarlijk de verkeerde kant op.” (lacht)

“Ik probeer natuurlijk een beetje het cliché te omzeilen dat ik bang ben om mijn kind te verliezen. Ik ben een tijdje artistiek leider geweest van de Comedytrain in Nederland. We hadden net een jong meisje aangenomen, Floor, die heel bijzonder was omdat ze spastisch was en heel grappig en ook met haar probleem kon lachen. Op een dag is zij verongelukt. Dan zie je het verdriet van twee ouders die hun kind verliezen. Dat is onmenselijk en ondraaglijk. Dus feitelijk is dat mijn grootste angst.”

'Op school was ik de eeuwige beste vriend.' Beeld © Stefaan Temmerman
'Op school was ik de eeuwige beste vriend.'Beeld © Stefaan Temmerman

“En maatschappelijk is mijn grootste angst dat we er toch te laat bij zijn. Of dat nu over het klimaat gaat of over de polarisatie in de samenleving. Er is een moment gepasseerd waarop we nog hadden kunnen ingrijpen, maar nu is er een soort vacuüm ontstaan waarin we eigenlijk aan het wachten zijn op wie het eerst begint te slaan. Figuurlijk. Dat vind ik een beangstigende gedachte. Ik ben wel wijs genoeg om te weten dat de geschiedenis zich kan herhalen.”

Bent u ooit door het lint gegaan?

“Eigenlijk niet zo vaak, hoor. Ik ben een opkropper. Ik kan mezelf beheersen. Dat neemt niet weg dat ik weleens woede voel. Alleen, het komt er niet makkelijk uit. In dit land is dit mijn enige grens. Boos worden moet ik hier niet doen, want dan ben ik gezien. En dan heb ik het vooral over mijn werksituatie. Ik heb genoeg redenen om heel boos te zijn op sommige mensen. Maar ik weet ook dat als ik mijn boosheid toon, er hier een deur dichtgaat. Dat is nu eenmaal de aard van de Vlaming. Het is een conflictvermijdend volk. Dat is voor een deel ook prettig, want je kunt gewoon doorgaan met leven alsof er niets aan de hand is.”

“Samen met mijn vrouw neem ik vaak deel aan familieopstellingen. Dat zijn groepssessies waarin je op zoek gaat naar bepaalde patronen die hun oorsprong vinden in je familiesysteem en die je leven bepalen. Via die therapie komt af en toe aan het licht dat er heel veel frustratie en woede in mij zit. Dat is heel heftig, maar ook geruststellend omdat je voelt dat iedereen op de een of andere manier getroebleerd is. Je moet dat ook niet altijd uiten, maar dit is een land waarin dat allemaal nog iets meer onderdrukt wordt. Maar goed, dat maakt het ook spannend. Want het laat ook ruimte voor het niet-weten.”

Wat is uw vroegste herinnering?

“Ik kan soms een geur, een gemoedstoestand, een bepaald weertype,... met mijn vroegste jeugd associëren. Maar ik ben ook heel veel kwijt, omdat er nogal wat in mijn hoofd zit. Wat wel een wezenlijke herinnering is, is dat ik samen met een meisje op dezelfde kamer in het ziekenhuis lag. Mijn handen waren vastgebonden omdat ik met mijn vingers te veel aan mijn hechtingen en aan de wond zat. Op een bepaald moment werd ik losgemaakt omdat we een glaasje warme melk kregen. Dat vonden we niet lekker en toen ben ik uit bed gestapt om onze glaasjes in de wasbak leeg te kappen. Op datzelfde ogenblik, net als in een Tom & Jerry-tekenfilm, zag ik die grote witte klompen van de nachtzuster op mij af stappen en keek ik via die benen omhoog naar een hele boze vrouw.”

Wat hing er aan de muur van uw tienerkamer?

“De kinderen in mijn klas waren fan van of Michael Jackson of George Michael of Madonna. Ik was nergens fan van en op een gegeven moment besloot ik heel rationeel om dan maar fan te worden van Rick Astley (bekend van ‘Never Gonna Give You Up’, red.). Dat is een zanger die uiteindelijk ook maar één album heeft gemaakt, geloof ik. Hij was het die op mijn kamertje hing.”

‘Ik heb genoeg redenen om heel boos te zijn op sommige mensen. Maar ik weet ook als ik mijn boosheid toon, er hier een deur dichtgaat. Vlamingen zijn een conflictvermijdend volk.' Beeld © Stefaan Temmerman
‘Ik heb genoeg redenen om heel boos te zijn op sommige mensen. Maar ik weet ook als ik mijn boosheid toon, er hier een deur dichtgaat. Vlamingen zijn een conflictvermijdend volk.'Beeld © Stefaan Temmerman

Hebt u ooit een religieuze ervaring gehad?

“Toen ik in 2005 voor een goed doel in Bangladesh was, heb ik daar een jongetje ontmoet met een hazenlip. Zijn ouders waren ervan overtuigd dat ze gestraft waren omdat de moeder bij volle maan de vis niet op de juiste wijze had gesneden. Toen heb ik gezien wat de kracht van religie kan zijn. Ook al denk je initieel: wat een onzin, het is wel die mensen hun houvast. Waarom zou ik daar dan aan tornen?”

“De religieuze ervaring die ik zelf heb meegemaakt, is dat ik, wanneer ik heel erg goed optreed en heel erg’ in het moment’ ben, mezelf en de ruimte overstijg. Ik heb nog nooit drugs genomen, maar vrienden van mij wel. Wat zij beschrijven, is wat ik op dat moment voel. Een soort vergroot bewustzijn en een soort almacht te weten waar je vandaan komt en waar je naartoe gaat.”

Welk boek heeft een bijzondere betekenis voor u?

“Ik ben fan van Wislawa Szymborska. Haar gedicht ‘Onachtzaamheid’ is een leidraad in mijn leven. Het gaat over je blijven verbazen. Met een blik van verwondering naar de wereld blijven kijken, omdat er anders een dag verloren gaat. Dat is wel iets wat ik probeer te doen, maar niet altijd lukt.”

Hoe definieert u liefde?

“Ik associeer liefde heel erg met rust. Niet met saaiheid, maar met rust. Ik vind dit een moeilijke vraag. Niet omdat ik er geen antwoord op kan geven, maar omdat ik de juiste woorden wil vinden. Laten we zeggen dat ik liefde definieer als een echte motor, in de zin van: ‘Ik doe dit voor jou.’”

“Ik heb natuurlijk ook een enorm grote eigenliefde. Daarin vinden mijn vrouw en ik elkaar heel erg. We houden allebei minstens evenveel van onszelf als van elkaar. En nog veel meer van onze zoon, uiteraard. Maar het feit dat je kunt zeggen: ‘Dit doe ik voor jou’, is voor mij liefde. Wat een ontzettend onromantisch antwoord is dit.” (lacht)

“Wat mijn vrouw zo bijzonder maakt? Mijn vrouw is gewoon het allerbeste. Zij is iemand die altijd haar best doet om het fijn te maken. Vrienden van ons zeggen dat wij steeds de perfectie willen aantikken. Dat is een levensdoel. Daardoor wordt het nooit saai. Maar dat moet voor mij wel allemaal binnen een soort rust gebeuren. Ik ben nooit voor relaties geweest waarbij je woorden naar elkaar gaat gooien om het daarna weer goed te maken. Neen.”

Wat vindt u erotisch?

“Oeh. Ik vind talent heel erotisch. Wanneer iemand iets goed kan. Dus vind ik mezelf erotisch? Absoluut! Is dat raar? Dat is Hollands, hè.” (lacht)

'Ik ben heel goed in niet panikeren.' Beeld © Stefaan Temmerman
'Ik ben heel goed in niet panikeren.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Ik weet wat de kracht is van talent, dus ik probeer dat ook altijd bij anderen te zien. Dan wordt het vanzelf erotisch. Los van het feit dat ik ook wel oog heb voor een mooie huid en mooie haren, maar ik val toch op een soort uitstraling. Het bijzondere is dat ik Eva ooit op de cover van een magazine zag en dacht: zo’n mooi meisje, dat zal ik wel nooit kunnen krijgen. En toen ik ooit op de televisie over mijn toenmalige vriendin sprak, voelde Eva een steek van jaloezie terwijl zij naast haar eigen vriend op de bank zat. Die twee feiten zijn los van elkaar gebeurd. Dat is de ironie van het leven.”

Wat is de bijzonderste plek waar u ooit de liefde hebt bedreven?

“Wil Proust dat echt weten? Op een rots in het midden van een meer in Canada. Op de een of andere manier ontstaat er in de buitenlucht altijd een soort opwinding. We zijn daar met de kano naartoe gevaren. Voor de rest ben ik op dat gebied geen enorme avonturier. Treinen en vliegtuigen zijn allemaal een beetje te ingewikkeld. Ik ben veel te bang dat mensen mij herkennen.”

Hoe voelt u zich in uw lichaam?

“Goed. Ik ben wel iemand die enorm in zijn hoofd zit. Ik lag laatst ergens op een massagetafel bij een jongen die ontzettend zijn best deed om mij uit mijn hoofd te krijgen. Waarover ik later dacht: waarom zou dat eigenlijk moeten? Mensen kopen geen kaartje omdat ze denken: dat is die jongen met zijn grappige knieën. Het is toch hetgeen wat in mijn hoofd gebeurt en bedacht wordt, dat me maakt tot wie ik ben.”

“Wat ik wel meer zou moeten doen, is boksen. Dat is een ontzettend fijne sport. Thuis in Nederland heb ik een boksbal, maar hier niet. Ik heb een trainer die ik nu al een tijdje verwaarloos, maar daar moet ik eigenlijk weer naartoe. Ik vind het heel prettig om een tegenstander te hebben.”

Hoe zou u willen sterven?

“Rustig. Ik denk dat ik uiteindelijk zou willen sterven in de anonimiteit vanwaaruit ik geboren ben.”

Wat zou u wensen als laatste avondmaal?

“Ik heb in de lockdown regelmatig een Indonesische rijsttafel besteld van Syrco Bakker. Dat is een kok die veel met Sergio Herman samenwerkt. Goed Indonesisch eten, dat mis ik hier in Vlaanderen. Dat ligt ook zodanig zwaar op de maag dat je daarna rustig kunt inslapen.” (lacht)

Vanaf 12 januari 2022 gaat Jan Jaap van der Wal met zijn nieuwe zaalshow III-ième op tournee in Vlaanderen. Meer info en speeldata op janjaapvanderwal.nl

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234