Dinsdag 13/04/2021

Ineens valt het zoeklicht goed

De afgelopen dagen werden alweer duizenden bootvluchtelingen gered op de Middellandse Zee. Helaas zijn dit jaar ook al bijna 3.000 mensen verdronken. Vanaf reddingsschip Aquarius ziet deVolkskrant-verslaggeefster Carlijne Vos hoe zich soms toch een mirakel voordoet.

Drie, twee, een... de zon is verdwenen achter de horizon. De hemel boven de Middellandse Zee verschiet van avondrood naar nachtblauw. Het is nu of nooit. Over tien, hooguit twintig minuten is de zee een inktzwarte spiegel. Dan zijn de ronddobberende Afrikaanse migranten uit Libië, waarnaar het reddingsschip Aquarius al uren op zoek is, vrijwel kansloos om te worden gevonden.

In de stuurhut op de brug is het doodstil. Vrijwel de gehele crew van het schip, dat zo'n 25 kilometer voor de kust van de Libische hoofdstad Tripoli ligt, speurt met een verrekijker de golven af. Op de radar verschijnen af en toe vlekjes, maar dat blijkt telkens loos alarm. Om 21.20 uur is het aardedonker.

Kapitein Alexander Moroz richt een schijnwerper op de golven. "De enige hoop is dat zij ons zien en misschien kunnen seinen", zegt de Wit-Rus. Even is inderdaad een lichtje te zien. De kapitein koerst eropaf, maar het blijkt een boei. De meeste reddingswerkers geven het op. Aangeslagen gaan ze naar beneden, niet vermoedend wat de nacht nog zal brengen.

De Aquarius is door de hulporganisaties Artsen zonder Grenzen en SOS Méditerranée afgehuurd om migranten van hun rubberbootjes te redden op de dodelijke migratieroute van Libië naar Italië. Sinds een week ligt het op zijn positie ten oosten van Tripoli. Andere reddingsschepen, de Italiaanse kustwacht en het Europese grensbewakingsagentschap Frontex houden de rest van de kuststrook in de gaten. In 2015 bereikten langs deze gevaarlijke route meer dan 150.000 migranten Italië, dit jaar zijn al ruim 62.000 migranten van zee gered.

Na meer dan een week wachten op de ruwe zee komt donderdagochtend om 9.30 uur de eerste melding van twee bootjes in nood uit de fax gerateld op de brug van de Aquarius. Vanaf de bootjes is met een telefoon gebeld naar het reddingscoördinatiecentrum MRCC in Rome, dat hun positie doorgeeft aan de grote reddingsboten. Het bootje waar de Aquarius naartoe vaart, ligt twee uur verderop. De kapitein zet koers en verhoogt de snelheid naar negen knopen.

De hulpverleners maken van de twee uur vaartijd gebruik om de redding nog eens door te nemen. "Laat het beademen aan ons over als het even kan", zegt de Nederlandse arts Erna Rijnierse tegen de reddingswerkers van het SOS-team. "Jullie taak is om zo veel mogelijk mensen van zee te redden."

Het echte reddingswerk begint. Om 11.30 uur heeft de Aquarius de doorgegeven positie bereikt, kort daarna doemt tussen de twee meter hoge golven ineens een grijs rubberbootje op. Het schip gaat op veilige afstand liggen om geen golfslag te veroorzaken en de golven te breken voor de twee oranje reddingsboten die van het dek worden getakeld.

Vanaf het water klinkt angstig geschreeuw. Amadi, de Eritrese tolk van AzG, zit voor op het dek van de eerste reddingsboot om de mensen tot kalmte te manen. "Blijf rustig zitten, beweeg niet. Anders gebeuren er ongelukken", roept hij in het Frans, Engels en Arabisch.

Huilen van blijdschap

Terwijl de hulpverleners zwemvesten uitdelen, bekijkt arts Rijnierse welke mensen acuut hulp nodig hebben. De situatie lijkt onder controle: geen ernstig onderkoelde of zieke mensen en gelukkig geen dode, zoals vanmorgen op een ander bootje.

De evacuatie kan beginnen. Een voor een worden de migranten van hun wankele boot geholpen en in groepen van vijftien naar de Aquarius gevaren. Eerst de vrouwen en kinderen, dan de mannen. De golven beuken tegen de boten aan, de reddingsboten moeten telkens draaien om opnieuw in de juiste positie te komen.

Huilend klimmen de eerste vrouwen aan boord van de Aquarius. Eenmaal aan dek zakken ze door hun knieën. Ze zijn doorweekt, ruiken naar benzine, moeten overgeven en het lukt ze ternauwernood om op eigen kracht de opvangruimte te bereiken.

De Italiaanse vroedvrouw Angelina van Artsen zonder Grenzen helpt de vrouwen uit de stinkende kleren en zet ze een voor een onder de douche. "Dank je wel, dank je wel", snikt een van de jonge vrouwen uit Ivoorkust als Angelina haar bij de hand neemt. "We waren zo bang de hele tijd. Toen we jullie schip zagen, konden we alleen maar huilen van blijdschap. Maar we waren ook zo bang dat we zouden omslaan."

Om 17.15 uur is de Aquarius nog steeds op zoek naar het tweede bootje als er een nieuw alarm komt. Van coördinatiecentrum MRCC komt de opdracht een bootje 20 mijl westelijker te zoeken. Een Italiaans marineschip zal het andere bootje blijven zoeken. De migranten worden naar het bovendek verplaatst om plaats te maken voor de nieuwkomers en iedereen krijgt een energiereep van 2.400 calorieën. Tijdens die verhuizing worden de mannen getest op schurft. "Heb je ergens jeuk?", vraagt verpleegkundige Jacob onder aan de trap naar het dek. Bij een 'ja' schrijft hij met een markeerstift een 's' op het blauwe polsbandje dat iedereen bij aankomst heeft gekregen.

Naarmate de avond nadert, nemen de zorgen toe. Beide bootjes zijn onvindbaar. Het marineschip overweegt de 240 migranten die deze dag zijn gered over te hevelen naar de Aquarius, om de helikopter te kunnen inzetten voor de zoektocht naar het verdwenen bootje. Nu ligt het helikopterdek bezaaid met migranten. Het verzoek plaatst de Aquarius-crew voor een dilemma. Moeten zij de zoekactie staken om het andere bootje te kunnen redden? Wat als beide bootjes niet worden gevonden? "De mensen zijn al twintig uur op zee, het is donker, deze redding wordt hoe dan ook een doemscenario", zegt Rijnierse. "Bereid je voor op het ergste", zegt ze tegen het team.

Om 22.15 uur, als iedereen de hoop al heeft opgegeven, klinkt er ineens tumult door de gangen van de Aquarius. "Goed nieuws", roept Rijnierse vanuit de deurpost. "We hebben het bootje gevonden." Iedereen stormt naar de stuurhut. Daar hebben de kapitein en de nachtwacht met behulp van radar en verrekijkers onophoudelijk doorgezocht. Ja hoor... in het maanlicht licht de grijze boot wit op, met de donkere schimmen van migranten erin.

De Franse reddingswerker Bernard spreekt de migranten vanaf de brug toe per megafoon. "Blijf rustig", "We zijn hier om jullie te helpen", "We brengen jullie naar Europa", roept hij in het Engels met zwaar Frans accent. Een kwartier later snellen de reddingsboten naar het bootje. Dat dobbert op de zwarte golven, onder het zwaailicht van de Aquarius. De migranten applaudisseren. In het midden van het bootje staat iemand wild te zwaaien en veroorzaakt heftige deining. De uitgedeelde zwemvesten lichten op in het maanlicht en de verlichting van de reddingsboot, die vanwege de hoge golven steeds van positie moet veranderen.

Even later stappen de eerste vrouwen aan boord. Ze struikelen over hun doorweekte, lange zwarte jurken en sluiers, maar zijn ondanks hun nijpender situatie rustiger dan de migranten van vanmiddag. De eerste kleine kinderen komen aan boord. Stilletjes kruipen ze tegen hun moeders aan die uitgeteld op de grond gaan liggen. Een vrouw moet huilen als ze niet naar de wc mag - verboden zolang de reddingsoperatie op het dek gaande is. "Ik ben al twee dagen niet geweest", snikt ze.

Nadat de reddingsoperatie om 1.30 uur is afgerond, blijkt de Italiaanse marine ook het andere bootje te hebben gevonden. Nu willen de Italianen geen 280, maar 400 mensen overhevelen naar de Aquarius. Zo blijft er een leeg schip achter voor de Libische kust voor de volgende dag. Dat betekent 650 mensen aan boord, bijna twee keer zo veel als normaal. Kan dat wel?

Van kapitein Moroz mag het. "Dit schip is ijzersterk. Nood breekt wet", zegt hij schouderophalend van achter zijn roer. Ook de logistiek verantwoordelijken stemmen in. Er is genoeg voedsel en water voor de komende 48 uur.

De migranten worden van boord gehaald met de reddingsboot van de Aquarius. Om 6 uur stappen de eerste migranten aan boord, nat en stinkend naar urine. Nog ongeveer veertig keer heen en weer varen, berekenen de hulpverleners. Rond 10 uur vrijdagmorgen zijn de laatste migranten overgezet en zet de Aquarius koers richting Italië.

Tabouleh en dolfijnen

Na een uurtje slaap houdt arts Rijnierse vrijdagmiddag spreekuur op het dek, zittend op een krukje. Alle vluchtelingen krijgen een maaltijd. Dat blijkt geen eenvoudige operatie. De hulpverleners banen zich met moeite een weg tussen de samengeperste ledematen op het dek om het bakje tabouleh uit te delen.

Bij arts Rijnierse klagen de mannen vooral over hoofdpijn en zeeziekte. "Je moet meer water drinken. Je bent uitgedroogd", herhaalt ze voor de zoveelste keer. "Hoezo, je bent je waterflesje kwijt? Pech. Iedereen heeft er een gekregen." Ze stuurt de mannen onverbiddelijk weg. "Leen maar van iemand anders om te vullen."

In de vrouwenopvang klaagt een tengere vrouw over pijn in haar borst. Rijnierse neemt haar apart. Fysiek mankeert ze niets, maar ze hyperventileert. De vrouw is getraumatiseerd, behalve door de reis mogelijk ook door seksueel geweld. Als Rijnierse voorzichtig vraagt wat er is gebeurd, begint ze te huilen en te trillen. Rijnierse vraagt niet door. "Ik ga geen beerput opentrekken als ik niet in staat ben goede nazorg te geven. Ik kan haar geruststellen en troosten. Dat is al heel wat. Kijk, hier heb je in elk geval wat voor je lippen. Ze zijn zo uitgedroogd. Ssst... niet vertellen. Het is ons geheimpje."

"Mensen hebben de vreselijkste dingen meegemaakt", vertelt Rijnierse. "Vrijwel iedereen komt hier met verhalen over mishandeling en uitbuiting in Libië. Door wie? We weten het niet. Politie, smokkelaars of mensenhandelaren."

Zaterdag is de Aquarius veranderd in een drijvend vluchtelingenkamp. Ondanks de gure wind, die vooral de migranten op het bovendek teisterde, lijkt iedereen herboren na een nacht slaap. Het wit geschilderde dek is weer zichtbaar nu mensen rondlopen en staan. Op het bovendek hebben de migranten hun kamp opgeslagen rond een reddingsboot. Een deken houdt de zon tegen, platen karton tegen de reling geven beschutting tegen de wind.

Ook de vrouwen zijn aan dek gekomen. Ze zoeken hun mannen of broers. Innig verstrengeld kijken ze in paartjes uit over de zee.

De Nigeriaanse Mariam (23) speurt bezorgd rond. Ze is haar man kwijtgeraakt op het strand in Libië. Ze werden uit elkaar gerukt en zij werd op een boot geduwd. Haar man werkte al jaren in Libië. Hij onderhield de familie in Nigeria nadat Mariams vader, een beroepsmilitair, was gesneuveld in de strijd tegen Boko Haram.

Ze besloten naar Europa te vluchten nadat ze voor de zoveelste keer waren beroofd en gekidnapt. "Ze namen ons geld en onze telefoons mee en sloten ons ergens op. Ze pikken echt alles in; zelfs je schoenen." De boot naar Italië is voor velen de enige uitweg van het geweld in Libië geworden. "Liever dood op zee dan dood in Libië", zo klinkt het.

Als de zon ondergaat, klinkt gejuich op het dek. Dolfijnen springen uit het water onder de roze kleurende hemel, de migranten verdringen zich bij de reling. Even is alle ellende vergeten.

In de illegaliteit

"Is dat Lampedusa?" Zondagochtend verdringen de migranten zich opnieuw bij de reling van de Aquarius. Het schip vaart langs de oostkust van Sicilië en heeft bijna de haven van Messina bereikt, waar de migranten aan wal gaan. De meesten kijken zwijgend naar het onbekende landschap dat mogelijk hun nieuwe thuis wordt. Een enkeling huilt. "Ik denk aan mijn familie en aan mijn land. Misschien dat ik hen nooit meer terugzie", huilt een jongen.

In de vrouwenopvang verdringen de vrouwen zich opgewonden voor de ronde patrijspoortjes. Achter in de ruimte begint een groepje te zingen en binnen enkele minuten zingen en dansen ze allemaal. Om de beurt springt een vrouw in het midden van de kring en zwaait onder gejoel van de anderen met haar heupen. De kinderen kijken verbaasd toe.

Als om 8 uur het schip is aangelegd, komen ambtenaren van het Italiaanse ministerie van Gezondheid aan dek. In beschermende kleren en met mondkapjes komen ze controleren of er geen besmettelijke ziekten aan boord zijn. Een half uur later mogen de eersten van de loopplank.

In een rij worden ze langs diverse loketten geloosd richting bus. Eerst langs de koorts- en schurftcontrole, dan krijgen ze een paar slippers, dan wordt een foto gemaakt, in de volgende tent wacht het Rode Kruis voor een medische controle en tenslotte registreren ambtenaren van de Europese grensbewaking Frontex ze.

Ze zullen naar zogenoemde hotspots worden gebracht voor verdere registratie en indien mogelijk een asielaanvraag. Daarna zijn ze vrij om te gaan. "Wat zou jij doen in hun geval?", zegt een agent, doelend op de geringe kansen voor West-Afrikanen op asiel in Europa. "Ze verdwijnen in de illegaliteit, als verkoper op het strand waar jij straks vakantie viert."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234