Zondag 21/04/2019

Boeken

In New York is de natuur de baas

Een Amerikaanse oehoe in New York, met op de achtergrond de Queensboro Bridge. Beeld Getty Images/EyeEm

De stad New York beschermt al heel lang haar natuur. Vogels en andere dieren varen er wel bij. Met een beetje geluk zie je zelfs de Amerikaanse zeearend in de Big Apple. Een gesprek met Leslie Day, die vier boeken schreef over de New Yorkse fauna en flora.

“Ik zag hier gisteren nog zo’n Amerikaanse zeearend vliegen”, zegt Leslie Day. “Magisch. Hun spanwijdte is gigantisch. Die witte kop... En de manier waarop ze bewegen is zo elegant.” In plaats van over een natuurreservaat kijkt Day uit over de bruine flatgebouwen van The Bronx, New York City. Hier kwam ze wonen, na veertig jaar op een woonboot in Manhattan. “De boot deinde te veel nadat de vaargeul dichter bij Manhattan kwam te liggen, en we werden wat te oud voor die levensstijl. Maar zo dicht bij de natuur zijn, ik mis het nog steeds. Gelukkig hebben we hier een appartement dat uitkijkt over het park.”

Dat park is het Fort Tryon Park, volgens de website van de gemeente ‘het mooiste cadeau dat New York ooit heeft gekregen’. John D. Rockefeller Jr. kocht het stuk grond net boven Manhattan in 1917 en liet het ontwikkelen tot openbaar stadspark, dat aan de ene kant uitkijkt over de rivier de Hudson en aan de andere over The Bronx. De perken zijn goed onderhouden, door een legertje vrijwilligers van wie Day er een van is, nu ze niet meer werkt als lerares op een middelbare school.

Day bestudeert al vier decennia het ecosysteem van New York, de grootste en met 8,5 miljoen inwoners dichtstbevolkte stad van de VS. “Toen ik op de boot ging wonen, was er een vogeltje dat me volgde. Toen had ik geen idee wat het was, maar het bleek een kardinaals­vogel. Ze volgde me drie jaar, ze was als mijn huisdier buiten de deur. Toen begon een levenslange obsessie, zij was mijn muze.”

Day schreef vier boeken over de New Yorkse stadsnatuur, waaronder een vogel- en een bomengids. Haar laatste boek gaat over de bijen op het dak van het Waldorf Astoria, het beroemde hotel in Manhattan. Bijen? In zo’n stenige stad? “Zeker, er zijn ongelooflijk veel bijen in New York. Er zijn zo veel tuinen, en er zijn meer dan een miljoen bomen in New York, die allemaal bloeien. En dan zijn er al die parken. Central Park natuurlijk, maar ook allerlei kleinere parkjes op Manhattan. En dan heb je nog de terrassen, bloembakken op balkons... Nee, het is echt een perfecte stad voor bijen.”

Onder het bewind van burgemeester Rudy Giuliani (op dit moment juridisch adviseur van president Donald Trump, red.) was er even een dipje, vertelt Day. “Giuliani, die verschrikking, verbood het om bijen te houden. Hij schaarde ze onder ‘gevaarlijke dieren’ als tijgers, beren en leeuwen. Maar zijn opvolger Bloomberg stimuleerde het juist, ook in de stad.”

Een half jaar geleden zijn er zelfs bijenvolkeren uitgedeeld door de Amerikaanse bijenhoudersvereniging, vlak achter de New York Public Library, in het hart van Manhattan. “Mensen kwamen op de fiets, met de metro en te voet om hun doos op te halen. Daarin zaten een koningin en enkele duizenden werkbijen, genoeg om een nieuw volk te starten.”

New York heeft al ruim een eeuw, sinds 1910, een gemeenteafdeling die de parken beheert. Het oudste stadsecologische onderzoek vanuit de gemeente, naar broedvogels, dateert van 1982 en loopt nog steeds. “Het begon met Central Park. Daarbij bleek dat het succesvol is om openbare parken te hebben”, zegt Day. “De gemeente is daarom op meer plekken begonnen met het beschermen van het groen.”

Dat maakt ook dat grote delen van New Yorks stadsnatuur al decennialang beschermd zijn tegen de niet-aflatende bouwwoede. Ook oevers zijn onderdeel van dezelfde beschermingswetten. “New York heeft zo’n 700 kilometer aan oevers, die ook veelal beschermd gebied zijn. Als de vogels migreren in de lente, zijn er overal rustgebieden.”

“Mensen zijn zich er gaandeweg ook bewuster van geworden wat migrerende dieren nodig hebben. Daar wordt rekening mee gehouden bij de landschapsinrichting. We zitten hier onder de Atlantic Flyway, de migratieroute langs de oostkust van Noord-, Midden- en Zuid-Amerika, zie je. Er komen hier ontelbaar veel trekvogels over.”

Natuurlijk zijn er ook de soorten die er het hele jaar door zijn. “Blauwe gaaien, allerlei spechtensoorten, spreeuwen, kardinaalsvogels. En natuurlijk een boel soorten die profiteren van de mensen. Duiven en meeuwen eten hier ook gewoon hotdogs.”

En dan zijn er nog de red-tail hawks (roodstaartbuizerds). “Die eten alles, zelfs kleine honden en katten als je niet oppast.” Day wijst naar de George Washington Bridge over de Hudson, waar het Fort Tryon Park uitzicht op heeft. “Dit is de drukst bereden brug van Noord-Amerika, maar bovenin nestelt ieder jaar een slechtvalk.”

Via het water, de oeverlanden, de parken en bosjes in de stad, kan de natuur zo het centrum in. Day wijst aan de andere kant van het park in de richting van The Bronx. “Zie je die brug daar? Die gaat over de Harlem River. Een prairiehond zwemt daar zo overheen. We hebben ook vossen, stinkdieren, wasberen, witstaartherten en een heleboek eekhoornachtigen. Ze komen de stad binnen via The Bronx.”

In de jaren dat Day zich met de natuur bezighoudt heeft ze de stad, maar ook het ecosysteem zien veranderen. Met name de waterkwaliteit van de Hudson is enorm verbeterd. De Clean Water Act en Clean Air Act uit de jaren 1970 maakten dat het verboden werd nog langer de riolen in de rivier uit te laten komen. “De vis kwam terug in de rivier, en daarmee ook de vogels.”

“Nu is er ook een beweging om de oorspronkelijke plantensoorten te herplanten. En mensen zijn ook veel meer gebrand op natuurbescherming. Dat moet ook wel, met wat er nu aan de gang is. Ik bedoel...” Ze is even stil. “T.R.U.M.P.”

Day kan er met haar hoofd niet bij dat een mede-New Yorker zo de natuur in haar land en in haar stad te grabbel gooit door het beperken van het ministerie van milieu, de EPA. Maar ze vertrouwt ook op de traditie van haar stad, die al zo lang haar best doet om de natuur te beschermen. “De stad en de staat New York, ze zullen alles doen om ervoor te zorgen dat het hier zo blijft, daar heb ik het volste vertrouwen in.”

Leslie Day, Field Guide to the Neighborhood Birds of New York City, te bestellen via Bol.com, 20,99 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.