Dinsdag 04/08/2020

In Italië wordt de elegante man nog altijd het best bediend Maten maken de man

De slobberjeans en hoodie-sweater raken ze ontgroeid. Met dank aan Mad Men en sexy hunk Tom Ford durven jonge mannen zich weer elegant te kleden. Andy Van Oevelen krijgt in Antwerpen het duurdere pakken-publiek over de vloer. ‘Van de crisis hebben wij nauwelijks iets gemerkt.’ Mannen en mode, ze zijn weer goede maten.

oewel het op de catwalk al een jaar of vijf werd geroepen, lijkt het nu echt doorgedrongen tot de straat: een man in een pak is niet noodzakelijk een bankier op leeftijd. Een man in een pak is sexy. “Het is opvallend hoe goed het weer gaat”, zegt Hendrik Op de Beek die de mannenafdeling van de Brusselse boetiek Stijl runt. “En het zijn echt de fashion-items die bij het begin van het seizoen uit de rekken vliegen.” Ontwerpers als Raf Simons, Hedi Slimane en Kris Van Assche hebben aan het pak een twist gegeven waarmee zelfs rockers konden leven. Marcel Vanthilt presenteerde zijn Villa Vanthilt in een pak van Scabal, groepen als A Brand en Triggerfinger laten zich een pak aanmeten bij Café Costume, en Daan stapt er zelfs mee op zijn fiets.

Maar vooral het segment van het echte maatwerk gaat het voor de wind. “In 2010 dikten de bestellingen met 10 procent aan tegenover 2009”, zegt de voorzitter van Savile Row Bespoke, een groep van veertien Londense topkleermakers die zich inzetten om het hand- en maatwerk te promoten en te beschermen. Volgens hem heeft de recessie de mensen aan het denken gezet over de echte waarde van de dingen. “Mensen zijn opnieuw op de kwaliteit gaan letten.”

We ontmoeten Andy Van Oevelen in zijn nagelnieuwe zaak onder het Hyllit Hotel in Antwerpen en hij beaamt de kracht van kwaliteit. Maatwerk heeft weinig last van de recessie. Toegegeven, zegt hij, een maatpak is duur. Voor een pak van Pal Zileri ligt de instapprijs rond duizend euro. Voor Brioni - de Rolls-Royce van de Italiaanse pakken - tel je minstens 2.800 euro neer en als je het zachtste kasjmier of een mengeling met zijde wil, kan dat makkelijk nog duizend euro duurder worden. “Je moet natuurlijk bereid zijn om dat uit te geven”, zegt Van Oevelen, “maar voor een man is het alsof hij een huis koopt, of een auto.” Een van zijn vaste klanten die ons gesprek volgt, pikt daar meteen op in: “Er is maar één nadeel. Als je het één keer hebt gedragen, voelt ieder ander pak aan als een harnas.” Wanneer mannen echter eenmaal de smaak te pakken hebben, zijn ze hondstrouw, bevestigt Van Oevelen. Trouw aan het merk, aan de winkel en aan het personeel.

Trouw. Het is een term die wel vaker valt. Vrouwen shoppen veel meer in het rond, ze willen ieder seizoen iets nieuws, want de trends veranderen sneller. Dat horen we ook op het Italiaanse hoofdkwartier van Pal Zileri. Daar zet Yvan Benbanaste ieder seizoen de grote lijnen van de collectie uit: “Bij mannenkleding gaat mode heel traag. Wie genoeg geld heeft om een mooi pak te kopen, is de leeftijd van de snelle trends voorbij.”

Voor de zomer had hij Capri als thema aangegeven, voor volgende winter wordt het Chicago, Al Capone, de jaren dertig. “Elegantie”, zegt hij. “Hoge broeken, brede revers. Ere wie ere toekomt, Tom Ford heeft dat weer onder de aandacht gebracht.” We zitten met Benbanaste op de hoogste verdieping van pakkenmaker Forall in Quinto Vicentino, beter bekend van de merknaam Pal Zileri. Elke dag worden hier 4.000 meter wol, zijde, kasjmier en katoen tot op de millimeter scherp gesneden tot patroononderdelen. Niet alleen voor de eigen pakken, ook voor bekende merken als Moschino, Lanvin, Halston, Jil Sander en Cerruti. De stoffen worden aangekocht bij verscheidene Italiaanse wevers, zoals Loro Piana en Zegna, maar ook het Belgische Scabal is een belangrijke leverancier van stoffen van hoge kwaliteit.

palazzo zileri 

In de jaren 1970 begonnen Gianfranco Barizza en Aronne Miola pakken te maken voor diverse Italiaanse merken. In de jaren tachtig bedachten ze dat het een goed idee zou zijn om hun eigen lijn te lanceren. Dat werd Pal Zileri, niet genoemd naar een meneer Zileri, maar naar het Palazzo Zileri in Vicenza, dicht bij Venetië, waar het hoofdkwartier gevestigd is. Pakken en jassen blijven de hoofdmoot uitmaken, maar het aanbod werd uitgebreid met hemden, truien, lederwaren en riemen. Aanvankelijk onderscheidde het merk zich met opvallende, gedurfde kleuren. Dat werd inmiddels wat afgezwakt, al zijn ze nog aanwezig in de sportieve nevenlijn Lab, en wordt in de zomer toch een banaangeel hemd gecombineerd met een felblauw jasje en een blauw-geel gestreepte das.

Naast de confectielijn van Pal Zileri, die zestig procent van de verkoop blijft uitmaken, is er Ceremonia, met pakken voor de rode loper en trouwpartijen, en Sartoriale, het maatwerk. De confectiepakken worden voor een deel in het buitenland gemaakt, onder meer in Egypte, maar het maatwerk en het halve maatwerk gebeuren nog steeds in de Veneto.

Hoe dat in zijn werk gaat, demonstreert Bruno, de Italiaanse kleermaker. Hij heeft grijzende krullen, een fijne hoornen bril en een onberispelijk pak - uiteraard. De broek in zwart-wit hanenpootmotief is smal en heeft omslagen. Zijn kamer is het heiligdom van het maatwerk, al ziet het eruit als een doorsnee kantoortje. Met dat verschil dat er geen rijen dossiers staan, maar enkele rekken met identiek uitziende pakken in alle mogelijke maten, opgehangen volgens grootte. Overal liggen en hangen boeken met stofstalen.

Arno is de eerste klant vandaag. Bruno neemt de lintmeter en gaat aan de slag. Eerst worden enkele basismaten opgenomen: de schouderbreedte, heupen en lenden. Genoeg informatie om een pak van de kapstok te nemen. Als het goed zit, is dit de basis waarop de kleermaker kan voortwerken voor half maatwerk. Op een voorgedrukt formulier voegt hij nu met potlood alle andere maten toe, die straks in de computer worden ingegeven. Maar eerst kan de klant nog zijn voorkeuren laten gelden: een of twee splitten, een enkele of dubbele knopenrij, het soort zak, revers, voering en knopen. En de stof, natuurlijk.

Dit stadium kan zich ook elders ter wereld afspelen, in om het even welke winkel van Pal Zileri. Terwijl er bij Brioni, zo vertelt Van Oevelen, geen computer te zien is (behalve voor de boekhouding) is hij bij Pal Zileri in het patroonstadium onmisbaar. Op het scherm wordt het basispatroon met de lijst van signore Bruno in de hand aangepast. Het programma past niet alleen centimeters aan, maar wijzigt ook automatisch de verhoudingen, bijvoorbeeld op de plek voor elleboog of knie. In de reusachtige stoffenvoorraad zoekt de computer vervolgens de juiste rol, hij spant de stof over een kniptafel en snijdt de stof op maat. “Niet met de laser”, zegt Bruno, “want die brandt en zou voor bruine randen aan de stof kunnen zorgen.” De verschillende patroondelen worden opgerold en gebundeld, en verhuizen dan naar de stiksters en de afwerkafdeling.

Opnieuw modern

“We hebben het de voorbije drie jaar wat moeilijk gehad”, zegt marketingdirecteur Manuela Miola van Pal Zileri. “Als de zaken minder goed gaan, stelt een man de aanschaf van een nieuw pak even uit. In tegenstelling tot vrouwen die elk seizoen toch iets nieuws willen, speelt dat voor mannen veel minder. Gelukkig hadden we de nonchalantere lijn ‘Lab’. Die bleef het wel goed doen.”

De Fransman Yvan Benbanaste stuurt de beide lijnen aan. “Wij vertrekken van de stoffen die we elk seizoen in Biella gaan uitzoeken”, vertelt hij. “We verzamelen alle staaltjes, en maken op basis daarvan een kleurenkaart. Voor volgende winter zet camel zich nog door, in combinatie met bordeaux. Daar had ik zin in.”

“Bij Pal Zileri is er geen bekende ontwerper die alles bepaalt”, zegt Manuela Miola. “Armani heeft die wel. Spilfiguur bij ons is echter niet de ontwerper, maar de modelist. Fashion is niet onze roeping, al blijven we natuurlijk wel op de voet volgen wat er gebeurt.” Dat beaamt Benbanaste: “Wij zijn een klassiek huis, en daar kan je je best aan houden. Bij mannen duurt het veel langer om trends op te pikken. Soms wel drie of vier seizoenen. Momenteel gaan we terug naar elegantie: brede broeken met een hoge taille, maar niemand die dat draagt. Als wij dat nu zouden doordrukken, stoten we onze klanten af. We doen het dus heel voorzichtig, en proberen wat creatiever te zijn in de stofkeuze.”

De vintagemode is hij beu, en de ruiten spuugzat. “We moeten naar een nieuwe moderniteit. Eenvoudiger, maar kwalitatief. Zo kan een mooi detail of een stiksel tot zijn recht komen.”

Nooit meer denken

Details, dat is ook waar het voor Andy Van Oevelen op aankomt. “Momenteel worden vooral pakken met twee knopen gedragen. Nogal nonchalant. Maar de klassieke croisé, het pak met dubbele knopenrij, komt terug. Ik ben dat altijd graag blijven zien.” Dassen, dat is een andere kwestie. Zelfs met een heel klassiek maatpak, dragen veel mannen een hemd met open kraag. Ook daar zit Tom Ford waarschijnlijk voor iets tussen.

De jonge Yvan Benbanaste begon zelf pas een jaar geleden een pak te dragen, maar hij heeft het gemak ervan ontdekt. “’s Morgens moet ik nooit meer nadenken wat bij wat past.” Hij draagt vandaag een donkerblauw pak met krijtstreep en een smalle broek (“19 centimeter”). “Dat is mijn jeugd, de mods, Burlingtonsokken… Maar voor de klanten moeten die broeken toch 21 of 22 centimeter zijn. Anders is het te extreem.”

Hij heeft het daar zelf niet moeilijk mee, want ook bij de bekende designers is wat je te zien krijgt op de catwalk ook niet wat er in de winkel komt. “De absolute top voor mij is momenteel Dior door Kris Van Assche en Lanvin door Lucas Ossendrijver. Maar ga eens kijken wat er van Dior of Lanvin in de winkels hangt? Dat is veel en veel klassieker.”

Waarmee hij de slogan van het huis eer aandoet. Want die zegt: ‘A classic never really finishes saying what it has to say.’n

n Het zit in de kleinste details, ieder knoopsgat wordt met de hand afgewerkt.

n De maten van een man opnemen, dat kan alleen een geoefende kleermaker zoals Bruno. Zijn cijfers gaan vervolgens in de computer, die het patroon aanpast. Daarna worden de onderdelen stuk voor stuk uitgesneden. Precisiewerk.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234