Woensdag 16/06/2021

Inspiratie voor de Sint

Een prachtig najaar is dit voor gulle Sinterklazen. Nieuwe en oude verhalen, versjes en rijmpjes, veel daarvan prachtig geïllustreerd en fraai uitgegeven. Dat er een nieuwe Harry Potter is en een tweede prentenboek van Madonna, dat wist u wellicht al. Maar ook van Max Velthuijs, Ed Franck, Sylvia van Ommen en Paul Biegel zijn er nieuwe boeken verschenen.

Max Velthuijs tekende en bedacht een van zijn mooiste Kikker-boeken: Kikker is bedroefd (Leopold). Op de cover zit kikker bedenkelijk en zorgelijk voor zich uit te kijken. Hij sjokt met hangende schouders, door eindeloze en onverklaarbare somberte overvallen, door de bladzijden. Rat, trouw als steeds, slooft zich uit om zijn troosteloze vriend aan het lachen te krijgen met gekke bekken en acrobatenkunsten, maar vergeefs. Als Rat ten einde raad op zijn viool speelt, komt er een niet te stoppen tranenvloed. Kikkers onbestemde verdriet krijgt een naam: ontroering. En ten slotte komen ze met z'n allen niet meer bij van het lachen. Alweer een leeftijdloos en herkenbaar verhaal met aandoenlijk mooie prenten. Velthuijs blijft op zijn tachtigste een onnavolgbaar kinderboekenmaker in woord en beeld. Toen de Vlaamse illustratrice Lieve Baeten twee jaar geleden verongelukte, had ze een nieuw Lotje-boek in de maak. Haar zoon Wietse Fossey besloot het half afgewerkte boek met de computer af te maken. Slimme Lotje (Clavis) ademt helemaal de sfeer van de vorige afleveringen: een veilige, rustige en vriendelijke heksenwereld waarin iedereen het goed voor heeft. Een geslaagde hommage aan een van de belangrijkste illustratoren die we hier ooit hadden én een mooi verteld en knap vormgegeven boek.

Dat Ingrid Godon prachtige zeeën en duinen tekent, wisten we al uit Wachten op Matroos. In Het concert (De Eenhoorn), een verhaal van Jaak Dreesen, loop je met Kobe en zijn moeder weer door de duinen in Oostduinkerke of De Panne. Je ruikt, voelt en ziet ze, de Vlaamse Noordzee, op de royale prenten. Jaak Dreesen schreef een rustig kabbelend verhaal over een celliste en haar vioolspelende zoontje die samen op een golfbreker zitten te musiceren. Op de ultieme concertavond van zijn moeder valt kleine Kobe in voor de geblesseerde violist. Een boek met veel warmte, vooral in de prachtige illustraties.

Voor De bus naar Hawaii (Querido) maakte Ingrid Godon de prenten bij de woorden van André Sollie. Godon tekent graag stoere en wat onbehouwen vrouwmensen. Hoofdfiguur Tine wordt van de ene dag op de andere van een schattig dwergachtig vrouwtje een heuse reuzin. Het verhaal in dit boek is vlot verteld maar wat vergezocht. Veel moois valt er wel te bekijken.

Met de aandoenlijke figuur van Kleine Ezel in de hoofdrol tekende Annemarie van Haeringen een derde prentenboek, weer met tekst van Rindert Kromhout. Kleine Ezel en de oppas (Leopold) is weer een feest voor het oog en het hart. De expressie op de gezichten is meesterlijk in dit royaal geïllustreerde prentenboek. Kleine Ezel zorgt voor heel wat sores voor Kip, zijn oppas. Die installeert zich in al haar gezellige moederlijke omvang met haar breiwerkje op de bank, maar die etter van een kleine Ezel zet de boel grondig op z'n kop. Tekst en prenten spelen perfect op elkaar in. De geestige details op de platen zorgen ook hier weer voor verrassingen.

Een intrigerend en geestig verhaal zonder woorden is De verrassing van Sylvia van Ommen (Lemniscaat). Een knoert van een schaap is op elke plaat druk in de weer. Het duurt tot het eind voor je in de gaten hebt wat de bedoeling is van al die activiteit. Heen en weer op de brommer, dikke vacht verven en vervolgens scheren, breien, inpakken... de laatste prent toont de vertederende ontknoping. Grappig en vakkundig getekend en opgebouwd, dit boekje voor jonge kinderen.

Ook veel humor en herkenning in Een geluid alsof iemand geen geluid wil maken (Thomas Rap), een prachtig geïllustreerd prentenboek van de Duitse illustratrice Tatjana Hauptman met een verhaal uit de roman Weduwe voor een jaar van John Irving. Irving vertelt het verhaal van angst voor onbestemde nachtelijke geluiden rechttoe rechtaan, zonder franjes. Het geluid dat kleine Tom, en meteen ook Toms vader, wakker houdt is "zeer zeker het geluid van een monster met geen armen en geen benen dat voortschoof op zijn dikke natte vacht". De discussie tussen vader en zoon over de mogelijke herkomst van het lawaai wordt steeds grappiger en absurder. Een originele aanwinst in de eindeloze reeks van 'bang-in-het-donker-boekjes'.

Nog een klein kunstwerk is het prentenboek Antonio aan het andere eind van de aarde, kleiner en kleiner. Het verhaal van de Noord-Ierse auteur Malachy Doyle met meesterlijke illustraties van de Vlaamse Carll Cneut verscheen oorspronkelijk in het Engels, en werd nu ook in het Nederlands uitgegeven bij De Eenhoorn. Cneut maakt overigens steeds meer furore in het buitenland. Op verzoek van een art director van The New York Times gaat hij vanaf nu regelmatig illustraties maken voor die krant. Het verhaal dan: Antonio gaat op bezoek bij zijn Grootje aan het andere eind van de aarde en heeft het daar zeer naar zijn zin. Merkwaardig genoeg wordt hij plots almaar kleiner en kleiner. Grootje stuurt hem terug naar huis. Hij mist zijn mammie. Vandaar. Op zijn lange terugreis wordt hij eerst scheepsjongen, dan stokersknecht op de trein en ten slotte - "nog maar een splintertje hoog door al die weken van huis" - arriveert hij weer thuis op de kop van een paard dat een cowboy "na een moeilijk zadeldagje" hem even wilde lenen. Een absurd grappig verhaal, voortreffelijk vertaald door Edward van de Vendel. Anne de Vries verzamelde in Als heel de wereld een appeltaart was (Leopold) weer een hele reeks oude en nieuwe rijmpjes en gedichten voor jonge kinderen en Margriet Heymans maakte er in haar unieke stijl bijzondere kleurige tekeningen bij. Eeuwenoude bakerrijmpjes wisselen af met gedichten van onder meer Joke van Leeuwen, K. Schippers, Iene Biemans en Geert de Kockere.

Er zijn ook nogal wat leuke hebbedingetjes in de aanbieding. Illustratrice Marit Törnqvist ontwierp een grappig bedacht en getekend Kwartetspel der Opmerkelijke Uitvindingen (Moon Press). Zo moet je bijvoorbeeld de vier kaarten in de serie 'liefde' bij elkaar krijgen: de handinhandwant, de wijhebbeneenbandband, de kusklipmop, en de pleziervoortweeërs. Hoe een en ander er ook nog uitziet ontdek je op de humoristisch getekende kaarten van het spel. Voor wie zelf graag wat wil bedenken is er een reeks blanco-kaarten. Leuk om krijgen lijken me ook de 'Vos en Haas'-journaals, vriendenboekjes en poëziealbums, allemaal met illustraties van Thé Tjong-Khing uit de gelijknamige boeken voor beginnende geletterden. Het nieuwste boek Vos, Haas en het Kind van de Eik (Lannoo) is overigens ook weer uitstekend: taalgrapjes, aandoenlijke humor, geestige prenten en zelfs wat natuurinformatie in één.

Meer tekst is er te lezen in De Goudvis, een opmerkelijk debuut van Michael Coppé (Afijn). In een originele vertel- en tekenstijl laat de auteur-illustrator een kleine jongen het verhaal doen over een feest bij oma en opa. Die zijn vijftig jaar getrouwd, en dat wordt uitbundig gevierd. Alleen worden niet alle attenties van de volwassen kinderen in dank afgenomen door de niet-begrijpende jubilarissen. Alleen de goudvis, het cadeau van de kleine ik-verteller, krijgt een ereplaats. Een herkenbaar portret van ingewikkelde en voor kinderen vaak ondoorzichtige familierelaties met een eigen stem verteld. Minder doorzichtig is Zie ik je nog eens terug (Querido) van Ed Franck. Het decor voor dit gevoelige verhaal is een klein oud speelgoedmuseum. Nestor, de bejaarde eigenaar, helemaal vergroeid met zijn speelgoed, vindt op een avond een klein meisje tussen de vitrinekasten. "Vroeger heette ik Saartje. Maar nu heet ik al een paar weken Sara", vertelt ze. Daarmee is meteen de toon gezet. Het wordt algauw duidelijk dat er wat fout is met dit vreemde, onberekenbare en buiige kind. Nauwkeurig en langzaam tekent Ed Franck in dit boek het moeizame ontdooiingsproces van een door de dood van haar broertje totaal verward meisje. Nestor probeert heel omzichtig tot haar door te dringen. Het speelgoed wordt hier als een therapeutisch medium opgevoerd, dat het onzegbare onder woorden kan brengen. Er hangt veel weemoed en verdriet in dit verhaal. De breekbare sfeer wordt gedoseerd, poëtisch, haast filmisch opgeroepen; de vele suggestieve verwijzingen naar de ramp die zich voordeed, de voortdurende afwisseling van magie in de lucht en de bikkelharde realiteit, het past allemaal mooi in elkaar. Een enkele keer gaan dialogen wel eens geforceerd klinken of komen bepaalde scènes wat ongeloofwaardig of al te bestudeerd over. Toch is dit weer een boek dat niemand koud kan laten. Carll Cneut bespeelt met zijn weer eens unieke 'unheimliche' illustraties het geschikte register bij dit bijzondere verhaal. Tot slot een echt leesboek, spannend, geestig en beetje griezelig: Man en Muis (Holland) van Paul Biegel. Biegel, inmiddels al 78, is een van de meest productieve, bekroonde en populaire schrijvers voor kinderen en jongeren in Nederland. Sprookjeselementen en het eeuwige thema van goed en kwaad zijn meestal aan de orde in zijn werk. Maar in Man en Muis deze keer geen trollen, kabouters en feeën, wel ontelbare muizen in alle soorten en maten. De Bruinen zijn de underdogs, de simpele veldmuizen die met de grootste moeite de voortdurende dreiging van 'Valk, Uil, Ringslang en De Hopeloze Verdwaling' moeten trotseren. Voor de Grijzen die HET HUIS bewonen zijn ze een soort "wilden", die niet thuis horen in hun "luux" ("steeds rijker, steeds luxer, steeds lekkerder, vreten en dansen en slapen, wat wil een muis nog meer?"), waar ze bovendien geen poot hoeven voor te verzetten. De witte Toetsenbill, 'De Grote Witte Wijze', een ontsnapte labmuis, regelde dat leventje voor ze. Slim door al de prikken die hij kreeg ontdekte de wetenschapper van het gezelschap wat Muis Almachtig van de computer. Met zijn assistent Frix bestelt hij 's nachts in de salon van de slapende menselijke bewoner (het Heilige der Heiligen) online de grootste heerlijkheden die een muis zich kan dromen. Zo werd HET HUIS een paradijs, één groot pretpark met gladde spekroetsjbanen en maïs en tarwe en kaas voor het grijpen, Bruinen niet toegelaten. Belem, een geniepige rat uit het buitenland ziet zijn kans schoon en installeert zich in HET HUIS voor zijn smerige en bijzonder lucratieve business. Bruine Sjaak, een ritselaar van belang, wordt als koerier ingezet om ongemerkt Giftig Gilzekruid, Wilde Hansop en Heerlijk Heintje naar binnen te smokkelen, kruiden die in de geheimzinnige kelder tot Dwelm worden verwerkt. Binnen de kortste keren lopen de Grijzen er met lodderige ogen bij en bezwijken er geregeld een paar aan een overdosis Dwelm. Alleen Wesseldink, de zoon van een bruin gezin heeft begrepen wat er omgaat. Als een jonge held redt hij de hele bende van de ondergang. Met Man en Muis schreef rasverteller Paul Biegel een bijzonder boeiend en rijk boek over de condition humaine. Zijn taalvirtuositeit is indrukwekkend. En hij slaagt erin zonder prekerigheid een paar wezenlijke boodschappen mee te geven. Illustratrice Fiel van der Veen leverde een bravourestukje voor dit boek.

Annemie Leysen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234