Zaterdag 24/07/2021

Indianenverhalen (slot): Gemodelleerd uit het vlees van de 'Kleivrouw'

Honderdduizenden stuks bevinden zich in openbare en private collecties en nog eens duizenden zijn te koop in galeries en kunstwinkels. Het aardewerk van de pueblo-indianen in het zuidwesten van de States is niet enkel populair, het is ook een van de meest bestudeerde onderwerpen in de traditionele kunst. Aanvankelijk was ik niet van zins om in deze korte schetsen van 'de indianen vandaag' over dat op het eerste gezicht weinig opwindende onderwerp te beginnen. Maar toen ik haast bij toeval tussen de potten verzeilde, leek het onverwacht toch een intrigerend onderwerp.

Dat kwam zo. Het toeristische dorp Taos was al enkele dagen gesloten voor het publiek omdat er een religieuze ceremonie aan de gang was. Dus reden we op goed geluk naar een van de achttien andere pueblodorpen aan de Rio Grande in New Mexico. We kwamen in Santa Clara terecht, een stil gat met bescheiden huisjes langs onverharde, stoffige wegen. Op wat het dorpsplein kon worden genoemd, een desolate open plek met een boom en een kleioven om brood te bakken, stopten we. Op enkele luie honden na die ons met de staart tussen de benen benaderden, scheen het dorp uitgestorven. Er stonden twee armzalige houten bordjes met het opschrift 'Pottery'. Wellicht kwamen in het weekend dus toch wel toeristen naar Santa Clara afgezakt.

Een van de winkeltjes met aardewerk bleek geopend. Hoewel een bord bij het binnenrijden van Santa Clara stelde dat toelating moest worden gevraagd om te fotograferen, had het jonge stel van de winkel zelfs geen bezwaar tegen filmcamera's. Terwijl televisie-interviews werden opgenomen ging ik op mijn hurken bij de broodoven zitten wachten. Stilaan kreeg het plein van Santa Clara in die late namiddag een gezicht, met die paar gammele pick-ups aan de rand, een ladder tegen een bouwvallig huisje met plat dak, de luie honden onder de boom en de twee jonge kinderen van de pottenbakkers die elkaar op een plastic fietsje onzacht voortduwden. Wat eerst het hol van Pluto leek, werd een behaaglijke plaats die zich langzaam onder mijn huid nestelde en waar ik de hele dag zou kunnen zitten nietsen. Die traditie van klei halen, potten vormgeven, versieren met motieven geïnspireerd op aloude motieven en ten slotte het bakken in de oven - zoals hun historische voorvaders, de Anasazi, dat al meer dan duizend jaar geleden deden - kreeg een haast kosmologische dimensie.

Dat inzicht bleek nog zo stom niet, stelde ik later vast. Bij de traditioneel ingestelde pueblo-indianen is het pottenbakken inderdaad een haast rituele bezigheid. Alvorens het materiaal te bewerken wordt aan de 'Kleivrouw' (Clay Woman) in een soort gebed toestemming gevraagd voor het gebruik van haar lijfelijke substantie. Het oogsten van de klei uit moeder aarde is volgens de traditie een voorrecht van de vrouw. Ook de knowhow van de technisch complexe voorbereiding van het materiaal werd vroeger aan de dochters doorgegeven. (Sommige bronnen melden dat in vorige eeuw bij de Zuni sommige uitstekende pottenbakkers mannen waren die zich hulden in vrouwenkleren en met hun zusters de klei gingen verzamelen.)

Toen iemand een paar uur later in het winkeltje in Santa Clara twee elegante zwarte kleipotjes kocht bij wijze van bedanking voor het leveren van beeldmateriaal, kocht ik er intuïtief één over, al was het redelijk prijzig. Enkele dagen later zag ik in de shop van het gereputeerde Heard Museum in Phoenix een haast identiek potje met dezelfde signatuur. Het streelde mijn koopmansgeest dat mijn potje niet alleen museumshopwaardig was, maar dat het hier in Phoenix ook dubbel zoveel kostte.

In het museum zelf was ook hedendaags werk van de bekende kunstenares Roxanne Swentzell (1962) uit, jawel, de Santa Clara-pueblo te zien. Het zijn vier in klei gemodelleerde heilige clowns (koshares) op het moment dat ze op de aarde verschijnen. Volgens de pueblo-overlevering kwamen de vier zwartgestreepte koshares eerst uit de buik van de aarde gekropen en brachten toen de rest van het pueblo-volk naar boven. In vele rituelen wordt deze verschijning uit de donkere, beschermende ondergrond - waar mensen en dieren heel nauw verwant zijn - op het aardoppervlak geëvoceerd. De religieuze bijeenkomsten van de pueblo-indianen worden nog steeds in geheime kiva's gehouden, een soort ondergrondse tempels.

Behalve het aardewerk van het zuidwesten zijn de katsinapoppen die door de Hopi ( en de Zuni) worden gemaakt, en waarvan het Heard Museum de grootste openbare collectie bezit, erg populair bij verzamelaars. Katsina's zijn de geesten die in de elementaire natuurkrachten, de wind, de wolken, de regen en de planten schuilen. Via de poppen, dansers en maskers kan de aanwezigheid van de geesten voor de levenden manifest en herkenbaar worden gemaakt. Als de Hopi sterven worden ze geacht naar het rijk van de Katsina's te verhuizen.

Op de tentoonstelling Indian Summer, die morgenavond opent, zullen die katsinapoppen niet ontbreken. De grootste verzameling van katsinapoppen in ons land bevindt zich trouwens verrassend genoeg in het museum van Bobbejaanland.

Eric Bracke

Morgen een recensie over de expositie 'Indian Summer' in het Jubelparkmuseum (23/09- 26/03). Praktische informatie in Metro. Etnoloog Dries Van den Broucke spreekt op over Katsina bij de Hopi op zondag 6 februari 2000.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234