Maandag 16/09/2019

lust & liefde

“Ineens begreep ik dat hij zijn nieuwe liefdespad had gevonden. Zijn eeuwige trouw betreft niet mij, of een andere vrouw, maar zijn zoon”

Beeld Getty Images/iStockphoto

Hanneke (28) wist waar ze aan begon: monogamie was niet zo zijn ding, had hij haar eerlijk ingefluisterd. Toch bleef ze al die jaren hopen op een traditionele relatie met hem. En toen kwam die koude douche. 

“Na die eerste ontmoeting op een verjaardagsfeest waar we mallotige danspasjes hadden staan doen, spraken we nog eens af. Hij zei al snel: ik doe niet aan monogame relaties. En ik fronste mijn wenkbrauwen, maar liet me verder niet van de wijs brengen. Ik was immers ­helemaal niet aan hem gebonden, het was of hij mij met die opmerking wilde waarschuwen, een blik wilde ­gunnen in een gezamenlijke toekomst en op een of andere manier kwam me dat weer heel vleiend voor.”

“Later legde hij uit dat hij zich in de liefde altijd gevangen voelde, heen en weer geslingerd tussen onbaatzuchtigheid en jaloezie. Hij vertelde dat hij het bestaan van een ander, beter pad van de liefde ­vermoedde, maar waar dat lag en heen voerde, dat wist hij nog niet. En ik luisterde geboeid, en vervolgens dacht ik, ik zie wel. Hij inspireerde me, waarheden die ik altijd voor zoete koek had geslikt, ketsten ineens af op zijn onwil de wereld en alle aannamen te nemen zoals ze zijn. In theorie was ik het volkomen met hem eens, liefde heeft zoveel kanten, ook lelijke. Hoe geweldig zou het zijn als je een nieuw soort liefde kon uitvinden zonder verwachtingen en teleurstellingen.”

“Naarmate we meer tijd met elkaar doorbrachten, vond ik het steeds lastiger om zijn onafhankelijkheid te rijmen met mijn behoefte alles te delen. Ik wilde dat hij zou zeggen, ga mee naar mijn ouders, dan stel ik je voor. En in plaats daarvan zei hij, wij zijn bijna elke dag samen, wat kan het je schelen als ik een avond met een ander meisje naar de film ga? Hij had gelijk, als hij met een vriend ging gamen, kon me dat niet schelen, maar als het een meisje betrof, vroeg ik me af of ik er nog wel toe deed. Ik heb het wel geprobeerd, mijn tolerantie op te rekken. Een keer ben ik zelfs met hem én zo’n meisje naar een festival geweest. Ik lette de hele tijd op hoe ze naar elkaar keken, lachten. Jij bent gewoon ­polyamoor, zei ik omdat ik het niet kon laten alles te plaatsen, maar dan antwoordde hij superieur dat hij geen enkel label wenste opgeplakt te krijgen, ook dat niet.”

“Intussen begon ik meer en meer van hem te houden. Niet uit een ziekmakende verbetenheid zoals je die soms kunt hebben als je iets wat je heel graag wilt, niet kunt krijgen, maar omdat ik me door hem voor het eerst onvoorwaardelijk geliefd voelde. Wat hij voor zichzelf opeiste, gunde hij ook mij: een liefde waarin we veel deelden, maar waarin ik niets aan hem verplicht was. We waren niet samen omdat dat logisch voortvloeide uit de aard van onze verhouding, maar omdat we dat ­wilden. Ook al maakte ik geen gebruik van mijn vrijheid op de wijze waarop hij dat soms deed, werd ik bij ­vlagen gelukkig van het zonder condities begeerd te worden. In de praktijk leidden we eigenlijk een traditioneel leven, waarin we samen kookten, series keken, boeken lazen.”

“Ik dacht, hij trekt vanzelf wel bij. Maar ook na een paar jaar bleef hij erbij dat hij zich niet in woorden wilde binden. En ook al had ik zelf ook graag gezien dat liefde de ongehinderde stroom van sensaties was die hij voor zich zag, het lukte uiteindelijk niet. Misschien speelde mijn opvoeding een rol, mijn ouders zijn al sinds hun 20ste getrouwd. Afspraken horen net zo bij de liefde als hartstocht, ze zijn de fundamenten voor latere afspraken over samenwonen bijvoorbeeld, en kinderen.”

“Gefrustreerd besloot ik wat meer afstand te nemen, hem als vriend te zien, niet als man. En het was tijdens een van die perioden dat ik op een avond bij hem op bezoek was en hij mij vertelde dat een vriendin hem gevraagd had als donor voor haar kind. ‘Dat moet je toch eerst met mij overleggen’, zei ik. Waarna hij zei, ‘Wij zagen elkaar toch een tijdje niet, het is al gebeurd. Over zeven maanden wordt het geboren.’”

“Ik was hysterisch en begon hard te huilen. Mijn hele leven wist ik al dat ik baby’s wilde, waarom kreeg zij nu zijn kind en niet ik? Het antwoord was natuurlijk dat het haar wel lukte om buiten de traditionele patronen te denken. Zij verwachtte een kind van een man met wie ze geen relatie had en werd nu dubbel en dik beloond voor haar vrijzinnigheid. Hij troostte mij die avond. Ook onze vrienden wisten hoeveel hij van mij hield, mocht ik  twijfelen dan werd me dat nog eens ingewreven. Maar er waren er ook die zeiden dat onze relatie bestond uit het praten over onze relatie. Hoe moest het nu met mij? Met ons? Was zijn gebaar er een van gulheid of van egoïsme?”

“Ik nam weer meer afstand, want ik maakte mezelf gek. De baby werd geboren. Van dichtbij zag ik hoe enorm zijn betrokkenheid met zijn zoon was, hoe hij en de moeder vol overgave voor het kind zorgen, en ineens begreep ik dat hij zijn nieuwe liefdespad had gevonden. Zijn eeuwige trouw betreft niet mij, of een andere vrouw, maar zijn zoon. Ik vind het fijn om te zien en ben er graag bij op de dagen dat hij voor zijn nu drie maanden oude baby zorgt. In een oude wereld zou ik hem nog steeds stom vinden, maar nu kan ik van hem blijven houden. En intussen ga ik op zoek naar een man met wie ik wél het leven kan hebben dat ik wens. Een maand geleden ontmoette ik toevallig iemand op wie ik nu een beetje verliefd ben. Ik hoop dat het iets wordt, zodat ik mijn allerlaatste restje hoop op mijn non-conformist kan laten varen. De hoop dat hij toch nog zegt: weet je wat, ik heb al een kind en we nemen er samen nog een, en dan kopen we een huis en leven we als gezin verder.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234