Maandag 20/09/2021

Jan en Mohammed hebben hun eigen jeugdorganisaties

Het jeugdwerk slaagt er maar niet in Vlaamse en migrantenjongeren samen te brengen, zegt de Raad van Europa, dat ons jeugdbeleid doorlichtte. Minister van Jeugd Pascal Smet oppert dat een allochtone jeugdbeweging een oplossing kan zijn.

Eerst het goede nieuws: het jeugdwerk in Vlaanderen staat stevig op zijn twee poten, en dat is best uniek, zegt de Raad van Europa. Die fileerde ons jeugdbeleid, en stelt vandaag zijn bevindingen voor aan de sector. Onze jongerenverenigingen zijn stabiel, hebben een duurzaam imago en staan sterk in onze samenleving, met dank aan de ondersteuning door de Vlaamse overheid.

Maar, en daarmee duwt de Raad op een oud zeer, kwetsbare jongeren vinden hun plaats niet in traditionele verenigingen. Gaat Jan op zondag naar de scouts of chiro, dan trekt Mohammed een organisatie als Jes, dat zich richt op kwetsbare jongeren.

"Vlaamse jongeren en hun leeftijdsgenoten met een kwetsbare achtergrond ontmoeten elkaar niet", merkt de Raad verbaasd op. "De traditionele bewegingen willen wel, maar weten niet hoe."

Uit De Marge, het steunpunt voor organisaties die werken met kwetsbare jongeren, vraagt zich evenwel af of je de ene groep wel zomaar naar de andere kan leiden. "Wij vertrekken vanuit de noden en leefwereld van kwetsbare jongeren, en die verschilt aanzienlijk van die van middenklassejongeren", zegt Jeroen Robbe. "Waar het mainstream jeugdwerk zich richt op vrijetijdsbesteding, leggen organisaties voor kwetsbare jongeren bruggen naar thema's als school, arbeid of openbare ruimte, vanuit hun perspectief. Wat wij doen, sluit meer aan bij hun behoeften."

Pascal Smet (sp.a), Vlaams minister van Jeugd, erkent de Europese opmerkingen. "Ook de jongerenverenigingen zelf geven toe dat de toegang van migranten en nieuwe Belgen richting het klassieke jeugdwerk niet zo vlot verloopt, en dat niet evident is het tij te keren." Daarom wil Smet hierover het debat aanzwengelen.

Informeel leren

"Moeten we misschien niet nadenken over een allochtone jeugdbeweging, onder de koepel van de al bestaande organisaties?", vraagt hij zich af. "Kwestie van de jongeren vertrouwd te maken met het jeugdwerk, en om af en toe tot een samenwerking te komen."

In het rapport noemt de Raad de hoofdstad ook het zorgenkindje, dat meer aandacht nodig heeft. Ook achter deze kritiek kan Smet zich scharen. "Brussel is inderdaad een probleem, en de samenwerking tussen de Franse en Nederlandstalige gemeenschap loopt niet altijd even vlot. Maar we hebben ook samen stappen gezet om de jongeren die we anders niet zien, te bereiken, en elkaars attesten in pakweg speelpleinwerking te erkennen."

De Raad stelt zich voorts nog de vraag of het niet dringend tijd wordt dat de competenties die jongeren opsteken als ze actief zijn in het jeugdwerk, formeel erkend worden. Zijn we mee bezig, antwoordt de minister. Ook hier heeft Uit De Marge enkele bedenkingen.

"Informeel leren wordt zo toch geformaliseerd", zegt Robbe. "Bovendien zijn instrumenten als zogenaamde 'elders verworven competenties' vaak arbeidsmarktgericht, en dreigt men het jeugdwerk zo in te schakelen voor andere belangen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?"

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234