Vrijdag 04/12/2020

'India is nooit saai'

Leven en dood zitten er soms bijna bij elkaar op schoot. Expliciet protserige rijkdom woont er op honderd meter van intense armoede. India, het land van een boomende IT-sector en dagelijkse elektriciteitspannes, is ook het land waar Aksel De Meester en Deborah de Bleyser verliefd op zijn geworden. Al is het moeilijk in één woord te vatten waarom. 'Hier is alles zo voorspelbaar. Daar niet.'

Door Nathalie Carpentier

Het is niet de bijtijds onwelriekende mix van geuren, de absurditeit van een schoongeveegde stoep met het opgestapeld, stinkend hoopje afval twee meter ernaast of de druk marchanderende riskjarijders die bijblijven. Dat valt je op als toerist, zegt Aksel. Die aspecten vervagen vrij snel tot dagelijkse achtergrond eens je er een tijd woont en werkt.

Het zijn die kleine, soms grappige 'afwijkingen' tegenover ons zo netjes georganiseerde leven hier. Vervelen deed India nooit. "De Indische cultuur en maatschappij is zo complex dat het je blijft verwonderen tot je vertrekt." Deborahs ogen lachen. "Als hier het licht op groen springt, vertrekken alle auto's, netjes volgens de regels. In India niet. Daar kan ineens een kameel met kar voor je opduiken of een buffelkar. Ja, op een autosnelweg!"

Of de lokale vormen van vertier, liefst voorzien van een laagje kitsch. Niet per se hun stijl, maar je keek wel je ogen uit. Tijdens Diwali, het feest van het licht, is het een lawaai van jewelste. Geen hoek van de stad of je hoort er rotjes knallen. Deborah: "De voorbereidingen zijn enorm. Ze gaan er ontzettend in op. Zelfs op het werk worden toneelstukken en dansjes opgevoerd. Die zijn heel gedisciplineerd ingeoefend."

Dansen zorgde voor ongegeneerd plezier. "Toen we mensen uitnodigden voor een feestje stonden ze om negen uur allemaal op de dansvloer. Een uur later hadden ze de stoelendans ingezet. Hier zie je dat misschien als mensen al wat glazen op hebben, daar kwam er geen druppel alcohol aan te pas. Iedereen was aan het gieren van het lachen. Het was net een stel uitgelaten kinderen van acht." De herinnering weekt een glimlach los. "Schitterend!"

Wezenlijk heeft hun verblijf hen niet veranderd. De Deborah en Aksel na drie jaar India zijn nog dezelfde Deborah en Aksel als toen ze vertrokken. Alleen af en toe overvalt het hen plots, het gevoel dat er hier iets ontbreekt. "Ik stond in de supermarkt met twintig mensen rond mij. Twintig mensen, maar ik hoorde amper iets. Ik werd er helemaal stil van. Dat was zo raar. In India was dat ondenkbaar. Daar heerst altijd drukte." Misschien is dat het wel, dat die enkele jaren elders, je ogen openen voor zoiets schijnbaar banaals als stilte in een supermarkt.

In een land van meer dan een miljard inwoners wordt stilte een luxe. Terwijl de wereld 6,5 miljard mensen telt, is India op zijn eentje nu al goed voor bijna een zesde ervan. Er is berekend dat in 2035 India wellicht de meeste inwoners heeft. Werk is een felbegeerd goed. Wie kan, grijpt dan ook maar al te graag de gehypete springplank uit de armoede: IT en software. Dat de Zuid-Indische stad Bangalore is uitgegroeid tot de belangrijkste concurrent van Silicon Valley zegt genoeg.

Een wereld apart, de IT-sector in een land waar de elektriciteit ook in de rijke buurten gemiddeld een keer per dag uitvalt. De concurrentie is er moordend, ontdekte Aksel toen hij aankwam in New Delhi als coördinator software voor digitale kaartenmaker Tele Atlas. Hij moest Indische werknemers vinden. "Op een vacature krijg je duizenden sollicatiebrieven. Op papier kunnen die kandidaten allemaal alles, maar bij het gesprek valt 99 procent door de mand. Als ze een hoofdstukje programmeertaal van twee uur hebben gekregen, durven ze schrijven dat ze het onder de knie hebben. Wij zouden ons schamen achteraf, zij niet."

Werken voor een westers bedrijf is er erg gegeerd. "Vaak is het ook de enige manier om hogerop te geraken." Dat vooruitzicht zorgt voor soms onrealistische ambities. "Ze solliciteren op functies die veel te hoog gegrepen zijn. Onlangs kreeg ik nog een telefoontje van iemand die nu een groep van vier mensen coördineert. Hij wilde solliciteren voor een functie als productiemanager. Dat betekent dat je een groep van ongeveer vijfhonderd mensen moet leiden. Dan moet je met hand en tand uitleggen dat zoiets toch wat te snel is in hun carrière."

In die weg naar boven zijn welluidende jobtitels het gouden kalf. "Toen ik een Indische werknemer een functie gaf met betere carrièrevooruitzichten, was ik ervan overtuigd hem blij te maken. Niets was minder waar. Hij protesteerde. Hij was niet tevreden, omdat zijn nieuwe jobtitel niet goed in de markt lag. Ze willen de juiste jobtitel om hun cv te kunnen spijzen."

Wie een job had, jobhopte zonder weerga. "Ze zijn bereid veel uren te werken, maar het is ongelooflijk moeilijk om goede krachten te houden. Het lijkt of ze ervan uitgaan dat je elke zes maanden een nieuw item op je cv moet kunnen zetten. Elke zes maanden van job veranderen is niet ongewoon."

Met de bijbehorende torenhoge looneisen, stelde hij vast. "Met een loonsverhoging van 50 of 60 procent bleken ze vaak niet tevreden. Als je dan probeert uit te leggen dat dat een behoorlijke verhoging is, reageren ze dat ze toch iets meer hadden verwacht. En als je bij een evaluatie een woordje kritiek geeft, vissen ze tientallen tegenargumenten op. In India boomt de IT-markt ongelooflijk. Als jij niet toegeeft aan hun eisen, zijn ze weg."

Maar die ambitie went. Noem het een in India bizar uitvergroot westers trekje. De ingebakken klassehiërarchie waarmee Deborah bij haar werk op de ambassade geconfronteerd werd, wende niet. "Het personeel deed niets dat ze beneden hun kaste vonden."

Vaak onzichtbaar, maar soms pijnlijk aanwezig in details. Zoals bij het nemen van een simpele kopie. Zodra iemand die opdracht kreeg, ontwikkelde zich een klein systeempje. De consul vroeg het aan Deborah, maar drukte haar op het hart dat ze het niet zelf moest doen, dat ze het aan haar secretaresse Gayatri moest vragen. Die zou het ook niet zelf doen, zo bleek. Nee, zij vroeg aan Vinod om een kopie te maken. Die vroeg het op haar beurt aan Nehru, de loopjongen, maar ook hij deed het niet. Hij vroeg het aan Ram, de poetsman.

"Allemaal vonden ze het beneden hun status. Allemaal vonden ze dat ze een beroep moesten kunnen doen op de poetsman om het in hun plaats te doen. Dat was een evidentie."

Op een keer nam dat hiërarchisch denken pijnlijke gradaties aan in een bar in New Delhi. Plaatsvervangende schaamte voelde Deborah toen. "Je kon er allerlei soorten yoghurtijs krijgen. Het was een trendy bar waar hip, welgesteld volk kwam. Plots stevende een meisje af op de barman. Of er nog wat van dat aardbeienijs kwam dat ze wilde?"

"De man begon zich honderduit te verontschuldigen. Yes madam? Sorry madam. Hij plooide dubbel, gedroeg zich ontzettend onderdanig. Hij zei dat hij haar mango-ijs kon aanbieden, papaja-ijs en bananenijs. Alles, maar geen aardbeienijs. Hoe hij zich ook verontschuldigde, ze bleef maar tegen hem tieren. Verschrikkelijk."

Net als veel andere expats hadden ook Deborah en Aksel huispersoneel. "Ik had het er niet moeilijk mee", zegt Aksel. "Je stelt mensen tewerk. Je buit hen niet uit, hé."

Elders was dat soms anders. Het loon dat vrienden hun personeel betaalden, bedroeg soms een vijfde of ze hielden hun personeel van 's morgens zes uur tot 's avonds tien uur stand-by, ook in het weekend. "Ook al was er niets te doen, behalve een glas water te gaan halen." Deborah kan er nog altijd niet bij.

Ze zei er eens iets van tegen een vriendin. Dat het toch maar vreemd was, al die auto's met een chauffeur, zeker in die kleine Maruti's. Bespreekbaar was het niet. "Dan voel je dat je op andere waarden botst."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234