Maandag 18/10/2021

InterviewLust & liefde

‘In minder dan 24 uur was de wereld veranderd’: de avond die het leven van Babs op zijn kop zette

null Beeld Sammy Slabbinck
Beeld Sammy Slabbinck

Soms dient de liefde zich aan als een warme, heldere zonnestraal na jarenlang ploeteren door weer en wind. Sinds Babs (67) ten dans gevraagd werd op die ene vrijgezellenavond, viel alles op wonderbaarlijke wijze in zijn plooi. ‘In minder dan 24 uur was de wereld veranderd.’

“Ik weet alles nog precies, ook al is het vijfentwintig jaar geleden. Hoe we die avond allebei een groen jasje droegen, en hoe die de volgende ochtend naast elkaar op de bank lagen te vloeken: groen op groen. Ik was al jaren vrijgezel toen een collega van het warenhuis waar ik werkte tegen me zei dat ze soms vrijgezellenavonden organiseerde. Die avond nam ik de metro, mijn hart kloppend in mijn keel. Er was een man die me te dansen vroeg, maar die vond ik niks, hij was me te klein.

“Maar toen ik opkeek, zag ik een man aan de bar die met een zeker gebaar een glas op de toog zette, en ik dacht: dit is hem. Ik ging naast hem staan. Het eerste wat hij zei was: ‘Jij bent veel te jong en te mooi voor mij.’ Maar ik wist dat hij het was op wie ik gewacht had. Hij keek naar mijn hand. ‘Wat heb je daar?’, vroeg hij. ‘Ik heb een snee in mijn hand, dat is vanochtend gebeurd op mijn werk.’ ‘Kan je met die snee wel dansen?’, vroeg hij. En zo begon het, we liepen samen naar de dansvloer en begonnen te praten, en op een of andere manier kon ik niet meer stoppen. We hadden beiden een heel leven achter de rug waarvan we de belangrijkste dingen kennelijk uit moesten wisselen, om te weten met wie we van doen hadden. Maar het was geen opdreunen van feiten, niet zo’n uitwisseling. Het was of ieder woord het volgende uitlokte, een stapeling die in korte tijd een duizelingwekkende hoogte bereikte. ‘Ik ben zo verliefd op jou en nooit niet verliefd op jou’, zingt Guus Meeuwis. Daar moest ik aan denken, ook al was ik niet eens verliefd, ik hield meteen van hem.

“Aan het einde van de avond bracht hij me naar huis, we zaten op de ring, zagen een bord naar het centrum. Ik hoor het hem nog zeggen: ‘Het centrum is ook leuk.’ Gek dat ik dat soort onbenulligheden zo haarscherp onthouden heb. Net als die jasjes dus, die zo lelijk kleurden bij elkaar. Toen we in mijn appartement waren, vroeg ik: ‘Is het gek als je de eerste nacht al blijft slapen?’ Nee, zei hij, dat is niet gek. Het was een beetje of ik gestuurd werd, of mijn allang overleden vader op een wolkje met liefdespoeder strooide.

“Ik had een lange relatie achter de rug met een getrouwde man en daarvoor had ik een niet al te best huwelijk met de vader van mijn zoon. Op mijn tweeënveertigste had ik dus niet bepaald veel geluk in de liefde gehad en ineens lag het voor het oprapen. Een overdaad aan liefde en grapjes en vertrouwen. Ik vertelde hem dat ik mijn zoon al twee jaar niet had gezien, iets waar ik zelden met anderen over sprak. Nu hoefde ik niet eens na te denken. Ook zei ik hem dat ik eens een vriend had leren kennen via een contactadvertentie, iets waar iedereen in de pre-Tinder-tijd nogal meewarig over deed, en wat ik dus ook niet graag deelde.

“Alles, het praten, het vrijen, en nu het leven, gaat nog steeds zonder enkele moeite. Die avond droeg hij een wit hemd, zonder onderhemd, het zag er koud uit, maar wel mooi. Zelf droeg ik een kort rokje met een zwart T-shirt, en dat groene jasje dus. Pas de volgende ochtend, toen het licht was, zag ik hoe mooi blauw zijn ogen waren. Toen hij weg was, hield ik het binnen niet langer uit, ik moest naar buiten, ik was zo blij, zó blij. Mijn leven had alle zwaarte verloren, in minder dan 24 uur was de wereld veranderd, verruimd en verlicht. ‘Kom dinsdag bij me eten, dat is mijn vrije dag’, vroeg ik. ‘Of wacht, het is vanavond voetbal en dat wil ik graag zien.’ Als klein meisje ging ik al met mijn vader naar matchen kijken, maar deze man bleek een nog grotere fan dan ik, ook al konden we die avond weinig aandacht opbrengen voor die Supercup-wedstrijd.

“Sinds die dinsdag in 1996 is het aan. Toen ik tien jaar geleden met pensioen ging, hebben we een hond genomen, een jack russell. Mijn zoon had zo’n hondje en toen ik net na de scheiding met zijn vader hoorde dat het dood was, heb ik gehuild zoals ik nog nooit gehuild had. Er gebeurde in die week dat ik mijn nieuwe man leerde kennen nog iets opmerkelijks. Voor het eerst in twee jaar belde mijn zoon. We hebben gegeten en alles was alsof we de dag ervoor nog met elkaar aan tafel zaten. En daarmee viel nog meer gewicht van me af. Een relatie op je tweeënveertigste is anders dan wanneer je jong bent. Ik nam me voor om me dit keer nooit te ergeren. Mijn eerste man sprak heel luid, waardoor er al snel een soort ruziesfeer ontstond aan tafel. Daar had ik last van, en nu besloot ik nooit meer last te willen hebben. Iedereen heeft wel iets, zonde van je tijd en van in je relatie de ander te willen veranderen. Ik wilde die lichtheid van het begin vasthouden en dat is gelukt.

“Hij maakt me nog iedere dag aan het lachen. Vanochtend waren ze aan de overkant op het dak bezig met gasbranders. Hij zei: ‘Zo is het bij de Notre Dame ook begonnen.’ Ach, die kleine grapjes laten zich tegenover anderen niet herhalen. Ze drukken zo veel meer uit dan een opwelling alleen. ‘Ik ben zo blij dat ik je gevonden heb’, zeg ik vaak tegen hem. En dan antwoordt hij: ‘Ik ben blij dat ik gevonden ben, anders liep ik daar nog steeds.’

“We hebben in al die jaren twee keer ruzie gehad, een keer toen de printer er ineens mee ophield en hij niet begreep waarom, en de laatste keer omdat hij zijn geduld verloor bij het aanmaken van zijn Itsme-wachtwoord. Dat was alles. Na zijn operatie vorige maand vroeg ik wat hij wilde eten. Ik dacht: hij gaat spaghetti zeggen. Hij dacht even na en zei: ‘Euh, ik denk toch dat ik graag spaghetti wil.’”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234