Woensdag 29/01/2020

In ondertussendoor

Vrijdag. Terre Thaemlitz draagt een zwart jurkje, geel afgebiesd, met zwarte opake kousen en dito laarzen. Hij houdt een lezing. In het zogeheten zwembad in de kelder van de Hallen van Schaarbeek zitten de toeschouwers in rij langs de muren en op mooie, goedzittende kussentjes, los verspreid over de grond. De lezing gaat over transgenderisme en identiteit: ben ik vrouw of man of de twee tegelijk en alle variaties daartussen. En als vrouw of man, ben ik hetero-, homo- of biseksueel? Als ik mij tot een man laat ombouwen, val ik dan opnieuw op mannen of op vrouwen? Idem voor mannen die vrouwen willen zijn. Of stekkers een stopcontact. En kan het ook met een boom? Een woestijnvis? En waarom doen we het niet allemaal met elkaar? Et cetera. Het concert achteraf is een elektroakoestisch project. Ambient Music: geluidsbomen en ruisbeelden supersnel gemixt met hardcore en pseudoporno. Re-make/Re-model: Brian Eno en Roxy Music in een wereld van louter plezier.

Zaterdag. Our circumscribed days: een film van Hans Van den Broeck over welomschreven dagen in Moskou. Een gedicht van Daniil Charms zet de toon. In een hotel wordt bestek klaar gelegd. Ik zie straatprostitutie, een autorijschool, mensen aan de ingang van een winkel, een dansschool, een openluchtbioscoop, een man die staande zijn roes uitslaapt, twee bedelaars en een nachtrit met de bus: dans is alles. Trage travellings of vaste camera, versnelde en vertraagde beweging: het duurt lang maar het einde bevredigt. In de keuken wordt zodanig veel bier gedronken dat de tafel danst en Hans van de kast valt: hilariteit! Ik herken een vriendin van vroeger, Martine Van Hecke. Zij is slaviste en als tolk mee op tournee. Daarna articuleer ik luidop de straten die mij in rechte lijn naar het Théâtre Marni brengen: een oude bioscoop- en concertzaal. De acteurs komen hortend maar afgemeten op. Ze dragen kleding uit de eerste helft van de zeventiende eeuw: de glorietijd van Monteverdi en Rubens. Verscheidene soorten stoelen met ongelijke hoogte staan frontaal op rij vóór het publiek. Het oorspronkelijke radiospel A Ronne II van Luciano Berio wordt door het inzetten van acteurs een spreekstuk zonder tekst. Enkel een gedicht van Edoardo Sanguineti is riant uiteen gereten en tot veelsoortig keelgeluid verklankt: het plezier van de tekst is nu muzikale structuur. Ik hoor een versneden aanzet tot 'Toréador' uit Carmen van Bizet. Ik hoor stootkreten uit Japanse films. Hoog in de achtergrond licht een hertenkop op. De avant-garde van de jaren zestig is terug thuis en, mutatis mutandis, de Ursonate van Kurt Schwitters. Alles krachtig. Enkele brave mensen verlaten ostentatief plus luidruchtig de zaal: hoofdjes naar links, hoofdjes naar rechts, maar de acteurs gaan door. Bravó's nadien. Na de pauze zien we links het orkest en centraal een onnozel decortje met plastic kreeften en dito druiventrossen op dierenhuiden onder een lampconstructie, die vaagweg een treurende boom suggereert: Cena Feriosa. De zangers komen net als de acteurs van het eerste deel in schokjes op, maar niet vanuit de buik. Zij voelen zich zichtbaar ongemakkelijk in hun zwarte kostuums met gelubde halskraag. Tussen de madrigalen door hanteren zij een vreemde pantomime. 'Scusa' Monteverdi. Het is al middernacht als ik het slotfeest nader. De performances zijn gedaan. Ik hoor dat het goed was. Mijn oren tuiten en in het halfduister probeer ik een gesprek. Het feest zakt weg in geluid met licht. Zondag. Aan zee. Ik drink een cola met een rietje op een warm Oostends terras. De wind waait. De zon schatert. Ik lach. Maandag. Het weer slaat om. Het festival is terug naar kantoor en op prospectie. De uitleidende persconferentie vorige vrijdag heb ik gemist. Goed is dat het festival niet opteert voor een 'best of' maar een staalkaart openspreidt met kwaliteit uit veel hoeken van de wereld. Weliswaar binnen de beperkingen van het mogelijke, het haalbare en met de intuïtie als drijvende intelligentie. Soms is die kwaliteit niet zo hoog, maar ook dat kan ons geloof, onze hoop en onze liefde voor kunst niet tegenstaan. Ik hield van Charlie Degotte, Grand Magasin en Xavier Le Roy, maar ik hou van Josse De Pauw. Tot gauw!

Sophie Logie

'In ondertussendoor' was een eigenzinnig festivaldagboek

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234