Vrijdag 16/04/2021

In het hart van de geheime dienst van IS

Harry Sarfo vertrok van Duitsland naar Syrië om zich aan te sluiten bij IS. Hij werd ingelijfd door Emni, een geheime tak van IS. Doel: een wereldwijd netwerk van slapende terreurcellen. 'Mensen kennen die je de EU kunnen binnensmokkelen, is een pluspunt.'

Overtuigd dat hij gehoor gaf aan een goddelijke oproep, verliet Harry Sarfo vorig jaar zijn huis in de arbeidersstad Bremen. Hij reed vier dagen ononderbroken tot hij het gebied in Syrië bereikt had dat in handen is van Islamitische Staat (IS). Nog voor hij op adem kon komen, kwamen gemaskerde leden van de geheime dienst van IS naar hem en zijn Duitse vriend toe met de mededeling dat ze niet langer wilden dat Europeanen naar Syrië kwamen. Waar ze echt nodig waren, was in hun thuisland, om te helpen bij het uitvoeren van hun plannen voor wereldwijde terreur.

"Een van die mannen sprak openlijk over de situatie, en zei dat ze veel mannetjes hebben in Europese landen die wachten op hun commando om de Europese burgers aan te vallen", vertelde Sarfo afgelopen maandag tijdens een interview met The New York Times in een streng beveiligde gevangenis in de buurt van Bremen. "En dat was nog voor de Brusselse aanslagen, vóór de aanslagen in Parijs."

De gemaskerde man legde uit dat, alhoewel de groep goed vertegenwoordigd was in een aantal Europese landen, ze vooral nood hadden aan meer strijders in Duitsland en Groot-Brittannië. "Ze zeiden: 'Zou je het goed vinden om terug naar Duitsland te gaan, want daar hebben we je nodig'", herinnert Sarfo zich. "En ze zeiden voortdurend dat ze tal van aanvallen in Engeland en Duitsland en Frankrijk willen laten plaatsvinden. Op hetzelfde moment."

De agenten behoorden tot een inlichtingeneenheid van IS, die in het Arabisch beter bekend is als Emni. Die organisatie is eigenlijk een combinatie van een interne politiemacht en een unit die externe operaties verzorgt. Uit duizenden pagina's met informatie en talloze verhoordocumenten van de Franse, Belgische, Duitse en Oostenrijkse inlichtingendiensten die The Times kon inkijken, blijkt dat ze zich vooral toeleggen op terreur in het buitenland.

De aanslagen van IS in Parijs op 13 november zorgden ervoor dat de aandacht van de hele wereld plots gevestigd werd op het externe terrorismenetwerk van de groep, dat twee jaar geleden strijders naar het buitenland begon te sturen. Nu onthult het verhaal van Sarfo, samen met dat van andere rekruten in gevangenschap, steeds meer over hoe de groep terreur wil zaaien buiten haar eigen grenzen.

De rekruten beschrijven Emni als een geheime dienst met verschillende departementen onder de algemene leiding van Abu Muhammad al-Adnani, de hoogst geplaatste Syrische leider, woordvoerder en propagandachef van IS. Adnani heeft op zijn beurt een resem luitenanten onder zich, die allen gemachtigd zijn om aanslagen in verschillende regio's van de wereld te plegen. Emni beschikt onder meer over een 'geheime dienst voor Europese zaken', een 'geheime dienst voor Aziatische zaken' en een 'geheime dienst voor Arabische zaken', aldus Sarfo.

Cruciaal radertje

De verhoren en documenten bevestigen het vermoeden dat Emni een belangrijk onderdeel is van de activiteiten van IS, en geven aan dat het vrij spel heeft om leden uit alle delen van de organisatie - van nieuwkomers tot doorgewinterde strijders, en mensen van de elitecommando-eenheden - aan te werven en op te leiden. Uit de verhoren blijkt dat de agenten worden geselecteerd op basis van hun nationaliteit en dat ze volgens hun taal in kleine, afzonderlijke eenheden worden ingedeeld. De individuele leden ontmoeten elkaar soms maar aan de vooravond van hun vertrek naar het buitenland.

Adnani neemt de rol van coördinator op zich, en zorgt er zo voor dat het plannen van terreur hand in hand gaat met de uitgebreide propaganda-activiteiten van de groep, met inbegrip van, aldus Sarfo, maandelijkse bijeenkomsten waarin Adnani beslist welke gruwelijke video's zullen worden verspreid.

Op basis van getuigenissen van de agenten die tot nu toe werden gearresteerd, weten we dat Emni is uitgegroeid tot een cruciaal radertje in de terrorismemachinerie van de groep. Het waren ook hun leden die de aanslagen in Parijs organiseerden en de kofferbommen maakten die gebruikt werden in de luchthaven en het metrostation in Brussel. Uit onderzoek blijkt dat de rekruten ook naar Oostenrijk, Duitsland, Spanje, Libanon, Tunesië, Bangladesh, Indonesië en Maleisië werden uitgestuurd.

Op het moment dat Europese onderzoekers zwaar belast zijn met een resem aanslagen door schijnbaar niet aan elkaar gelieerde individuen die allen trouw zweren aan IS, suggereert Sarfo dat er een groter verband bestaat dan de autoriteiten tot nu toe vermoeden. Hij zegt dat hij te horen kreeg dat undercoveragenten in Europa nieuwe bekeerlingen gebruiken als tussenpersonen of clean men; zij brengen mensen die geïnteresseerd zijn in het uitvoeren van aanslagen in contact met agenten die hen op hun beurt instructies bezorgen over hoe je een zelfmoordvest maakt, of hoe je de aanslagen aan IS kunt opdragen.

De groep heeft "honderden agenten" teruggestuurd naar de Europese Unie, met "alleen al in Turkije honderden rekruten", zeggen twee hooggeplaatste ambtenaren van de Amerikaanse geheime dienst die anoniem wensen te blijven. Sarfo, die onlangs uit eenzame opsluiting werd overgeplaatst naar zijn Duitse gevangenis omdat hij niet langer als gewelddadig wordt beschouwd, bevestigt dat: "Velen onder hen zijn teruggekeerd. Honderden, zeker weten."

De eerste plek waar IS-nieuwkomers terechtkomen, is een netwerk van slaapzalen in Syrië, net over de grens met Turkije. Daar worden de kersverse rekruten geïnterviewd en opgedeeld in groepen. Van Sarfo werden er vingerafdrukken afgenomen, daarna nam een dokter bloed af en werd hij onderworpen aan een lichamelijk onderzoek. Een man met een laptop voerde een intakegesprek. "Hij stelde normale vragen als: 'Wat is je naam? Wat is je tweede naam? Wie is je moeder? Waar komt je moeder oorspronkelijk vandaan? Wat heb je gestudeerd? Welk diploma heb je behaald? Wat is je ambitie? Wat wil je worden?'", vertelt Sarfo.

Zijn achtergrond was ook van belang. Hij was vaste klant bij een radicale moskee in Bremen, die al zo'n 20 leden naar Syrië had uitgestuurd. Volgens Daniel Heinke, contraterrorismecoördinator voor dat gebied bij het Duitse ministerie van Binnenlandse Zaken, werden minstens vier van hen gedood in de strijd. Ook had Sarfo er een jaar gevangenisstraf opzitten voor het stelen van 23.000 euro uit een supermarktsafe. De straf voor diefstal in gebieden die gecontroleerd worden door IS mag dan wel het afhakken van een hand zijn, een crimineel verleden is een absoluut pluspunt, aldus Sarfo, "vooral als ze weten dat je banden hebt met de georganiseerde misdaad en dat je vervalste identiteitsbewijzen kunt krijgen, of dat je mensen in Europa kent die je de EU kunnen binnensmokkelen".

Dat de intakeprocedure zo bureaucratisch verloopt, werd onlangs bevestigd door Amerikaanse onderzoekers nadat USB-drives werden aangetroffen in de onlangs bevrijde Syrische stad Manbij, een van de plekken waar buitenlandse strijders worden gescreend.

Sarfo voldeed aan alle voorwaarden. Hij wilde vechten in Syrië en Irak, maar de gemaskerde agenten van Emni hadden een probleem. "Ze vertelden me dat er in Duitsland niet veel mensen zijn die bereid zijn het werk te doen", zei Sarfo kort na zijn arrestatie vorig jaar tijdens zijn verhoor. "Ze zeiden dat er in het begin wel een paar jongens waren. Maar je zou kunnen zeggen dat de een na de ander afhaakte. Koudwatervrees; ze durfden niet meer. Hetzelfde gebeurde in Engeland."

Daarentegen had de groep meer dan genoeg vrijwilligers voor Frankrijk. "Mijn vriend polste naar Frankrijk", zei Sarfo tijdens het verhoor. "En ze begonnen te lachen. Maar echt serieus lachen, met tranen in de ogen. Ze zeiden: 'Maak je geen zorgen over Frankrijk. Mafi mushkila. In het Arabisch betekent dat 'geen probleem'."

Dat gesprek vond plaats in april 2015, zeven maanden voor de aanslagen in Parijs in november, de ergste daad van terrorisme in Europa in ruim tien jaar tijd.

Hoewel enkele details van Sarfo's getuigenis niet kunnen worden geverifieerd, lopen zijn uitspraken gelijk met wat andere rekruten vertelden tijdens hun verhoren. En beide gevangenisambtenaren en de Duitse geheime agenten die Sarfo ondervraagden na zijn arrestatie, vonden hem een geloofwaardig getuige.

Sinds de opkomst van IS meer dan twee jaar geleden, hebben inlichtingendiensten slechts met mondjesmaat informatie kunnen verzamelen over Emni. Volgens ondervragingsverslagen en analisten werd de eenheid oorspronkelijk belast met de politionele activiteiten voor IS, met inbegrip van het uitvoeren van verhoren en het opsporen van spionnen. Maar Franse leden die werden gearresteerd in 2014 en 2015 legden uit dat Emni met een nieuwe taak was belast: terreur in het buitenland.

"Het is Emni die instaat voor de interne veiligheid binnen Dawla - Arabisch voor 'staat' - en toeziet op de externe veiligheid door rekruten naar het buitenland te sturen, of er jongens gewelddadige handelingen te laten uitvoeren, zoals in het museum in Tunis in Tunesië, of ook het afgelaste plan in België", zei Nicolas Moreau (32), een Fransman die vorig jaar gearresteerd werd nadat hij IS had verlaten in Syrië, in zijn verklaring aan de Franse binnenlandse inlichtingendienst.

Cleane bekeerlingen

Andere ondervragingen, net als de getuigenis van Sarfo, bevestigen dat Emni ook de schutter had opgeleid die in juni het vuur opende op een strand in Sousse, Tunesië, net als de man die de bommen maakte voor de aanslag in Zaventem.

Uit data van Franse, Oostenrijkse en Belgische inlichtingendiensten blijkt dat ten minste 28 strijders die werden aangeworven door Emni erin slaagden het grondgebied van IS te verlaten, en een deel van hun plannen succesvol ten uitvoer konden brengen. Tientallen anderen zouden door de mazen van het net zijn geglipt en nu zogenoemde sleeper cells vormen.

Na zijn eigen ervaringen met Emni, besefte Sarfo dat ze een wereldwijd terroristenleger wilden oprichten en de gaten in hun internationale netwerk wilden opvullen. Zo was ook een stuk van de plannen voor Bangladesh hem ter ore gekomen. Daar schoot een groepje IS-schutters vorige maand in een café minstens 20 gijzelaars dood, van wie de meeste buitenlanders waren.

Sarfo zegt dat wat de Aziatische rekruten betreft, Emni specifiek op zoek ging naar militanten die vanuit het netwerk van Al Qaida in de regio waren aangekomen. "Met name mensen uit Bangladesh, Maleisië en Indonesië. Ze selecteren mensen die al hebben gewerkt voor Al Qaida, en als ze eenmaal lid zijn van IS, stellen ze hen vragen over hun ervaringen en of ze contacten hebben."

Zowel in ondervragingen door de Duitse autoriteiten, als tijdens het interview, wijst Sarfo op de mogelijkheid dat sommige van de terroristen die tijdens hun aanslagen in Europa trouw zwoeren aan IS dichter bij Emni staan dan onderzoekers beseffen.

Sarfo legt uit dat Emni veel van zijn agenten verborgen houdt in Europa. Zij zorgen ervoor dat potentiële zelfmoordterroristen, die aangetrokken werden door propaganda, kunnen worden ingezet. Ze worden aan elkaar gekoppeld door zogenoemde clean men, of "mannen die pas bekeerd zijn tot de islam, en geen banden hebben met gevestigde radicale groeperingen", aldus Sarfo.

"Deze mensen staan nooit in direct contact met de jongens die de aanslagen plegen, omdat ze weten dat als zij beginnen te praten, ze gepakt zullen worden. Ze gebruiken meestal de nieuwe moslims, de bekeerlingen." Die 'cleane' bekeerlingen "treden dan in contact met de uitvoerders, en geven de boodschap door". Zo kon het bijvoorbeeld dat een aantal video-opnamen waarin trouw wordt gezworen aan IS, kon doorgestuurd worden van de tussenpersoon naar de Emni-vertegenwoordiger in Europa, die de beelden op zijn beurt uploadt als IS-propagandamateriaal.

Uit onderzoek en Sarfo's getuigenis blijkt dat IS goed gebruikmaakt van de verschillende nationaliteiten van hun rekruten door ze terug te sturen en aanslagen in hun thuisland te laten plannen. Een regio waar Emni daar echter niet in slaagt, is Noord-Amerika, zegt Sarfo. Hoewel al tientallen Amerikanen lid werden van IS, en sommigen aangeworven zijn voor externe operaties, "weten ze dat het moeilijk is om Amerikanen Amerika binnen te krijgen eens ze in Syrië zijn geweest.

"Wat Amerika en Canada betreft, is het volgens hen veel eenvoudiger om aanhangers via de sociale netwerken te overtuigen, omdat ze zeggen dat de Amerikanen dom zijn - ze mogen zelfs vrij wapens bezitten. Ze zeggen dat we hen gemakkelijk kunnen radicaliseren, en als ze geen strafblad hebben, kunnen ze zelf wapens kopen, zodat we geen contactpersoon nodig hebben om hen van wapens te voorzien."

Basistraining

Sinds eind 2014 draagt IS buitenlandse rekruten op om hun reis er te laten uitzien als een vakantie naar het zuiden van Turkije, inclusief het boeken van een retourvlucht en een all-inclusive-vakantie in een resort. Van daaruit regelen smokkelaars dan het transport naar Syrië, zo valt op te maken uit de verhoordocumenten en de getuigenis van Sarfo.

Dat zorgt er natuurlijk voor dat de opleiding van de rekruten in Syrië erg haastig verloopt, en meestal beperkt is tot een absoluut minimum - voor sommigen slechts een paar dagen basiswapentraining.

"Eens terug in Frankrijk of Duitsland kunnen ze zeggen: 'Ik was gewoon op vakantie in Turkije'", zegt Sarfo. "Hoe langer ze op IS-grondgebied vertoeven, hoe verdachter ze worden voor de westerse geheime diensten. Daarom proberen ze de training zo snel mogelijk te laten verlopen."

Dat Sarfo zowel Duits als Engels spreekt, maakte van hem een aantrekkelijke potentiële terrorist. Hoewel Emni hem meerdere malen vroeg om terug te keren naar Duitsland, bleef hij hen afwijzen, vertelt hij. Uiteindelijk werd Sarfo, misschien vanwege zijn bouw - meer dan twee meter lang, en bijna 130 kg toen hij aankwam in Syrië, hoewel hij sindsdien veel gewicht verloren heeft - ingelijfd bij de quwat Khas van IS, wat Arabisch is voor speciale eenheden. Die unit liet alleen mannen toe die beloofden niet te trouwen tijdens hun opleiding. Naast het infiltreren van steden gedurende de gevechten, werd de elite-eenheid ook gebruikt om mensen te rekruteren voor de externe operaties, zegt Sarfo. Samen met zijn Duitse vriend werd hij naar de woestijn buiten Raqqa gebracht.

Na een week van slopende trainingen, kregen ze allen een kalasjnikov. Ze moesten ermee tussen de benen slapen totdat het "als een derde arm" aanvoelde. Als je het niet aankon, werd je gestraft: "Er was een jongen die weigerde om op te staan, want hij was uitgeput", vertelde Sarfo aan zijn ondervragers. "Dus bonden ze hem met zijn benen en armen vast aan een paal en lieten hem daar achter."

Tijdens zijn opleiding leerde Sarfo een internationale groep rekruten kennen. Toen hij in de woestijn aankwam, trainde hij samen met Marokkanen, Egyptenaren, minstens één Indonesiër, een Canadees en een Belg. En eens op het eiland ontdekte hij dat er andere soortgelijke speciale eenheden waren, waaronder het zogenoemde Jaysh al-Khalifa, of het Leger van het Kalifaat. Een twaalf pagina's tellende aanklacht geeft aan dat IS probeerde om ten minste één Amerikaan in te lijven bij die eenheid, maar hij weigerde.

Die man, Mohamad Jamal Khweis, reisde in december naar Syrië, en werd in maart door Koerdische troepen in Irak gevangen genomen. Bij zijn ondervraging door de FBI vertelde hij dat hij al vrij snel benaderd werd door leden van de eenheid. "Tijdens zijn verblijf in het safehouse bezochten vertegenwoordigers van Jaysh Khalifa de nieuwe IS-rekruten", staat in de aanklacht. "De vertegenwoordigers verklaarden dat hun groep verantwoordelijk was voor het aannemen van vrijwilligers uit het buitenland, die vervolgens zouden worden opgeleid en teruggestuurd naar hun thuisland om aanslagen te plegen in naam van IS."

'De grote man'

Tijdens zijn training bij de speciale eenheden werd Sarfo bevriend met de emir van het kamp, een Marokkaan, die details vrijgaf over de manier waarop de externe operaties waren gestructureerd. Sarfo kwam te weten dat er een (fysiek) grote man achter de strategieën en ambities van de groep schuilde. "De grote man achter alles is Abu Muhammad al-Adnani", verduidelijkt hij. "Hij is het hoofd van Emni, en van de speciale krachten. Hij ligt aan de basis van alles."

Adnani (vermoedelijk 39) werd geboren in de stad Binnish in het noorden van Syrië. Het Amerikaanse ministerie van Justitie heeft 5 miljoen dollar uitgeloofd voor hem. Maar meer details over zijn leven hebben we niet. Er zijn slechts enkele foto's beschikbaar van hem, en die op de website van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken is al jaren oud.

Sarfo vertelt dat zodra de rekruten alle 10 trainingsniveaus achter de rug hadden, ze geblinddoekt naar Adnani werden gevoerd, waar ze rechtstreeks trouw moesten zweren. Volgens Sarfo bleven de blinddoeken de hele tijd aan, zodat zelfs Adnani nooit zou weten hoe zijn beste strijders eruitzagen. Voor de wereld is Adnani beter bekend als de officiële woordvoerder van IS, en de man die dit jaar een wereldwijde oproep aan moslims lanceerde om ongelovigen op eender welke manier aan te vallen.

"Adnani is veel meer dan louter de woordvoerder van deze groep", zegt Thomas Joscelyn, een hooggeplaatst staflid van de Foundation for Defense of Democracies in Washington. Hij is gespecialiseerd in het leiderschap van de organisatie. "Adnani is sterk betrokken bij de externe operaties. Hij moet eigenlijk zijn zegen geven, en zit aan de top van de piramide." Hij beslist of aanvalsplannen doorgaan, waarna zijn ondergeschikten zich over de details bekommeren.

Sarfo zegt dat hij tijdens zijn opleiding begon te twijfelen aan zijn trouw aan IS, nadat hij getuige was van hoe wreed er werd opgetreden tegen degenen die niet konden bijbenen. Het maken van het propagandavideomateriaal was de ultieme ontgoocheling, zeker toen hij zag hoe vaak ze elke scène opnieuw speelden voor een filmpje van slechts vijf minuten. Vroeger, in Duitsland, had hij altijd aangenomen dat ze echt waren, niet geënsceneerd.

Sarfo besloot zijn ontsnapping te plannen. Voor hij Turkije bereikte, moest hij wekenlang rennen en door modderige velden kruipen. Hij werd gearresteerd in de luchthaven van Bremen, waar hij op 20 juli 2015 aankwam. Hij ging meteen over tot bekentenissen, werd aangeklaagd wegens terrorisme en moet nu een straf van drie jaar uitzitten.

Topluitenanten

Een van de vernieuwingen binnen IS is de rol van buitenlanders, voornamelijk Europeanen, bij het plannen van aanslagen. Sarfo's verhaal sluit aan bij resultaten van het onderzoek waaruit blijkt dat Franse en Belgische burgers zoals Abaaoud meer zijn dan louter uitvoerders, maar een leidende rol hebben.

"Als je Abaaoud, die zijn eigen netwerk in het buitenland heeft, volgt, volg je eigenlijk een creatieve en interessante operationele wegenkaart", zegt Jean-Charles Brisard, voorzitter van het Centrum voor de Analyse van Terrorisme in Parijs. "Hij mocht op z'n eentje beslissen over tactiek en strategie, zelfs als de gehele operatie nog groen licht moest krijgen van de IS-leiders."

Onderzoekers concentreren zich momenteel op twee Emni-leiders. Hun aliassen zijn Abu Souleymane en Abu Ahmad. Beiden worden door de inlichtingendiensten beschouwd als topluitenanten van Adnani. Volgens de Europese geheime diensten spelen de twee mannen een belangrijke rol bij het selecteren van strijders die naar het buitenland worden gestuurd, de keuze van mogelijke doelwitten en de logistieke organisatie van de agenten - zoals smokkelaars betalen om hen Europa binnen te krijgen, en in ten minste één geval, overschrijvingen sturen via Western Union.

Souleymane zou volgens Ludovico Carlino, een hooggeplaatste analist bij IHS Conflict Monitor in Londen, een Fransman zijn van rond de 35, die van ofwel Marokkaanse of Tunesische afkomst is. Carlino zegt dat Souleymane, na de dood van Abaaoud, werd gepromoveerd tot terrorismeplanner nummer één voor Europa.

Over de andere leider, Abu Ahmad, vermoedelijk een Syriër, komen we iets meer te weten door de getuigenis van een man van wie onderzoekers vermoeden dat hij deel had moeten uitmaken van de Parijse terroristen: een Algerijn genaamd Adel Haddadi. Haddadi zei dat hij en een ander lid van het team, een voormalig lid van Lashkar-e-Taiba uit Pakistan genaamd Mohammed Usman, van twee andere aanvallers werden gescheiden nadat ze Griekenland hadden bereikt per boot.

Haddadi (28) en Usman (22) werden uiteindelijk gearresteerd in een asielzoekerskamp in Salzburg, Oostenrijk. De twee mannen die hen oorspronkelijk vergezelden, waren de eerste zelfmoordterroristen die hun vesten buiten het Stade de France lieten ontploffen.

Na aankomst in Syrië en een verblijf in de internationale slaapzaal in februari 2015, werkte Haddadi maandenlang als kok in Raqqa voordat een lid van Emni langskwam. Dat staat te lezen in Franse en Oostenrijkse onderzoeksdossiers.

"Op een dag kwam een Syriër in mijn keuken met de mededeling dat iemand genaamd Abu Ahmad me wilde zien", zei Haddadi volgens de Oostenrijkse verhoorverslagen. Hij werd naar een flatgebouw met vijf verdiepingen gevoerd, waar een andere Syriër met een walkietalkie Abu Ahmad contacteerde. Ze wachtten uren voordat de Syriër orders kreeg om naar de volgende locatie te rijden. Daar wachtte een Saoedische man - van top tot teen in het wit gekleed - hen op, en hij vroeg Haddadi een wandeling met hem te maken. "Ik was bang, ik wilde vertrekken, maar hij praatte de hele tijd", vertelde Haddadi aan de autoriteiten.

"Hij zei alleen maar positieve dingen over mij, dat IS vertrouwen had in mij en dat ik nu moest bewijzen dat ik dat vertrouwen waard was. Hij zei dat IS me naar Frankrijk zou sturen", voegde Haddadi toe. "Zodra ik in Frankrijk zou aankomen, zou ik meer details krijgen."

Kort daarna kwam Abu Ahmad aan. Haddadi beschreef hem als een Syrische man van rond de veertig. Hij was slank met een lange, zwarte baard en volledig in het zwart gekleed. Hij was de "degene die de orders gaf", vertelde Haddadi.

Afgehakt been

Abu Ahmad bracht Haddadi bij drie andere potentiële terroristen. De laatste, Usman, leerden ze pas kennen de dag voordat ze allemaal naar Europa zouden vertrekken. Haddadi en twee van de andere mannen hadden het Arabisch als moedertaal, en Usman sprak genoeg Arabisch om met hen te communiceren, aldus de verhoorverslagen.

De dag van hun vertrek kwam Abu Ahmad langs. Hij gaf hen zijn Turkse mobiel nummer, waarna hij hen beval het op te slaan in hun telefoon als 'FF', om te voorkomen dat zijn naam zou geweten zijn. Hij gaf Haddadi 2.000 dollar in briefjes van 100, en daarna werden ze naar de Turkse grens gevoerd. In Turkije lieten ze foto's te nemen, en kregen ze Syrische paspoorten. Een andere smokkelaar regelde hun boottocht naar Leros, Griekenland op 3 oktober.

De hele organisatie, alsook geldtransfers via Western Union, was in handen van IS-topluitenant Abu Ahmad. Tot aan zijn arrestatie in december bleef Haddadi contact houden met Abu Ahmad via telegram en sms-berichten naar zijn Turkse nummer, blijkt uit het onderzoek.

Abu Ahmads Turkse nummer werd ook elders aangetroffen: neergeschreven op een papiertje in de broekzak van het afgehakte been van een van de zelfmoordterroristen in het Stade de France.

© The New York Times

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234