Dinsdag 31/01/2023

'In Mexico verneuk je of word je verneukt'

Gesprek met de nederlandse schrijfster Marjon van Royen

In De nacht van de schreeuw verhaalt de Nederlandse journaliste Marjon van Royen hoe ze zich als correspondente in Mexico-stad vestigt, maar er de hele tijd tegen muren aanloopt. 'Gezakt voor mijn cursus inburgering', wijst ze zichzelf met de vinger na. Gelukkig werd ze gered door een inheemse vrouw, Sandra. 'Sandra staat voor al die vrouwen, al die levens die met vallen en opstaan geleefd worden. Zij is mijn vertelster geworden.' Door Lode Delputte

Marjon Van Royen

De nacht van de schreeuw

Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, 479 p., 19,90 euro.

Het is maar een koudekikkerdag in een koudekikkerland. De Nederlandse journaliste en Latijns-Amerika-correspondente Marjon van Royen is wat blij dat ze gauw terug naar Rio kan, de stad waar ze woont en, dan toch, haar draai gevonden heeft. Want met haar vorige woonplaats, Mexico-stad, liep het fout. Zo fout zelfs dat alleen haar inheemse hartsvrien-din Sandra er nog troost bood. "Alleen al om te zien waren we een aanfluiting", schrijft ze over "die lange Hollandse en die kleine Indiaanse". In het even ontzettende, verhelderende als grappige De nacht van de schreeuw stelde Van Royen zopas haar complete Mexicaanse leven te boek. "Ik heb hele grote mazzel gehad om Sandra tegen te komen", zegt ze. "Ik had Mexico nooit kunnen overleven als zij er niet geweest was."

De nacht van de schreeuw, Van Royens nieuwe werk na haar bestseller Italië op maandag, gaat als een mes door de boter. Stevig verhaal, vlotte ritmiek, fraaie zinsbouw en een gevoel voor humor waar je de winterkou zo mee wegleest. En toch ook een bitterzoet verhaal, een geschiedenis die de lezer meeneemt op een tocht langs armoede en ontbering, geweld en geschreeuw ook, onpeilbare zwijgzaamheid vooral. Het Mexico dat Marjon en Sandra bij elkaar beleefd hebben, staat in geen enkele reisgids en past niet in de promoplaatjes. Geen zwierige luilekkerexotiek maar alledaags racisme, duistere institutionele barrières en onwerkbaar veel machismo.

Eerder toefde Van Royen in het door oorlog getroffen Bosnië en het knettergekke Italië. Met haar pientere oog had de journaliste Sandra niet nodig om alle mexicaniteiten te ontdekken. Maar om ermee om te kunnen, ermee te leren leven, waren haar vriendschap en levenswijsheid onmisbaar: "Voor Sandra had het lang geduurd", schrijft Van Royen ook in haar proloog. "Net als de overige vijfentachtig miljoen Mexicanen had ze geleerd: in dit land dien je niet te spreken. Niets van jezelf laten zien, niets tonen, is de hoogste vorm van eerbaarheid."

Mexicanen protesteren niet, ze houden hun mond, halen hooguit de schouders op en stappen door - bang dat ze anders van hun pad af raken en nog dieper in de ellende wegzakken. In de Roma-wijk, in Mexico-stad, heeft Van Royen een oud huis gehuurd. Na de komst van Sandra en haar dochter Gaby ontpopt het zich als een spontaan blijf-van-mijn-lijfhuis - waar bij nacht en nevel echter algauw in grote letters 'hoerenhuis' op gekalkt wordt. Maar ook een dreunende openluchtdiscotheek in de buurt maakt elk wooncomfort tot een illusie.

Het discoverhaal wordt de aanzet tot een donquichotteske, bij voorbaat verloren strijd tegen belangen waaraan niet te tornen valt. De belangen van de rijken, de politici, de politie, de mannen. Als mens moet je doen wat je kunt, maar niet het onmogelijke verlangen. Misschien is dat de grootste wijsheid die de auteur van haar vriendin Sandra te leren krijgt.

Met haar boek legt Marjon van Royen de vinger op de wonde, en niet alleen in Latijns-Amerika. "Want", legt ze uit bij de koffie, één hoog in haar Amsterdamse logeerwoning, "minder dan tien procent van de rijkdom wordt gedeeld door negentig procent van de mensheid. Met alle problemen die er ook in België zijn, behoren de Belgen nog steeds tot de meest geprivilegieerde mensen ter wereld. Tot de tien procent bij wie negentig procent van alle rijkdom zit."

U moest dus niet alleen Mexico van zich afschrijven, maar eigenlijk alles wat in deze wereld misgaat?

"Ik kan nu eenmaal niet over Latijns-Amerika schrijven zonder het over die krankzinnige wanverhoudingen te hebben. Zeker in een tijd waarin Europa de gordijnen dicht heeft getrokken. We kijken hooguit door een kiertje als het over hoofddoeken en aanverwanten gaat, verder staren we ons blind op grote broer Amerika. Dat er in Latijns-Amerika een erg leuke emancipatiebeweging aan de gang is, nou ja, dat weet niemand. Dat soort dingen krijg je niet meer kwijt omdat altijd die ene vraag gesteld wordt: wat is het verband met Nederland? Wat is de Belgische invalshoek? Wel, die Belgische invalshoek heb ik je net gegeven: dat wij rijk zijn en zij arm. En dat het zo niet verder kan."

Maar u moest natuurlijk in de eerste plaats het verhaal van Sandra schrijven.

"Ja, al snapt zijzelf absoluut niet waarom dat nou helemaal moest. Ze ziet ook niet in waarom net zij nu zo bijzonder zou moeten zijn. Maar het ís wel een bijzondere vrouw. Ik had nooit een boek kunnen schrijven dat zo diep ging als Sandra niet in mijn leven opgedoken was. Sandra staat voor al die vrouwen, al die levens die met vallen en opstaan geleefd worden, waarbij je voor elke stap die je gezet krijgt prompt een stap terug moet doen. Ik heb speciaal voor een vrouw gekozen omdat vrouwen in de derde wereld de hele economie op hun rug dragen."

Anders dan de mannen, die ook in Mexico hun rol uitgediend lijken te hebben.

"Veel problemen waar we vandaag mee te maken krijgen, het geweld en het extremisme, zijn te wijten aan het feit dat mannen geen economische functie meer vervullen. Vrouwen blijken in al die landen niet alleen veel beter gevormd dan mannen, terzelfder tijd zijn ze dubbel zo slecht betaald als mannen en dragen ze alsnog de hele samenleving. De mannen kunnen geen kant meer op en dwingen hun superioriteit op een arrogante en gewelddadige wijze af. Ze vernederen de anderen omdat ze zichzelf vernederd voelen. Vroeger waren zij de behoeders van de familie, die de bescherming van de kinderen op zich namen. Al die functies vervullen mannen niet meer. Ook door de economie, die hoe langer hoe ongelijker wordt. Kijk naar de man van Sandra: gewoon een alcoholicus met een stom baantje."

In een van de aangrijpendste hoofdstukken in uw boek reist u naar Ciudad Juárez. Ligt daar niet de uitwas van dat soort maatschappij? Als u de toekomst wilt zien, zegt een personage dat u daar ontmoet, dan is Ciudad Juárez er een voorafspiegeling van.

"Ciudad Juárez is het schrijnendste voorbeeld van welke kant het opgaat. Voor iedereen die zich voortdurend maar afvraagt hoe dat kan, al die honderden gruwelijke moorden op vrouwen in die stad, wel, daar gaat mijn boek over. Ciudad Juárez ligt op de grens met de VS. Het is een stad die tegen een muur aankijkt, de enige muur, letterlijk, tussen de eerste en de derde wereld. Wat mij betreft is het de belangrijkste muur in deze wereld. Een muur die mensen uit het arme zuiden er letterlijk van moet weerhouden naar het rijke noorden te trekken."

Sandra heeft nahuatl als moedertaal en is op haar dertiende met haar baby op de rug op blote voeten vanuit haar indianendorp naar de sloppenwijken van Mexico-stad gekomen. U bent groot, blond en komt uit het noorden. Wat bindt u beiden?

"Dat ik ondanks mijn rijkdom en alle voordelen die ik heb als blanke vrouw met een goede opleiding en een fax en een mobieltje op bepaalde momenten op precies dezelfde hoogte sta als Sandra. Want dat is het waanzinnige verhaal waarin ik met haar terecht ben gekomen. En waardoor ik gedeeltelijk op dezelfde manier als zij heb kunnen beleven wat het is om daar te leven en te moeten leven. We kwamen in dezelfde cirkels van machteloosheid terecht.

"Natuurlijk, je kunt je afvragen, zo'n rijke blanke die achter zich altijd weer de kans heeft om naar huis te gaan en lekker bij de kachel te zitten, hoe kan die een eerlijke vriendschap sluiten met iemand die altijd al gediscrimineerd wordt en voortdurend met racisme te maken krijgt, iemand die sociaal gedetermineerd is om te verliezen. Hoe kan zo'n vriendschap? In Mexico hadden ze er even niet van terug. De grenzen waarop onze vriendschap in de Mexicaanse buitenwereld stuit, is dat zij mijn meid is en ik haar bazin. En toch hebben wij een manier gevonden om echt vrienden te zijn."

U had beiden een overleden broer.

"Dat gedeelde verleden is belangrijk: zowel Sandra als ik hebben een verleden van mishandeling. Onze beide broers hebben ons het geloof gegeven om lief te hebben. Onze broers hebben ons relatief normaal gemaakt. En dat is de overeenkomst tussen haar en mij. Dat ik dat verleden gehad heb, maakt dat ik niet bang ben voor de pijn van anderen. En dat zij dat verleden gehad heeft, heeft van haar die strijdbare vrouw gemaakt."

Op een bepaald moment vertelt u een liefdesscène tussen u en een man, net in Ciudad Juárez. Hebt u er geen moeite mee om uzelf voortdurend zo bloot te geven?

"Ach, op zeker ogenblik denk je: het is me een koude kilte. Ik dacht dat mensen zouden gaan denken: arm kind, heeft ze dan nooit een beetje liefde? En dan schrijf ik daar plots over een man, die daarna trouwens weer gewoon verdwijnt. In de vol-strekte ellende van die stad, van Ciudad Juárez, kon ik niet anders, zou het oneerlijk geweest zijn als ik dat moment niet beschreven had. Ik heb eerst een jaar lang aan tien hoofdstukken gewerkt waar ik mezelf niet in had gestopt. Heb ik uiteindelijk allemaal weggegooid, gewoon door de papierversnipperaar omdat het allemaal niet eerlijk was.

"Als ik mezelf weg had gelaten, zou ik precies gedaan hebben waar derdewereldjournalistiek altijd weer op neerkomt: van bovenaf kijken alsof je een normloos, bijna zielloos persoon bent, en dat in naam van een objectiviteit die gewoon niet bestaat. Ik heb mezelf en mijn leven er expres in verwerkt om ook te laten zien dat ikzelf een westerse persoon ben, met westerse opvattingen, en dit zijn de ogen waardoor ik naar Mexico kijk, het verhaal opteken, de relatie met Sandra beleef. Pas op, het heeft me ontzettend veel moeite gekost. Niemand vertelt graag over zijn eigen verdriet, over hoe hij afgaat of ontzettend slechte dingen doet. Ik ben in het begin veel te brutaal tekeer gegaan. Ik schrijf over hoe ik miskleun. En in die vriendschap tussen haar en mij zie je ook die clash tussen culturen, en hoe moeilijk dat is."

Bestaat die volgens u, die 'clash of civilizations'?

"Neen, een clash of civilizations bestaat niet, dat is wat ze ons over het christendom en de islam aanpraten. Maar het neemt niet weg dat het wel ontzettend moeilijk is. In Mexico gaat het om een confrontatie tussen christelijk en christelijk, waarbij Sandra in heel veel opzichten op Jupiter woont en ik op de maan. De basis waarop wij elkaar vonden is dat we beiden vrouwen zijn en dat we beiden overlevers zijn. Sandra is over de grenzen van haar eigen beschaving heen moeten stappen om te kunnen overleven. En daardoor kon ze mijn vertelster worden. Daarom praat zij als anderen niet spreken."

Dat niet-spreken, de 'Mexican blank' waar u in uw boek vaak naar verwijst, was dat uw grootste hinderpaal?

"Omdat er niet gesproken werd, werd ik niet gecorrigeerd. Ik kon in Mexico geen toegang krijgen tot de heersende cultuur. Ik wist niet wat er in de hoofden van de mensen zat. Niet voor niets kom ik op zeker ogenblik bij de Anonieme Neuroten terecht, zogenaamd om een stuk te schrijven, maar het was ook de eerste keer dat ik me prettig voelde. Ik was in Mexico (met nadruk) to-taal de weg kwijt. En dan val je algauw terug op je eigen vertrouwde waarden en normen. In Mexico verneuk je of word je verneukt. Ik hou meer van charmeren en gecharmeerd worden. Dat is daar totaal afwezig. Als je plots in een wereld terechtkomt waar je niets van begrijpt, lijkt het wel of je weer puber wordt. Dat gevoel dat je niet meer weet hoe je je tot de wereld moet verhouden."

Dan denkt u natuurlijk automatisch aan al die mensen die bij ons terechtkomen.

"Ja, hoe moeten zij dat allemaal niet vinden? En dat is ook de boodschap van mijn boek: kijk eens hoe moeilijk het wel is. Probeer maar eens iemand te vinden die je de codes van de Belgische maatschappij kan uitleggen. Ondertussen staan ze te roepen dat je je moet integreren. Maar integreren waarin, alsjeblief?"

U zegt dat u gezakt bent voor uw cursus inburgering. Maar het lijkt wel alsof inburgeren in Mexico veeleer ont-burgeren is.

"Als je je wilt inburgeren, zou je je eigenlijk op dezelfde wijze moeten gedragen als de meerderheid van de mensen in het land waar je je gaat vestigen. Maar hoe kun je dat als die meerderheid permanent van het burgerschap is uitgesloten? Die uitsluiting wordt dan op zich een vorm van inburgering."

Ondanks het pessimisme zit uw boek boordevol humor. Het was flink lachen geblazen in dat huis van u.

"Ach, humor was de redding voor ons allebei. Humor is een belangrijk teken dat je een cultuur doorhebt. Want wat wil dat zeggen? Dat je zowel jezelf als de ander ter discussie stelt. Humor staat voor iets, voor het jezelf prijsgeven en het begrijpen van de ander. Anders kun je gewoon geen grappen maken. Onmogelijk."

Bent u nog steeds boos op Mexico?

"Neen. Maar ik heb er wel ontzettend lang over gedaan om aan dat land te wennen. Mexico is zó beklemmend. Stel je voor. Als je zelfs door een mensenrechtenman verraden wordt. Of door de politie op de hielen gezeten wordt zonder dat je weet waarom. Ga je dan naar die politie toe om dat te zeggen? Neen. Naar de mensenrechtenmijnheer, denk je dan. Maar die blijkt uiteindelijk net zo corrupt als de anderen. Er is niets zo beklemmend als nérgens, bij niemand nog terecht te kunnen. Dan voel je wat rechteloosheid betekent. Ik heb daar een enorme tik aan overgehouden. Het heeft me jaren gekost voor ik dit boek kon schrijven. Eerst haatte ik Mexico. Maar dat was niet eerlijk, je kunt toch niet een heel land haten? Ik ben met Mexico in het reine gekomen. Maar het land trekt een heel zware wissel op de mensen die er leven. Ik heb er gelukkig maar drie jaar hoeven te wonen."

Wordt uw boek in het Spaans vertaald?

"Ik hoop het. Ik wil dat Sandra het kan lezen."

En Rio, gaat het beter daar?

"Rio, ach daar ben ik verliefd op. In Brazilië zit er sensualiteit in de samenleving. Rio past gewoon bij mijn karakter. Een exuberante vrouw in een gesloten land, dat werkt niet, dat heb ik in Mexico wel begrepen. En er is nog iets, noem het de volksaard. Kijk naar de geschiedenis van Mexico. Dat land met zijn bloedige koloniale geschiedenis is geboren uit verkrachte vrouwen. En toch haten ze er de vrouwen. Verkrachte vrouwen zijn geen slachtoffers maar schuldigen. Alles is altijd opnieuw de schuld van de vrouwen. In Brazilië niet. Brazilië is, als ik het even kort uit de bocht mag zeggen, geboren uit liefde. Of lust. Maar niet uit verkrachting."

Lode Delputte

'Ciudad Juárez is het schrijnendste voorbeeld van welke kant het opgaat. Voor iedereen die zich voortdurend maar afvraagt hoe dat kan, al die honderden gruwelijke moorden op vrouwen in die stad, wel, daar gaat mijn boek over''Ik kon in Mexico geen toegang krijgen tot de heersende cultuur. Ik wist niet wat er in de hoofden van de mensen zat'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234