Zondag 17/11/2019

Opvoedreeks

Is de alomtegenwoordige iPad echt zo slecht voor uw kroost?

► Barbara Claessens met zoontjes Cas (2) en Wout (4): 'Kinderen weghouden van tablets lijkt me onzinnig. Ik zie ook voordelen.' Beeld Aurélie Geurts

Ze klungelen niet met vingerverf, ze swipen. Ze ravotten niet, ze liken. Daar zouden ze dom, rusteloos en asociaal van worden. Moeten ouders het 'schermgebruik' van hun kroost inperken?

Julian is 4 jaar. Zijn klasfoto is nog ouderwets afgedrukt. Hij maakt met zijn wijsvingertje altijd weer een slepende veegbeweging op één stukje. Het is de veegbeweging waarmee je op een tablet of smartphone iets wegklikt. De 4-jarige veegt over een klasgenootje met wie hij vaak ruzie heeft. Die moet weg.

"Bij mijn dochtertje van 2 jaar zie ik het ook", zegt Monica Van Loock. "Ze maakt de veegbeweging op het tv-scherm. Ze ziet het ons en haar zusje van 6 op de tablet doen. We weten wel dat 2-jarigen alles na-apen. Toch ziet het er raar uit. Net zoals het fout aanvoelde dat mijn dochter van 5 mij leerde hoe ik mijn tablet moest gebruiken."

Ook bij de familiefeesten waar aan de kindertafel alle hoofden tegen een 'zwarte spiegel' plakken, of bij de kleuters die in de klas niet met speelgoed willen spelen maar ronddolen tot het computermoment er is, moeten we slikken. Het zijn scènes die opvoedingspaniek opwekken. Kinderpsychiater Lieve Swinnen schreef dan ook het boekje: #Help! Mijn kind leeft online.

Vandaag maar een half pakske slaag

Opvoeden. Ouder of niet: iedereen heeft er een mening over. Maar hoe zit het nu met zaken als gender, straf, iPads of co-ouderschap? De Morgen bekijkt het in de reeks 'Vandaag maar een half pakske slaag'.

Want is dat niet erg onrustwekkend, kinderen die door 'de schermen' worden opgezogen? Als volwassenen, met hun volgroeide hersenen, door een gulzig onlineleven al slaap- en concentratieproblemen krijgen, worden kinderen in volle ontwikkeling daar dan geen zombies van? "Ik maak me zorgen over wat dat op lange termijn kan geven", zegt Van Loock. "Je raakt zo makkelijk verslaafd. Ik wil dat ze blijven bewegen en creatief zijn. Maar zal dat lukken wanneer die schermen zo aantrekkelijk zijn voor hen?"

Peter Martens, die het scherm- en computergebruik bij zijn dochters van 17 en 30 en zijn zoon van 23 destijds behoorlijk streng heeft aangepakt, vindt vooral dat ze "er zo passief van worden". Hij heeft ook een pleegzoontje van 6 en runt met zijn vrouw al jaren een kinderdagverblijf. "Hij krijgt geen eigen tablet, ook al smeekt hij erom. Wanneer ik hem dan in zijn fantasiespel met een opengeklapt schriftje dat een laptop moet voorstellen bezig zie, ben ik opgelucht", zegt Martens. "Want in onze opvang zien we hoezeer kindjes zich door digitaal schermgebruik slechter ontwikkelen. Motoriek, taal en creativiteit vlakken af."

Het gevreesde zombie-effect, dus. Toeval is het dan ook niet dat de Opvoedingstelefoon en het Expertisecentrum Opvoedingsondersteuning (EXPOO) melden dat 'wat met al die schermen?' zowat de grootste ouderlijke kopzorg is.

Angst voor nieuwe media

Die zorgen zijn gevoed door twee feiten. Ten eerste zijn tablets en smartphones alomtegenwoordig en het nieuwe favoriete speelgoed. Peuters leren er sneller mee omgaan dan dat ze leren spreken. Kinderen tussen 6 en 12 jaar gebruiken zeer regelmatig een tablet en het aantal 9- tot 12-jarigen met een eigen tablet is tussen 2016 en nu gestegen van 18 naar bijna 56 procent, zo toont het recente Apestaartjaren-onderzoek. Voor ruim 70 procent van de Vlaamse jongeren is het een automatisme om de smartphone (veel) te gebruiken. In gezinnen is gedoe over hoe vaak en hoe lang dan ook een vast discussiepunt en de tips van expertisecentra zijn niet te tellen. Eén voorbeeld van Mediawijs: "Gaan jullie samen wat leuks doen? Benoem één iemand dan tot smartphone-bob. Dat wordt de enige persoon die zijn smartphone mag meenemen en gebruiken."

Bovendien zeggen experts en opvoedingsboeken al een hele tijd dat die aan tablet of smartphone verslaafde kinderen inderdaad verwarde, slapeloze en niet-empathische leeghoofdjes zullen worden. Meer dan één op de vijf van de jongeren wordt onrustig wanneer ze niet op hun smartphone kunnen kijken en komen soms in de problemen met slapen en huiswerk, zo staat nog in het Apestaartjaren-onderzoek.

Maar ook onderontwikkelde hersenen, concentratie- en geheugenstoornissen, afhankelijkheid 'vergelijkbaar met heroïneverslaving', asociaal gedrag en zelfs autisme zijn gesignaleerd als gevolgen. En in haar praktijk ziet Swinnen meer kinderen met ernstige tics. De Duitse arts Manfred Spitzer noemt 'schermkinderen' daarom 'digiziek'.

Je zou als ouder voor minder met de handen in het haar zitten wanneer je peuter weer eens een krijsconcert houdt omdat je de iPad afneemt. Steeds meer blijkt echter dat de paniek overtrokken is.

"Er zijn leugens verspreid", zegt de Franse kinderpsychiater Serge Tisseron, die de overheid over de kwestie adviseert. "Schermtijdlimieten voor kinderen zijn wetenschappelijke nonsens", schrijft Oxford-onderzoekster Amy Orben in The Guardian.

Ook Swinnen, communicatieprofessor Bieke Zaman (KU Leuven), professor ontwikkelingspsychologie Bart Soenens (UGent), professor experimentele psychologie Wouter Duyck (UGent) en Digimeter-onderzoeker Bart Vanhaelewyn (UGent-Imec) zeggen in koor: er zijn geen solide wetenschappelijke bewijzen voor de onheilspellende effecten.

"Ook toen de televisie er kwam, waren er studies die zogezegd op nefaste effecten wezen, maar die dan nooit zijn herhaald", zegt Zaman. "Nieuwe media hebben altijd al angsten losgeweekt." Duyck: "Zo'n 2.000 jaar geleden waarschuwde Plato dat boeken ons geheugen zouden verprutsen."

Wel is de nervositeit nu begrijpelijk. Want dat veelvuldige gebruik door ook de allerjongsten is er in zeer korte tijd gekomen. "Plots willen alle peuters een tablet. Dat is overweldigend", zegt Zaman. "Zeker ook omdat die toestellen mobiel zijn, lijkt het wel alsof ze het van de ouders hebben gewonnen."

Maar dat schermgebruik zombies, autisten en niet-empathische warhoofden van hen maakt, is dus niet aangetoond. "Er bestaan niet meer dan tien onderzoeken over en die tonen geen schadelijke effecten aan", zegt Duyck. "En dat terwijl er naarstig naar gezocht wordt, want als je dat verband vindt, sta je meteen op de voorpagina van Science."

Hersenscans

Al zijn er ook enkele kanttekeningen. Ten eerste duiken er inderdaad veranderingen op in de hersenen bij schermgebruik. "Maar bij alles wat we doen, van tennissen tot krantenartikels maken, zie je veranderingen op hersenscans. Niet elk breinverschil staat gelijk aan schade", zegt Duyck.

Ten tweede bestaat 'schermverslaving' wel degelijk. Excessief gebruik, steeds meer willen en een negatieve impact op het dagelijks leven en ontwenningsverschijnselen moeten dan een belletje doen rinkelen, want dan kan er wel schade optreden. Maar slechts een kleine minderheid is verslaafd. En dat het bestaat, betekent niet dat smartphones per definitie verslaafd maken. Nieuw Belgisch onderzoek (KU Leuven/UCL) geeft ook aan dat het voor de meeste jongeren meer aanzet tot interactie dan tot isolement en dat twee derde van de 11- tot 18-jarigen toch nog altijd livecontact verkiest boven onlinecontact.

Ten slotte is ook aangetoond dat het blauwe licht dat uit de schermen komt, de slaap verstoort. Wat dan tot aandachts- en concentratiestoornissen kan leiden. Voor je scherm hangen tegen bedtijd is dus ook voor kinderen af te raden.

De zoontjes van Barbara Claessens mogen dat nochtans wel. "Cas (2) en Wout (4) kijken 's ochtends en 's avonds telkens een kwartiertje op hun tablet", zegt ze. "Ze zijn erg actief en het is zeker 's avonds een rustmoment. Er zijn appjes per leeftijd waarmee ze bijvoorbeeld puzzels maken. Ze slapen er zeker niet slechter door."

Claessens zoekt een digitale balans. "Ze ervoor afschermen lijkt me onzinnig. Ik zie ook voordelen. Mijn oudste kende door die apps heel snel Engelse woordjes. Kleuren kende hij zo bij het begin van de eerste kleuterklas in het Nederlands en Engels. Maar we zullen altijd waakzaam zijn. School en vriendjes zijn belangrijk en wij spelen zoveel mogelijk buiten. Ik hoop dat onze aanpak van gedoseerd begeleiden in plaats van verbieden conflict en verslaving vermijdt."

Tisseron weet zo goed als zeker dat mama Claessens daarop mag rekenen. "Haar aanpak sluit aan bij wat meer en meer de consensus is", zegt hij. "Niet de kwantiteit maar de kwaliteit telt. Ze selecteert met haar zoontjes de inhoud, beperkt de tijd, doet creatief mee, bespreekt wat ze doen. Dat zijn de vuistregels waar je als ouder veel meer moet mee bezig zijn dan met de vraag naar hoeveel schermtijd per leeftijd mag."

► Schermtijd voor de kinderen van Elke Boudry. Ze gelooft niet in één formule voor alle kinderen: 'Bij mijn zoon hebben we het strenger aangepakt, omdat hij dat nodig had.' Beeld Damon De Backer

Zo is in een studie van vorig jaar (Przybylski e.a.) bij 20.000 gezinnen aangetoond dat de relatie tussen de hoeveelheid schermtijd en het welzijn van kinderen verwaarloosbaar klein is. Een ander onderzoek (Universiteit van Michigan) ziet dat niet hoeveel maar hoe kinderen surfen en swipen bepalend is voor hun emotionele en sociale welzijn. "Het gaat er vooral om dat je ervoor zorgt dat het andere essentiële activiteiten niet wegduwt", zeggen Swinnen en Tisseron. "Tot 3 jaar is het bijvoorbeeld erg belangrijk de zintuigelijke wereld te ontdekken: voelen en kruipen, luisteren en zich leren concentreren, gezichtsuitdrukkingen leren herkennen."

Tisseron en Swinnen zijn daarom aanhanger van de 3/6/9/12-regel: schermgebruik voor 3 jaar mijden en het op 6, 9 en 12 jaar aangepast aan de leeftijd begeleiden. "Speel tussen 6 en 9 jaar mee op de tablet, leg tussen 9 en 12 jaar uit wat privacy is. En laat ze niet lang alleen achter een scherm", aldus nog Tisseron.

Anderen vinden de 3/6/9/12-regel te streng. Swinnen: "Zie het dan eerder als inspiratie, niet als een dictaat, en kijk vooral naar het volledige leven. Ziet je kind vriendjes? Gaat het nog sporten? Heeft het een leven in balans?"

Duyck: "Het gaat om gezond verstand. Uiteraard is het geen goed idee om een klein kind zeven uur alleen achter de laptop te zetten. Maar het is ook geen goed idee om een klein kind zeven uur te laten trampolinespringen. En ja, we kunnen niet multitasken. Studeren met de smartphone naast je is dus nefast. En mocht mijn zoontje hierdoor sport of vrienden opgeven, zou ik tussenbeide komen.

"Maar als hij op restaurant woordjes leert via een app, vind ik dat nuttiger dan dat hij met kroketten klooit. En als hij via WhatsApp vaker met zijn oma spreekt of vriendjes uitnodigt om te voetballen, vind ik dat ook positief."

En er zijn ook voordelen. "Het is bewezen dat jonge fervente gamers zich beter kunnen concentreren dan andere jongeren", zegt Duyck. "Ook is tabletgebruik in verband gebracht met meer vriendschappen en kan het de cognitieve ontwikkeling ondersteunen."

Lifehack op YouTube

Bovendien: het is leuk. Voor de meeste kinderen en jongeren is het entertainment en ze houden ervan dingen op te zoeken die te maken hebben met offlineactiviteiten. Meisjes die graag knutselen, zoeken op YouTube filmpjes met tips, bijvoorbeeld.

Zoals Lieze (9). "Ik kreeg een tablet toen ik 7 was en ik kijk het liefst op YouTube lifehack-filmpjes (met uitleg over bijvoorbeeld slimme knutselvondsten, red.)", zegt ze. "Er zijn wel regels. In het weekend mag het 's morgens en 's avonds en in de week soms 's avonds en niet te lang. Ik vind dat oké omdat ik toch liever echte spelletjes speel. Mijn broer vindt het moeilijker. Soms is het niet zo leuk als hij op de tablet zit en wij willen spelletjes spelen. Hij doet dan niet mee. Ik denk dat hij soms stiekem op die tablet zit." Broer Karsten (11): "Ik vind niet dat ik verslaafd ben, hoor. En wat ik meestal doe, is gamen met anderen, niet alleen."

Mama Elke Boudry kent door haar job bij Mediawijs de materie door en door. "Natuurlijk zijn er tips, zoals elkaar uitdagen om de smartphone 's avonds in de woonkamer achter te laten, of afspreken dat de eerste die op restaurant naar zijn toestel grijpt betaalt", zegt ze. "Maar ik geloof niet in één formule omdat ik bij mijn eigen kinderen zie hoe verschillend ze erin zijn. Bij mijn zoon van 11 hebben we het strenger aangepakt omdat hij dat nodig had."

Verbieden werkt niet

Anderen bepleiten ook inspraak en onderhandelen. Dat klinkt te soft tegenover die enorme aantrekkingskracht van 'de toestellen'. Maar onderzoek toont aan dat ruzies over schermgebruik voorkomen of ontmijnen beter werkt dan de autoritaire aanpak.

"Eenzijdige verboden werken niet echt", zegt ontwikkelingspsycholoog Soenens. "Vraag liever: 'Wat vind jij zelf een faire deal?' Dan heeft je kind het gevoel dat het gehoord wordt en zal het sneller afspraken nakomen. Bij kleuters kun je dan misschien een schema met jullie afspraken aan de koelkast hangen als geheugensteuntje."

Hou ook rekening met de kwaliteit van je argumenten. Voor de meeste kinderen is hun digitale leven privé. "Wat dan niet werkt, is jouw zorgen vooropstellen, want je kind vindt dat je eigenlijk geen recht van spreken hebt over dit privédomein. 'Dat het stom en weinig leerrijk is', zal zeker niet overtuigen", zegt Soenens. "Vragen over hoe ze zelf denken wat de impact op beweging en slaap is, is de beste basis voor regels en structuur. En speel vooral zelf eens mee. Een ouder die beseft wat een level uitspelen is en vraagt om te komen eten na het volgende level, zal meer bereiken dan een ouder die midden in een level beveelt te komen eten."

Vraag dus 's avonds niet alleen hoe het op school was, maar ook hoe het op Instagram was, zo suggereren de onderzoekers. Want sociale media en smartphones zijn nu eenmaal een deel van ons leven. Hen van alles de schuld geven is een denkfout. "We worstelen met druk om de hele tijd likes te scoren en uit te blinken", zegt Digimeter-onderzoeker Vanhaelewyn "Bespreek dat met je kind. Verwijs ook naar je eigen schermgebruik. En besef dat níét die iPhone of Facebook op zich, maar een laag zelfbeeld voor een negatieve impact zorgen."

Ook Tisseron benadrukt dat een kind dat wel schermverslaafd lijkt, niet is opgezogen door kwaadaardige machines maar met iets zit. Stress, angst, onzekerheid. "Door de hysterie over de apparaten dreig je dat niet te zien", zegt hij. "Uiteindelijk gaat dit niet over die machines zelf, maar over de essentie van opvoeden. Kijken en luisteren naar. Spreken met. De tijd nemen om je kind goed te leren kennen. Dan kunnen de schermen eigenlijk weinig verkeerd aanrichten."

Morgen in de slotaflevering een interview met opvoedprof René van der Veer: 'Ouders doen ook maar wat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234