Dinsdag 26/10/2021

InterviewJasmine Vermassen

‘In wedstrijden zie ik mensen doorgaan die minder goed zingen dan ik. Soms vraag ik me af of mijn naam er iets mee te maken heeft’

‘In de liefde heb ik niet zo’n fantas­tische weg ­afgelegd. ­Misschien net door het mooie voorbeeld van mijn ouders. Ik was er ­altijd van overtuigd dat ik de ware had gevonden.’ Beeld Geert Van de Velde
‘In de liefde heb ik niet zo’n fantas­tische weg ­afgelegd. ­Misschien net door het mooie voorbeeld van mijn ouders. Ik was er ­altijd van overtuigd dat ik de ware had gevonden.’Beeld Geert Van de Velde

Dit najaar gaat K3 op zoek naar een vervanger voor Klaasje, en om alvast warm te lopen zendt VTM de vorige editie van de wedstrijd nog een keer uit: K3 zoekt K3. Jasmine Vermassen (30), dochter van ’s lands bekendste strafpleiter Jef Vermassen (74), eindigde in 2015 bij de laatste elf van België, en waagt dit jaar opnieuw haar kans. Ze droomt van een leven in de muziek. ‘Ik had dolgraag advocate willen worden, maar papa opvolgen is onmogelijk. Die schoenen kún je niet vullen.’

De eerste rondes van K2 zoekt K3 zijn intussen achter de rug. Jasmine, die tijdens K3 zoekt K3 Karen Damen en Gert Verhulst tot tranen toe wist te ontroeren, heeft ze helaas niet overleefd. “Dat mag ik al wel verklappen, denk ik, want het waren voorrondes. Je zult me dus niet zien in het programma. Ik vond het jammer, vooral omdat mijn kansen nu wel voorbij zullen zijn. Ik ben 30 en mama, hè.”

Was je verbaasd toen je hoorde dat Klaasje Meijer uit K3 zou stappen?

Jasmine Vermassen: “Ze is bijzonder mondig – dat had ik al gemerkt toen we voor K3 zoekt K3 samen opdrachten moesten doen – en een heel goeie artieste. Misschien wil ze meer, wil ze aan een eigen toekomst werken. Ze heeft het in elk geval geweldig goed gedaan als K3’tje.

“Mijn vriend en ik kijken zelden naar het journaal, maar de dag van Klaasjes nieuws stond het op. Dennis zei meteen: ‘Doen, Jasmine.’ Ik twijfelde. Ik had er echt van afgezien toen ik eruit lag. Wilde ik dat opnieuw riskeren? Er rinkelde ook een belletje: Klaasje is, na Kathleen Aerts en Josje Huisman, al de derde die stopt bij K3. ”

Uiteindelijk schreef je je toch in, samen met liefst 22.690 anderen.

Vermassen: “Ongelooflijk. Op zich schrok dat aantal me niet af, maar ik ben er geen moment van uitgegaan dat ik echt kon winnen.

“Wat me over de streep heeft getrokken? De droom, hè. De waterkans. Die eerste show is bijna zes jaar geleden, en nog altijd spreken kinderen me aan: ‘Jij zat in K3 zoekt K3!’ Ze herkennen me nog, terwijl mijn haar toen veel langer was. Volwassenen zeggen dat ze hadden gehoopt dat ik verder was geraakt. Dat geeft me hoop. Ik denk: als ik het tot in de liveshows had geschopt, waar het publiek ook mag stemmen, was ik misschien verder geraakt.

“Na dat avontuur ben ik een paar keer uitgenodigd voor andere audities. Nora Gharib en Sarah Bossuwe, die ook deelnamen aan K3 zoekt K3, hebben intussen een mooie tv-carrière opgebouwd. Elke ervaring kan een stap zijn, een springplank naar iets anders. Die kans wilde ik ook grijpen.”

Dit keer mochten ook jongens zich inschrijven.

Vermassen: “Ik denk zelfs dat het een jongen wordt. We zullen zien, ik ben benieuwd.

“Veel mensen gaan ervan uit dat dit de wissel te veel zal zijn, dat het niet meer zal werken. Ik geloof er wél in. Er zullen altijd nieuwe kinderen zijn en de nummers zijn gewoon ook echt goed. (Mijmert) Ik had het graag gedaan. Ik droom van een leven in de muziek. The Voice, K3 zoekt K3, Eurosong for Kids, Regi Academy: aan alles heb ik meegedaan. Maar na een paar rondes ketst het elke keer weer af.”

Je hebt de stem én de looks. Waar loopt het dan mis?

Vermassen: “Ik weet het niet. Er is veel talent in België, en er zijn zeker betere zangers dan ik. Maar in wedstrijden zie ik ook mensen doorgaan die minder goed zingen. Soms vraag ik me af of mijn familienaam er iets mee te maken heeft.”

Dat was ook de eerste vraag die je kreeg na je auditie bij K3 zoekt K3: ‘Toch geen familie ván?’

Vermassen (knikt): “En Gert zei direct: ‘Ik wil hem hier níét zien.’ Ergens denk ik dat het meespeelt, dat ze bang zijn voor papa.

“Weet je dat ik me ooit zelfs heb ingeschreven met de naam van mijn mama, als Jasmine Roy? Gewoon om te testen of ik dan verder zou raken. Helaas, ze kwamen erachter. Ik werd uit de wedstrijd gezet omdat ik had gelogen.”

Word je vaak aangesproken op je familienaam?

Vermassen: “Voortdurend. Mensen vragen me vooral of ik zijn kleindochter ben. Papa was al wat ouder toen ik geboren werd, misschien ligt het daaraan. Maar hij is jong van geest, hoor. Mama is jonger dan hij, hij móét wel (lacht).

“Mijn familienaam is niet altijd een voordeel geweest. Veel mensen zien papa graag, maar er zijn er ook die hem niet mogen. Had één van mijn leraren de pik op hem, had ik het zitten. Ook met jongens was ik terughoudend. Zodra ze wisten wie ik was, was het algauw: ‘Die dochter van Jef Vermassen moeten we eens gehad hebben!’ Ik wist nooit of ze me écht leuk vonden.”

Maar tegelijk is het misschien een voordeel dat niemand jou durft te bedriegen.

Vermassen (lacht): “Ik heb daar ooit één keer mee gedreigd. Bij Ryanair. Mijn koffer was één centimeter te groot, en daar maakten ze zo’n probleem van dat ik riep: ‘Ge zult nog wel horen van mijnen advocaat! ’t Is Jef Vermassen!’ Ik zou dat nooit echt doen, hoor. Ik heb er tegen papa zelfs niets over verteld. Maar ze hadden me zó kwaad gemaakt...

“Begrijp me niet verkeerd: ik ben trots op papa en intussen ook op mijn naam. Dennis en ik hebben ons zoontje zelfs een dubbele familienaam gegeven: hij heet Lewis De Backer Vermassen. Papa heeft geen zonen gekregen, maar nu zetten we via Lewis zijn naam toch voort. Daar was hij zelf ook heel blij mee.”

‘Mijn muziekleraar in de lerarenopleiding drong erop aan dat ik conservatorium zou doen, maar ik wilde gaan werken, centjes verdienen. (Zucht) Ik heb daar altijd spijt van gehad.’ Beeld Geert Van de Velde
‘Mijn muziekleraar in de lerarenopleiding drong erop aan dat ik conservatorium zou doen, maar ik wilde gaan werken, centjes verdienen. (Zucht) Ik heb daar altijd spijt van gehad.’Beeld Geert Van de Velde

SUPERHERO JEF

Je bent drie jaar samen met Dennis. Hoe reageerde hij destijds op zijn bekende schoonvader?

Vermassen: “Hij was niet geïntimideerd of zo (lachje). Nu ja, hij liet het tenminste niet blijken. Het is wel zo dat we eerst goeie vrienden waren. Hij kwam al bij ons thuis voor we een koppel werden, dus hij had mijn ouders ontmoet zonder de gedachte: ik moet hier goedgekeurd worden. Misschien maar goed ook. Papa en vriendjes, dat wil niet altijd boteren. Hij is heel beschermend tegenover zijn dochters.”

Als strafpleiter ziet hij natuurlijk elke dag wat jonge vrouwen kan overkomen, en waartoe mensen in staat zijn.

Vermassen: “Dat speelt zeker mee. Hij is een altijd een bezorgde vader geweest: ‘Niet alleen met de fiets!’ Als kind werd ik daar soms kwaad om. Zelf zal ik het nooit zo doen als ik moeder word, dacht ik. En zie nu: Lewis is zes maanden oud en ik ben al voortdurend ongerust. Ergens draag je dat toch mee.”

Sprak je vader thuis over de zaken waar hij mee bezig was?

Vermassen: “Nooit in detail. Hij noemde ook geen namen, hij is gebonden aan het beroepsgeheim. Hij vertelde wel anekdotes. Of algemene dingen: ‘Het is de laatste tijd erg met de ontvoeringen!’ Hij had het ook altijd over witte camionettes: ‘Let daar zéker voor op!’ (lacht)

“Eén keer is iets engs gebeurd. Op een avond ging ik te voet naar een vriendin. Op de hoek van de straat stond een witte bestelwagen. Ik dacht: oeioei! Er stapte iemand uit, even later hoorde ik voetstappen achter me. Ik begon te lopen, die man begon óók te lopen. Uiteindelijk ging hij een doodlopende straat in en verdween hij uit het zicht. Ik ben toen zo verschrikkelijk bang geweest. Misschien was het inbeelding. Had ik thuis te veel verhalen gehoord, en was ik daardoor te veel gefocust op potentieel gevaar? Die man had me zonder moeite kunnen inhalen, en dat heeft hij niet gedaan. Maar het blijft vreemd. Er zijn periodes geweest waarin we bedreigd werden en zelfs politiebescherming nodig hadden. Het is niet ondenkbaar dat mensen mijn papa wilden ‘pakken’ door mij bang te maken.”

Was die politiebescherming ingrijpend?

Vermassen: “Dat viel mee. Het gebeurde dat de politie ons volgde als we naar school gingen, en ze reden regelmatig voorbij ons huis. Soms kwam ik thuis na het uitgaan en vroegen ze mijn identiteitskaart. Waarop ik dan heel trots zei: ik woon hier, hoor (lacht). Het is nooit zo extreem geweest als bij Marc Van Ranst, bijvoorbeeld.”

De bekende viroloog post op sociale media screenshots van de bedreigingen die hij krijgt. Soms gaan je haren ervan overeind staan.

Vermassen (knikt): “Het is erg. Bij papa ook. Vooral in 2010, tijdens het proces rond de parachutemoord, was het extreem (Vermassen verdedigde de familie van slachtoffer Els Van Doren, red.).”

In Nederland werd misdaadjournalist Peter R. de Vries vermoord op straat, wellicht omdat hij optrad als vertrouwenspersoon van Nabil B., de kroongetuige in het zogenoemde Marengo-proces. De advocaat van Nabil B., Derk Wiersum, werd in september 2019 ook doodgeschoten. Maakt zulk nieuws jou bang?

Vermassen: “Nee. Als kind was ik héél ongerust dat er iets met papa zou gebeuren. In mijn verbeelding zat hij voortdurend tussen de gevaarlijkste gangsters. Maar dat ging over: in mijn hoofd ben ik hem gaan zien als een soort superhero, een held met een ijzeren schild waar niemand doorheen kon. Om mezelf gerust te stellen, denk ik. Vandaag ben ik er niet meer zo mee bezig. ”

Is hij zelf bang?

Vermassen: “Totaal niet. Hij is alleen maar bezorgd over ons. Hij zegt vaak: ‘Mij zullen ze niets meer aandoen, maar mijn omgeving misschien wel.’

“Mijn computer is ooit gehackt. Ik zat te werken toen mijn scherm uitviel. Opeens verscheen een man in beeld die zichzelf aan het bevredigen was. Papa was in alle staten, maar ik denk niet dat het iets met hem te maken had. Er gebeurt zoveel online. Papa kent die wereld niet. Hij houdt meer van pen en papier dan van computers, en dat heb ik ook wel meegekregen. Ik heb lang geen socialemedia-accounts gehad. Ik heb pas een Instagram-profiel aangemaakt toen een manager die wilde samenwerken me vroeg waarom ik online niet te vinden was. En dat blijft nog beperkt. Ik heb ook nooit op Tinder gezeten. Afspreken met een wildvreemde: ik zou het niet durven. De verhalen die papa daarover al heeft verteld… (rilt).”

Klopt het dat jullie ooit het aanbod hebben gekregen om een realityreeks te maken over jullie gezin?

Vermassen: “Ja. De Vermassens (lacht). Papa heeft dat geweigerd. Hij wordt geregeld gevraagd voor quizzen en shows, en dan weigert hij ook altijd. Hij heeft zichzelf nooit beschouwd als een bekend figuur. Hij is gepassioneerd door zijn vak, daar praat hij graag over. Al die andere dingen zijn niks voor hem.

“Uiteindelijk is het dan De Pfaffs geworden, en later De Planckaerts. Ik weet nog met hoeveel spijt ik daar als kind naar keek: dat hadden wij kunnen zijn! Nu ben ik blij dat papa het niet heeft gedaan. Als je aan zo’n reeks meewerkt, weten de mensen alles over je.”

En het blijft je achtervolgen. VTM zendt deze zomer de eerste seizoenen van De Pfaffs weer uit. De familie liet al verstaan daar niet onverdeeld blij mee te zijn.

Vermassen: “Dat snap ik. Nu, ik vind De Pfaffs wel leuke tv. Het is mooi om te zien hoe die mensen zichzelf blijven.”

‘In wedstrijden zie ik mensen doorgaan die minder goed zingen dan ik. Soms vraag ik me af of mijn familienaam er iets mee te maken heeft. Of ze bang zijn voor papa.’ Beeld Geert Van de Velde
‘In wedstrijden zie ik mensen doorgaan die minder goed zingen dan ik. Soms vraag ik me af of mijn familienaam er iets mee te maken heeft. Of ze bang zijn voor papa.’Beeld Geert Van de Velde

ZUURSTOFTEKORT

Hoe was je schooltijd?

Vermassen: “Vrij goed. Tijdens de lagere school ging ik naar een kleine katholieke school. Daarna ben ik mijn beste vriendin gevolgd naar de middelbare school van haar keuze. Dat ging niet zo goed: die school was veel te groot, ik voelde me er niet thuis. Mijn ouders keken uit naar een school waar ik me beter zou voelen, en zo kwam ik in een steinerschool terecht. Daar ging ik graag naartoe, maar na vier jaar ben ik toch weer veranderd. In het steineronderwijs moet je zelf je notities maken, en daar ben ik niet goed in – dat heb ik dus niet van papa meegekregen. Ik heb boeken nodig, ik moet kunnen markeren en onderstrepen. Na het vierde middelbaar ben ik naar de kunstschool gegaan, waar ik zang, dans en toneel deed. Dat was fan-tas-tisch. Alles wat ik graag deed.”

Waarom ben je daar niet in verder gegaan?

Vermassen: “Ik wilde graag naar Studio Herman Teirlinck, maar mijn ouders stonden erop dat ik eerst studeerde voor een gewoon beroep met een grotere werkzekerheid. Ik heb even gedacht aan een koksopleiding, maar ben uiteindelijk voor kleuteronderwijs gegaan. Ik ben altijd gek geweest op kinderen, ik heb er zelfs nog van gedroomd om nanny te worden. Het leek een logische keuze.”

Twee van je drie zussen zijn ook kleuterleidster geworden.

Vermassen: “En de vierde is maatschappelijk werkster (glimlacht). We hebben allemaal dat zorgende in ons. Dat hebben we van mama: zij is kinderverzorgster. Ze is dol op baby’s.”

Ben je nadien alsnog naar Studio Herman Teirlinck gegaan?

Vermassen: “Nee. Mijn muziekleraar in de lerarenopleiding drong erop aan dat ik conservatorium zou doen, omdat ze mijn stem zo mooi vond. Maar dat was nóg eens drie jaar studeren, en dat zag ik niet zitten. Ik wilde gaan werken, centjes verdienen. (Zucht) Ik heb daar altijd spijt van gehad. Ik had het wél moeten doen.”

Heeft niemand van jullie overwogen om rechten te studeren en jullie vader op te volgen?

Vermassen: “Joke, mijn oudste zus, heeft het geprobeerd. Maar het was niks voor haar. Ik denk dat ze aan de verwachtingen van de buitenwereld wilde beantwoorden: ‘Er moet toch één van die dochters advocate worden!’

“Ik wilde het zelf dolgraag doen, maar het schrikte me af. Ik krijg moeilijk leerstof in mijn hoofd. Volgens mama en papa komt dat door complicaties tijdens mijn geboorte: de navelstreng zat twee keer om mijn nek gedraaid. Het had zelfs weinig gescheeld of ik had het niet gehaald. Misschien hebben mijn hersenen toen even te weinig zuurstof gekregen, en heb ik daardoor concentratieproblemen. Dan is rechten niet de beste studiekeuze, natuurlijk.

“Los daarvan lijkt het me ook onmogelijk om papa op te volgen. Hij is zo uniek, heeft zo’n bijzonder talent. Die schoenen kún je niet vullen.”

Had hij er wel op gehoopt dat een van jullie zijn kantoor zou overnemen?

Vermassen: “Ik weet zeker dat hij het geweldig had gevonden, maar hij heeft ons nooit gepusht. Hij benadrukte ook vaak wat voor een harde wereld het is.”

Je werkt nu als kleuterleidster.

Vermassen (knikt): “En als personal coach, samen met Dennis. We verhuren ook springkastelen. En sinds kort zijn we mede-eigenaar van Manero by The Bubble Company, een wijnwinkel. Wat eigenlijk best grappig is, want we drinken allebei geen wijn.

“Ik ben ook opgeleid als therapeut en verlies-en-rouwcounselor, maar daar doe ik nog niets mee wegens te weinig tijd.”

Dat lijkt eigen aan millennials: veel jonge mensen combineren hun job met verschillende bijberoepen.

Vermassen: “Ik weet niet hoe het voor anderen is, maar ik heb gewoon veel interesses. Altijd gehad. Ik vond het moeilijk om op mijn 18de een richting te moeten kiezen, net omdat ik zoveel wil doen. Ik spring ook graag mee op de kar: de personal coaching en de springkastelen heeft Dennis opgestart. Hij is leraar lichamelijke opvoeding en wilde er graag iets bij doen, en ik vond het leuk om dat samen te doen.

“Ik denk wel dat ik op termijn op één punt zal uitkomen, iets waar ik me volledig op zal toeleggen. Tot het zover is, wil ik van alles proeven.”

En muziek blijft de prioriteit?

Vermassen: “Sowieso. Ik heb een nummer geschreven, ‘Vlinder’. Je kunt het beluisteren op YouTube en Spotify, als je zoekt op Jazzy J, mijn artiestennaam. Daar zou ik graag iets mee doen, samen met een producer die het kan bewerken. Dat zou een droom zijn die uitkomt. Ik zou er alles voor laten vallen.

“Ik wil ook graag vaker acteren, maar in die wereld is het voor een beginner al net zo moeilijk om iets te vinden als in de muziek. Maar ik ben geen opgever. Ik blijf audities doen en proberen.”

SCHEVE SCHAATS

Intussen ben je ook moeder geworden: je zoontje werd geboren in januari.

Vermassen: “Het zijn pittige maanden geweest. Lewis was een huilbaby. Hij bleek veel allergieën te hebben. Gelukkig kennen we die nu, waardoor we hem aangepaste voeding kunnen geven. Alleen het slapen blijft moeilijk. De eerste drie maanden hebben we niet geslapen. Nu weinig.”

Hou je dat vol?

Vermassen: “De grootouders hebben ons enorm geholpen. Mama is de meter van Lewis, ze doet niets liever dan hem in de watten leggen.

“Dennis en ik hebben het geluk dat we allebei in het onderwijs staan en nu een lange zomervakantie hebben. De bijberoepen lopen wel door. Met de springkastelen is het zelfs erg druk, vanwege alle uitgestelde feesten. Door de aanhoudende regen hebben we veel meer werk om ze schoon te maken, en daar komt al zoveel bij kijken sinds de coronamaatregelen. Maar we klagen niet. We zijn blij dat het zo goed loopt.”

Terwijl sommigen vast denken: die Vermassen heeft haar schaapjes op het droge.

Vermassen: “Dat hoor ik héél vaak. Ik heb een tijdje halftijds gewerkt, en dan zei iedereen: ‘Natuurlijk, jij hebt centen genoeg van je vader’. Onze ouders zullen ons altijd steunen en helpen waar ze kunnen, dat is absoluut zo. Maar mijn zussen en ik doppen onze eigen boontjes. Dat vind ik maar logisch. Oké, misschien zouden we niet zo hard hoeven te werken en al die bijberoepen erbij nemen, maar dat vind ik zelf leuk. Thuiszitten is niks voor mij.”

Was de lockdown een zware dobber voor jou?

Vermassen: “We zijn allebei heel ziek geweest. Ik ben zes weken amper uit bed geweest, Dennis vier. Ik had geen smaak en reuk meer – en wat ik nog kon ruiken, stonk verschrikkelijk. Ik heb lang geen vlees of eieren kunnen eten. Het is nog altijd niet zoals vroeger. Ik ben nog vaak moe, bijvoorbeeld. Ik ben kort na mijn besmetting zwanger geworden, dus ik weet niet welke symptomen ik daaraan kan toeschrijven en welke aan corona.

“Los daarvan vond ik de lockdown niet zo vervelend. Dennis en ik werden verplicht om even stil te vallen. We zijn veel gaan wandelen in de natuur. Even onthaasten. Series kijken. We waren veel samen, en daar hebben we van genoten. Dan kwam Lewis, en was het gedaan met de rust (lacht).”

Corona is voor veel relaties een beproeving geweest: niet alle koppels bleken ertegen bestand 24/7 samen te zijn.

Vermassen (knikt): “Ik zie de twee uitersten: koppels worden nu heel hecht of ze groeien volledig uit elkaar. Omdat ze te veel samen zitten thuis of net omdat ze te veel naar hun werk moeten. Ons heeft de crisis alleen maar dichter bij elkaar gebracht.”

Jij hebt een mooi voorbeeld als het gaat over liefde.

Vermassen: “Dat is waar. Mijn ouders zijn al heel lang samen.”

Sterkt dat jouw geloof in de liefde?

Vermassen: “Hm. In de liefde heb ik niet zo’n fantastische weg afgelegd. Misschien net door het mooie voorbeeld van mijn ouders. Ik was er altijd van overtuigd dat ik de ware had gevonden. Dit is mijn eeuwige liefde, dacht ik dan, we moeten álles voor elkaar overhebben. Sommige jongens raakten daarvan in paniek: ‘Ho meisje, we zijn 16!’ Achteraf gezien heel begrijpelijk, natuurlijk. Maar ik was daar telkens kapot van.

“Tussen Dennis en mij zit het goed. Ik zou dolgraag zeggen dat dit voor altijd is, maar er is altijd dat vraagteken: waarom zouden wij wél slagen als het zoveel anderen niet lukt? Mensen lijken tegenwoordig zo snel vervangbaar. Scheelt er iets? Hop, uit elkaar. Het draait ook allemaal rond het uiterlijk. Kijk naar die datingprogramma’s: ‘Vind je hem knap?’ – ‘Nee, hij is mijn ding niet.’ Dan denk ik: je hebt hem nog niet eens leren kennen!”

Stel dat Dennis een scheve schaats opbiecht. Stuur je dan je advocaat op hem af?

Vermassen (lacht): “Vroeger had ik vaak vriendjes die scheve schaatsen reden. Toen dacht ik telkens: het zal aan mij liggen, ik moet gewoon meer moeite doen. Dat denk ik niet meer. Als je iets voor iemand voelt, zég dat dan tegen je partner. Misschien beslissen jullie om een andere weg in te slaan, maar liever dat dan zwijgen en liegen. Sowieso.”

K3 zoekt K3, vrijdag om 20.35 op VTM

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234