Donderdag 13/08/2020

In ruil voor ertsen krijgt Congo 'een Chinees marshallplan'

Peking en Kinshasa sluiten contract ter waarde van 9 miljard dollar

In het Congolese parlement is het historische mijn- en infrastructuurcontract tussen China en de Democratische Republiek Congo toegelicht. In ruil voor de ontginning van koper en kobalt in Kolwezi (Katanga) bouwt Peking wegen, spoorwegen en ziekenhuizen.

door Maarten Rabaey

PEKING / KINSHASA l Het contract is in het nadeel van westerse mijngroepen. 'Toch kan op termijn iedereen profiteren van een betere infrastructuur, van Congolezen tot opkopers in België', zegt de Congolese mijnexpert Raf Custers van het Antwerpse onderzoekscentrum IPIS.

"Een marshallplan voor de heropbouw van de basisinfrastructuur van ons land", zo noemde infrastructuurminister Pierre Lumbi het contract in een verklaring voor het parlement in Kinshasa. "Dit contract is het fundament waarop de groei van onze economie gebouwd zal worden. Het zal direct en indirect tienduizenden arbeidsplaatsen creëren, waarbij in de eerste fase zo'n tienduizend mensen rechtstreeks tewerkgesteld zullen worden", zei Lumbi. "Het zal een krachtige impuls geven aan de opgang van de landbouw, mijnbouw en industriële productie van ons land. Het zal de koopkracht van onze bevolking verbeteren door de kosten te verminderen tussen de productie- en de consumptiegebieden."

Met dat doel werd de joint venture JV Minière opgericht, een samenwerking tussen de Congolese staatsmijnmaatschappij Gécamines (32 procent) en de Chinese staatsbedrijven China Railway Group Limited en Sinohydro Corporation (samen 68 procent). In het contract staat te lezen dat JV Minière mijnconcessies mag ontginnen in Kolwezi (Katanga) met "ongeveer 10.616.070 ton koper, ongeveer 626.619 ton kobalt en, nog in tonnen te bepalen, andere waardevolle ertsen."

In ruil voor de opbrengsten van deze ertsen zal China investeren in Congo, zowel in het herstellen van de verouderde mijnsites als in infrastructuur. De waarde van deze overeenkomst wordt geraamd op 9,25 miljard dollar. Daarvan zal 3,25 miljard dollar geïnvesteerd worden in de mijnen en 6 miljard dollar in de ontwikkeling van spoorwegen en wegen die de export van de ertsen mogelijk moeten maken. Voorts zal er ook geïnvesteerd worden in hospitalen en universiteiten.

Lumbi schat dat het akkoord Congo een winstmarge zal opleveren van minstens 19 procent. "Dit contract is ongetwijfeld het beste dat het land ooit tekende met buitenlandse investeerders", zei hij. Volgens Lumbi zijn soortgelijke contracten in de toekomst niet uitgesloten. "Dit is slechts één aspect van een enorm reconstructieprogramma om de infrastructuur van ons land op te waarderen. Ons enorme plan bevat andere programma's die gefinancierd worden met eigen fondsen, de Wereldbank, de EU, de Afrikaanse ontwikkelingsbank, Groot-Brittannië en India." Nog volgens Lumbi zijn er nu al 150 Chinese ingenieurs en technische experten in Congo om het project op te starten.

De Congolese oppositie vreest dat de regering de rijkdommen van het land verkoopt voor een appel en een ei. Ze noemde de plannen "onsamenhangend en onevenwichtig". "Het dwingt ons om ons nationaal erfgoed te verkopen ten nadele van verschillende generaties", zei Jean-Lucien Mbusa, een leidende figuur van de MLC, de partij van de oppositieleider in ballingschap Jean-Pierre Bemba. "Daarom kan het in zijn huidige staat niet aanvaard worden." Mbusa riep op tot heronderhandeling en een internationale openbare aanbesteding. De oppositie hekelde ook de enorme belastingvoordelen die de Chinese bedrijven krijgen. "Het resultaat van simpele wiskunde brengt de Congolese bijdrage op minstens 87 miljard dollar", aldus nog Mbusa.

De Belgische mijnexpert Raf Custers van het Antwerpse onderzoeksinstituut IPIS denkt niet dat het zo'n vaart zal lopen. "Dit is geen verhaal van Chinees kolonialisme. Het is een gemengd verhaal", zegt hij. "Onderschat de Congolese regering niet. Ze is hier al sinds september vorig jaar mee bezig en gaat niet over één nacht ijs. Er werd in naam van Gécamines hard tegen hard onderhandeld door de Canadese CEO Paul Fortin, die ettelijke malen naar Peking afreisde. Al in het eerste jaar van de joint venture zou de productie van 40.000 à 50.000 ton nu moeten verviervoudigen naar 200.000 ton. In het derde jaar moet dat oplopen tot 400.000 ton. China zal de mijninstallaties herstellen met Congolese onderaannemers. Daartegenover staat dat het wel met Chinees materiaal moet gebeuren. In die zin is er wel sprake van 'gebonden hulp'."

Het contract is in het nadeel van westerse mijngroepen, een proces dat al enkele jaren aan de gang is. Momenteel wacht nog een zestigtal westerse mijnconcessies op herziening. Zo verloor de Belgisch-Congolese groep Forrest al een aandeel in een Katangese concessie ten nadele van de huidige Chinees-Congolese joint venture (zie kader). "Toch kan op termijn iedereen profiteren van een betere infrastructuur, van Congolezen tot ertsenopkopers zoals Umicore in België", meent Custers. "De herstelde weg van Katanga naar Zambia is een goed voorbeeld. Daar profiteren andere mijnmaatschappijen en de bevolking van."

Mijnexpert Raf Custers:

Dit is geen verhaal van Chinees kolonialisme. Onderschat de Congolese regering niet. Ze is hier al sinds vorig jaar mee bezig en gaat niet over één nacht ijs

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234